Maandag 17/05/2021

InterviewBoeken

Leïla Slimani: ‘Veel mensen wíllen gewoon niet vrij zijn’

Leïla Slimani: ‘Ik wil van het idee af dat een vrouw preuts en schaamtevol moet zijn. Ik wil niet dat anderen voor mij bepalen wat ik met mijn vagina doe.’
 Beeld rv
Leïla Slimani: ‘Ik wil van het idee af dat een vrouw preuts en schaamtevol moet zijn. Ik wil niet dat anderen voor mij bepalen wat ik met mijn vagina doe.’Beeld rv

De Frans-Marokkaanse Leïla Slimani (39) voert al sinds haar debuut strijd tegen vrouwenhaat. Haar essaybundel De duivel zit in de details is nu uit. ‘Seksuele rechten zouden de prioriteit moeten zijn.’

Het begon met alledaagse opmerkingen die ze als ­tienermeisje in Marokko te horen kreeg. Haar ouders drukten haar steeds op het hart om heel voorzichtig te zijn met jongens, vertelt Leïla

Slimani, “heel, heel voorzichtig”. Ze moest niet zwanger worden, want abortus was er verboden. En om samen te kunnen zijn met een jongen – in haar tijd was dat meestal in een auto – moest je soms een politieagent afkopen.

BIO • Frans-Marok­kaan­se schrijfster • geboren op 3 oktober 1981 in Rabat, Marokko • woont sinds haar 18de in Parijs, waar ze politieke en media­weten­schap­pen studeerde • haar roman Een zachte hand, over een nanny in de Parijse bourgeoisie, won in 2016 de Prix Goncourt • is getrouwd met een Parijse bankier, heeft een zoon en een dochter

Langzaam begon ze in te zien wat er mis was met de maatschappij, zegt ze. “Ik was toen vijftien of zestien en was me nog niet bewust van de politieke betekenis en ­filosofische consequenties van dit alles. Maar ik werd me ervan bewust dat ik als vrouw niet dezelfde rechten had als mannen. Jaren later begreep ik hoe belangrijk seksu­ele rechten zijn.”

Zo werd seksuele bevrijding een thema in haar werk, al in haar eerste roman, In de tuin van het beest, over een nymfomane journaliste. Het was een aanklacht tegen de dubbele moraal in Marokko. In 2017 verscheen Seks en leugens, gesprekken met islamitische vrouwen, waarin ze tal van schrijnende verhalen over nare ervaringen optekende. Ze zag af van de rechten op het boek, zodat het in Marokko voor iedereen te verkrijgen was.

En niet alleen in Marokko voert ze zo haar strijd ­tegen misogynie, ook in Frankrijk, en overal ter wereld. Het is geen exclusief Marokkaans of islamitisch probleem. Normaal gezien reist ze de wereld rond en zou ze naar ook naar onze contreien komen vanwege de onlangs in het Nederlands verschenen essaybundel De duivel zit in de details. Toen kwam de coronacrisis en dus neemt ze in haar woonkamer in Parijs plaats achter haar laptop.

Wat maakt dit onderwerp zo belangrijk voor u?

“In Marokko zeggen mensen al snel: ja, het is moeilijk voor vrouwen, maar er zijn wel meer moeilijkheden in dit land, ook de economie en het onderwijs moeten nog een hele ontwikkeling doormaken. Men geeft daar dan de prioriteit aan. Ik niet. Volgens mij zouden seksuele rechten de prioriteit moeten zijn. Wij beginnen als mens bij ons lichaam: daarmee interageren we met de wereld en het kan beschadigd worden. Omdat we een ­lichaam hebben, kunnen we deelnemen aan de maatschappij. Het maakt ons zichtbaar. Dat raakt aan de discussie over de gezichtssluier. De vraag is: heb ik het recht om mezelf helemaal te verstoppen?

“Het was voor mij heel belangrijk om niet alleen een geestelijke waardigheid te verdedigen, maar ook mijn lichamelijke waardigheid. En om van het idee af te komen dat een vrouw preuts en schaamtevol moet zijn. Als je niet eens zelf eigenaar bent van je lichaam, hoe kun je dan zeggen dat je een burger bent? Als anderen voor mij bepalen wat ik met mijn vagina doe, dan heb ik het gevoel dat ik niet vrij ben.

“Vrijheid en emancipatie zijn ook sterk verbonden met veiligheid. Want hoe kun je vechten tegen verkrachting of aanranding, als niemand het over het lichaam wil hebben? Als een vrouw seks wil hebben met haar vriendje is het in een land zonder seksuele vrijheid moeilijk om een geschikte plaats te vinden om af te spreken. Je moet het organiseren. Dan ontmoet je daar je vriendje. Maar stel je voor dat je op het laatste moment toch geen seks wil. Het risico bestaat dat een jongen zegt: ‘Nu heb ik de plek gehuurd’, en dat hij je verkracht. Ga je als vrouw vervolgens naar de politie, dan zeggen ze al snel: ‘Nou, maar je bent daar zelf naar toegegaan’.”

Hoeveel progressie is er sinds uw tienertijd ­geboekt als het gaat over seksuele vrijheden?

“In elk geval zijn Marokkanen van mijn generatie en jonger zich veel meer bewust geworden van dit probleem, zowel in Marokko als daarbuiten.

“Destijds had niemand het erover, maar nu durven veel jonge mensen zich dankzij sociale media te uiten en hun ervaringen te delen. Homo’s, vrije vrouwen, ze laten zich zien. Vergeleken met mijn tienertijd heb je daardoor nu wat mensen om naar op te kijken. Het scheelt enorm als je weet: ik kan zoals zij zijn en het betekent niet meteen dat ik vervloekt ben, of doodga.

“Die Marokkaanse wetten over seksualiteit hebben niets met de islam te maken, al denken veel mensen van wel. Ze vinden hun oorsprong in napoleontische, 19de-eeuwse wetten. Dit is dus de erfenis van het kolonialisme. De koloniale machthebbers wilden seksualiteit beteugelen. Toen leefde het idee dat mensen in het Midden-Oosten en Noord-Afrika allemaal homo waren en veel te veel seks hadden. Vandaar dat ze er alles aan deden om te voorkomen dat mensen met elkaar zouden slapen. Met als gevolg dat moslims nu zeggen: ja, dit moet zo. En dat ze denken dat de wetten voortkomen uit hun eigen godsdienst.”

De islam en de universele waarden van de ­verlichting worden ten onrechte tegenover ­elkaar gezet, schrijft u.

“Ik ben zelf het bewijs dat die dichotomie niet klopt. Ik denk dat niemand het universalisme sterker verdedigt én ik ben opgevoed als moslim. Ik ben altijd geschokt als mensen van extreemlinkse zijde zeggen: ‘Je moet ze laten leven zoals ze willen, je moet ze een gezichtssluier laten dragen, dat is een cultuur, en als je dat niet accepteert ben je racistisch.’ Ik denk dat juist de mensen die dit zeggen racistisch zijn. Alsof rechten als abortus en seksuele vrijheid niet ook voor ons zijn.

‘Soms krijg ik ik te horen: ‘Je wilt gewoon mensen uit het Westen pleasen.’  Alsof ik een verrader ben.’
 Beeld BELGAIMAGE
‘Soms krijg ik ik te horen: ‘Je wilt gewoon mensen uit het Westen pleasen.’ Alsof ik een verrader ben.’Beeld BELGAIMAGE

“Toen ik naar Frankrijk kwam, in 1999, was er nog niet die druk op de islamitische gemeenschap. Ik werd toen niet als moslim gezien, maar als Arabier. Frankrijk had net de World Cup gewonnen en het was heel cool om zwart of Arabisch te zijn. Pas na 11 september was ik een moslim, waar ik ook ging. Het was een vreemde gewaarwording, want soms begreep ik niet eens waar mensen het over hadden. Dan vroegen ze me: ‘Maar als je thuis bent, draag je dan een hoofddoek?’, of als ik een keer een drankje weigerde: ‘O, omdat je moslim bent?.’ ‘Nee’, zei ik dan, ‘omdat ik nog een kater van gisteren heb’. Dat is soms heel vermoeiend.

“Vanuit traditionele islamitische hoek krijgen progressieve mensen als ik te horen: ‘Je wilt gewoon mensen uit het Westen pleasen.’ Alsof ik een verrader ben.”

Onder sommige moslims leeft het idee dat de media en politiek traditionele gelovigen niet welgezind zijn, dat zij als ‘slechte moslims’ gezien worden en dat je pas een ‘goede moslim’ bent als je een progressieve gelovige wordt.

“Nou, ik ken mensen die heel traditioneel zijn en van wie ik tegelijkertijd het gevoel heb dat ze een spirituele emancipatie hebben doorgemaakt. Zij voelen zich soms vrijer dan ik. Nu in de pandemie zie ik dat mensen die heel religieus zijn, soms beter in staat zijn met het ­virus om te gaan. Ik geloof zelf niet in God, maar mensen die dat wel doen, bezitten soms heel veel wijsheid, geduld en generositeit. Ze hebben de ander lief als zichzelf. En dat is wat ik ook nastreef.

“Mijn grootouders waren bijvoorbeeld religieus. Als kind bewonderde ik hen al om hun open-minded en compassievolle levenshouding. Ze namen de tijd om na te denken en oplossingen te vinden in discussies. Ik heb ook goede herinneringen aan hoe mijn ouders uit de ­Koran en Hadith citeerden: mooie, poëtische teksten over wat het is om een mens te zijn. Een uitspraak van de profeet Mohammed die ik nog altijd heel bijzonder vind, is: ‘Zie jezelf als een vreemdeling, als een voorbijganger.’ Zo is het, niemand zal je herinneren.”

Dat is ook een protestants gezegde, calvinistisch om precies te zijn.

“Ik weet het! Mijn man is ook protestants. Hij zegt dat ook altijd. Hij is een van de religieuze mensen die ik soms benijd. Als ik hem met drama en tragedie zie omgaan, dan kan ik voelen en zien dat hij iets heeft wat ik niet heb. Het ontbreekt in onze maatschappij, die zo ­geobsedeerd is door materialisme, vooruitgang en techniek, aan gevoel voor het metafysische. We leven in een wereld, waarvan we niet altijd begrijpen wat we hier doen, of waarom we doodgaan. Religieuze mensen hebben een grondiger begrip van die dingen, dat hen beter in staat stelt om te gaan met de pijnlijke dingen in het leven.”

Hoe kom je op voor seksuele vrijheid zonder er een dwingend verhaal van te maken?

“Ik wil niet tegen mensen zeggen: ‘Je moet dit doen, dit is het juiste, en je moet leven zoals we dat in Parijs doen.’ Emancipatie is de mogelijkheid voor iedereen om een eigen identiteit te vormen. Ik wil niet, omdat ik Marokkaanse ben en een islamitische opvoeding heb gehad, te horen krijgen wat ik wel of niet zou moeten dragen. Zo wil ik anderen ook niet dwingen er op een bepaalde manier uit te zien. Wel wil ik er zeker van zijn dat je de persoon kunt zijn die je wilt zijn, in alles wat je doet.

“Veel mensen willen gewoon niet vrij zijn. Dat is de belangrijkste les die ik heb geleerd in mijn leven. Ze vinden geld of veiligheid belangrijker. Je verliest ook dingen als je vrijheid bovenaan zet. Ik zou nooit zeggen dat het makkelijk of geweldig is. Een leven in vrijheid komt met veel eenzaamheid en onbegrip. Toen ik begon te schrijven en precies ging zeggen wat ik wilde, ben ik vrienden verloren.

“Bij de presentatie van mijn eerste roman in Marokko, over een seksverslaafde journaliste, kwam aan het einde van de bijeenkomst een mooie, jonge vrouw met een hoofddoek naar me toe, die dit goed aanvoelde. Ze vertelde me dat ze schrijver wilde worden, dat ze in haar slaapkamer korte verhaaltjes en volgeschreven ­notitieboekjes had liggen. Ik moedigde haar aan om daar vooral mee door te gaan. Maar toen vroeg ze me: ‘Houdt uw moeder nog van u?’ Zij was bang dat haar ouders haar niet meer zouden begrijpen, of zelfs zouden gaan haten. Ik weet niet meer helemaal wat ik zei, iets in de trant van: ‘Ja, je zult dingen verliezen, maar als je er vrijheid mee wint, dan is dat het waard, ook al is het moeilijk.’

“Ik vraag mensen niet om naar de gaypride te gaan of de barricaden op te gaan voor abortus. Maar als je je dochtertje van acht verplicht om een hoofddoek te dragen, dan gaat dat in tegen de geest van de wet. Of als je haar verbiedt om naar de muziek- of sportles te gaan omdat dat iets van de duivel zou zijn – waarom wil je dan in Frankrijk leven? Dan kun je beter in Saudi-Arabië gaan wonen. En daarbij: de druk op moslims om zich te ontwikkelen is voor alle religieuze mensen dezelfde, die ­ervaren joden en christenen ook.

“Er zijn in Frankrijk ook katholieken en joden die tegen homoseksualiteit en abortus zijn. Het voornaamste is dat je in de eerste plaats een burger bent, met de rechten en plichten die daarbij horen. Je religie komt daarna.”

Leïla Slimani, De duivel zit in de details, Nieuw Amsterdam, 80p., 6,99 euro

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234