Dinsdag 15/10/2019

It's the politics, stupid

Waarom sommige landen welvarend zijn en andere niet Beeld UNKNOWN

Een belangrijk kenmerk van welvarende landen is de aanwezigheid van min of meer democratische instellingen, stellen Daron Acemoglu en James A. Robinson in hun boek 'Why Nations Fail'. Hans Muys legt waarom. Muys is oud-chef buitenland bij De Morgen en De Standaard en schrijft sinds 2003 recensies voor de boekenrubriek van De Morgen.

De westerse wereld wankelt. Maar zelfs in deze door hebzucht veroorzaakte crisistijd hebben de geplaagde Grieken en Spanjaarden het nog altijd minder slecht dan de inwoners van Somalië of Afghanistan. Want ondanks onze problemen gaapt er nog een diepe, groeiende kloof tussen arme en rijke landen.

Aan verklaringen geen gebrek. Het komt volgens Jared Diamond en Ian Morris door de geografie en het klimaat, waardoor in sommige streken de opkomst van landbouw en veeteelt mogelijk werd. De megatrendy historicus Niall Ferguson schrijft het toe aan de killer apps die het Westen ontwikkelde. Ook culturele factoren zoals de protestantse werkethiek waardoor 'wij' wel en anderen geen gebruikmaakten van technologische doorbraken, zijn al aangevoerd als redenen voor die Grote Kloof.

Niks van, schrijven topeconoom Daron Acemoglu en Harvard-politoloog James A. Robinson in hun Why Nations Fail. Dat sommige landen rijk zijn geworden en andere arm blijven, kan door geen van die genoemde theorieën echt worden verklaard. Want dat bijvoorbeeld de in de Amerikaanse staat Arizona gelegen helft van de stad Nogales zoveel welvarender is dan het aan de andere kant van de staatsgrens gelegen Mexicaanse stadsdeel kan toch moeilijk worden toegeschreven aan klimaat, ligging of culturele verschillen.

De 'oorsprong van macht, welvaart en armoede', zoals de ondertitel van hun boek luidt, ligt volgens de auteurs in die historisch gegroeide verschillen. Zo konden de Spaanse kolonisten in Mexico na de val van het Aztekenrijk een systeem van slavenarbeid opleggen, met één doel: het spijzen van de Spaanse schatkist. Het werd het model voor andere delen van Latijns-Amerika. Aan de andere kant van de Rio Grande troffen de Britse kolonisten geen hechte structuren met een dichte bevolking aan die ze konden misbruiken, zodat pogingen om het Spaanse voorbeeld te volgen tot mislukken waren gedoemd en Londen uiteindelijk noodgedwongen meer zeggenschap moest geven aan de eigen settlers. Zo ontstond in de ene helft van het continent een economisch en politiek systeem dat erop gericht was de elite te beschermen, terwijl in het noordelijke deel de bevolking mocht delen.

Alles draait volgens de auteurs namelijk om de structuren, om de instellingen, zowel economisch als politiek, want de synergie daartussen is cruciaal. Om de economie te doen groeien en bloeien zijn zaken nodig zoals eigendomsrechten, kansen voor (bijna) iedereen en de mogelijkheid tot wat Schumpeter 'creatieve vernietiging' noemde: het voortdurend vervangen van systemen, processen en technologieën door nieuw en beter. Maar die vernieuwers, uitvinders en investeerders moeten wel weten dat hun inspanningen niet zullen worden misbruikt door inhalige leiders, en voor die zekerheid zijn stabiele pluralistische en gecentraliseerde politieke instellingen nodig waar iedereen (een mate van) medezeggenschap heeft en waar dat centrale gezag voor rust en orde zorgt. Het zijn die 'inclusieve instellingen', zoals de auteurs dat noemen, die ze aantreffen in alle landen die zich welvarend mogen noemen.

Daartegenover staan de 'extractieve', zeg maar afdwingende instellingen, die het kenmerk zijn van falende naties. Daar is de macht in handen van een elite, die ervoor zorgt dat de economische opbrengst hoofdzakelijk een kleine minderheid te beurt valt en niet de meerderheid van de bevolking. En natuurlijk zijn die elites doodsbang voor creatieve vernietiging, omdat die tot onrust kan leiden.

Die extractieve instellingen leiden ook tot een democratisch deficit, en dat (niet de islam) verklaart de achterstand die de islamitische wereld heeft opgelopen. Wie wil zien waartoe het ontbreken van centraal gezag kan leiden, moet maar naar Afghanistan of Somalië kijken. Autoritair absolutisme en armoede, dat zijn de gevolgen van 'extractieve' instituties, zo tonen Acemoglu en Robinson aan.

Als zo'n systeem eenmaal stevig is geworteld, blijkt het moeilijk om de vicieuze cirkel in falende naties te doorbreken. En zelfs wanneer er een omwenteling komt, zoals na de aftocht van koloniale mogendheden of na het ten val brengen van een autoritair regime, wordt de oude elite meestal simpelweg vervangen door een nieuwe, die ook vooral voor zichzelf zorgt. Kijk naar postkoloniaal Afrika. Kijk naar de Egyptische verkiezingen. Een enkele keer werd de cirkel toch doorbroken. In Botswana bijvoorbeeld, dat het in vergelijkbare geografische en culturele omstandigheden zo veel beter doet dan talloze andere Afrikaanse landen. Ook Brazilië wordt geprezen voor de brede basis waarop de voorbije decennia een nieuwe samenleving werd gebouwd. Bij het Chinese succesverhaal zetten de auteurs grote vraagtekens omdat dat land een inclusieve economie probeert te koppelen aan een extractief politiek systeem en zij ervan overtuigd zijn dat 'autoritaire' economische groei gewoon niet duurzaam kan zijn, zoals ook in wijlen de Sovjet-Unie bleek.

Why Nations Fail is het resultaat van jaren onderzoek, bestrijkt een breed spectrum en leest nog vlot ook. Geen wonder dat het lofzangen op dit boek regent. Terecht. Maar hoewel een aantal gangbare theorieën over de oorzaken van de ongelijkheid in de wereld hier met verve worden ontkracht, begint de eigen stelling van Acemoglu en Robinson nu ook barsten te vertonen. Want de snelheid waarmee binnen de kapitalistische westerse wereld de jongste tijd de kloof tussen arm en rijk is vergroot, en de wantoestanden in de financiële wereld die ons in deze recessie stortten, zijn bepaald geen voorbeeld van economische inclusiviteit. En dat de op papier nog altijd inclusieve politieke instellingen geen antwoord hebben op de daardoor veroorzaakte crisis is ook pijnlijk duidelijk. Why Nations Fail legt overtuigend uit wat er nodig was om welvarend te worden. Het wachten is nu op een aanvullende analyse over de manier waarop die welvaart en de instellingen die daarvoor zorgden en die nu op de tocht staan, verdedigd kunnen worden.

Daron Acemoglu & James A. Robinson, Why Nations Fail, Profile Books, 529 p.

Beeld UNKNOWN
 
Vernieuwing vergt gecentraliseerde politieke instellingen met een mate van medezeggenschap. Het zijn die 'inclusieve instellingen' die aanwezig zijn in alle landen die zich welvarend mogen noemen
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234