Zondag 03/07/2022

InterviewSarah Mouhamou

Ketnet-wrapper Sarah Mouhamou (26): ‘Mijn moeder vertellen dat ik ongehuwd zwanger was, was het allermoeilijkst’

null Beeld Thomas Sweertvaegher
Beeld Thomas Sweertvaegher

Al acht jaar lang is ze bijna dagelijks op tv te zien. Ze entertaint uw kinderen als geen ander en toch is de kans groot dat u, tenzij u De slimste mens volgde, haar nooit eerder zag. En daar zou Ketnet-wrapper Sarah Mouhamou (26) graag verandering in brengen. ‘Ik wil programma’s voor volwassenen gaan maken. De ouders heb ik al mee.’

Ann Van den Broek

We vallen maar meteen met de deur in huis. Dat ik op een mooie vrijdagmiddag op de negende verdieping van het VRT-gebouw tegenover Sarah Mouhamou zit, is geheel en al uit eigenbelang. Sinds een jaar is mijn driejarige huisgenote verslingerd aan Sarah. Sarah knutselt, Sarah zingt, Sarah leest voor, Sarah doet yoga, Sarah danst: wat Sarah ook doet in de massa korte filmpjes en compilaties in de app Ketnet Junior, het maakt de kleuter in huis geen bal uit. Het is Sarah en dus is het goed.

En wanneer je een stem intussen vaker gehoord hebt dan die van je eigen moeder en vrolijk gekleurde jumpsuits plots als een nog niet zo verkeerde vestimentaire optie begint te beschouwen, dan begin je je toch af te vragen: wie ís die Sarah eigenlijk?

“Dat is een vraag die ik mezelf niet per se dagelijks, maar toch om de zoveel tijd ook stel”, lacht Mouhamou breeduit. “Amai, dat klinkt als een geweldig cliché. Alsof ik permanent depri en worstelend rondloop. Dat is totaal niet zo. Maar ik merk wel dat ik aan het zoeken ben naar wie ik eigenlijk ben, los van het persoontje dat ontstaan is door Ketnet-wrapper te zijn.”

Bio

geboren op 24 juli 1995 in Westerlo / werd in 2014 na een interne selectieprocedure gekozen tot Ketnetwrapper / heeft sinds 2020 haar eigen programmareeks voor peuters: Sarah / nam vorig jaar deel aan De slimste mens ter wereld / treedt samen met compagnon Bavo op tijdens de Ketnet Zomertour / woont in Aarschot met Nouh, haar zoontje van 3

Je zat nog in het middelbaar toen je wrapper werd, Ketnet-taal voor presentator. Intussen ben je een jonge vrouw van 26. Heb je het gevoel dat je daardoor een stuk van je persoonlijke ontwikkeling hebt overgeslagen?

“Ik vertel het alsof ik een existentiële crisis heb, hè? (lacht) Maar dit is een goed voorbeeld: dat jij je moet afvragen wie ik ben, komt ook omdat ik bijna nooit interviews geef. Ik denk altijd: wat heb ik nu te vertellen? Ik ben ook heel voorzichtig. Als je niks zegt, kan je niks verkeerds zeggen. Waarom zou ik het risico nemen om er iets raars uit te flappen, of iets waar mensen dan achteraf boos om kunnen zijn?

“Ik heb dus een muurtje voor de buitenwereld rond mij opgetrokken. Ik ben heel open ten opzichte van wie dicht bij mij staat, maar heel gesloten bij anderen. Ik weet niet waar dat vandaan komt. Waarom ben ik zo? Wat heeft mij zo gemaakt? Dat ben ik nog aan het uitzoeken.”

Hoe kwam je acht jaar geleden bij Ketnet terecht?

“Ik volgde economie-moderne talen en wilde journalist worden. Tijdens een les informatica waren we naar goede gewoonte met van alles bezig, behalve met de opdrachten. Toen zag ik op Facebook een post: Ketnet zoekt talent. Ik twijfelde, maar mijn vrienden trokken me over de streep. Toen ik thuiskwam, heb ik meteen een filmpje gemaakt. Dat mocht één minuut duren, dat van mij duurde er tien en ik heb dat gewoon zo opgestuurd. En dat werkte blijkbaar, want ik mocht naar de volgende ronde. Ik raakte telkens verder, zonder dat ik er echt mijn zinnen op gezet had. Pas toen we nog met drie waren, dacht ik: oké, als ik nu geen wrapper word, ga ik in een zwart gat vallen. Dit wil ik echt.”

Sinds twee jaar heb je ook je eigen programma voor de allerkleinsten. Was je daar meteen even enthou­siast over? Peuters zijn niet meteen het hipste doelpubliek.

“Ja, eigenlijk wel. Omdat ik zelf ook mama ben, had ik meteen veel voeling met het programma en de kindjes. Anders had ik er misschien langer over nagedacht. Maar de Sarah uit Sarah is wel een personage. Het is niet dat ik altijd zo praat, zo gekleed ga en me zo gedraag. Op Ketnet Junior ben ik de mama, als wrapper de 26-jarige jonge vrouw die een beetje zot doet. In beide gevallen ben ik een uitvergrote versie van aspecten van mezelf.”

Je bent jong mama geworden.

“Mijn zoontje is drieënhalf. Ik was heel jong, zeker voor mijn generatie. In mijn vriendengroep ben ik nog steeds de enige met een kind.”

‘Voor mij hoef je een relatie niet meer te bezegelen met een kind. Ik heb lang gedacht dat dat het ultieme bewijs van liefde was, maar met twee kun je het ook heel goed hebben’ Beeld Thomas Sweertvaegher
‘Voor mij hoef je een relatie niet meer te bezegelen met een kind. Ik heb lang gedacht dat dat het ultieme bewijs van liefde was, maar met twee kun je het ook heel goed hebben’Beeld Thomas Sweertvaegher

Jouw generatie is er fel mee bezig of kinderen op de wereld zetten nog wel zo’n goed idee is. Velen vragen zich af in welke wereld die kinderen zullen opgroeien en of het wel verantwoord is.

“O, en dat snap ik ook helemaal. Maar ik zet dat bewust een beetje uit in mijn hoofd. Ik ken mezelf: als ik echt begin te piekeren, kan ik op den duur niet meer functioneren. En ik zou het ontzettend erg vinden als ik een overbezorgde ouder zou worden. Mijn mama was zo’n type en dat belemmert je wel een beetje. Je moet soms eens keihard met je gezicht tegen de muur knallen. Ik zal er staan om Nouh op te vangen wanneer dat gebeurt, maar hem overal tegen beschermen en laten opgroeien in een gouden kooi, dat helpt hem ook niet vooruit.

“Met ouder worden evolueren je ideeën ook. Ik zou het nooit meer willen terugdraaien, mijn zoon is mijn alles. Maar ik weet oprecht niet of ik ooit nog eens kinderen zal maken. Ik zou er in ieder geval harder over nadenken.”

Hoe komt het dat je dan op je 22ste wel zo zeker was?

“Dat was ik niet. (lacht) We waren nog maar een jaar samen. Het was ook niet echt gepland, maar wel heel erg gewenst. We waren zo gelukkig toen bleek dat ik zwanger was. Nooit getwijfeld of we dat zouden kunnen of willen, een kind groot brengen.

“Ik denk dat ik toen nog heel romantisch in het leven stond. Je leert iemand kennen, je trouwt, je krijgt een kindje. Vandaag is mijn idee van de romantiek wel iets nuchterder. Dat heeft natuurlijk ook te maken met het feit dat ik sinds vorig jaar niet meer samen ben met de papa van mijn zoontje. Voor mij hoef je een relatie niet meer te bezegelen met een kind, bijvoorbeeld. Ik heb wel heel lang gedacht dat dat het ultieme bewijs van liefde voor elkaar was, maar nu zie ik wel dat dat echt niet nodig is, dat je het met twee ook heel goed kunt hebben.”

Uit wat voor gezin kom jij zelf?

“Ik ben de oudste van vijf kinderen. Ik heb tweelingbroers die elf jaar jonger zijn en twee zussen die ook al ­volwassen zijn. Het is altijd een heel druk en een heel leuk gezin geweest. Voor de mensen in de straat waren we het perfecte plaatje, denk ik. En dat klopte ook. Alleen, nu is er wel het een en ander veranderd.

“Rond mijn twintigste zijn mijn ouders uit elkaar gegaan. Dat heeft een heel andere impact op je dan wanneer je ­ouders vroeg uit elkaar gaan, maar het is echt een misvatting dat je daar dan minder van af zou zien. Het verandert echt alles. Je verliest een stuk van je jeugd, ons ouderlijk huis werd verkocht... Met mijn papa heb ik op dit moment geen contact meer. Al je herinneringen zijn plots enkel nog dat: een herinnering.

“Ik had het geluk dat ik mijn job bij Ketnet al had, ik had dus al wat centen en kon verhuizen. Misschien ben ik ook wel zo vroeg gaan samenwonen om mij te kunnen afsluiten van alles wat er thuis gaande was.”

Westerlo mag zichzelf dan wel de parel van de Kempen noemen, het is ook een heel witte parel. Hoe was het om daar in een Marokkaans gezin op te groeien?

“Ha! Heel anders dan hoe het zou geweest zijn in Antwerpen of Brussel, denk ik. Er waren gewoon geen andere Marokkaanse gezinnen. Ik vraag me vandaag af of ik meer in touch geweest zou zijn met mijn Marokkaanse kant wanneer ik in een multiculturele omgeving opgegroeid was. Nu heb ik vooral voeling met mijn Belgische kant. En dat Marokkaanse, dat lijk ik af en toe te verliezen.”

Zijn jullie dan niet Marokkaans opgevoed?

“Toch wel, maar het was thuis ook heel westers. We hadden een Marokkaanse salon en een typisch Vlaamse salon. Op vrijdag aten we wel couscous, want dat moet. (lacht) En op woensdag waren het frieten. Wij zijn ook heel vrij opgevoed. Ik mocht naar fuiven gaan, mocht dragen wat ik wilde. Het was het beste van twee werelden.”

‘Een klasgenootje riep: ‘Sarah, ge staat in de weg, ga eens terug naar uw eigen land!’ Dat sloeg in als een bliksem. Ik wist niet wat hij bedoelde, ik heb nooit een ander land gekend dan dit’  Beeld Thomas Sweertvaegher
‘Een klasgenootje riep: ‘Sarah, ge staat in de weg, ga eens terug naar uw eigen land!’ Dat sloeg in als een bliksem. Ik wist niet wat hij bedoelde, ik heb nooit een ander land gekend dan dit’Beeld Thomas Sweertvaegher

En toch heb je op je negende een identiteitscrisis gehad.

“Dat klinkt ook weer keiheftig. (lacht) Maar dat is wel echt een dingetje geweest, ja. Ik voel me Belgisch maar ik besef ook wel dat je aan me ziet waar mijn roots liggen. Dat heb ik wel altijd geweten, maar één keer ben ik daar keihard mee geconfronteerd.

“We gingen zwemmen met de klas en ik wilde van de glijbaan, maar durfde niet goed en hield de rij op. Waarop een klasgenootje heel ongeduldig en boos werd en riep: ‘Sarah, ge staat in de weg, ga eens terug naar uw eigen land!’ Dat sloeg bij mij in als een bliksem. Ik was zo geschrokken, wist ook totaal niet wat hij bedoelde. Ik heb nooit een ander land gekend dan dit. Dus ik was mega in de war. Mijn ouders zijn daar op school dan wel over gaan praten, maar voor mij was dat een kentering. Vanaf dan was ik mij bewust van het feit dat ik echt ‘anders’ was dan de rest.”

Je bent heel vrij opgevoed, zeg je. Vonden je ouders het dan ook prima dat je op je 21ste ging samenwonen?

“O, nee. Mijn jongste zus woont nu alleen in Antwerpen en dat komt omdat ik het pad geëffend heb. Toen ik besliste om het huis uit te gaan, heb ik een jaar geen contact gehad met mijn mama. Dat was pittig. Ik heb dat ook wat verdrongen, want het is echt niet leuk om te moeten zeggen: ik ben thuis vertrokken omdat ik verliefd geworden ben op iemand die mijn ouders niet oké vonden.

“Gelukkig bleek de moederliefde uiteindelijk veel groter dan de principes. Mijn mama had gewoon een beetje tijd nodig. En diep vanbinnen heb ik dat ook altijd geweten. Als ik geduld heb, dan komt het wel goed. Dit kan niet voor altijd zijn.”

En dan moest je na een jaar stilte nog zeggen dat je ongehuwd zwanger was.

“Dat was het aller-, allermoeilijkste en spannendste. Ik heb heel lang nagedacht over hoe ik het zou zeggen. Ik weet nog dat ik dacht, met de telefoon aan mijn oor: (zucht diep) oké, na dit gesprek gaan we weer een jaar geen contact meer hebben.

“Maar mijn mama reageerde doodkalm: ‘Ah ja, ik wist dat.’ Ik wist niet wat ik hoorde. ‘Ik heb erover gedroomd en ik voelde het aan u’, zei ze. Een typisch mama-antwoord, hè. Maar dat was zo warm, zo onverwacht. Ze was onmiddellijk enthousiast, zei direct dat ze wilde helpen met de babykamer. Ik heb ontzettend hard gehuild, ik was zo opgelucht.”

Geen betere vredebrenger dan een kleinkind.

“Zwijg stil. Nouh is haar god. Haar beste vriend, haar ­grootste schat, ze doet alles voor hem. Mijn ex-vriend heeft ze na dat jaar trouwens ook in haar armen gesloten. Ze heeft hem keigraag, nu nog steeds. Vaak vraagt ze: kom je niet nog eens eten? Wat gezien de situatie misschien een beetje raar is. (lacht)

“Maar dat is mijn mama. Alleen de principes staan soms even in de weg, net als de tradities en bovenal de blik van anderen. Wat gaan die wel niet zeggen? Dat leeft ontzettend hard in onze cultuur. Daar heb ik het soms moeilijk mee. In mijn hoofd werkt dat echt niet zo, het kan mij niet schelen wat anderen over mij te zeggen hebben.”

Je zowel Belgisch als Afrikaans voelen, dat beschreef Aster Nzeyimana een tijdje geleden in dit magazine als een bounty. Hij is zwart aan de buitenkant, wit vanbinnen, zei hij. Voel jij dat ook zo aan?

“Nee. Ik voel vooral dat ik nog op zoek ben naar het ­perfecte evenwicht. De buitenwereld geeft je ook steeds meer het idee dat die twee gewoon niet te rijmen vallen. Maar dan denk ik in strijdlustige buien: dan wil ik de eerste zijn die het wél gerijmd krijgt. Maar het is een zoektocht.

“Het zit in kleine dingetjes soms. Ik heb twee tattoos. De letter N, van Nouh, op mijn pols en een zonnetje op mijn bovenarm. Dat is not done in onze cultuur. Dus mijn mama weet niet dat ik die heb. Ik zal altijd een horloge dragen en mouwtjes, zodat ze het niet ziet. Ik heb er zelfs ooit een pleister op geplakt, toen het eens heel heet was buiten, met het excuus dat ik me verbrand had.”

Oké, dat zullen we dan maar niet opschrijven.

“Ach, ze moet er een keer achter komen, dus dan is dit interview misschien wel een goede manier. (lacht) En bovendien, ik heb heel vaak het idee dat mijn mama zulke dingen eigenlijk wel weet, maar gewoon een oogje dichtknijpt.

“Maar op sociale media krijg ik af en toe berichten van andere Marokkanen die checken: ‘Ben jij wel Marokkaans? Jij hebt tattoos.’ Of ik krijg opmerkingen over het feit dat mijn ex een Belg is. Niet dat anderen echt gemeen zijn geweest, maar ik ken mijn cultuur ook: eigenlijk past dat niet binnen het kader van wat een Marokkaanse jonge vrouw hoort te zijn. Dus dan worstel ik daarmee: hoe Marokkaans ben ik? En mag ik wel zeggen dat ik Marokkaans ben, wanneer ik dat allemaal doe?”

Alsof er maar één mal is waar alle Marokkaanse jonge vrouwen in gegoten worden?

“Precies, ik weet dat het absurd is. Ik ben keitrots op de prachtige Marokkaanse cultuur, maar daar horen dus ook verwachtingen bij. Eigenlijk is het dat: ik wil wel aan de verwachtingen voldoen, maar ik weet ook dat dat niet bij me past. Dus misschien zit het probleem vooral in mijn hoofd. Misschien moet ik me gewoon niet te veel aantrekken van de verwachtingen en valt het dan allemaal wel op zijn plaats.

“Krijg ik hier een kleine openbaring, zeg. Blijkbaar trek ik me dan toch meer aan van wat anderen denken dan ik dacht.” (glimlacht)

Dit weekend kiest Ketnet drie nieuwe wrappers. Er zit veel diversiteit bij de kandidaten en dat kon Ketnet misschien ook wel gebruiken. Hoe multicultureel en inclusief de meeste programma’s op de zender ook zijn, jij bent nog maar de derde niet-witte wrapper in 25 jaar Ketnet.

“Klopt. Ik snap ook dat je niet iemand kan aannemen puur vanwege zijn of haar achtergrond. Je moet het ook kunnen. Maar ik zou het wel heel leuk vinden mochten de nieuwe wrappers wat meer kleur brengen, absoluut. Ik hoor vaak van Marokkaanse kindjes: ‘Jij lijkt op mij!’ Dat doet echt iets.”

Onlangs werd beslist om het jeugdjournaal Karrewiet voortaan in het Oekraïens te ondertitelen, zodat de gevluchte kinderen het nieuws over hun land kunnen volgen. Wat vond jij daarvan?

“Keigoed. Maar mijn hart breekt wanneer ik denk aan de situatie in Palestina en Jemen. Hoe vaak berichten we daarover en hoe solidair zijn we met die mensen?

“Wij kunnen heel makkelijk tv-shows en benefiets organiseren, laten we die simpele dingen eens wat meer doen. Oké, ik begrijp dat het allemaal geld kost, dat we niet zoals Netflix ondertitels in tientallen talen kunnen aanbieden. Ik weet ook dat we niet de hele wereld kunnen redden. Maar we kunnen méér doen dan dit.”

Jij bent al acht jaar wrapper. Voel je je nog op je plaats bij Ketnet?

“Ik doe dit echt nog keigraag. Al is het ook al confronterend geweest de laatste maanden. Ik heb een paar auditiedagen voor de zoektocht naar de nieuwe wrappers moeten leiden en dan voelde ik: amai, ik ben de ancien. Een kandidaat zei zelfs: ‘Ik keek nog naar Ketnet toen jij aangekondigd werd.’ Mijn potentiële nieuwe collega was nog een Ketnetter, een min-twaalfjarige, toen ik wrapper werd. Slik, zeg.

“Sowieso staat er een houdbaarheidsdatum op wrapper zijn. Tien jaar zou wel mooi zijn. Maar tegelijk, waarom zou ik dan stoppen? Charlotte (Leysen, red.) is tot haar dertigste wrapper geweest. Dat is nog vier jaar, dat zie ik nog wel zitten. Als ik er dan nog fris en jong genoeg uitzie, toch. (lacht)

‘Ketnet is een goeie leerschool. Als de  host van eender welk tv-programma zou wegvallen, denk ik dat alle wrappers het probleemloos kunnen overnemen’ Beeld Thomas Sweertvaegher
‘Ketnet is een goeie leerschool. Als de host van eender welk tv-programma zou wegvallen, denk ik dat alle wrappers het probleemloos kunnen overnemen’Beeld Thomas Sweertvaegher

Sowieso is je bedje gespreid. Sven Ornelis, Friedl Lesage, Niels Destadsbader, Peter Van de Veire, Karolien Debecker, Jelle Cleymans... Allemaal startten ze bij Ketnet en volgde er een nog bloeiende mediacarrière.

“Zot, hè? Maar ik durf daar niet op te rekenen. Uit angst voor teleurstelling, misschien. Zeker in deze tijd. Er is zoveel talent. De TikTokkers komen nu ook op, die willen tv-bazen ook graag binnenhalen, begrijpelijk. Dus ik ga een manier moeten vinden om erboven uit te springen. Daar ben ik wel vaak mee bezig.”

Maak je je zorgen om de besparingen bij de VRT? Eén op de tien moet vertrekken, dat is veel.

“Natuurlijk maak ik me zorgen. Ik werk hier als zelfstandige, ik heb geen zekerheid. Maar Ketnet is wel altijd een veilige haven geweest, dus ik vertrouw erop dat het niet zomaar ineens zal stoppen. En ik probeer mezelf te kalmeren met het feit dat er nieuwe kansen op mijn pad komen. Een jaar geleden had ik nooit durven denken dat ik in De slimste mens ter wereld zou zitten. Of dat ik geïnterviewd zou worden voor het magazine van De Morgen.”

Je hoeft geen Gloria-raket te zijn? Gloria Monserez is nog maar 20, sinds 2019 wrapper en zal straks The Voice van Vlaanderen en Hotel Römantiek presenteren.

“Nee, zeker niet. We zijn goede vriendinnen geworden en ik vind het zalig voor haar, maar ieder in zijn eigen tempo. Zij heeft trouwens ook stress omdat het zo snel gaat. Het is altijd wat.” (lacht)

Heb je een idee welke richting jij graag uit zou gaan?

“Mijn probleem is dat ik heel veel dingen boeiend vind. Ik zou heel graag entertainmentprogramma’s presenteren, maar evenzeer programma’s met een serieuze inhoud. Durf te vragen van Siska Schoeters, bijvoorbeeld, dat is iets wat mij ook goed zou liggen. Serieuze onderwerpen heel toegankelijk maken. Of interviews afnemen, zoals in Het huis. En liveshows, uiteraard. De adrenaline die je voelt wanneer je Het gala van de Gouden K’s (de jaarlijkse Ketnet-awards, red.) presenteert, dat is met niks te vergelijken.

“Wij worden als Ketnet-wrapper vaak onderschat. Niet veel mensen weten dat wij dat alles zonder autocue of ­kaartjes doen. De avond voordien leren wij onze teksten vanbuiten. Als ik dan eens in een ander programma te gast ben en presentatoren met een autocue zie – waar uiteraard niks mis mee is – denk ik: hé, maar dit zou ik ook ­kunnen. Ketnet is echt een goede leerschool. Als ze vanavond bellen omdat de host van eender welk programma is weggevallen, dan denk ik dat de Ketnet-wrappers dat allemaal probleemloos zouden kunnen.”

Ooit was het je droom om oorlogsjournalist te worden. Is die opgeborgen?

“Ik was gevraagd om met Rudi Vranckx voor zijn programma Tussen oorlog en leven naar Libanon te gaan, maar door agendaproblemen is dat er niet van gekomen. Ik moest vooraf een vragenlijst invullen over wat te doen als we ontvoerd zouden worden. En ik dacht toen al, ook al gingen we niet eens echt naar oorlogsgebied: oei, maar mijn kindje? Dus ja, ik denk dat we oorlogsjournalistiek van het lijstje kunnen schrappen nu. (lacht)

“Ik ben ook totaal niet heldhaftig. Ik heb twee neven die met een uitwisselingsproject in Oekraïne studeren. Toen de oorlog daar net uitbrak, zaten zij in Charkiv. Mijn zussen zijn onmiddellijk naar Madyka vertrokken, een Poolse stad op de grens met Oekraïne. Mijn neven zaten daar intussen ook, compleet onderkoeld, zonder eten, zonder batterij, in een massa waar mensen vertrappeld zijn geweest door de drukte. Met de hulp van een journalist die ze via Instagram benaderd hebben, zijn ze heel dicht bij de grens kunnen geraken en hebben ze onze neefjes gevonden.

“Dat is dus exemplarisch: ik ben de hele voorzichtige dan. Ik heb alles gedaan wat ik kon om hen te helpen, de ambassades bellen en van die dingen. Alles wat je berekend kan doen, dat doe ik. Mijn zussen vertrekken zonder nadenken, zonder voorbereiding, hop, weg, gewoon doen.”

Trouwens, wie jou volgt op Instagram krijgt nog een heel andere Sarah te zien. Daar ben je de glamourversie van jezelf.

“Daar ben ik helemaal niet de Sarah van Ketnet, nee. Er zijn ook heel weinig kinderen die me op Instagram volgen. Maar ik krijg er wel geregeld lieve reacties van ouders. Complimentjes omdat hun peuter op de achterbank op weg naar zee helemaal rustig is omdat ze de playlist van Sarah opgezet hebben, of zo. Het is wel leuk dat de fanbase is uitgebreid naar de ouders. Zeker met het oog op de toekomst, wanneer ik dan tv voor volwassenen wil gaan maken, is het leuk als ik de ouders al mee heb.” (lacht)

Ik dacht even dat je ging zeggen: met het oog op een nieuw lief.

(giert het uit) “Oh my God, nee! Ik ga mijn nieuwe lief zéker niet op Instagram zoeken, dankuwel. Maar dat de papa’s al eens een berichtje durven sturen, dat kan ik niet ontkennen.”

Sarah is te zien in de Ketnet Junior-app en elke ochtend rond 7 uur op Ketnet. Ook de ‘Wie wordt wrapper’-verkiezing, met nu nog zes finalisten, is te volgen op Ketnet en op ketnet.be

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234