Zaterdag 25/05/2019

Reportage

“Lesbische liefde is van alle tijden, ook tussen nonnen”

Hoofdrolspeelster Virginie Efira krijgt instructies van Paul Verhoeven. Beeld Guy Ferrandis

Paul Verhoeven werd in juli vorig jaar 80, maar dat weerhield hem er niet van te beginnen aan het megaproject Benedetta. De film gaat over een lesbische non in de late middeleeuwen. Rob van Scheers, de biograaf van Verhoeven, mocht exclusief de filmset in Frankrijk bezoeken.

9 juli 2018

“Hallo, met Paul.” Verhoeven belt vanuit Den Haag, hij gaat volgende week beginnen aan de opnamen van ­Benedetta. Hij klinkt goedgeluimd, maakt grapjes. En peinst tussendoor: “Ik vraag mij ook weleens af: waarom doe ik dit nog? Alweer een nieuwe film. Al die stress.” Aan de andere kant: zo hoeft hij op 18 juli zijn 80ste verjaardag tenminste niet te vieren. “Die dag laat ik mooi aan mij voorbij gaan.”

Beter om te werken. Hij heeft, zo verduidelijkt hij, zich vooraf nog wel even laten checken door een arts. Elle, zijn vorige film uit 2016, was een relatief kleine productie. Het historische drama Benedetta, dat in de late Middeleeuwen speelt, behelst veel meer: draaien op verschillende locaties in Italië en Frankrijk, honderden figuranten, complexe materie. “Dan moet je wel goed in je vel zitten om er niet aan onderdoor te gaan. Zoals me bij Flesh + Blood (1985) bijna gebeurde.”

Filmen is niet schilderen. Dat mag hij ook graag doen, net als zijn dochter Helen Verhoeven (44) trouwens, nu een succesvol kunstenaar. “Tijdens het schilderen krijg je meteen iets terug van het doek. Je hoeft maar een stap achteruit te doen en je ziet: o, daar wringt het. Of: die kleuren moeten anders. Met een schilderij ben je bijna in conversatie. Tijdens het filmen niet. Je moet gemiddeld twintig shots per dag halen, dat weet je. Maar pas in de montage zie je of je het allemaal wel goed hebt gedaan. Ja, in Amerika, daar kun je nog weleens drie weken draaitijd erbij krijgen, voor een aangepast einde bijvoorbeeld. Maar daar is hier geen geld voor.”

Enfin. Hij heeft er wel zin in. Voor een setbezoek is tegen het einde langskomen in Zuid-Frankrijk het best, denkt hij. Dan weten we hoe de vlag erbij hangt. En hij zal Mita (de Groot, zijn persoonlijke assistent) vragen de definitieve versie van het scenario te mailen. “Dan zie ik je in Le Thoronet.”

Ah, ja, dat maakt nieuwsgierig: het scenario. Het blijkt 112 pagina’s te beslaan, de beoogde lengte van de film, met een budget van 15 miljoen euro, is tweeënhalf uur. De hoofdrol is voor Virginie Efira, die we eerder zagen in Elle. Ze speelt een Italiaanse non, genaamd Benedetta Carlini. Sinds haar 23ste wordt zij geplaagd door erotische, religieuze fantasieën. Ook heeft ze op een zeker moment de stigmata ontvangen. De andere nonnen zien haar daarom als een mystica die in rechtstreeks contact staat met God en Jezus, iets wat Benedetta zelf ook claimt.

Ze klimt snel op in de hiërarchie van de nonnen van Pescia. Ook de bevolking adoreert Benedetta – het heeft er alle schijn van dat de stad door haar bijzondere verbond gespaard blijft van de pest, die elders overal om zich heen grijpt. Totdat de twijfel toeslaat: is zij een zieneres of een charlatan?

Het kerkelijk gezag stelt een onderzoek in, en dat brengt veel aan het licht: onder meer dat Benedetta al jaren een seksuele relatie onderhoudt met de jonge non Bartolomea Crivelli (gespeeld door Daphne Patakia). De abdis had Crivelli aangewezen als kamermeisje voor Benedetta, vanwege haar instabiele geestelijke toestand en de vreselijke pijnen waarmee de visioenen gepaard gaan. Hun relatie is een
crimen nefastum, in kerkelijke termen. In die tijd belandde je daarvoor doorgaans op de brandstapel.

Beeld Guy Ferrandis

Even voor de goede orde: het betreft hier non-fictie. Of, nou ja: het vertrekpunt is non-fictie. Het verhaal werd in 1986 opgetekend door de Amerikaanse historicus Judith C. Brown die tijdens een onderzoek over een heel ander onderwerp in het Rijksarchief in Florence stuitte op een dossier vol processtukken over de zaak-Benedetta Carlini. Ze maakte een reconstructie en schreef er een boek over: Immodest Acts. The Life of a Lesbian Nun in Renaissance Italy.

Dat boek werd goed ontvangen en verscheen in het Nederlands onder de titel
Onkuise handelingen bij uitgeverij Bert Bakker in 1987. Gerard Soeteman, Verhoevens vaste scenarist voor zijn Nederlandse films, las het en wist de regisseur te enthousiasmeren. Vervolgens bleef het filmplan een paar decennia op een plank liggen, en uiteindelijk kwamen ze er samen niet uit.

Omdat de Franse producent Saïd Ben Saïd – ook de producent van
Elle – de film toch wilde maken, werd de Amerikaanse scenarist David Birke – ook Elle – benaderd. Samen met Verhoeven zette hij een scenario in elkaar, waarvan ze nu de credits delen. “Gerard (Soeteman) had van mij gewoon op de aftiteling kunnen blijven staan”, zal de regisseur later vertellen, “maar dat wilde hij zelf liever niet.”

Benedetta Carlini

Hoe kwam de échte Benedetta Carlini in het klooster? Dat lezen we in Judith C. Browns Immodests Acts. Benedetta werd in 1590 geboren in Vellano, een afgelegen bergdorp op de hellingen van de Apennijnen, zo’n 70 kilometer ten noordwesten van Florence. Het was een zware bevalling. De vroedvrouw had moeder Midea en het kind al opgegeven, waarna vader Guiliano God op zijn knieën smeekte hun leven te sparen. Opnieuw kwam de vroedvrouw naar buiten, maar ditmaal vertelde ze hem dat zijn vrouw een meisje ter wereld had gebracht en dat moeder en dochter het goed maakten. Uit dank voor Gods ingrijpen werd het meisje Benedetta – de gezegende – genoemd en voorbestemd om Hem te dienen. Zo was Benedetta vanaf haar geboorte voorbeschikt om non te worden.

5 oktober 2018

Met zo’n onderwerp is het natuurlijk geen toeval dat juist een smalle weg naar de abdij van Le Thoronet leidt. Die metafoor van de smalle (zuivere) weg versus de brede (zondige) weg kennen we van middeleeuwse schilderijen en is een verwijzing naar Jezus’ Bergrede. In dit lommerrijke deel van de Provence is het heuvel op, heuvel af en er is driftig met haarspeldbochten gestrooid. Anderhalf uur rijden vanaf Marseille, binnendoor, en dan bereik je via een veredeld geitenpaadje de hoog gelegen Abbaye du Thoronet, gebouwd tussen 1160 en 1180.

Het complex wordt gezien als een hoogtepunt van de Romaanse architectuur in de streek, maar veel toeristische aanloop is hier niet vandaag. De abdij is gesloten in verband met de filmopnamen. Rechts van de poort bevindt zich het basiskamp met de trailers van cast en crew. Daar zijn ze druk met de kostuums, zo te zien. Achter de poort vind je de sobere abdijkerk, ooit opgetrokken door de kloosterorde der cisterciënzers. We zijn dan wel in Le Thoronet, in de film zal deze locatie het nonnenklooster van Pescia verbeelden.

Vandaag is draaidag 53, nog 16 te gaan. Ze hebben al geschoten op middeleeuwse locaties in Bevagna en Perugia (Umbrië), Montepulciano (Toscane) en in de abdij van Silvacane (eveneens in de Provence). Nu zijn ze boven in deze abdij van Le Thoronet, waar de nonnen hun privévertrekken hebben, hun slaapcellen.

Beeld Guy Ferrandis

“Als je daar de trap opgaat, kom je ze vanzelf tegen”, wijst assistente Mita de Groot de weg in de verder lege, donkere en koude kerk.

Een etage hoger staan in de gang monitors opgesteld, het camerawerk komt van cinematograaf Jeanne Lapoirie. Zij volgt de aanwijzingen van Paul Verhoeven, die half schuilgaat achter kabels, geluidshengels en de visagist. Hij – blauw vest, blauw shirt, spijkerbroek en duifgrijs – spreekt zachtjes Frans, de taal die hij  weer heeft opgehaald toen hij Elle ging draaien.

In haar slaapcel zit een non in vol habijt – in wie we actrice Charlotte Rampling herkennen. Zij speelt zuster Felicita, de abdis, ofwel de moeder-overste. We zijn op pagina 93 van het scenario.

Interieur. Slaapzaal. Klooster. Overdag.

Zuster Felicita zit alleen. Ze staart voor zich uit en uit haar ogen spreekt een angstig voorgevoel. Het is meer dan een voorgevoel. Plotseling maakt paniek zich van haar meester. Ze moet overgeven en spuwt bloed over haar schoenen.

Binnen het verhaal is dit ongetwijfeld een voorbode van de op handen zijnde pest. Het staat er achteloos, deze scène, maar speel ’m maar eens. Op de set heerst nu absolute stilte. Het daglicht valt van links naar binnen. Na het ‘action’ van de regisseur keert Charlotte Rampling zich eerst in zichzelf, als vorm van concentratie. Het staren begint, het duurt en het duurt, en dan: bloed. In precies twee takes staat deze lastige scène erop. Op naar de volgende. Het wordt een regenscène in de kloostertuin.

Tussen het ombouwen door heeft Paul Verhoeven wel even tijd om zijn gast te verwelkomen. De regisseur oogt ontspannen, maar dat is schijn, zegt hij – met zijn gebruikelijke directheid. “Ik ben eigenlijk totaal uitgeput. Door al die steil oplopende straatjes in die middeleeuwse plaatsjes als Bevagna heb ik mijn heup geforceerd. Omhoog, omlaag, omhoog, omlaag. Ik kan wel lopen, maar niet met plezier. En hier, in de abdij, is het ook weer trap op, trap af.”

En dat is nog maar het fysieke ongemak. “De opnamen verlopen veel moeilijker dan ik vooraf had gedacht. Ik sta echt perplex door het venijn dat in het scenario zit. Dan staat er: de bevolking komt in opstand. Dan denk je: o ja, maar dat is nog niet zo makkelijk om dat snel even op film te zetten. We zijn nu op draaidag 53 en er waren minstens 40 dagen dat we een groot probleem moesten oplossen. Toch liggen we nog steeds op schema.”

Het scenario stikt van die simpele zinnetjes, vervolgt hij, maar daar ben je dan drie uur mee bezig, of soms een hele dag. “En dat, terwijl ik er toch zelf aan heb meegeschreven. Gelukkig is deze Franse crew fantastisch, zó professioneel. Zij slepen mij erdoor heen. Of het nu om de techniek, het licht, of de kostuums gaat. Dan denk ik: jeetje, ik hoop dat ikzelf ook zo goed ben. Ze zeggen dat ze het een eer vinden om met mij te werken, en dat is lief, maar ik denk ook: we wachten het nog maar even af.”

Hij wordt weggeroepen, de regenscène staat op stapel. Vanavond zullen we in een restaurant verder spreken. Terwijl de jonge non Christina (Louise Chevillotte) in de kloostertuin voor het oog van de camera door een plensbui rent, en nog een keer (het is glad), treffen we in de gangen setfotograaf Guy Ferrandis. Hij volgt het maakproces op de voet. Op zijn laptop staan inmiddels meer dan 5.000 foto’s van
Benedetta.

Pas als je daar doorheen scrolt, valt werkelijk de schaal van dit filmproject op: paarden, ruiters, zwaardgevechten, een zaal vol nonnen, volksoproer, brandstapel, pestkappen in de straten van Florence, een Jezusverschijning, een lijkkist, lesbische seks – zo op het oog wordt het een échte Verhoeven. Denk aan een combinatie van 
Floris, Flesh + Blood en De vierde man.

“Ik heb”, vertelde Verhoeven eerder, “niet eerder zo a-chronologisch gedraaid als nu. Omdat de film zo veel locaties telt en je niet de hele tijd heen en weer kunt blijven reizen, moet alles wat zich in het verhaal op één plaats afspeelt direct achter elkaar worden gefilmd. Al zitten er volgens het scenario vaak vele scènes tussen. Weekje hier, weekje daar, de continuïteit is ver te zoeken. Dat geeft geen enkel houvast. We zijn praktisch begonnen met het slot, als Benedetta op de brandstapel wordt gegooid en die volksopstand uitbreekt. Ik moet mij elke keer afvragen: waar komen we in het verhaal ook alweer vandaan? Welke scène zat hiervoor en waar loopt-ie op uit? Ik denk dat we imposante dingen hebben gedraaid en de cast is ook prima. Aan de losse scènes zal het niet liggen, maar hebben we straks ook een vloeiende film? Terugkijken van wat we op een dag hebben gedraaid, doe ik niet. Daar is geen tijd voor. Ik moet tempo maken. Ik denk dan maar: editor Job ter Burg en ik fiksen het straks wel in de montage. Zo hebben we dat bij Elle ook gedaan, per slot.”

Virginie Efira

In Benedetta speelt Virginie Efira (Schaarbeek, 5 mei 1977) de hoofdrol van de visionaire non. Ze speelde ook in Elle (2016), de eerste Franse film van Paul Verhoeven. Zij is daarin de vrouw van Patrick, de aanrander uit het verhaal. In Wallonië en Frankrijk kennen ze Virginie Efira ook als tv-presentatrice en comédienne. Ze volgde haar theateropleiding in Brussel. Ze won tweemaal de Magritte Award, de belangrijkste Waalse filmprijs. In 2016 nam ze de Franse nationaliteit aan.

Om niet helemaal in een doolhof te belanden tekent hij elke zaterdag en zondag de storyboards voor de komende week uit. Maar dan nog. “In de film heeft Benedetta een aantal visioenen over Jezus. Hij wordt daarbij omringd door een kudde schapen – dat zie je vaak op middeleeuwse afbeeldingen. Jezus met een staf en die kudde schapen erachter, zijn volgelingen. Zo staat het ook in het script. Alleen: schapen zijn onmogelijk om mee te werken, die beesten doen nooit wat je wilt. Hekken neerzetten helpt niet. Die kun je later digitaal wel weghalen, zodat ze niet in beeld komen – maar die schapen gaan gewoon de andere kant op. Als er twee beginnen te lopen, rent die hele kudde mee. Hoe moet je dat draaien? Het is om gek van te worden. Uiteindelijk bleek dat je ze in een kringetje om Jezus heen kon laten lopen. Dat was een meevaller en het ziet er ook heel leuk uit. Beetje magisch-realistisch. Maar verder zijn schapen absoluut niet te regisseren, weet ik nu.”

Chateau de Berne

’s Avonds treffen we elkaar in een sterrenrestaurant gelegen op een uitgestrekt landgoed: Chateau de Berne. Verrassend genoeg is ook hoofdrolspeelster Virginie Efira (41) ter plekke, de Franse actrice met Brusselse roots. Vandaag had ze een dag vrij, en die heeft ze doorgebracht in de spa van dit hotel-restaurant.

Of het een zware rol is? Efira: “Veeleisend, ja. Van Paul moet ik Benedetta heel ambigu spelen.”

Verhoeven: “Klopt. Zijn die visioenen van haar allemaal manipulatie, of is ze toch behoorlijk goddelijk verlicht? Twee verhaallijnen naast elkaar en er wordt geen keuze gemaakt. In die zin lijkt de film wel wat op Total Recall of Basic Instinct. Daar weet de kijker aan het slot ook nog steeds niet precies wat de waarheid is. Dat mag hij zelf beslissen tijdens de nazit. Voer voor discussie. Al kun je in beeld met een close-up uitdrukken: het zou weleens anders kunnen zitten dan het lijkt. Beetje Hitchcock, hè?”

Efira: “Ik vind het een spannend project. Weer iets heel anders dan Elle.” Ze zit in bijna ieder shot, ze moet de hele film dragen, maar onder dat gewicht lijkt ze niet gebukt te gaan. Hartelijk nemen regisseur en actrice afscheid, en wij gaan het restaurant in.

Stelling van de interviewer: lang speelde Paul Verhoeven met het plan om een film over Jezus te maken, waarin hij de historische figuur wilde ontdoen van eeuwenlange inkleuring door de kerk. Wie was Jezus werkelijk en waar stond hij voor? Na een jarenlange studie bij het Californische Jesus Seminar – een denktank van vooruitstrevende historici en theologen – schreef hij er langs die lijnen eerst een boek over: Jezus van Nazaret (2008). Van een verfilming kwam het vooralsnog niet en vervolgens verlegde hij zijn aandacht naar Jeanne d’Arc. In haar personage zou hij veel van wat hij over Jezus had geleerd kunnen laten terugkomen, was het idee. Maar nu draait hij Benedetta waarin dan weer het nodige van Jeanne d’Arc opduikt. Dus in diepste wezen is dit zijn Jezus-film – tenminste, als het gaat om beleving van religie.

Beeld Guy Ferrandis

Verhoeven, na enig nadenken: “Nou ja, je mag dat kader zo wel schetsen. Tenzij ik die film over Jezus alsnog ooit eens draai: dan was Benedetta een voorstudie.”

Kennelijk, zegt hij, voelt hij als filmmaker de behoefte commentaar te leveren op het instituut kerk. “Je zou Benedetta kunnen zien als een statement. Het is erbarmelijk wat met name de katholieke kerk in al die eeuwen van ­Jezus heeft gemaakt. Hij bracht ons een nieuwe ethiek, zoals je terugvindt in zijn parabels, zoals de barmhartige Samaritaan – heb je vijand lief. Nog altijd hoogst actueel. Maar de kerk heeft Jezus aangewend voor politiek, zelfverrijking en machtsmisbruik – al die schandalen ook van die priesters met die jongetjes. Dat is niet mijn Jezus.”

Daar staat tegenover dat religie kunstenaars door de eeuwen heen tot grootse daden heeft geïnspireerd: Michelangelo, Caravaggio, Rembrandt. Of denk aan de muziekwereld, Bach voorop. In de film zullen de gregoriaanse liederen van Hildegard van Bingen (1098-1179) klinken, de Duitse componist, schrijver, mystica en benedictijnse abdis. “Verstilde koorzang die de betreffende scènes een sfeer van heiligheid meegeven. Dat je als kijker voelt wat religie voor individuen kán betekenen. Juist met gewijde muziek valt dat goed over te brengen. Je kunt geen film over religie maken en dan voorbij gaan aan de sacrale gevoelens die een deel van de personages vervult. Bij de Reve-figuur uit
De vierde man hebben we dat ook gedaan. Voor hem waren die visioenen van Maria écht.”

Het zijn ideeën die resoneren in Benedetta. Enige controverse rond de film sluit Verhoeven niet uit, nee. Sterker: die was er al, nog voordat er een meter film geschoten was. Aanvankelijk zou de titel Blessed Virgin luiden, maar in Frankrijk – een katholiek land – dachten ze dat die naam sloeg op de maagd Maria. Prompt regende het haatmails en doodsbedreigingen aan het adres van producent Saïd Ben Saïd. “Uitleggen dat het over een middeleeuwse non ging, hielp niet. Dus hebben we de titel maar aangepast.”

Lesbische liefde tussen twee nonnen, ook een garantie voor gekrakeel. “Ja hoor eens – lesbische liefde is van alle tijden, ik zie niet in wat daar mis mee is. Bovendien hebben we dit thema uit de werkelijkheid geplukt, zoals beschreven door Judith C. Brown in Immodest Acts. Het bestaat gewoon.”

Wel heeft hij de seksscènes met een lichte toets gedraaid, zegt Verhoeven. “De twee vrouwen zijn heel leuk met elkaar. Virginie is wat ouder dan de relatieve nieuwkomer Daphne Patakia, zij is 26 en heel speels en springerig. Dat werkt goed. Ik zal niet zeggen dat ik de vrijscènes gefilmd heb à la Turks fruit, maar het komt in de buurt. Het moet ook niet té zwaar worden allemaal. Het is geen essay, hè? Het is een speelfilm.”

Cannes, 2019. Dan weten we het. Mocht Benedetta geselecteerd worden, zoals eerder ook Elle, dan beleeft de nieuwe Verhoeven zijn wereldpremière op het belangrijkste festival dat er is.

18 december 2018

“Hallo, met Paul.” Ditmaal belt Verhoeven vanuit Los Angeles: hij viert Kerstmis thuis. De opnamen zijn volbracht. “Tot mijn eigen verbazing mag ik wel zeggen. Mijn fysieke toestand werd er de laatste draaiweken niet beter op – het was echt opzien tegen de dag.” Terwijl hij ‘feitelijk nog aan het bijkomen is’, werkt editor Job ter Burg in Amsterdam aan de allereerste ruwe versie van Benedetta. “Ergens half januari ben ik terug in Nederland, dan gaan we er samen eens goed voor zitten. Het zal nog een hele toer worden om de deadline voor Cannes te halen, maar monteren is de leuke kant van dit werk.”

Dan geeft het beeld je iets terug. Dan wordt het meer zoiets als schilderen.

7 januari 2019

Vlak voor publicatie van dit artikel laat Mita de Groot namens Verhoeven weten dat hij een heupoperatie heeft ondergaan en revalideert in Los Angeles. In overleg met producent Saïd Ben Saïd wordt de postproductie (montage, geluid en filmmuziek) van Benedetta in juni hervat. Voor de première wordt nu gemikt op Cannes 2020.

Verhoeven en producer Saïd Ben Saïd. Beeld Guy Ferrandis
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.