Woensdag 23/10/2019

Interview

Kersvers VRT-nieuwsanker Fatma Taspinar: "Ik ga nooit op date"

Fatma Taspinar: "Nieuwsankers zijn veel meer dan spreekpoppen die enkel intro's schrijven." Beeld Tim Coppens

Exact tien jaar geleden stapte Fatma Taspinar (35) als stagiair de VRT binnen. Zaterdag gaat ze als eerste vrouw met Turkse achtergrond Het journaal laat presenteren. "Het mag nooit Het journaal met Fatma zijn."

Fatma Taspinar was op vakantie met boezemvriend en collega Xavier Taveirne toen het nieuws werd aangekondigd: "Vanaf september presenteren Taspinar en Taveirne mee het laatavondjournaal op Eén."

Eerst wilden ze samen een selfie posten om dat te vieren: "Wij gaan voor anker!" Maar na een halve minuut veranderden ze al van gedacht: "Is dat niet wat stoeferig?" Het is de zelfbewuste Taspinar ten voeten uit. Ambitieus, maar onzeker. Sociaal, maar introvert. "Laten we onszelf eerst maar eens bewijzen", besloten ze.

Beeld Tim Coppens

Hoe word je dat, nieuwsanker?

Fatma Taspinar: "Toen ik hoorde dat Lieven Verstraete naar De zevende dag ging, wist ik dat er een plek bij Het journaal zou vrijkomen. Ik heb meteen een mail naar de bazen gestuurd. Als ze screentesten deden, mochten ze me altijd uitnodigen, schreef ik. Even later kreeg ik telefoon van Inge Vrancken (hoofdredacteur van 'Het journaal', FVD): 'Is dat uw manier om te zeggen: waarom vragen jullie mij niet?'"

Maar Taspinar stelde de vraag niet omdat ze op haar tenen getrapt was; ze volgde gewoon haar buikgevoel: "Je moet op de VRT vrij snel leren dat niemand op jou zit te wachten en niemand je iets komt geven. Er werkt hier ook zoveel volk. Soms zien de bazen gewoon niet wie er voor hen staat en moet je het hen even duidelijk maken."

Wie is Fatma Taspinar?

* geboren in 1982 in Lier

* studeerde criminologie aan KU Leuven

* sinds 2008 in dienst bij VRT

* was redacteur bij Reyers laat, deed nieuwsverslaggeving voor Studio Brussel en Radio 1

* is nu justitiejournalist voor Het journaal en presentatrice van het één-programma Mij overkomt het niet

* vanaf 1 september ook nieuwsanker van Het journaal laat

Wat maakt u geschikt voor die job?

"Ik leef voor het harde snelle nieuws. Duiding ligt mij minder. Als een bericht binnenloopt, begin ik als een gek rond te bellen. Die mindset gaat mij helpen bij het maken van het late journaal. Het is een kleine ploeg, zes mensen, waar je als anker je stempel moet drukken: 'Waar gaan we mee openen? Waarom is dit het meest nieuwswaardige?' Nieuwsankers zijn veel meer dan spreekpoppen die enkel intro's schrijven."

"Dat neemt niet weg dat je als anker moet beseffen dat je slechts een schakel bent tussen een realiteit en de kijker. Ik wil nooit belangrijker worden dan mijn eigen nieuws. Het mag nooit Het journaal met Fatma zijn. Ik wil zo neutraal mogelijk ankeren op een manier die een beetje leuk is om naar te kijken."

'Tv is een medium voor aantrekkelijke mensen', zei VTM-nieuwsanker Elke Pattyn vorige week in onze interviewreeks 'De vragen van Proust'. Hebt u het gevoel dat uw uiterlijk een rol speelde in de beslissing?

"Laat het mij zo zeggen: ik vind mezelf niet lelijk, eerder doorsnee, maar ik zal ook nooit moeten deelnemen aan een missverkiezing. (lacht) Ik denk niet dat tv enkel voor mooie mensen is. Iemand met een kromme neus kan ook presentator worden, zeker bij de openbare omroep. Met charisma en uitstraling kom je al een eind. Al geldt dat meer voor mannen dan voor vrouwen."

U wordt de eerste vrouw met Turkse achtergrond die Het journaal gaat presenteren, de eerste moslima ook.

"Mijn afkomst heeft me nooit in de weg gestaan. Maar ik ben ook nooit positief gediscrimineerd of zo. Ik ben gewoon meer dan dat. Punt. Al is hij een talkshowhost, Trevor Noah is in dat opzicht een voorbeeld voor mij. Hij presenteert met zo'n gemak en is trots op zijn Zuid-Afrikaanse etniciteit zonder dat het ooit de essentie van zijn journalistiek wordt."

Fatma Taspinar: 'Mijn afkomst heeft me nooit in de weg gestaan.' Beeld Tim Coppens

Wat betekent uw geloof voor u?

"Ik vind dat iets heel persoonlijks. Het biedt mij een soort van troost, een verbinding met mijn ouders ook. Maar de gemiddelde moslim zal misschien denken: geloven is meer dan hoe jij het beleeft. Daarom praat ik er niet over."

"Je gaat het toch niet heel het interview over de islam hebben, hé?"

Waarom niet? Er bestaat heel wat onwetendheid over de islam. Kunt u die als publiek figuur niet mee uit de wereld helpen?

"Dat is niet mijn taak. Echt niet. Ik wil geen voorbeeldfiguur zijn. Als ik door op tv te komen twee mensen anders over allochtonen doe denken, zal ik blij zijn, maar dat is het dan ook."

Heroïsche excessen

Taspinar beleefde een lastige puberteit in het katholieke Sint-Gummaruscollege, een school met veel middenklassekinderen uit Lier. Zij was de jongste uit een arbeidersgezin met zes kinderen, een van de weinigen met vreemde origine in het aso. "Waarschijnlijk hebben ze daar gedacht: die gaat nergens geraken in haar leven. Ik kon ze geen ongelijk geven: ik ging door een identiteitscrisis, was een slechte student."

Dat belette haar niet om criminologie in Leuven te gaan studeren. Vanaf haar zeventiende ging ze drie avonden per week in een restaurant werken om haar studies te betalen. Ze wilde die kost niet op haar ouders afschuiven. Ze studeerde af met grote onderscheiding.

Beeld Tim Coppens

Vanaf september gaat u het ankeren combineren met justitieverslaggeving én het nieuwe seizoen van Mij overkomt het niet. Hoe vindt u nog rust?

(zucht) "Ik krijg nu al paniekaanvallen als ik aan volgende maand denk. Ik ga mijn eigen grenzen moeten bewaken. Ik ben iemand die nogal voor haar werk leeft. Op de laatste dag van het proces-Renaud Hardy (Belgische crimineel die dit jaar veroordeeld werd tot levenslange opsluiting, FVD) was ik doodziek. Van 's morgens tot 's avonds gaf ik om het halfuur over, ik had twaalf uur gewerkt, inclusief een live. Aan dat soort excessen maak ik me soms schuldig. Maar ik blik er ook wel heroïsch op terug: ik stond er toch maar, hé. Ik ben blijven doorwerken."

Werk is uw prioriteit.

"Ja. Ik ben sociaal en geïnteresseerd in mensen, ik zou bij wijze van spreken tegen een paal beginnen praten. (lacht) Maar wat bij mij het eerste wegvalt, is dat sociaal contact."

"Ik kan het mij niet permitteren om mijn werk slecht te doen. Ik ben ook afgestapt van het idee dat je je vrienden constant moet zien."

"Ik ga wel proberen veel te sporten. Sport maakt mijn hoofd niet leeg, maar als ik loop, denk ik wel: dit is van mij, dit heb ik onder controle. Al de rest in mijn leven niet, maar dit wel."

Volgens uw vrienden bent u een piekeraar. Waarover dan?

"Over alles: hoe ik overkom, of ik zeker niets verkeerds heb gezegd… Maar ook over mijn familie en vrienden, over hun gezondheid bijvoorbeeld. Als iemand in de shit zit, heb ik bijna een neurotische drang om hem of haar eruit te trekken."

"Maar het tegenovergestelde durf ik niet: naar vrienden stappen met mijn shit. Ik weet dat mensen graag hebben dat de ander zich kwetsbaar opstelt, toch doe ik het te weinig. Ik kan wel goed doen alsof. Dan zeg ik tijdens een gesprek met Xavier dat ik tranen van ontroering krijg, maar heb ik die helemaal niet." (lacht)

"Geen idee waarom ik dat zo moeilijk vind. Misschien ben ik er te trots voor. Mijn moeder heeft me geleerd om weerbaar te zijn. Zij heeft van mij een doorzetter gemaakt. Al werk ik wel aan dat piekergedrag. Ik zie geregeld een psycholoog."

Hoe vaak ziet u die?

"Wanneer ik me goed voel en opensta voor coaching. Als ik op mijn diepste zit, na een relatie- of vriendschapsbreuk, kan ik niet praten."

"Wat wil ik in het leven? Wat verwacht ik van mezelf, van geliefdes, van mijn werk? Die vragen staan op dit moment centraal, al verandert de focus soms. En ik switch ook weleens van psycholoog."

"Wel een constante in mijn leven is mijn huisarts: dokter Druart uit Lier, nog echt een 'meneer de doktoor'. Binnenkort gaat hij op pensioen, maar ik wil eigenlijk dat hij eeuwig blijft. Dokter Druart is bijna een vaderfiguur voor mij. Hij heeft mijn papa weten arriveren als gastarbeider en heeft veel voor hem betekend. Hij zegt ook altijd dat ik de beste papa en mama van Lier heb."

Fatma Taspinar. Beeld Tim Coppens

Taspinars ouders zijn sobere boeren uit Noordoost-Turkije. Haar vader verloor op jonge leeftijd zijn ouders en heeft moeten knokken om te overleven. Omdat hij niet wilde dat zijn kinderen hetzelfde te wachten stond, liet hij alles achter zich om in ons land als gastarbeider te komen werken.

Eind jaren zeventig hebben hij, zijn vrouw en hun drie kinderen het geboortedorp verruild voor Lier. Daar kregen ze nog drie kinderen, onder wie Fatma. Haar vader werkte eerst in een kippenfabriek in Gent, later bij een verpakkingsfabrikant in Lier. Het leven van haar moeder was volledig gewijd aan de opvoeding van haar zes kinderen.

Uw ouders hebben heimwee naar Turkije, maar blijven omdat ze hier zes kinderen en negen kleinkinderen hebben. Voelt u zich daar schuldig over?

(twijfelt) "Het was hun eigen keuze om naar België te komen. Mijn moeder zou ook nergens anders willen zijn dan bij ons. Ze noemt ons haar kuikens, dus ze wil bij haar kuikentjes blijven." (lacht)

"Anderzijds, als ik zie wat ze allemaal hebben opgeofferd, heb ik wel het gevoel dat ik een schuld heb af te lossen. Ik kan hen niet teleurstellen."

Hoe zou u dat kunnen doen?

"Door niet te voldoen aan de normen en waarden waarmee ze me hebben opgevoed. Onlangs stormde ik binnen zonder mijn vader eerst een kus te geven. Hij heeft mij toen op het matje geroepen."

"Dat is nu iets kleins. Vroeger was het soms moeilijker, vooral met mijn moeder. In mijn puberteit was ik nogal Sturm und Drang. Zij ging met problemen om door ze te negeren. Ik wilde alles benoemen. Dat botste natuurlijk. Nu weet ik dat zij gewoon op die manier met problemen omgaat. Dat kan ik alleen maar respecteren."

"Dus ja, ik heb mijn ouders al teleurgesteld. En eigenlijk is dat heel normaal. Als je wil groeien moet je dat af en toe doen. Een psycholoog zei me ooit: 'Je moet je kunnen afzetten tegen je ouders. Je vormt je identiteit door te zeggen: neen, dit doe ik anders.'"

"Hoe ouder ik word, hoe meer belang ik hecht aan mijn familie. Als je uit mijn leven wil verbannen worden, moet je kwaad spreken over hen. Dan lig je buiten voor altijd."

Heeft iemand dat al geprobeerd?

"Neen, ik denk dat mensen dat vrij snel beseffen."

Jullie gezin heeft ook een WhatsApp-groep waarin over alles wordt gepraat, behalve politiek.

"Ja, daar spreken wij niet veel over. Wat er in Turkije gebeurt, zaait verdeeldheid in de familie. Wij respecteren voldoende elkaars mening om daar niet over te discussiëren. We weten dat we er toch niet gaan uitgeraken."

"Erdogan is een onderwerp dat ik niet meer aansnijd. Ik woon hier, ik heb totaal geen mening meer over hem. Geen goeie, geen slechte, gewoon geen. Toen ik nog Turkije-verslaggeving deed, was het nooit goed, wat ik ook zei. Het is voor mij een afgesloten hoofdstuk."

Bent u gaan stemmen voor de presidentsverkiezingen in juni?

"Neen. Mijn ouders weten ook dat ze met die vraag niet moeten afkomen. Niet dat ze dat zouden doen. Mijn ouders zijn niet opdringerig in hun opvattingen, noch in het leven, noch wat betreft geloof en politiek. Dat is het grootste geschenk dat ze mij altijd hebben gegeven: vrijheid."

Te nemen of te laten

Voormalig VRT NWS-hoofdredacteur Björn Soenens heeft Taspinar ooit gekoppeld aan filmjournalist Ward Verrijcken omdat ze op de redactie altijd zaten te schaterlachen. Klein detail dat Soenens over het hoofd had gezien: Verrijcken is homo. 

Taspinar is single, maar voelt zich nooit eenzaam.
 "Ik kan goed alleen zijn", zegt ze. "In een relatie moet je alles bij elkaar aftoetsen. Als ik 's avonds thuiskom, wil ik even niets meer aan mijn hoofd. Dat is iets wat ik moeilijk kan afgeven."

"Ik ben goed omringd en kan altijd wel bij iemand terecht. Of de liefde mij al pijn heeft gedaan? Natuurlijk. Dat hoort bij het leven. Alles is maar zo intens als het contrast met iets anders."

"Ik vind wel nog steeds dat met twee alles veel beter is. Dat gevoel wanneer je heel verliefd bent en het wederzijds is, is het mooiste wat bestaat."

Wordt u anders in een relatie?

"Ik denk dat ik te veel geef. In een liefdesrelatie kan dat verstikkend zijn. Maar partners moeten het volledige pakket aanvaarden. Het is te nemen of te laten."

Blijkbaar wordt u soms verweten intimiderend te zijn.

"Mensen zeggen dat nooit rechtstreeks tegen mij, ik hoor het via via. Dat werkt op mijn zenuwen. Vaak zijn het vrouwen. Die worden op hun lelijkst als ze een andere vrouw bedreigend vinden en dan vraag ik me af: lok ik dat nu uit?"

"Dat mannen soms ook zo over mij denken, is jammer. Ik zou liever hebben dat ze andere eigenschappen eerst zouden zien. Mensen denken snel: 'Fatma heeft haar leventje helemaal voor elkaar.' Maar zij weten niet dat mijn zelfvertrouwen soms op een laag pitje staat."

Lukt het dan nog om te daten?


"Ik ga nooit op date. Ik word ook bijna nooit gevraagd. Misschien net omdat ik zo intimiderend ben. (lacht) Of niet knap genoeg. Of niet leuk genoeg. Weet ik veel."

Fatma Taspinar. Beeld Tim Coppens

Hebt u weleens met #MeToo te maken gehad?

"Neen. Toch niets wat mij is bijgebleven. Ik let daar ook niet genoeg op. Ik ga met mannen om alsof het vrouwen zijn en omgekeerd. Ik heb mij nooit achteruitgestoken gevoeld omdat ik een vrouw ben. Maar ik ben dan ook een halve man." (lacht)

"Ik zal niet snel iemand als seksistisch bestempelen, eerder als niet leuk of kleingeestig. #MeToo gaat voor mij verder, dan hebben we het echt over machtsmisbruik. En neen, ook dat is me nog niet overkomen. Ik denk dat het bij mij niet gemakkelijk zou pakken omdat ik snel mijn mond opentrek. Sommige vrouwen zeggen bij bepaalde voorvallen misschien niets. Dan kan de situatie escaleren en een #MeToo worden. Ik geef altijd snel de grens aan, waardoor het nooit over de schreef gaat."

"Het moet allemaal een beetje redelijk blijven. Op een bepaald moment werd #MeToo bijna een sekte, aangevuurd door Hollywood. Zoveel drama. Wat ik wel knap vond is dat vanuit de VRT werd gezegd, ook naar de mensen die bij een productiehuis werken voor de openbare omroep: 'Jullie zijn veilig bij ons.' Dat vind ik belangrijk, dat je je als vrouw veilig kunt voelen."

Complotdenken

Veel van Taspinars beste vrienden werken in de media: van 'FilmWard' Verrijcken tot Gilles De Coster en Lieven Van Gils. Ze organiseert voor hen geregeld memorabele etentjes, waar ze naar verluidt al even onvergetelijke pikante tomatensoep serveert. Bij Van Gils is ze kind aan huis; hij noemt haar zelfs zijn geadopteerde dochter.

U gaat nu met Xavier Taveirne, een van uw beste vrienden, co-ankeren. Kan een vriendschap dat overleven?

"Ik weet het niet. Op vakantie in Frankrijk heb ik hem gezegd dat we over alles open moeten zijn. Ook als we lelijke dingen over elkaar denken. Ik wil kunnen vragen: 'Zeg, heb je nu mijn shift ingepikt?' Ik hoop dat onze vriendschap daar sterk genoeg voor is."

Taveirne heeft gezegd dat hij het ankerschap zou opgeven mocht het tussen jullie tot een conflict komen. Zou u dat ook doen?

(twijfelt) "Onze vriendschap staat boven die job."

Echt?

(lacht ongemakkelijk) "Het kan zijn dat de bazen zeggen: 'Xavier, jij bent keigoed, maar Fatma, jou halen we eraf.' Zou dat raar zijn? Uiteraard. Maar dan weet ik tenminste dat ik er met Xavier over kan praten."

"Soms lachen we dat het ons niet gegund is: 'Alles en iedereen is tegen ons. Het is allemaal een groot complot.' In mijn hoofd is nooit iets vanzelfsprekend. Misschien kiezen ze morgen alsnog voor iemand anders. Ik ga me elke dag bewijzen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234