Donderdag 24/09/2020

DubbelinterviewMichaël De Cock & Maaike Neuville

‘Marc Van Ranst zegt dat acteren een contactberoep is. Zoals prostitutie en topsport’

Theaterdirecteur Michael De Cock en theatermaker Maaike Neuville: ‘Soms is theater een logge structuur, maar nu zijn we genoodzaakt om die structuur te herdenken. Het is een pluim op de hoed van de KVS dat dat zo snel is kunnen gaan.’Beeld Illias Teirlinck

In september en oktober speelt de KVS in openlucht, met Maaike Neuvilles Op een bankje, op een dag als een van de blikvangers. Het nieuwe KVS-gezicht blikt samen met artistiek leider Michael De Cock vooruit. “Toen Michael me vertelde over de ideeën van de KVS om uit te breken, heb ik gezegd: ik heb hier toevallig iets liggen.”

“Het is heerlijk om in Brussel te kunnen werken”, vindt Maaike Neuville. “Als je voor film of televisie werkt, moet je naar alle uithoeken van Vlaanderen: er wordt niet zo vaak in Brussel gedraaid. Ik vind het fantastisch dat ik nu met de fiets of met de step of met de Billy naar mijn werk kan.”

“Wat is een Billy?”, vraagt Michael De Cock.

“Een elektrische deelfiets. Daarmee ben ik naar hier gekomen.”

Bij koffie en thee in het Brusselse Josaphatpark zitten we tegenover Neuville (36) en De Cock (47). Die laatste is sinds 2016 artistiek leider van de KVS; de eerste wordt dit seizoen een van de nieuwe KVS-gezichten. Maar de samenwerking tussen de twee gaat al veel verder terug. “In 2006, het eerste jaar dat ik directeur was bij ’t Arsenaal in Mechelen, speelde Maaike bij ons”, herinnert De Cock zich. “Samen met Charlotte Vandermeersch.”

Neuville: “Ah, in De kus van de spinvrouw?”

De Cock: “Ja, inderdaad. Jullie speelden dat in de kelder van ’t Arsenaal. Twee jonge wolvinnen die een voorstelling kwamen spelen, met heel veel chocomousse. Dat gaf vlekken die er nooit meer uitgingen.”

Neuville: “Het was een heel plastische voorstelling.”

De Cock: “Dat is nu veertien jaar geleden. Sindsdien heeft ze nog een gigantische progressie doorgemaakt als actrice. Het is niet toevallig dat zij die grote rollen op televisie krijgt. Of de rol van Emma Bovary.”

Beeld Illias Teirlinck

In het voorjaar van 2021 zal Neuville de titelrol spelen in de KVS-voorstelling Madame Bovary. Dat was al langer voorzien, maar door de coronacrisis is daar meteen nog een voorstelling bijgekomen. Aan het begin van het nieuwe seizoen speelt Neuville samen met Roy Aernouts Op een bankje, op een dag. De voorstelling vindt plaats in openlucht, op de Arduinkaai: het is een van de stukken van ‘KVS breekt uit’, het coronaproof programma waarmee het stadstheater de activiteiten wil hervatten nadat de pandemie de hele sector stillegde.

Waarover gaat Op een bankje, op een dag?

Neuville: “De voorstelling gaat over een ontmoeting tussen twee mensen, een man en een vrouw, die hebben afgesproken om elkaar twintig jaar niet te zien. Voor mij gaat de voorstelling heel sterk over angst. Omdat ik in mezelf en rondom mezelf zag dat er een angst bestaat om in relatie te treden met iemand, omdat je dan voor een stuk de controle verliest. Mensen willen hun leven graag helemaal zelf organiseren, en de afspraak die die twee mensen hebben gemaakt om elkaar zo lang niet te zien, komt daaruit voort. Het is een poging om het toeval te omzeilen, maar dan sluit je natuurlijk ook heel veel schone dingen uit. Geluk kan ook ontstaan uit dingen die je zelf niet in de hand hebt.”

Zoals deze voorstelling. Die is pas op het laatste moment aan het programma toegevoegd.

De Cock: “Het was een opportuniteit, en een gelukkig toeval.”

Neuville: “Ik leef bij gratie van toeval. Doordat Op een bankje, op een dag nu gespeeld wordt, lijkt het alsof die voorstelling speciaal voor deze situatie geschreven is, maar dat is niet zo. Ik zou eigenlijk alleen Madame Bovary spelen, maar door de omstandigheden is mijn eigen voorstelling daar tussen geslopen. Ik heb de tekst een jaar of vier geleden geschreven. Toen Michael me vertelde over de ideeën van de KVS om uit te breken, heb ik gezegd: ik heb hier toevallig iets liggen, voor twee acteurs, buiten, op een bankje. Ik houd daarvan: dat iets jaren op een plank kan liggen, en dat dan opeens het juiste moment daar is.”

Je wordt een nieuw KVS-gezicht, zoals ook Bruno Vanden Broecke, Lisbeth Gruwez en Junior Mthombeni dat zijn. Wat moet ik me daarbij voorstellen?

Neuville: “Een KVS-gezicht met een mondmasker. (lacht) Het lag al vast dat ik Madame Bovary ging doen, en nu Op een bankje, op een dag erbij is gekomen, kwam het idee: laat Maaike maar een KVS-gezicht zijn. Ik vind het aangenaam dat onze samenwerking zo is kunnen ontstaan. Ik vind het fijn als je dat vertrouwen krijgt.”

De Cock: “Het is alleen maar goed als er een vertrouwensband ontstaat. En naar de buitenwereld toe zijn die gezichten een uitdrukking van ons huis: dit zijn de engagementen die we aangaan. Het is een open ensemble, de KVS-familie. Maar dat wil niet zeggen dat die gezichten ook elk seizoen één of twee producties moeten maken. Wij houden er bij de KVS van om een intense dialoog te zoeken met de mensen met wie werken. Zo maakt Pitcho Womba Konga dit jaar een voorstelling met het werk van James Baldwin – actueler kan haast niet – en Bruno Vanden Broecke en Valentijn Dhaenens gaan voor het eerst samen aan de slag in Jonathan. Openen doen we al 21 augustus met Sangoma Flight van Cesar Jansens en Junior Mthombeni.”

Het is de eerste voorstelling van ‘KVS breekt uit’, waarmee jullie de eerste maanden coronaproof theater willen maken. Buiten, met voldoende afstand tussen de toeschouwers, of binnen, in een aangepaste zaalopstelling.

De Cock: “Wij voelden al snel dat het niet evident zou zijn om gewoon terug te beginnen spelen. We hadden geen zin om in het najaar vijftig voorstellingen te programmeren voor 100 man in de grote schouwburg. Het leek ons niet opportuun om meteen terug te gaan naar business as usual.”

Neuville: “Ik vind het goed dat jullie zo snel hebben gedacht. Soms is theater een logge structuur, maar nu zijn we genoodzaakt om die structuur te herdenken. Het is een pluim op de hoed van de KVS dat dat zo snel is kunnen gaan.”

De Cock: “Dat komt in grote mate door het huis. Iedereen, op elk echelon, is flexibel.”

Neuville: “Ik vind het jammer dat ‘flexibiliteit’ een beetje een vies woord is geworden. Het klinkt alsof je je moet aanpassen aan de economie. ‘We moeten met zijn allen flexibeler zijn om meer op te brengen.’ Terwijl het ook een mooi idee is, om wendbaar te zijn.”

Beeld Illias Teirlinck

Is het publiek even wendbaar? Gaan zij meteen terug naar het theater?

De Cock: “Johan Van Assche (voorzitter van de Acteursgilde, EWC) is daar nogal bang voor, zei hij me. Ik niet.”

Neuville: “Ik ook niet. Ik denk dat mensen op den duur opnieuw gevoed en geïnspireerd willen worden. Misschien dat je een paar mensen verliest, maar dat zal wel meevallen.”

De Cock: “De vraag is ook: hoe maken wij de toeschouwers zo goed mogelijk duidelijk dat het veilig is om te komen?”

Neuville: “Ik heb net voor de KVS een spotje ingelezen om dat te doen! ‘Met veilige afstand zoeken we naar andere manieren van verbinding.’”

De Cock: “Er komt weldra een matrix om de risico’s in te schatten, waarbij je een aantal aspecten van je voorstelling moet invullen. Of je buiten of binnen speelt, of het publiek mondmaskers zal dragen, of hun temperatuur gemeten zal worden, hoeveel toeschouwers er per vier vierkante meter zullen zitten... Als de score goed is, mag je spelen. Ik verwacht ook dat er in augustus nog een versoepeling zal komen.”

Neuville: “Als er geen tweede golf komt.”

De Cock: “Maar dan zal die matrix ook verstrengd worden.”

Jullie spelen niet alleen buiten. Voorstellingen als Lisbeth Gruwez’ Piano Works Debussy en Moya Michaels Coloured Swans #3 worden binnen gespeeld, in een andere zaalopstelling.

De Cock: “Het zal gemakkelijker zijn om buiten te spelen. We weten nu al lang dat de kans op infectie buiten heel klein is. Onze eerste voorstelling binnen, The Light That Never Goes Out, is een voorstelling van 24 uur waar telkens 5 of 10 mensen binnen kunnen. Dan bereik je op 24 uur een volle zaal. Dat kun je niet blijven doen, natuurlijk, ook niet op economisch vlak. Maar wij hebben de luxe om ons, in eerste instantie, niet blind hoeven te staren op de ticketinkomsten.”

‘KVS breekt uit’ wordt geen financiële aderlating?

De Cock: “Goede vraag. Wij hadden een zekere reserve, dus we gaan zeker geen financiële putten slaan. Maar dit initiatief kan ook niet blijven duren. Op een bepaald moment zullen we weer een volle zaal moeten hebben. Tot december kunnen we zo verder, wist mijn zakelijk leider mij te zeggen. Bovendien hebben we van ons publiek 50.000 euro gekregen. Allemaal mensen die onze artiesten willen steunen en hun geld na de annulatiegolf niet teruggevraagd hebben. Dat geld moet zo snel mogelijk naar waar het hoort: naar mensen die voorstellingen maken. We gaan nu stap voor stap bekijken hoe we de rest van het seizoen precies gaan aanpakken. Daarom brengen we de rest van het seizoen ook nog niet in verkoop. Maar ik heb er goede hoop op dat we dat kunnen laten doorgaan.”

Wat met de acteurs? Gaan zij weer gewoon kunnen spelen, of moeten zij ook afstand houden?

Neuville: “Ik heb me dat ook al zitten afvragen. In ons stuk zitten er scènes waarin Roy en ik knuffelen. Hoe moeten we dat oplossen? Moeten we ons op voorhand laten testen? Kunnen we met zijn tweeën een bubbel vormen?”

De Cock: “Over de acteurs op scène zei Marc Van Ranst: je moet acteren kunnen beschouwen als een contactberoep. Hij vergeleek het – hij, ik niet – met prostitutie en topsport.”

Neuville: “Fantastisch. Acteren ergens tussen prostitutie en topsport, dat vind ik een goeie. Zo voelt het ook precies aan.”

De KVS opent op 21 augustus de deuren. Op een bankje, op een dag gaat op 5 oktober in première. 

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234