Vrijdag 21/06/2019

Portret Tim Van Laere

Kunstenaars over hun galerist Tim Van Laere: ‘Hij gaat er 100 procent voor’

Tim Van Laere volgens Gijs Kast. Beeld Gijs Kast

Op Nieuw Zuid in Antwerpen, op nog geen kilometer van zijn huidige adres, opent Tim Van Laere volgende zaterdag de grootste kunstgalerie van België. Werk en leven zijn voor Van Laere één project: niet alleen is hij veeleisend voor zichzelf, ook van zijn kunstenaars verwacht hij de totale overgave.

Tim Van Laere (47) had al jaren plannen voor een nieuwbouwpand, volledig op maat van zijn artiesten, die doorgaans geen kleine werken maken. Zijn galerie was letterlijk te klein en figuurlijk te groot geworden: tijdens expo’s was het vaak drummen om binnen te raken, veel tentoonstellingen waren op voorhand uitverkocht. Als Rinus Van de Velde een vernissage had, raakte het verkeer zelfs niet meer door de Verlat­straat, waar het oude pand ligt.

Eerst wilde Van Laere naar het Eilandje verhuizen, maar toen hij in contact kwam met de bouwpromotoren van Nieuw Zuid, was de deal snel rond. De nieuwe stadswijk achter het Vlinderpaleis, het Antwerpse gerechtsgebouw, moet verschillende functies krijgen – waarom dan geen kunst? De nieuwe Tim Van Laere Gallery, duizend vierkante meter groot, is een paviljoen van vijftig meter lang dat bestaat uit vijf volumes en met een sculptuurtuin op het dak. Veel hoge plafonds ook, ideaal voor ‘extra large’ werken.

Tim Van Laere heeft de dingen altijd groots gezien. Toen hij zijn galerie begon in 1997, was de eerste die hij belde de Duitse kunstenaar Thomas Schütte, die in 1992 bekend werd op Documenta in Kassel door zijn werk Die Ankunft der Fremden. Schütte hapte niet toe. Begrijpelijk, vond Van Laere achteraf: hij was pas 27 en net terug uit de VS, waar hij zijn studies kunstgeschiedenis en economie had gecombineerd met een bescheiden carrière in het proftennis. Hij had nauwelijks een idee hoe de sector werkte, maar kunst was hem niet vreemd: zijn ouders namen hem en zijn broer Tom (de zanger Admiral Freebee, red.) als kind vaak mee naar musea.

Tennis en kunst lijken ver uit elkaar te liggen, maar niet voor Van Laere. Het is de eenzaamheid die hem aanspreekt. Een tennisser kan wel een team rond zich hebben, op het terrein is hij altijd alleen. Dat geldt ook voor de kunstenaar in zijn atelier. Hoe goed omringd ze ook zijn, ook zij moeten het alleen doen.

Omdat hij in die eerste jaren toch iets moest laten zien, begon Van Laere tentoonstellingen te organiseren. Er kwam amper iemand kijken. Dat veranderde toen hij kunstpaus Jan Hoet leerde kennen en hem liet speechen op de opening van zijn tentoonstellingen. Hoet werd een mentor. Hoets foto, zo zei Van Laere onlangs in De Standaard, staat nog altijd op zijn bureau.

Neus voor talent

Maar Van Laere blijkt vooral een neus te hebben voor talent. Hij haalde wijlen de Oostenrijkse artiest Franz West binnen en bond jonge kunstenaars zoals Kati Heck, Rinus Van de Velde en onlangs nog Ben Sledsens aan zich. Die 27-jarige schilder heeft al twee solo-expo’s achter de rug en kunstuitgeverij Hannibal bracht zijn monografie uit.

“Toen hij mij belde, geloofde ik eerst niet dat hij het was. Tim is jong, vlot en ambitieus, niet het type dat je verwacht als je aan een galeriehouder denkt. Ik zat nog op de academie toen hij naar mijn afstudeerproject kwam kijken – blijkbaar had Rinus Van de Velde hem getipt. Hij vroeg me meteen om samen te werken, met de belofte dat ik eerst rustig mijn oeuvre kon uitbouwen.”

Voor Sledsens was dat een enorme opluchting: hij wilde geen andere galerist dan Van Laere. “Ik voel me verbonden met de kunstenaars die hij vertegenwoordigt. De meesten hebben dat narratieve en figuratieve in zich. Ik ben een schilder die met veel kleuren en thema’s werkt en Tim heeft een brede en moderne visie op kunst. Ik wist dat hij mijn werk zou snappen.”

Maar hoe verloopt het vervolgens? Werk je als jonge kunstenaar voort op wat je galerist aanspreekt of ga je koppig je eigen weg? “Ik werk niet in functie van de galerie, dat zou niet kloppen. Kunstenaars moeten doen wat ze moeten doen en Tim geeft me die vrijheid. Doordat ik veel lagen op elkaar schilder, gaat het bij mij nogal traag. Ik werk soms drie, vier weken aan een schilderij. Tim weet dat en legt me geen druk op.”

Kunst als conversatie

Het bijzondere aan Van Laere, zegt Rinus Van de Velde, is dat hij zich in elke kunstenaar kan verplaatsen, hoe verschillend ze ook zijn. Maar wat telkens lijkt terug te komen, is het intense contact. “Ik bel elke dag met Tim en zie hem minstens om de twee dagen. Hij is betrokken bij alles wat ik doe. Tim vindt dat het moet klikken tussen galerist en kunstenaar, maar voor mij komt er ook vriendschap bij kijken.”

Precies daarom duikt Van Laere ook op in de houts­kooltekeningen van Van de Velde, die zijn leven uitbeeldt als een fictieve autobiografie. “Als ik een werk maak, zijn mijn vrienden figuranten. Vroeger deed ik het met vreemden, maar ik vond het raar om hen te regisseren. Het is zeker niet zo dat ik absoluut mijn galerist wil portretteren.”

Op de vraag wat Tim Van Laere zo goed vindt aan Van de Veldes werk, volgt een diepe zucht. “Dat is een moeilijke”, zegt Van de Velde, terwijl hij de juiste woorden zoekt. “Tim wil dat een kunstenaar zijn eigen universum en beeldtaal heeft. Dan wordt een werk authentiek. Tim voelt die waarachtigheid aan. Hij houdt van totaalkunstenaars, van artiesten die hun hele leven in dienst stellen van de kunst. Jonathan Meese maakt sculpturen, schilderijen en performances. Ik teken, maak beelden en ben nu bezig met een film. Die verschillende uitingen, daar gelooft Tim erg in.”

Voor Tim Van Laere is kunst conversatie. Dat klinkt hoogdravend, maar wat hij bedoelt is dit: de kunstgeschiedenis is een gesprek. Wie eraan wil deelnemen, moet het gesprek gevolgd hebben. Kunst kan je volgens hem alleen begrijpen als je je erin verdiept – zowel in de geschiedenis als in het leven van de kunstenaar. Wat wil hij of zij zeggen? Waarop bouwt hij of zij voort?

Niet dat Van Laere kunst als iets elitairs beschouwt, in zijn galerie is iedereen welkom. Maar je moet wel moeite willen doen. Dat typeert Van Laere: omdat hij van zichzelf het allerbeste vraagt, verlangt hij dat ook van anderen. In een dubbelinterview met zijn broer Tom in deze krant zei Van Laere enkele jaren geleden dat hun ouders hen nooit pushten om te presteren, ook niet toen ze allebei tennis speelden. Maar het was wel Tim die zijn broer onder druk zette. “Ik was altijd veel ambitieuzer. En ik wilde heel graag dat Tom beter werd in tennis.”

Controlefreak

Van Laere is ook een controlefreak. Hij wil altijd het gevoel hebben dat hij aan de knoppen zit – zelfs dit portret is er niet gekomen zonder zijn inmenging. Het was Van Laere die ons in contact bracht met de kunstenaars van zijn keuze en een medewerker stond erop de tekst na te lezen voor publicatie, nadat die, zo bleek nadien, langs verschillende e-mailadressen was gepasseerd. Vervelend is het nooit geworden, integendeel: alles gebeurde met de glimlach, maar Van Laere liet wel voelen dat er niets zou verschijnen zonder zijn goedkeuring.

Van Laere is een kunstenaarsgalerist. Hij werkt niet voor verzamelaars, zal altijd de kant kiezen van zijn kunstenaars. “Bij Tim kun je op beide oren slapen”, zegt Van de Velde. “Ik tennis soms met hem en net zoals hij dan gaat voor elke bal, zo legt hij zich ook plat voor zijn kunstenaars. Dat is een aangenaam gevoel. Tim is altijd bereikbaar en zeer genereus, ook in het zakelijke. Niet alles draait rond geld of moet afgemeten worden in centen. Dat heb ik van hem geleerd. Kijk naar de nieuwe ruimte die hij heeft laten bouwen: volledig op onze maat, zodat wij onze werken kunnen tonen in optimale omstandigheden.”

“Hij neemt mij alle praktische beslommeringen uit handen en daar ben ik blij mee”, zegt Ben Sledsens. “Transport, tentoonstellingen, verkoop: dat zijn zaken waar kunstenaars zich niet graag mee bezighouden. Tim regelt dat perfect. De galerie bepaalt de prijs van mijn schilderijen en daarna doen we fiftyfifty. Dat lijkt veel, maar dat is de internationale standaard en het is het meer dan waard. Tim werkt dag en nacht, hij staat op en gaat slapen met kunst.”

Inspirerende trips

Of er nog plaats is voor een leven naast de kunst? “Ik weet niet of hij dat wel wil”, zegt Van de Velde. “De opdeling tussen werk en vrije tijd bestaat niet voor Tim. Hij is niet iemand die zegt: ‘Nu moet ik even bekomen. Ik ga op reis en ben drie weken onbereikbaar.’ Onbestaande. Als Tim op reis gaat, is het om kunstenaars en musea te bezoeken. Hij stuurt ook altijd foto’s door. Het loopt door en dat geeft hem energie.”

Zodra Van Laere in het buitenland aankomt, stapt hij in een taxi en gaat rechtstreeks naar een museum. “Ik ga graag met hem op reis omdat ik dan altijd nieuwe dingen leer kennen”, zegt Van de Velde. Ook Sledsens reisde al enkele keren mee met Van Laere en Van de Velde naar Parijs. “Die tripjes zijn zo inspirerend. Tim weet veel meer dan ik, hij is geobsedeerd door kunst.”

Maar als het tegenvalt – niets te zien in een museum, waardeloze kunstenaar – dan is Van Laere een tijdje niet aanspreekbaar. “Hij kan daar slechtgezind van zijn”, lacht Van de Velde. Ook al gehoord: Van Laere is een moeilijke mens. “Dat komt omdat hij 100 procent voor zijn kunstenaars gaat”, denkt Van de Velde.

Stoppen gaat Van Laere nooit doen, voorspelt Van de Velde. “Ik kan me niet inbeelden dat Tim over tien jaar zou zeggen: ‘Sorry mannen, maar voor mij is het mooi geweest.’ Ik denk ook dat hij mij gaat overleven, zodat ik nooit naar een andere galerist op zoek hoef te gaan.” Samen met directeur Elke Segers runt Tim zijn galerie als een gesamtkunstwerk. Hij is niet de CEO die met harde hand bepaalt wat er gebeurt, zegt Van de Velde. “Als kunstenaar word je bij alles betrokken, ook bij het werk van andere kunstenaars – dat is bij sommige galeries wel anders. Tim verlangt van zijn medewerkers dat ze hard werken en altijd bereikbaar zijn, maar in ruil maak je deel uit van een gezamenlijk project. Noem het gerust een familie.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden