Woensdag 21/04/2021

InterviewBoeken

Joke van Leeuwen: ‘Men wilde mij weleens klein houden’

null Beeld © Stefaan Temmerman
Beeld © Stefaan Temmerman

Joke van Leeuwen (68) flaneert langs veel thema’s in haar nieuwe roman Mijn leven als mens. ‘Lichamelijke liefde, prostitutie, neoliberalisme… Dit is veel meer dan ­zomaar een coming-of-ageverhaal.’

“Dat is het geweldige aan het schrijverschap. Je wordt langzaam ouder en rimpeliger. Maar in je hoofd kun je blijven huppelen”, vertelt Joke van Leeuwen met aanstekelijk optimisme. “Ik heb zelfs meer inspiratie dan op mijn dertigste.”

Zeven hoog in haar ruime appartement aan de Antwerpse leien, omgeven door veel etnische kunst, praat de voormalige Antwerpse stadsdichter over haar hartstochtelijk bedreven vak. “Schrijven is altijd meer plezier dan marteling voor mij. Ik hoef niet in een hutje op de hei te gaan zitten dromen. Ik begin hier ’s morgens vroeg en als het lekker loopt, ga ik door tot een stuk na de middag.”

Tussen ons, op de glazen salontafel, ligt haar nieuwste boek in neonletters te lonken. In Mijn leven als mens schetst Van Leeuwen het korte leven van Dinka, die bij de geboorte haar tweelingzusje Dinska verloor en zelf ‘onverwacht en banaal’ doodgaat op haar achttiende. Dinka heeft het gevoel dat ze nooit ‘af’ of ‘compleet’ is. Is het daarom dat ze zich al vanaf haar negende verslingert aan de stoere Mier, een tehuiskind, op wie ze later écht verliefd wordt?

“Elk boek begint met een beeld dat zich aan me opdringt. Nu dook een Siamese tweeling op. Ik zag een gezin voor me met een doodgeboren dochter en een springlevende. Dan ga je associëren. Ik kwam eens thuis bij mensen die een vroeg gestorven kind hadden. Daar stond een enorme foto van die dochter. Nou, die werd buitensporig geïdealiseerd, daar kon niets mis meer mee gaan. De levende dochter stond in de schaduw van de dode. Geen wonder dat er vaak conflict met haar opborrelde. Dat schuldgevoel, dáárover wilde ik schrijven. Die voelbare leegte in een gezin, de schaduw van een kind dat er is door er niet te zijn.”

Op het eerste gezicht zou je kunnen denken: dit is een adolescentenroman. Hoe weet u dat u een verhaal voor volwassenen te pakken hebt?

“Mijn hoofd richt zich naar een bepaald genre, in dit geval een roman. De protagonisten kunnen alle leeftijden hebben die een mens heeft. Bij een kinderboek denk je vanuit een beginnend mens. Maar mag ik toch benadrukken dat dit geen kinderboek is, of zelfs geen young adult? Hier is sprake van ­lichamelijke liefde, prostitutie, neoliberalisme… Dit is veel meer dan zomaar een coming-of-ageverhaal.”

Mijn leven als mens start vanuit het hierna­maals. Als we u moeten geloven is het daar geen onprettige bedoening? Er heerst een zekere speelsheid.

“Ja, klopt. En vooral geen zwaartekracht. (lacht) Ik vond het uiterst plezierig om mij daar van alles bij voor te stellen. Ik heb me eerst flink ingelezen en vervolgens mijn verbeelding erop losgelaten.”

Dat hemels perspectief vanwaaruit Dinka naar haar voorbije leven gluurt, had zo zijn voordelen, zegt Van Leeuwen. “Die tijdloosheid gaf me een enorme vertelvrijheid. Ik kon over het randje naar de hele wereld kijken, ik kon heen en weer flitsen in de tijd, naar verleden én toekomst. Dinka ziet zelfs haar ­eigen crematie.”

Allemaal goed en wel, maar hoe houdt u zoiets geloofwaardig?

“In een roman mag alles, zolang het maar betekenisvol is én je de lezer meetrekt. Het is vooral typerend voor mij om dat evenwicht tussen lichtheid en zwaarte te zoeken. ‘Nadenkende lichtheid’, noem ik het weleens in navolging van Italo Calvino.”

Er mag inderdaad ook gelachen worden in Mijn ­leven als mens. De moeder van Dinka geeft zich bijvoorbeeld nadat haar ademhalingstherapie slabakt, over aan intuïtief schilderen én tenentherapie. ­“Tenentherapie bestaat echt, hoor, zoek maar op internet. Ik wilde eerder inzoomen op het contrast tussen die moeder met new-ageachtige verwachtingen, en Dinka’s vader, die als bankdirecteur net met zijn beide voeten in het neoliberalisme staat. En die eerder een vertegenwoordiger van het ­patriarchaat is.”

Waarom wilde u dit boek per se in de jaren 90 laten afspelen? Ook die dreiging van het nieuwe millennium speelt een grote rol.

“Er werd toen intens toegeleefd naar dat jaar 2000. Computers gingen crashen, er zou van alles op de schop gaan, alles ging beter worden, dat was de verwachting. Er gebeurde uiteindelijk niks. ­Computers bleven werken. Of toch: toen kwam 9/11 in 2001.”

U neemt subtiel het neoliberalisme en het marktdenken op de korrel?

“Het leek erop alsof de markt alles zou oplossen en rijkdom in het verschiet lag. Een sprookje natuurlijk. In de jaren 90 circuleerde er veel geld en dat werd heel weinig aan de publieke zaak besteed. Het was uiteindelijk ieder voor zich, iedereen dacht aan zijn eigen portemonnee. Men onderschat hoeveel problemen dat gaf. En dat is helemaal doorgeslagen, in de zorg en met failliete ziekenhuizen. Je ziet door corona des te meer wat ervan komt als je op de publieke zaken bezuinigt.”

Hebt u er zelf gevolgen van ondervonden?

“In de culturele wereld had dat neoliberalisme een noodlottige impact. Hier in Vlaanderen is de soep nooit zo heet opgediend en als Nederbelg ben ik er enigszins aan ontsnapt, maar de Nederlandse VVD-staatssecretaris Halbe Zijlstra hield destijds een echte kaalslag. Het idee dat cultuur een linkse hobby is, vond daar zijn oorsprong. Dat Thierry Baudet openlijk schimpt op cultuur en woorden als ‘subsidieslurpers’ gemeengoed maakt, is daar een rechtstreeks gevolg van. Maar wacht even, politieke partijen worden toch ook voor 100 procent door de belastingbetaler gesubsidieerd? Hoe meer stemmen, hoe meer geld ze krijgen!

‘series als ‘Het leven van een loser’ zijn populair. Kinderen die elkaar uitschelden voor loser, wéér dat neoliberalisme.’ Beeld © Stefaan Temmerman
‘series als ‘Het leven van een loser’ zijn populair. Kinderen die elkaar uitschelden voor loser, wéér dat neoliberalisme.’Beeld © Stefaan Temmerman

“Je merkte het zelfs in de kinderboekenwereld. Lange tijd heerste er een hele goeie aandacht van journalisten voor de origineelste kinderboeken. Maar later sloeg dat om. Series als Het leven van een loser werden populair. Die titel alleen! Kinderen die elkaar uitschelden voor loser, wéér dat neoliberalisme. Nee, dat was niet mijn ding.”

U klinkt nu fel maar in uw roman zit die kritiek bedaarder verscholen.

“In een roman moet je niet gaan beleren of zitten voorkauwen, maar vooral ruimte laten aan de lezer en zijn verbeelding. Ik hou wel van nuancering. Bij tv en praatprogramma’s zijn de programmamakers tegenwoordig voortdurend uit op conflict. Polemiek zorgt voor meer kijkers. En zo werkt het ook met dat geklik op de sociale media. Ga met nuance nu maar eens de straat op!”

De relatie tussen Dinka en Mier (‘Mieranda’) begint als een vriendschap, maar mondt uit in een lesbische liefdesrelatie.

“Voor Dinka betekent Mier een soort vervulling, een surrogaat voor haar zusje. Ze wil bij haar leefwereld horen. Dat maakt haar soms blind voor de uitwassen van Mier. Ze is zodanig involved met Mier dat ze niet in de gaten heeft dat zij zich prostitueert. Ze kickt op de vrijheid die ze haar schenkt.”

U stelde weleens vast dat mannen vrouwelijke personages meestal als heilige of als hoer neerzetten. Hoe hebt u dat anders aangepakt?

“Het beeld van de vrouw als zuiver of onzuiver is oud en hardnekkig. Zo stond het in mijn jeugd ook in talloze voorlichtingsboekjes. Maar voor Mier is prostitutie een manier om geld te verdienen. Ze doet daar wat achteloos over. Ik heb haar ervaringen gebaseerd op interviews met prostituees. Anders dan in sommige romans die vanuit de mannelijke bezoeker geschreven zijn, waarbij meer dan eens het woord liefde valt.”

U schrijft over de ontluikende gevoelens van Dinka en Mier op piepjonge leeftijd. En de moeder reageert daar rustig en breeddenkend op. Nu ziet u weer meer homohaat?

“Zeker was er aan het eind van de vorige eeuw een grote vrijheid inzake seks. In de jaren 70 sloeg de slinger door, ook pedoseksualiteit werd goedgepraat en verdedigd. Maar bij ons lag het beroemde standjesboek Variaties of het tijdschrift Sextant open en bloot op tafel. Er heerste een soort vrijheid die nu toch moeilijker ligt.”

Waaraan ligt dat?

“Ik denk dat de digitale media daar een grote rol in spelen. Als je nu als actrice naakt moet gaan, weet je meteen dat je beelden op het internet zullen circuleren. En zelfs je verleden is niet meer veilig. Tegelijk moet je die ‘vrijheid, blijheid’ van destijds ook niet overdrijven. Ik ben in 1966 naar België gekomen en ik merkte hoezeer men toen naar Nederland opkeek. Maar men vergeet soms hoe groot ook daar die kloof tussen stad en een deel van het platteland was. Door Nederland loopt die band van protestants fundamentalisme, met de streng-gereformeerde partijen en hun Biblebelt. En die bestaat nog steeds.”

Er is heel veel te doen over het vrouwelijk perspectief in de letteren. Onlangs trok u nog van leer in een opiniestuk in De Standaard, tegen het idee ‘dat vrouwen geen humor hebben, dat alleen mannen geniaal kunnen zijn en dat het wezen van de vrouw ‘zorgende aanwezig zijn’ is’. Hebt u moeten knokken voor uw plaats?

“Het is verre van vanzelfsprekend. In mijn eigen schrijversleven merkte ik weleens dat men je kleiner wilde houden dan je bent. Neem de oudere auteur die in een filmpje zei dat ik ‘aardige’ kinderboeken schrijf en dat maar moet blijven doen. Of de auteur die beweerde dat hij die AKO-prijs had moeten krijgen en niet ik. Ook in mijn relationele leven ervoer ik dat een mannelijke geliefde er soms niet goed tegen kon dat je opvalt door je werk. Maar ik heb altijd mijn ding kunnen doen. Ik heb veel prijzen en erkenning gekregen. En als je vaak bekroond wordt, denk je na een tijdje: ‘Ja, het zal toch wel goed zijn.’”

Joke van Leeuwen, Mijn leven als mens, Querido, 194 p., 20,99 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234