Dinsdag 07/04/2020

Concertrecensie

Justin Timberlake in het Sportpaleis: op z'n best als popkoning, maar laat hem geen kampvuur aansteken

Justin Timberlake in het Sportpaleis.Beeld Koen Keppens

Om het met songtitels te zeggen: Justin Timberlake is heden niet meer 'Suit & Tie', maar wel 'Flannel'. Geen nood: onder zijn houthakkershemd schuilt nog steeds een vrolijk tot ovuleren aanzettende entertainer, die evenveel moeite had met het uitverkochte Sportpaleis als de Rode Duivels met Engeland.

Nochtans kreeg Justin Timberlake onlangs, eigenlijk voor het eerst in zijn carrière, veel tegenwind te verwerken. Men verweet hem van alles. Dat hij ongevoelig omging met de #MeToo-beweging (over vrouwlief Jessica Biel wist hij vooral te zeggen hoe lekker ze is). Dat hij had moeten weigeren om te acteren in een film van Woody Allen (het overigens puike Wonder Wheel). Dat hij de sinds Nipplegate in oneer gevallen Janet Jackson had moeten betrekken bij zijn halftime show op de laatste Super Bowl (overigens erg tam). En dan was er nog zijn plaat Man of the Woods – de insteek: 'my friends are into hip hop, but I am into folk' – die commercieel noch kritisch potten wist te breken.

Ook dinsdagavond bleef het onheil hem achtervolgen. Eerst in de vorm van de overijverige dj in het voorprogramma, die tot éénenvijftig keer toe kwam vragen of we daar waren voor 'Justin Timberláááke' (onze buurvrouw: 'nee, voor Willy Sommers, lul'). Daarna in de vorm van een verschrikkelijk geluid – net een reusachtige iPhone-speaker in een lege gymzaal. Gelukkig is Justin er de man niet naar om bij de pakken te blijven zitten, en gelukkig had hij ook een show mee die vooral visueel alle registers opentrok. Dat was al duidelijk voor het begon: voor JT zelve het podium bestormde – onder een gigantisch scherm, met lasers en rook en de hele reutemeteut – gingen twintig dansers, zangeressen en muzikanten hem voor. Waaronder niet één Willy Sommers, helaas.

Beeld Koen Keppens

Het eerste deel van de set beukte er weinig ceremonieel in en was een triomf, een wervelwind, een pracht-en-praalconcert van Las Vegas-proporties. Passeerden zoal de revue: klassieke hits als 'Cry Me a River', 'Senorita' en 'My Love', maar ook nieuwe nummers als 'Filthy', 'Midnight Summer Jam' en 'Higher Higher', die allemaal baat hadden bij het fullbandjasje dat ze hier kregen aangemeten – al hoefde niet élk nummer zo'n lekker kitscherige gitaarsolo in z'n staart geduwd te krijgen.

Het podium had intussen de vorm van een bergriviertje, met een S-vormig gangpad dat de grijze middenblok in tweeën deelde en twee kleinere podia in het midden van de zaal die toch allebei hun eigen immense schermen en lasers kregen – vergeleken hiermee was het circus van George Clinton op Couleur Café ingehouden, zelfs subtiel. Vaak was er actie op drie fronten: danseresje hier, blazertje ginder, en op podium altijd die twee potige bergmannen van drummers, om van de geprojecteerde natuurbeelden nog maar te zwijgen. Spectaculairste instrument van al bleef toch Justin zelf, met zijn boybandmoves, zijn souplesse en zijn loepzuivere stem – een stem die níét, zoals bij veel collega's, helemaal naar achteren was gemixt, met for good measure ook nog een backing track erbij. Het best gezongen? 'Mirrors'. Het best gedanst? 'Suit & Tie'. Het meest sexy? 'SexyBack'.

Beeld Koen Keppens

Eerder vandaag trouwens slecht nieuws gekregen bij de tandarts, maar JT's heupen maakten de onuitgesproken belofte dat hij alle gaatjes welwillend zou vullen. Fijn!

Minder fijn: het tweede deel, waarin JT besloot om het stoeien, het zwieren en het likkebaardend om zich heen kijken te laten voor wat het was en zich volledig te focussen op het naar marshmellows en scoutsbottines geurende bossfeertje van Man of the Woods. Er werd zelfs een echt kampvuurtje aangestoken, maar zelfs dat kon niet verhullen dat Justin geen man van het woud ís. Die mens kan niet overleven zonder zijn espressomachine, laat staan zijn koelkast of zijn stromend water. Als hij sexy r&b-pop kan maken, heerst hij, als hij alleen een gitaar heeft, is hij platter dan de platste Ed Sheeran. Alle vaart ging eruit, de set lag stil: een paar minuten lang bleef Justin wauwelen over hoe we 'het luidste publiek van de hele tour' waren. Er werd een oervervelend filmpje over 'ware liefde' getoond, achtergrondzangers mochten snel-snel covertjes van The Beatles, Fleetwood Mac, Lauryn Hill en John Denver afhaspelen... Tussendoor veranderde JT zijn T-shirt doodleuk in een houthakkershemd – de minst spectaculaire kostuumwissel sinds Jan Becaus tijdens het late journaal van 5 februari 1998 koffie morste op zijn das.

Justin weet zelf ook wel waar zijn kracht ligt, en dus werd vanaf 'Say Something' de eindsprint ingezet – all-in op pretentieloze fun – met 'Rock Your Body' en 'Can't Stop the Feeling' als bloemenmeisjes. In totaal speelde hij dik twee uur, waarvan zeker 80 minuten zwaar de moeite. Een boodschap voor al wie dacht dat zijn troon was beginnen te wankelen: Timberlake blijft een popkoning. 

Beeld Koen Keppens
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234