Zondag 07/06/2020

InterviewBoeken

Maak kennis met ‘Dragman’: een superheld in vrouwenkleren

Steven Appleby: ‘Veel mensen dragen bijzondere geheimen met zich mee, zoals Clark Kent, het alter ego van Superman. Die parallel trek ik door in 'Dragman’.'Beeld Steven Appleby

Dat hij abnormaal was, dacht hij. Pervers zelfs. Omdat hij ooit als tiener kousenbanden aantrok en ze nooit meer afrolde. Op zijn 61ste maakt Steven Appleby schoon schip met zijn verleden via de graphic novel Dragman. Over een man die, zodra hij zich in een jurk hijst, een superheld wordt.

Zijn schichtige blikken gaan alle kanten op, zijn aansteker glijdt plots sneller door zijn vingers en de eloquente man in spannende damesjurk op de kruk voor me aan zijn tekentafel, doet plots datgene wat hij de voorbije twee uur niet één keer heeft gedaan: stamelen. “Je vraag jaagt me schrik aan”, klinkt het oprecht. “Zo was het écht niet bedoeld.”

We schrijven eind februari, een buitenwijk in Londen. De lockdown gluurt om de hoek, maar niemand die het dan al beseft. Een dag eerder hadden we elkaar ontmoet in de iconische nachtclub Royal Vauxhall, die onder de noemer ‘Duckie’ een pikante lgbtq-cabaretavond organiseert. Auteur Steven Appleby wilde maar wat graag mee, ook al omdat Duckie veel travestieten en transseksuelen aantrekt. “Op plekken als deze is er geen verschil tussen mensen”, weet hij.

Opvallend hoeveel jonge vrouwen hem die nacht aanspreken. “Je make-up is geweldig”, vleit iemand. “Wat een jurk!”, merkt iemand anders op. De zachtaardige Appleby is de innemendheid zelve, zeker wanneer hij zich even met een jonge transvrouw terugtrekt. “Ze had advies nodig”, verontschuldigt hij zich achteraf.

Dragman begint met een scène waarin Dog Girl en Dragman op eigen kracht boven Londen vliegen. De eerste heeft een strik in haar haar en kan zichzelf veranderen in een hond, de tweede draagt een pruik, jurk en knielaarzen. Wanneer ze plots in de straten ver beneden hen een overval opmerken, komen ze tussenbeide om even later uitgescholden te worden door drie mannen. ‘Hé, die stem… Die lange is een vent!’, merkt een van hen op. ‘Fucking pervert’, repliceert een andere. Ook het woord ‘freak’ valt.

“Ik heb geluk gehad”, zegt Appleby. “Het ergste wat mijzelf al is overkomen was een man die zich hardop afvroeg of ik nu een man of een vrouw was. Ik ben ook al ‘meneer’ genoemd. (lachje) Dan denk ik: kijk eens naar de moeite die ik heb gedaan om me uit te dossen.

“Maar goed, dat is peanuts tegenover de travestiet die ik ken naar wie gespuugd is, die moest verhuizen omdat men hondenstront op haar muren wreef, of die in elkaar geslagen werd.

“Het goede nieuws is dat transmensen steeds zichtbaarder worden. Maar tegelijk is de wereld een stuk rechtser geworden. Trump, Orbán, Erdogan… Ik heb geluk dat ik mager ben en vrouwelijk lijk. Maar ik neem niet te laat de bus en blijf bang voor dronkaards.”

Steven Appleby: ‘Ik draag al elf jaar enkel vrouwenkleren en ik blijf me Steven noemen. Ik ben vrouw noch man en voel me daar goed bij.’Beeld RV

Op de eerste pagina’s van uw boek vindt Dragman als tiener een kousenband tussen de sofakussens, trekt die aan en kan plots vliegen als Superman. Waarheidsgetrouw, liet ik me vertellen?

“Ik deelde als tiener een studentenflat met twee jongens. Toen ik me op een dag verveelde, gleden mijn handen doelloos tussen de plooien van een fauteuil en vond ik een kousenband. Ik besloot het voor de lol aan te trekken. Dat was het begin van mijn leven als travestiet.

“Ik kan bijna niet omschrijven wat ik voelde: een warm, allesoverheersend gevoel. Alsof ik zweefde. Maar hoewel er toen een wereld voor me openging, een wereld waarin ik thuishoorde, overviel me tegelijk ook een gevoel van schaamte, schuld en verwarring. Ik kon het niemand vertellen, maar ik dacht ook: hoe raak ik ongemerkt aan een tweede kousenband voor dat andere been?

“Ik was veel te bang om daarvoor naar een winkel te gaan. In mijn boek houdt August Crimp, aka Dragman, enkele oude stuks van zijn moeder achter. Ík moest wachten tot mijn zus panty’s en een badpak weggooide. Jarenlang trok ik die in het diepste geheim aan, tot ik uiteindelijk deed wat Crimp deed: op Valentijnsdag naar de lingerieshop stappen, zogezegd voor een cadeau voor mijn lief. Klinkt slim, maar ik durfde niets te zeggen over mijn maat, dus kreeg ik de verkeerde mee en moest ik wachten op de volgende Valentijn om de goede maat te kunnen kopen. Ik ben blij dat het voor de jongeren van nu anders is.”

Zij hebben nu het anonieme internet.

“Klopt. Ik had trouwens ook bij een postorderbedrijf kunnen bestellen, maar dan nog was ik te bang dat iemand dat pakket zou openen. Terugkijkend moet ik vooral constateren dat ik écht bang was. Je hoort vaak verhalen over transgenders en travestieten die zelfdoding overwegen, maar dat had ik niet. Ik kan niet zeggen dat ik depressief was, wel dat ik bang was en dat ik erg goed aanvoelde dat ik mezelf niet kon zijn.

“Dat werd ik zo beu, dat ik besloot om het te vertellen aan Nicola, die ik toen net ontmoet had en die later mijn partner zou worden. Ik was toen 37. Zij vond het meteen goed en hielp me zelfs mee kleren kopen. Zo cool. Dat, en het feit dat ik het in die periode ook opbiechtte aan mijn zus en broers, maakte echt een verschil.”

En uw ouders?

“Mijn moeder stierf toen ik 25 was, mijn vader tien jaar later. Pas na hun dood bloeide ik open, alsof het plots hielp dat zij tenminste niet meer bezorgd over me moesten zijn. Toch achtervolgt me één herinnering: ik was 19 toen mijn pa me naar school reed en plots zei: ‘Steven, mocht je gay zijn, dan vinden mama en ik dat goed. We houden van je.’

“Terugkijkend had ik dat graag gebruikt om op dat moment een gesprek aan te gaan, maar ik sloot het meteen af. Jammer. Maar ik koester dat moment.”

Voor alle duidelijkheid: u hebt me daarstraks voorgesteld aan uw gezin, ex-vrouw en kinderen. Hoe definieert u zichzelf nu?

“Ik was aangetrokken tot beide kanten. Als tiener had ik een relatie met twee jongens en twee meisjes. Nu ja, relatie... Ik was een laatbloeier en had een zwakke gezondheid die me erg verlegen maakte: de ziekte van Crohn, huidproblemen, artritis in de heupen – ik kreeg mijn eerste heupprothese toen ik 22 was. Ik was erg in de war.”

Ik vraag het omdat de titel Dragman me wat vreemd lijkt. U bent een travestiet, geen dragqueen.

“Klopt, maar Transman zou niet werken. Toen de deadline voor de titel naderde, stuurde ik in paniek ‘Dragman’ door. Die naam bleef plakken. Ik zat eraan vast. Maar het klopt: August Crimp is geen drag, wel travestiet. Een man die kleren aandoet. Een drag-vriend van me zag er geen graten in, maar je weet nooit hoe die gemeenschap erop reageert.”

Uw boek zit vol metaforen. Plus: u gebrúíkt het superheldendom én u lacht ermee. Wat trekt u erin aan?

“Ik houd van de sf-boeken van Philip K. Dick omdat daarin niets is wat het lijkt. Een mens blijkt er een replica, levende mensen blijken toch dood te zijn… Ik zag daarin gelijkenissen: ook ik wist niet wie ik was. Wellicht vandaar dat ik in mijn werk speel met mensen die zich verkleden als iemand anders. Travestieten dus, maar ook superhelden. Sommigen voelen zich daarin even prettiger, zoals Crimp, die superkrachten krijgt vanaf het moment dat hij een jurk aantrekt. Omdat hij pas dan écht zichzelf is en zijn mogelijkheden grenzeloos lijken.

Beeld RV Dragman

“Weet je, het trans-spectrum is breed. Als aan het ene uiterste ‘vrouw’, en aan het andere ‘man’ staat, dan bevind ik me in het midden. Ik wilde eerst als meisje opgroeien, tot ik 11 werd en me realiseerde dat ik dat níét wilde. Pas veel later kwam daar het besef bij dat ik me ook kon kleden als vrouw en was de cirkel rond.

“Nu draag ik al elf jaar enkel vrouwenkleren en blijf ik me Steven noemen. Ik ben vrouw noch man en voel me daar goed bij. Dat soort geheimen dragen veel mensen met zich mee. Advocaten, journalisten, loodgieters… Ik ontmoet ze allemaal. Ze houden er een geheim leven op na, net als Clark Kent (het alter ego van Superman, red.). Die parallel trek ik door in Dragman.”


We sluiten af. Of hij met dit boek nu een rolmodel is voor jongeren die worstelen met hun identiteit? Appleby schrikt zichtbaar. “Djeezes, wat vraag je nu? Ik hou niet van boeken die willen onderrichten, het moet entertainment blijven.”

Hij trekt zich even terug op de koer van zijn atelier om een sigaret te roken. Nadien zegt hij dat hij hoopt dat het boek op zich als voorbeeld kan dienen. “Maar ikzelf als rolmodel?” Nog even later heeft hij toch vrede met zijn mogelijke toekomstige status. “In de jaren negentig omschreef Eddie Izzard, een beroemde Britse acteur en stand-upcomedian, zichzelf als travestiet. Hij was toen mijn rolmodel, dus tja, waarom ik dan niet voor anderen?”

Met dank aan Eurostar, eurostar.com

Steven Appleby, Dragman, De Geus, 355 p., 9,99 euro

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234