Zondag 21/04/2019

Filmrecensie

'Jurassic World: Fallen Kingdom': dino's in een spookhuis

Beeld rv

Drie jaar na de teleurstelling van Jurassic World bewijst J.A. Bayona dat de legendarische dino-franchise dan toch nog niet met uitsterven bedreigd is. Fallen Kingdom voelt vertrouwd, maar scheurt zich in de tweede helft ook los van de clichés.

Je zult maar de scenarist van een vijfde Jurassic Park-film zijn. De vorige afleveringen maakten al tot vier maal toe duidelijk dat mens en dino echt niet gemaakt zijn om elkaar high fives te geven. Dus waarom zouden de personages dan toch zo dom zijn om nog een keer naar Isla Nublar te trekken?

Het moet gezegd: scenarioschrijvers Colin Trevorrow (die de vorige film regisseerde) en Derek Connolly hebben in Jurassic World: Fallen Kingdom een behoorlijk geloofwaardig excuus uit hun duim gezogen. Op het eiland staat namelijk een vulkaan op uitbarsten. Die plaatst de mensheid voor een moreel dilemma: de achtergebleven dinosaurussen op Isla Nublar een tweede keer laten uitsterven, of hen – net zoals alle andere diersoorten ter wereld – beschermen? Claire Dearing (Bryce Dallas Howard) kiest voor de tweede optie, en vertrekt samen met de avontuurlijke velociraptor-trainer Owen Grady (Chris Pratt) en een leger huurlingen van miljardair Benjamin Lockwood (James Cromwell) op reddingsmissie. Maar die zal niet zoals gepland verlopen – of wat had u gedacht?

Beeld rv

Kolkende lava

Fallen Kingdom begint daar waar de meeste moderne actiefilms – inclusief de vorige Jurassic World-film – eindigen: met een gigantisch festijn van computereffecten. Regisseur J.A. Bayona (A Monster Calls) haalt werkelijk alles uit de kast. Alsof tientallen losgeslagen dino's nog niet genoeg waren, worden de personages ook nog eens opgejaagd door kolkende lava. Daar komt Bayona's ervaring met rampenfilms (The Impossible) handig van pas: ook wanneer een muur van CGI het scherm vult, houdt de regisseur het overzichtelijk en spannend.

Maar dan gebeurt er iets geks. Alsof Bayona in de spectaculaire eerste helft al zijn contractuele verplichtingen heeft vervuld, gooit hij het daarna over een totaal andere, veel kleinschaligere boeg. Voor het eerst sinds The Lost World haalt hij de dinosaurussen uit hun natuurlijke habitat, om ze te droppen in die van hem: een beklemmend kasteel dat veel wegheeft van het weeshuis/spookhuis uit Bayona's horrordebuut El Orfanato.

Beeld rv

Klauwen boven het kinderbed

De regisseur leeft zich zodanig uit met sprookjesachtige, creepy shots – de klauwen van de indoraptor boven het kinderbed! – dat je bijna het gevoel krijgt dat je naar een andere film zit te kijken. In die mate dat het soms vreemd voelt wanneer er in die barokke setting plots een dino de trap komt opgeklauterd. Maar goed, na het zoutloze Jurassic World zijn wij al lang blij dat Bayona zijn film tenminste een eigen smoel geeft.

De grootsheid en de verwondering van Steven Spielbergs originele
Jurassic Park zal geen enkele film in deze franchise ooit nog kunnen benaderen, zoveel is intussen wel duidelijk. Maar Fallen Kingdom grossiert wel in goed gedoseerde suspense, en raakt zelfs hier en daar de gevoelige snaar. De dino's krijgen het namelijk zwaar te verduren in deze donkere avonturenfilm – het shot van een brachiosaurus die opgeslokt wordt door een vlammenzee zal gegarandeerd je hart breken. Tegen beter weten in hopen we hem toch nog levend en wel aan te treffen in de volgende Jurassic World, die gepland staat voor 2021.

Jurassic World: Fallen Kingdom speelt nu in de bioscoop.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.