Woensdag 16/10/2019

Interview

Jambers: "De Wever was ziek. Zijn gezin was aan het skiën, en hij zat alleen in de cafetaria. Een droom!"

Paul Jambers. Beeld Koen Bauters

Hij heeft even getwijfeld, maar nu werkt hij toch weer gewoon ouderwets tot het snot hem voor de ogen komt. Paul Jambers (73) volgt voor VTM de kopstukken van de Antwerpse politiek in hun bikkelharde strijd om ’t Schoon Verdiep. Zes weken lang, zeven dagen per week: de grand reporter krijgt er niet genoeg van. "Ik ben niet verplicht om ‘Jambers in de politiek’ te maken, zeker niet in financieel opzicht. Ik doe het omdat ik het met mijn zoon kan maken."

Twee weken geleden was de jonge versie van de reporter uitgebreid te bewonderen in 'Dank dat u bij ons was', het archiefprogramma van Canvas over de nieuwsdienst van de openbare omroep. Aan het eind van de jaren 70 was Paul Jambers voor een zomerreportage van 'Panorama' in een krappe Audi gekropen om, als een doorsnee Vlaming, naar het zonnige Spanje te karren. Maar hij was wel gekleed alsof hij in Beverly Hills werd verwacht: zorgvuldig gecoiffeerde baard, grote donkere zonnebril, hoog getailleerde broek, wufte foulard, lichtgeel jack. Je dacht dat Barry Gibb, de lange van de Bee Gees, voor de nieuwsdienst werkte, en je verwachtte elk moment dat hij 'Stayin' Alive' zou inzetten. Maar dat gebeurde niet. Het was per slot van rekening 'Panorama'.

Paul Jambers: "Karine Claassen, de jonge reporter van de VRT, is dat fragment ook opgevallen. Op Twitter schreef ze: 'Jambers was stijlvol in zijn tijd.' Fijn om te lezen (lacht). In 1979 was ik een aankomende journalist: ik zat nog geen jaar op de redactie van de BRT, maar ik ging de wereld veroveren. Voor 'Panorama' was het een luchtig tussendoortje, voor mij een gelegenheid om me uit te leven, als journalist én als regisseur."

U bent regisseur van opleiding, maar u werkt als journalist. Dat maakte u al anders dan de anderen bij 'Panorama'.

"In zo'n stuk kon ik me ook als programmamaker uitleven, al was het atypisch voor 'Panorama'. Het fragment is uitentreuren heruitgezonden, maar dat is omdat ik daar uit de wagen stap met een sigaret in mijn mond en een zonnebril op mijn neus."

Het zegt wel iets over u, toch?

(bladert door een stapeltje) "Ik heb het even nagetrokken: het was mijn vierde reportage voor 'Panorama'. De eerste ging over de teloorgang van de Rupelstreek. De tweede over 'de tweede generatie' – ik heb het thema van migratie op de kaart gezet. De derde over de vrouwen van de bezetters van de raffinaderij RBP. En daarna dus dat stuk over vakantie in Spanje."

"Ik volgde de visie van 'Panorama', maar ik zette het ook naar mijn hand met een beetje avontuur on the road: we reden uren aan een stuk, we kwamen aan in Benidorm om twee uur 's ochtends en ik zeg, met mijn hemd open tot op mijn navel: (diepe bas) 'Wij hebben zo lang naar de zon gereden. En in Benidorm regent het.' Oké, het gaf een beeld van wie ik toen was (lacht)."

U hebt in de jaren 80 en 90 veel kritiek gekregen. U werd steevast sensatiezucht verweten. Maar als je naar 'Dank dat u bij ons was' kijkt, kun je niet om de conclusie heen: 'Jambers was zijn tijd vooruit.' U liet als eerste de gewone man aan het woord. En u was als journalist ook al een vedette.

"Het heeft lang geduurd voor ik min of meer bekend was. Maar: ik drukte wel mijn persoonlijke stempel op het programma door de manier waarop ik het maakte, niet door mijn aanwezigheid in beeld. Ik kwam bijna nooit in beeld. Kijk naar de honderd afleveringen van 'Jambers': ik presenteer de inleiding, en tijdens de reportage zie je af en toe mijn neus. De geïnterviewde is de belangrijkste persoon."

Bij 'Panorama' waren de journalisten onderwijzers in bijberoep. Waarom vond u dat de mening van de gewone man er wel toe deed?

"Al in mijn tweede reportage heb ik jonge mensen van Turkse en Marokkaanse afkomst laten spreken. Ik wist dat er niets zo sterk is als betrokkenen zelf hun verhaal te laten vertellen. Ik was een regisseur, hè. Mijn droom was: een film maken. Door allerlei omstandigheden is het er niet van gekomen."

Het manco in uw carrière?

"In 1970 werden er nul komma nul films gemaakt in Vlaanderen. Je kon daar niet van leven, tenzij in bittere armoede. Ik had snel gezien dat televisie zeer geschikt is om emotie en persoonlijke verhalen over te brengen, en veel minder geschikt voor theorieën en grafieken en ingewikkelde uiteenzettingen. Dus ik zocht de juiste onderwerpen. En ik bracht die onderwerpen via persoonlijke verhalen. Maar bij 'Panorama' keek iedereen daarop neer, behalve de kijker. Ik had het geluk dat ik eruit sprong tussen al die serieuze documentaires. Die saa … (slikt zijn woorden in)"

Ik heb het gehoord: die saaie werkstukken.

"Dat heb ik niet gezegd (lacht). Mijn bijdragen vielen op omdat ze authentiek waren. Een goed verhaal is authentiek. Daar heb ik me snel mee onderscheiden van mijn collega's, die inderdaad vaak uit het onderwijs kwamen."

U was niet bang voor discussie. Maar was het ook niet eenzaam? U stond helemaal alleen.

"De collega's vonden het vreemd wat ik deed, maar algauw zeiden ze: 'Jambers heeft een neus voor goede onderwerpen.' Ik heb ook een tijdlang volgens de regels van de esthetische school gewerkt, zoals een reportagemaker dat hoorde te doen. Maar ik heb snel ingezien dat zoiets niet werkt. Hoe mooier de beelden, hoe geringer de authenticiteit. Ik stond ook alleen omdat ik de eerste regisseur was die journalist werd. Ze zeiden: 'Wat komt die artiest hier doen?'"

U hebt daar niet onder geleden?

"Toch wel. Wat ik deed, strookte niet met de filosofie van 'Panorama'."

Koning eenoog in het land der blinden?

"Dat mag je niet zeggen. Ik had mijn stijl. Mijn reportages waren daarom niet beter, ze waren leuker om naar te kijken."

In 'Dank dat u bij ons was' zat ook een fragment van de onvermijdelijke reportage over de Millet-jassen, die populair waren op de betere speelplaatsen van de jaren 80. Op een bepaald moment interviewt u twee jongens voor hun kleerkast. U bent niet close met hen, en toch laten ze het achterste van hun tong zien.

"Ook later, in veel extremere milieus, heb ik mensen geïnterviewd met een zekere afstand. Ik sprak geen taaltje dat door velen wordt gecultiveerd om zo dicht mogelijk bij de geïnterviewde te komen."

Het zogenaamde Verkavelingsvlaams.

(knikt) "Ik hield afstand. En toch stelde ik de vragen waardoor ze zichzelf konden geven. Ik ben een afstandelijke persoon."

Ongenaakbaar?

"Nee, maar ik raakte de geïnterviewde niet aan. Ik pakte 'm ook niet vast, zoals je nu zo vaak ziet. Ik doe niet aan participerende journalistiek: ik ga niet mee kaas snijden, ik tuig de kerstboom niet mee op, ik loop niet mee in een processie. Ik observeer en ik registreer."

"Als de camera niet draaide, praatte een researcher met de geïnterviewde. Ik wilde vermijden dat op zo'n moment de interessantste dingen zouden worden gezegd. Daardoor kreeg je een zekere afstandelijkheid. Maar de geïnterviewde wist: als ik een vraag stelde, waren we toegespitst op de inhoud."

Alles al gedaan

Een citaat van Carl Huybrechts uit Dag Allemaal: 'Jambers verstaat de kunst de ziel van mensen bloot te leggen zonder in het hart te snijden.'

"Mooi gezegd van Carl. Ik dwong mensen zichzelf te verklaren. Te praten over dingen waar ze misschien zelf nog niet over hadden nagedacht. Daardoor kon ik verregaande vragen stellen zonder dat ik de geïnterviewde pijn deed. Ik tilde hem op. Als ik voelde dat de tranen opkwamen, stelde ik een vraag om dat te vermijden."

U stopte met draaien?

"Natuurlijk niet, maar ik ging er niet op door, ik probeerde het weg te werken. Aan iemand die huilt, heb je niets op televisie. Dan stopt het verhaal."

Bent u de wegbereider van een meer persoonlijke journalistiek in Vlaanderen geweest?

"Ongetwijfeld, dat zal niemand ontkennen."

Hoe kijkt u naar uw talrijke epigonen op de televisie?

"Epigonen? Het zijn mensen die voortbouwen op wat ik heb gedaan. Vorige week begon een reeks over oude homo's op Canvas, 'Voor de mannen', daar heb ik al twintig jaar geleden een programma over gemaakt. Over getrouwde homo's, mannen die met een vrouw getrouwd waren om hun geaardheid te verbergen. En zo is het ook met andere onderwerpen: ik heb het allemaal al gedaan."

Oké, maar hoe kijkt u naar de vele tv-makers die nu uw stijl imiteren?

"Ik kijk te weinig televisie, ik zie dat niet. Maar door het feit dat ik zoveel kritiek kreeg, was ik wel heiliger dan de paus. Als een geïnterviewde praatte, moest hij altijd in beeld zijn – om niet het verwijt te krijgen dat ik off-screen knipte en plakte in uitspraken. Ik plakte geen korte shots aan elkaar. Ik kwam in één beweging bij mensen binnen. Ik gebruikte geen muziek. Ik liet de geïnterviewde niets opnieuw doen en deed zelf ook nooit iets opnieuw. Maar als ik nu naar al die reportageprogramma's kijk, stel ik vast dat het helemaal anders is. Het is bijna fictie. Spannend om naar te kijken, maar je voelt dat het geregisseerd is. Gemanipuleerd. Als ik die programma's samen met de makers zou bekijken, zouden veel mensen door de mand vallen."

Paul Jambers. Beeld Koen Bauters

"Veel reportagemakers zijn geen journalisten. Ik was een journalist, de inhoud primeerde. Tegenwoordig is het allemaal storytelling. Op zich is dat niet verkeerd, maar storytelling gaat meestal samen met manipulatie. Bij mij was het rechttoe rechtaan. Enfin, dat was mijn streefdoel."

Ziet u iemand van de huidige generatie u benaderen?

"Ik denk niet dat iemand tevreden zou zijn als ik zeg dat hij of zij mij benadert. De meesten benadrukken dat ze me níét benaderen (lacht). Hoe vaak lees ik niet: 'Jambers, dat was sensatie, manipulatie. Wij zijn puurder.' Daar lach ik eens mee."

"Wie de job bij mij heeft geleerd, is natuurlijk Luk Alloo."

Luk Alloo is het prototype van de interviewer die de geïnterviewde vastpakt.

"Luk kan ergens binnenstappen, filmen, en als hij tien minuten later weer buitenkomt, heeft hij tien minuten televisie. Dat talent heb ik niet. Ik was ook niet zo amicaal, zo lijfelijk. Bij mij moest het spannend zijn, maar mijn getuigenissen moesten wel in grote mate overeenstemmen met wat je in de literatuur over het thema aantrof. Eén voorbeeld: ik had bij homotieners vastgesteld dat ze vaak aan zelfmoord dachten. De hele homowereld op zijn kop: 'Stigmatisering!' Maar wat bleek tien jaar later uit wetenschappelijk onderzoek? Veel homojongeren lopen met zelfmoordgedachten rond."

U was vaak te vroeg?

(schudt zijn hoofd) "Ik deed het vooral op een manier die men niet gewend was. Mijn reportages kun je vandaag nog altijd bekijken. Er werden natuurlijk heel wat ijzersterke reportages gemaakt in 'Panorama', maar sommige waren wel heel traag, met veel talking heads. Een aantal van die reportages kun je vandaag niet meer uitzitten. Ze zijn traag, saai – ik spreek het woord dan toch maar uit."

U hebt over alles verslag uitgebracht, behalve over politiek. Daar hebt u zich pas in de nadagen van uw carrière aan gewaagd.

"Ik heb veel politieke onderwerpen gebracht: sociale conflicten, bedrijfsbezettingen, stakingen, sluitingen."

Dat is niet de Wetstraat.

"Nee, dat is juist."

Hebt u het theater van de macht gemeden?

"Ik had snel door dat politici, die vaak geïnterviewd worden, op alles een antwoord hebben. Die kun je niet meer het achterste van hun tong laten zien."

Was u bang om vier jaar geleden aan 'Jambers in de politiek' te beginnen?

"Ik was benieuwd of mijn manier van werken ook zou aanslaan in de politiek. 'Kan ik u met de camera volgen?' heb ik aan politici gevraagd. Dat bleek min of meer mogelijk te zijn, maar sommige momenten kun je helaas niet vastleggen."

Welke momenten had u graag laten zien?

"Het eerste telefoontje tussen Bart De Wever en Kris Peeters na de verkiezingen, bijvoorbeeld. Ik was daar in de buurt. Maar de afspraak is: ik laat niet zien wat politici niet willen laten zien. Delicate gesprekken, discussies over voorakkoorden, overleg over strategieën. De politici dragen wel de hele tijd een zendertje op hun lichaam, maar hun klank wordt alleen opgenomen als de camera loopt. En de camera stopt als de politici daar uitdrukkelijk om vragen."

Dat veronderstelt een groot vertrouwen.

"Dat hebben politici, stel ik vast. Ze kennen me natuurlijk. Ik zeg tegen hen: 'Ik doe dit voor mijn plezier, doe het ook voor uw plezier.' En dat werkt."

"Ik draai nu zeven dagen per week, ik volg die mensen dag in, dag uit en ik kom steeds dichter bij hen. Ik wil hun persoonlijkheid vatten, wat heel moeilijk is. De visie van een politicus is niet noodzakelijk zijn persoonlijkheid. Bij de beste politici lopen ze wel in elkaar over."

Vloekt u niet, als journalist, wanneer u niet kunt berichten over dikke primeurs zoals voorakkoorden?

"Als dingen buiten mijn gezichtsveld gebeuren, wil ik het niet weten. Ik geef alleen wat ik gezien heb. Soms, als ik mensen in de verte geanimeerde gesprekken zie voeren, ben ik wel benieuwd: 'Wat zou daar aan de hand zijn?' Meestal is dat dan binnen de partij (lacht). Ik ben al blij dat ik kan filmen wat ik film. Ik dring niet door tot de ziel van elke politicus."

U hebt in de vorige reeks uit de mond van Bart De Wever vernomen dat hij 'geen talent voor geluk' heeft. Jubelt u vanbinnen om zo'n uitspraak?

"Dan denk ik: dit wil ik registreren."

Is De Wever op sommige momenten niet berekend?

"Dat vraag ik me niet af, anders zou ik niet kunnen werken. Ik probeer die mensen op hun gemak te stellen, ik laat hen doen. Ik zeg: 'Hoe eerlijker je bent, hoe beter je zult overkomen in dit programma.' Bart De Wever is daar, tot mijn tevredenheid, in meegegaan."

"Het gaat natuurlijk om momenten. Politici laten niet permanent in hun ziel kijken."

Is dat de essentie: tien seconden van loslippigheid?

"Ik wil iets tonen waardoor ik het politieke beest voor een deel kan verklaren. Ik wil natuurlijk ook een spannend programma maken. Mijn methode is simpel: als het saai wordt, cut. Dit programma zal nog sneller gemonteerd zijn dan het vorige."

Stockholmsyndroom

De vorige reeks had geen uitzonderlijke kijkcijfers.

"Toch wel, zeer goede kijkcijfers zelfs."

Iets meer dan vierhonderdduizend kijkers per aflevering. Dat is niet uitzonderlijk veel voor VTM.

"Ik haalde iedere avond meer dan de politieke debatten op de VRT. Voor VTM waren dat gewéldig goede cijfers. VTM is alleen geïnteresseerd in de cijfers voor de groep kijkers van 18 tot 54 jaar, dat is de doelgroep voor de adverteerders. (Zoekt het op) Hier heb ik het: de gemiddelde kijkdichtheid van 'Jambers in de politiek' bedroeg 491.530. Het marktaandeel in de doelgroep: 29,6 procent. Heel goed dus, zeker voor een politiek programma."

Paul Jambers. Beeld Koen Bauters

Waarom hebt u voor deze reeks Antwerpen als arena gekozen? De wedstrijd om de burgemeesterssjerp is al lang gelopen.

"Dat weet ik nog niet. Ik heb voor Antwerpen gekozen toen Kris Peeters besliste in Antwerpen op te komen. Ik dacht: dat wordt iets van nationaal belang. Alle kandidaten, behalve Jinnih Beels, zijn ook politieke toppers."

Volgt u ook radicaal-links en radicaal-rechts?

"Ik volg de zeven lijsttrekkers. Dat maakt het spannend: je moet ook wat spektakel hebben."

Dan zit u goed met Filip Dewinter.

"Ik heb al een spektakelstuk gehad, met de komst van Geert Wilders naar Antwerpen. In de flow van zo'n reeks is zoiets lekker meegenomen. Nu, er gebeurt ook heel veel: Bart De Wever luidt de noodklok over de handel in cocaïne, Philippe De Backer noemt Bart De Wever emotioneel ongeschikt voor het burgemeesterschap, een CD&V-kandidaat die wordt opgepakt voor heroïnesmokkel, elke dag is er nieuws. Deze week keek ik in de krant: op twee pagina's stonden vier stukken, alle vier over Antwerpen. Bij alle vier de gebeurtenissen was ik aanwezig. Dat is tof, toch? Ik sta er midden in!"

"(Ernstig) Eerlijk gezegd, ik was bang om eraan te beginnen. Om de één of andere reden werd de eerste draaidag altijd uitgesteld. Begin augustus ben ik zelfs nog even ziek geworden, heel vreemd. Op een bepaald moment heb ik echt getwijfeld: 'Zal ik dit nog wel kunnen?' Maar de spits is eraf, en ik ben opgetogen: de eerste draaidagen waren fantastisch."

De eeuwige onzekerheid van de maker?

"Onzekerheid is niet het juiste woord. Het maalde in mijn hoofd: 'Zullen ze goed meewerken?' Alles staat of valt met de mate waarin mensen willen meewerken."

De vorige keer is dat prima verlopen. U mocht zelfs Bart De Wever op vakantie bezoeken.

"Ik was zelf met vakantie. Ik dacht: ik bel hem en ik vraag het. Tot mijn verbazing kreeg ik groen licht. Ik heb mijn vakantie onderbroken, ik ben teruggevlogen en met de auto naar Zwitserland gereden. De Wever was ziek. Zijn gezin was aan het skiën, en hij zat alleen in de cafetaria van een skicentrum. Een droom! Ik had hem de hele dag voor mij alleen. Ik dacht: dit wordt iets speciaals."

"Het is een delicaat evenwicht. Mensen moeten meewerken, maar als journalist moet ik ook kritische vragen stellen."

U moet uw vragen goed timen.

"Hoe langer je samen bent, hoe meer je naar elkaar toe groeit. Ik zal het niet het stockholmsyndroom noemen, maar toch: je bent samen onderweg."

"De meesten vinden mij wel sympathiek, denk ik, je voelt dat. Ze vinden het leuk dat ik hen volg, omdat ik anders ben dan de meeste journalisten. Wij doen het samen. Als ze iets goed gedaan hebben, zeg ik dat ook: 'Schitterend!' Of: 'Tof!'" (maakt een gebaar met zijn omgedraaide hand, van onder naar boven)

U ziet ze dan groeien?

"Natuurlijk, het zijn ook mensen. Maar het is heel intens: ik film iedere dag, van 's morgens vroeg tot 's avonds laat. En elke avond brengen we een berg materiaal binnen bij Videohouse, waar drie monteurs permanent bezig zijn met de premontage. Het moet klaar zijn vóór de verkiezingen."

Is het een dure reeks?

"Niet duurder dan een doorsnee reportageprogramma van 50 minuten."

Ondanks al die mensen die erop zitten?

"Ik werk zuinig, hè, met een kleine ploeg die fulltime aan de slag is. Hoe meer mensen aan een programma werken, hoe minder interessant het wordt: iedereen wil zijn zegje hebben. Hier heb ik het voor het zeggen."

Heeft 'Jambers in de politiek' uw politieke inzicht veranderd?

(ontwijkend) "Het heeft mijn blik alleen maar verruimd."

Denkt u nu anders over politiek?

"Een mens evolueert altijd. (Herpakt zich) Uiteindelijk gaat het daar niet om. Ik heb programma's over van alles en nog wat gemaakt, mijn persoonlijke visie deed nooit ter zake."

U had in het verre verleden, als BRT-medewerker, een socialistische partijkaart. Maar laatst stond in 't Pallieterke dat u bent gesignaleerd op een vergadering van de Gravensteengroep.

"Klopt niet."

De Gentse theaterdirecteur Jo Decaluwe, die het manifest van de Gravensteengroep mee heeft geschreven, beweerde dat u daar was geweest.

"Bij het begin van de Gravensteengroep heeft Chris Michel, mijn voormalige medewerker, mij een keer gevraagd. Chris weet dat ik een voorstander ben van een verenigd Nederland en Vlaanderen. In zo'n land zouden veel politieke problemen opgelost zijn. Oké, dat is een utopie, maar het is een interessant denkspoor."

"Eén keer ben ik naar een vergadering geweest, een brainstorm over de mogelijkheid van een verenigd Nederland en Vlaanderen. Chris was daar, Ludo Abicht en ikzelf. Achteraf heeft men mij gevraagd om bij de groep aan te sluiten, maar dat heb ik geweigerd. De Gravensteengroep is een flamingantische organisatie, dat heeft niks te maken met mijn visie op Nederland en Vlaanderen."

"Ik ben daarna niet meer teruggekeerd. Ik doe niet aan politiek, ik zal me nooit politiek engageren, never."

Bent u voor de onafhankelijkheid van Vlaanderen?

"Mijn politieke overtuiging doet nul komma nul ter zake."

U bent een orangist, zei u net.

"Een versmelting van Vlaanderen en Nederland zou praktisch zijn: op elke ambassade zouden ze Nederlands spreken. Economisch heeft het ook alleen maar voordelen: kijk eens hoe goed Nederland het tegenwoordig doet, net als Vlaanderen trouwens. Maar ik ga me daar niet voor engageren – in de politiek is er geen orangistische partij. En 1585 (de Val van Antwerpen, red.) is lang geleden."

Zonder kroost

U zit nu in het epicentrum van de macht. Wat is voor u als programmamaker het dankbaarste thema om te verfilmen: macht, geld of seks?

"De grote thema's van het leven tref je aan in de grote romans: geluk, tegenslag en ziekte, rijkdom en armoede, zelfontplooiing. Al mijn programma's gaan over die thema's. Ik kan niet één thema afzonderen, het leven is niet eendimensionaal."

"Maar als je werkelijk naar de essentie zoekt, gaat het om voortplanting. De mens is er maar voor één ding: het in stand houden van de soort. Dan kom je uit bij verhalen over liefde, seks, kinderen, dood. Alleen, de Vlaming plant zich niet voort, of slechts in beperkte mate."

In welke reportage van u kwam het allemaal samen?

"In elke reportage zat wel iets van de grote thema's, maar die ene essentiële reportage heb ik niet gemaakt. Sommige onderwerpen waren ook onmogelijk te behandelen op mijn manier. Ik heb maandenlang met mijn researchers gezocht naar vrouwen die ongewenst zwanger waren en die wilden vertellen waarom ze voor abortus kozen. Niemand wilde getuigen. Het moesten ook herkenbare getuigen zijn, hè. Mensen wier gezicht niet gescrambled is. Het is niet makkelijk om zulke programma's te maken. Ik had tien mensen die fulltime goede getuigen opspoorden."

Die mensen werkten ook zeven dagen per week. Het was travakken bij Jambers.

"Het was heavy, in die tijd bestond het internet nog niet. Je kon niet via Facebook een oproep lanceren, zoals nu vaak gebeurt. Maar vergeet het, hè: getuigen die zichzelf aanmelden, zijn waardeloos. Alleen getuigen die je moet overtuigen, zijn interessant. Mijn researchers trokken drie à vier dagen op met potentiële getuigen om hen voor te bereiden op hun medewerking aan het programma."

Technische vraag: werden die researchers betaald per bruikbare getuige?

"Ze werden per maand betaald. Soms leverde twee maanden zoekwerk niets op. Dat kostte mij als werkgever: (rekent uit) twee maandsalarissen van 1.700 euro maal drie, zo'n 10.000 euro. Soms dacht ik: ik zou die getuigen beter gewoon 10.000 euro geven om mee te doen (lacht)."

U was snoeihard voor uw medewerkers, maar correct.

Jambers «De meeste medewerkers zijn vrienden geworden. (Wijst naar een foto aan de muur) Een foto van de dag van mijn huwelijk, in de suite liepen al mijn medewerkers in smoking. Had ik speciaal voor hen gehuurd (lacht). Het was een hechte groep, wij tegen de rest van de wereld. Op een bepaald moment stonden er vijf Harley Davidsons voor mijn kantoor. En die gasten droegen allemaal een leren jekker!"

Was het Jambers en Zonen?

"Jambers en co. Ik was een jaar of 45, zij waren vooraan in de 20. Maar ik kon nog wel mee, hè. Geen probleem. Je zag de kracht die uitgaat van een groep van wie de neuzen allemaal in dezelfde richting staan."

De richting van de patron.

"Degenen die niet meeliepen, gingen er onverbiddelijk uit. In een groep of een motorbende moet iedereen ook mee. En de president is de president. Maar ik was geen autoritaire leider: ik probeerde de mensen te overtuigen van mijn visie. Ik leidde hen op. Ik was een beetje een leraar, of liever: een coach."

"Ik merk dat veel oud-medewerkers nog altijd mijn visie uitdragen. In het televisiewereldje zijn de Jambers-boys een begrip. Ze waren ook gewild op de markt. Velen hebben mooie carrières gemaakt. Op een bepaald moment waren bijna alle programmadirecteurs gewezen medewerkers van mij."

Duivel naast Pascale

U verwees daarnet naar uw huwelijksdag. U hebt laatst uw trouwgeloften hernieuwd in Venetië. Wat was het idee daarachter?

"Zo'n 25 jaar geleden heb ik Pascale (Naessens, red.) ten huwelijk gevraagd na een reisje naar Venetië. Het leek me leuk eens terug te keren. Op de site van een evenementenbureau had ik gezien dat je in een gondel voor het San Marcoplein je trouwgeloften kon hernieuwen. Het was een tikje overdreven, je trouwgeloften in het Engels uitspreken, maar goed: als je het doet, moet je all the way gaan. Het was een mooi moment. Ik ontken niet dat het me heeft geraakt."

Uw vrouw is intussen minstens zo bekend als u.

"Dat weet ik niet. Ze is, net als ik, bekend om haar werk. En daar ben ik heel enthousiast over."

Had u haar potentieel gezien toen u iets met haar begon?

"Dat is langzaam gegroeid. Ze leeft 25 jaar samen met een man die een eigen visie heeft ontwikkeld. Dat is besmettelijk."

Is succes besmettelijk?

"Succes niet, passie. Ze heeft gezien dat ik werd verteerd door wat ik deed. En ze heeft zelf een passie ontwikkeld, voor gezonde voeding. Ze neemt deel aan het publieke debat daarover, zoals ik deelnam aan het publieke debat over televisie. De geschiedenis herhaalt zich in zekere zin."

Pascale Naessens en Paul Jambers. Beeld Koen Bauters

"Ik heb het zien ontstaan vanaf nul, met grote verwondering. Niet alleen omdat ze zo'n succes had, ook omdat ze de kracht had in moeilijke omstandigheden haar boodschap uit te dragen. Daar moet je het karakter voor hebben. Het is makkelijker te zeggen: 'Laat maar waaien.' Na haar carrière als televisieomroepster is ze met iets nieuws begonnen, waarin ze nog véél beter is. Hoeveel vrouwen slagen erin om na hun 40ste zichzelf heruit te vinden?"

"Nu ben ik even gefocust op mijn werk, maar anders ben ik dat op het hare. Het interesseert me allemaal."

U bent de eerstaanwezende medewerker van Pascale?

"De duivel-doet-al. Zij moet creatief zijn, ik steun haar in de praktische dingen: ik bestudeer contracten, ik maak filmpjes, ik redigeer teksten. Ik doe alles wat ik kan, zodat zij kan samenwerken met iemand in wie ze vertrouwen heeft."

"Daarnet zei u dat ik eenzaam was bij 'Panorama', zij werkt ook helemaal alleen. Zij heeft niet, zoals bekende koks, een brigade van medewerkers rond zich."

In 'Het huis' vertelde Pascale dat ze in het begin van jullie relatie ernstig overwogen had ermee op te houden. Ze kreeg te veel negatieve reacties omdat ze samen was met een 24 jaar oudere man.

"Dat was het allereerste begin. Haar omgeving, haar familie, had het niet op mij begrepen. Ik was een stukje ouder."

En u had de reputatie van een playboy.

"Niet overdrijven. Ik had al een leven achter de rug toen ik haar leerde kennen. Mijn medewerkers wisten wie ik was. Haar broer, Désiré, was één van hen. (Zucht) Wat moet ik daar meer over zeggen?"

Over uw privéleven bent u doorgaans erg gesloten, tenzij in uw biografie uit 2009, 'Ik heb het altijd gedaan', waarin u voor uw doen erg persoonlijk was. Vanwaar die behoefte?

"Om mijn geheugen vrij te maken. Vroeger lag ik weleens te piekeren over dingen die ik in het verleden had meegemaakt. Ballast in mijn kop, ik wilde daarvan af. Ik heb het voor mezelf geschreven – maar het is toegankelijk."

720 pagina's, een lage drempel is het niet.

"Ik dacht: ik ga het boek bewust wat te dik maken zodat het niet te toegankelijk is. Iemand die iets over mij wil weten, moet het doorploegen. Weinig mensen zullen die moeite doen, gelukkig maar."

"Ik ben nu ook bezig mijn volledige filmarchief te digitaliseren: alle programma's die ik ooit heb gemaakt, zullen met één klik te zien zijn."

Moet alles bewaard blijven voor de eeuwigheid?

"Als kind had ik al die verzamelwoede: ik heb een archief van kindertekeningen en -teksten. Ik heb altijd de noodzaak gevoeld mijn leven te documenteren. Niets is voorbij."

Hoe bedoelt u?

"Je verleden bepaalt je heden. Nu ben ik druk bezig met mijn programma over politiek, maar dat archief van mij zal geweldig zijn. Onmiddellijk toegankelijk, op mijn computer maar ook op mijn gsm. (Grijpt enthousiast naar mijn telefoon) Eén toets op zo'n ding en ik zie wat ik maar wil."

Het is wel míjn telefoon.

(onverstoorbaar) "Beelden van twintig jaar geleden, meteen binnen handbereik. Ongelofelijk! Het is simpel: ofwel maak je zo'n archief toegankelijk, ofwel gooi je het weg."

"Ik weet niet wat er na mijn dood van mijn werk zal resten. Zal het meteen weggekieperd worden? Of zal het bewaard worden omdat je ziet hoe mensen in de jaren 90 waren?"

In het begin van het gesprek zei u dat u graag een film had gemaakt. Wat voor soort film?

"Toen ik van de filmschool kwam, heb ik een beurs aangevraagd bij het Centro Sperimentale di Cinematografia in Rome. Ik dweepte met de grote Italiaanse filmmakers van toen: Fellini, Visconti, Antonioni. 'Blow-Up' was mijn lichtende voorbeeld. Ik heb ook een beurs gekregen, maar ik moest een jaar wachten voor ik in Rome werd toegelaten. En intussen moest ik naar het leger en overleven. Ik dacht: ik ga vlug wat bijverdienen op de televisie. En ik ben, spijtig genoeg, voor de televisie blijven werken."

Had u ook een 'Blow-Up' in uw mars?

"Dat weet ik niet."

Maar wat dénkt u?

"Ik kan daar niet op antwoorden. In elk geval: ik ben niet gefrustreerd omdat ik het niet heb gedaan. Ik heb me zo in mijn nieuwe rol ingeleefd dat ik mijn motto heb aangepast: de realiteit is béter dan de fictie. Maar als je jong bent, en afgestudeerd als filmstudent, is televisie het laagste van het laagste – zo diep wilde ik nooit vallen. Alleen, onze generatie kon de kost niet verdienen met films."

In uw roman 'De ontsporing' uit 2011 bent u behoorlijk kritisch voor uw generatie, de babyboomers. U hekelt hun chaotische liefdesleven. Gaat het ook over uzelf?

(knikt) "Mijn generatie heeft veel tamtam gemaakt. We zouden de lange mars door de instellingen houden en het systeem van binnenuit veranderen. Weinigen hebben dat gedaan. De generatie van mei '68 heeft, ondanks haar revolutionaire elan, weinig gerealiseerd. De seksuele revolutie, ja, die is gelukt. En de macht van de kerk is gebroken. Maar in dat boek reken ik vooral af met mijn eigen verleden. Ik dwing mezelf tot de conclusie: 'Het is niet altijd even fraai wat je hebt gedaan.' (Zucht) Vreselijk werk, romans schrijven. Slecht voor de rug."

Vroeger was u niet zo close met uw zoon. Nu is hij uw vaste cameraman. Probeert u dingen goed te maken?

"Ik heb jarenlang alleen geleefd, met enkele lange relaties tussendoor overigens. Maar op mijn 46ste, toen ik Pascale leerde kennen, dacht ik: ik ga de fouten uit het verleden niet herhalen, ik ga de liefde koesteren. Ik was vroeger een cynische man, met destructieve neigingen. Ik geloofde niet in de kracht van de liefde."

"Ik heb mijn zoon langzaam geïntroduceerd in mijn manier van werken. Ik heb geen regisseur nodig, die gast heeft alles gezien. En dat is zalig. Ik kan niet werken met een cameraman die niet hetzelfde oog heeft als ik. Een camera is het verlengde van mij."

Het lijkt me niet eenvoudig voor een zoon, in de schaduw van zijn vader gaan staan.

"Hij staat niet in mijn schaduw: zonder een cameraman ben ik niets. Ik ben niet verplicht 'Jambers in de politiek' te maken, zeker niet in financieel opzicht. Ik ben gek dat ik het doe. Ik doe het omdat ik het met hém kan maken. Hij is even belangrijk als ik."

Komen er binnenkort ook programma's van Jambers junior?

"Hij maakt al programma's."

Als reporter?

"Dat betwijfel ik. Hij is echt een man achter de camera."

Hij zal niet als een glamoureuze Bee Gee uit de wagen stappen in het regenachtige Spanje?

Misschien wel, maar dan zonder camera. Op dat vlak is hij straffer dan zijn vader (lacht)."

© Humo

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234