Dinsdag 15/10/2019

Interview

"Ik zie schrijven toch vooral als een avontuur"

Nina Weijers. Beeld Karoly Effenberger

Weinig debutanten zijn met zo veel egards in de Nederlandse letteren onthaald als Niña Weijers (1987). Met een nominatie voor zowel Gouden Boekenuil als Libris in de koffer zakt de schrijfster dit weekend af naar het Passa Porta Festival in Brussel. Een gesprek over kitsch, macho's en kunst.

Je kunt slechts bezwaarlijk beweren dat Niña Weijers haar entree in de literatuur heeft gemist. Met haar roman De consequenties sleepte ze, in het spoor van kanonnen als A.F.Th. van der Heijden, Arnon Grunberg en Peter Buwalda, de Anton Wachterprijs 2014 voor het beste Nederlandstalige debuut in de wacht.

Mooi, maar het werd nog veel mooier. In februari kwam er een nominatie voor de Gouden Boekenuil bij, begin deze maand kwam het bericht dat haar debuut ook de shortlist van de Libris had gehaald. Geen enkele schrijver kreeg dit jaar zo veel eerbewijs, laat staan dat het te beurt viel aan een debutant.

Je zou bijgevolg kunnen verwachten dat Niña Weijers onze plaats van afspraak, het café van NRC Handelsblad in Amsterdam, binnen komt zweven. Maar niet dus.

Niña Weijers stapt het café gewoon binnen, en ook in de loop van het gesprek komen de voetjes slechts zelden van de grond.

De eerste vraag - "hoe voelt het om op deze manier te debuteren?" - beantwoordt ze door te zeggen dat al die lof haar ook wel wat angstig maakt. "Ik ben nog altijd bang dat ik met dit boek ontmaskerd zal worden."

Ontmaskerd als wat?
"Als een charlatan. Iemand die voorwendt dat ze met the real thing bezig is, maar eigenlijk kitsch produceert. Het rare is dat die nominaties de onzekerheid net versterken. Plots sta je in het middelpunt van de belangstelling, en besef je dat nog veel meer mensen je boek gaan lezen. Het maakt de kans op je ontmaskering als charlatan natuurlijk alleen nog maar groter."

"Zo'n entree heeft ook iets heel dubbels. Schrijven doe je in de luwte, uiteraard in de hoop dat mensen straks je boek gaan lezen en waarderen. Maar eens je uit die luwte bent getreden, sta je in de spotlights en ga je automatisch weer naar de veilige luwte van de schrijftafel verlangen."

"Nu, ik ga er niet over zeuren. Natuurlijk is al die waardering geweldig. En misschien wel het belangrijkste: het boek is er. Het is een legitimering van wat ik de afgelopen jaren in die luwte heb gedaan." Wat anderen ervan vinden - de kunstkritiek dus - is een belangrijk thema in je boek. Minnie, je hoofdpersonage, is beeldend kunstenaar. Ze staat ervan te kijken wat er over haar werk allemaal geschreven wordt.

Nina Weijers. Beeld Karoly Effenberger

"Dat is op zich natuurlijk wel grappig: ze beschrijft een bevreemding die ik nu zelf ook vaak beleef. In de besprekingen van mijn boek lees ik dingen waar ik tijdens het schrijven zelf nooit aan heb gedacht. Meestal vind ik dat wel fijn. Het overkomt me ook als ik ga spreken voor leesclubs, voor mensen die geen beroepslezers zijn. Iemand vertelde me onlangs dat ik in mijn boek vorm had gegeven aan Die ewige Wiederkehr des Gleichen van Nietzsche. Achteraf bekeken had ze een punt, maar dat is echt niet de bedoeling geweest."

"Ik zie die veelvoud aan reacties als een compliment. Het wil zeggen dat ik een open boek heb geschreven. Een boek met veel haakjes, waar heel verschillende mensen om verschillende redenen hun eigen interpretatie aan kunnen hangen."

Je boek is nogal on-Hollands. Er staat hier en daar een stevige volzin in, en niet alles wat er gebeurt, is nuchter te verklaren.
"Ze hebben me weleens gezegd dat dat van lef getuigt. Misschien is dat wel zo, maar ik heb het zelf niet zo ervaren. Om het met een cliché te zeggen: het boek heeft zich op deze manier aan mij aangediend.

"In de jaren die aan dit boek voorafgingen, heb ik, om het vak te leren, heel veel Nederlandse literatuur gelezen. Het viel me op dat dat vaak kortezinnenproza was. Grunberg achterna. Het is ook dikwijls heel erg op de vierkante centimeter. Van de grote thema's blijven ze meestal af. Automatisch ga je dan ook zelf denken dat het zo moet. Onbewust ging ik dat toch imiteren. Alleen: het lag me niet. Mijn ogen zijn opengegaan toen ik Rituelen las, de roman van Cees Nooteboom. Dat boek was een soort bevrijding voor me. Ik heb het ook regelmatig opengeslagen toen ik aan De consequenties aan het schrijven was."

Om een wat ongewoon gegeven uit je boek te noemen: je hoofdpersonage kon als baby niet huilen. Dat lukte haar pas toen ze, een half jaar oud, muziek hoorde van de Duitse mystica Hildegard van Bingen. Zoiets verzin je niet als je zelf geen fascinatie hebt voor het mystieke.
"Die fascinatie had ik al als kind. Mijn ouders zijn beiden overtuigde atheïsten, die zich actief uit de kerk hebben uitgeschreven. Ze hebben helemaal niks met religie, maar dat kon niet verhinderen dat ik als kind religieuze neigingen ging ontwikkelen. Ik maakte me ook echt zorgen over mijn ouders. In mijn bed lag ik soms stilletjes voor hen te bidden, uit schrik dat ze niet in de hemel zouden komen."

"Toen ik zestien werd, heb ik mijn oma om de nieuwe Bijbelvertaling gevraagd. Omdat het me echt interesseerde. Later, toen ik studeerde, ben ik veel vakken over de islam gaan volgen. Religie, rituelen, mystiek, het interesseert me allemaal bovenmatig, ook vandaag nog."

"Hier in het Westen leven we in überrationele tijden. Of toch, dat denken we. Want de hang naar mystiek en ritueel is zeker niet weg. In mijn boek heb ik het even over die Rituals-producten, cosmetica die je een soort oosterse rust belooft en buitengewoon populair is in Nederland. Ik vind het een intrigerende kwestie. Wat heeft die populariteit te betekenen? Dat de hang naar rituelen niet uit te roeien is, misschien?

"Zelf sta ik er heel ambigu tegenover. Ik sta open voor mystiek en rituelen, maar tegelijk ben ik natuurlijk ook een kind van mijn generatie, en kan ik er onmogelijk zonder scepsis en ironie naar kijken. Je hoort vandaag weleens zeggen dat we de ironie voorbij moeten, maar dat gaat natuurlijk niet meer. Helemaal oprecht, niet-ironisch naar de wereld kijken, lukt ons niet meer. En ik zou het ook niet willen. Het zou geveinsd naïef zijn, en dat is een kwalijke zaak. Veel dingen in de wereld zijn wrang en ironisch, per definitie, en het is belangrijk dat te onderkennen. Ironie sluit oprechtheid bovendien niet uit. Ik heb in mijn boek geprobeerd de twee samen te laten gaan. Ik hoop dat ik daar een paar keer in ben geslaagd."

Beeld Karoly Effenberger

In je boek gebeuren dingen die niet rationeel te verklaren zijn. Je beweegt je zo op glad ijs.
"Dat is waar. In een recensie van De Standaard stond dat ik een samenhang suggereerde tussen beelden en gebeurtenissen die geen logische samenhang hebben. Misschien was dat bedoeld als kritiek, maar ik heb het niet zo gelezen. Schrijven is voor mij: verbanden aanbrengen, zonder dat die per se helemaal logisch te verklaren zijn."

"Ik ben geen schrijver die vertrekt vanuit een vooropgezet plan of schema. Ik zie schrijven als een avontuur. Ik begin eraan, sla onderweg wegen of straatjes in, uit nieuwsgierigheid, en zonder op voorhand te weten waarheen die zullen leiden. Dat vind ik spannend. Al is het tegelijk ook inefficiënt. Want ik kom natuurlijk ook weleens in een doodlopende straat terecht. Ik weet onderweg ook nooit of het wat zal worden."

Mythologisering

Niña Weijers is ook al enige tijd columniste voor het Nederlandse blad De Groene Amsterdammer. In een van haar stukjes schreef ze over het optreden van vakbroeder David Van Reybrouck in het vermaarde tv-programma Zomergasten. Het hier geëtaleerde "kwijlen" op de mythe van het kunstenaarschap had haar duidelijk geïrriteerd. Het zou, zo schreef ze, "een verademing zijn als kunstenaarschap het kan stellen met wat minder (zelf)mythologisering".

Tot een vete heeft het pittige stukje niet geleid. "Gelukkig kon hij er zelf om lachen", zegt Weijers. "David vertelde me dat hij het er met zijn vriendin over had gehad. (lacht) 'Ze heeft een punt', zei ze tegen hem."

Het is wel vreemd dat uitgerekend de schrijfster van De consequenties die kritiek geeft. De kunstenaars die je er opvoert, hebben niet echt nuchtere opvattingen over kunstenaarschap.
"Misschien is het dat ik niet goed tegen al die mooie, hoogdravende praatjes kan? (lacht) Praatjes zoals ik die nu tegenover jou aan het verkopen ben. Nu, in het geval van die Zomergasten had het ook wel te maken met de misogyne opvatting van het kunstenaarschap die daar zo luid en enthousiast werd gepropageerd. De ideale kunstenaar, dat is in de ogen van David Van Reybrouck iemand als Sam Dillemans, iemand die zijn hele leven en lijf aan de kunst offert. (draait met de ogen) Dat is zo... macho."

Hoezo macho?
"Dat is toch evident? Schrijvers of kunstenaars moeten volgens deze opvatting viriel zijn. Het zijn boksers, jagers, echte kerels die er idealiter ook een schare minnaressen op na houden. Het is een ideaalbeeld dat al eeuwen wordt gereproduceerd, en dat nooit echt is bijgesteld. Met als gevolg dat de kunstwereld nog altijd door mannen wordt gedomineerd.

"Na mijn column over David werd ik ervan beschuldigd dat ik het kunstenaarschap te plat had voorgesteld. Alsof kunstenaar een beroep is als een ander. Persoonlijk zie ik dat helemaal niet zo. Schrijven is, behalve een beroep, ook een wezenlijk onderdeel van mezelf. Het was niet mijn bedoeling het te ontmaskeren of zo. Ik wilde alleen maar de bestaande clichés over dat kunstenaarschap bevragen."

In De consequenties parodieer je op een gegeven ogenblik de kunstkritiek, een genre dat als geen ander dure woorden lijkt aan te trekken.
"Voor een deel heeft dat hermetische natuurlijk te maken met de beeldende kunst zelf. Beeldende kunst kan echt alles zijn vandaag. Ik denk dat het veel zou helpen als er op een heldere manier over gepraat en geschreven zou worden. Maar blijkbaar is dat not done, een beetje viezig zelfs. Dat is jammer, want ik merk zelf dat een beetje uitleg bij een werk de ervaring soms oneindig veel dieper kan maken. Ik bedoel: ik wil gerust een paar uur in een museum staan kijken naar een blaadje papier tegen de wand, maar als niemand me helpt om het te begrijpen, vind ik dat toch vooral tijdverspilling."

Beeld Karoly Effenberger

"Aan de andere kant - en ik besef dat ik nu niet helemaal consequent ga klinken - vind ik ook dat mensen niet alles in één keer moeten hoeven te begrijpen, en ook niet alles helemaal uitgelegd moet kunnen worden. Een paar dagen geleden was ik bij de Open Studio's van de Van Eyck Academie in Maastricht, een postacademisch instituut waar jonge kunstenaars vrij werk mogen maken. Ik zag er een jonge kunstenaar die zich, in het kader van zijn eindpresentatie, in een twee meter diep gat in de grond had ingegraven. Daar is hij, onder toezicht van twee dokters, drie uur in gaan liggen. Ademen kon hij alleen nog door een buisje. Ik vond het een beklemmend schouwspel. Op een manier zelfs briljant. Maar wat betekende het? Daar had ik geen eenduidig antwoord op nodig."

Je leven op het spel zetten, in naam van de kunst. Het is precies wat je hoofdpersonage en haar fotograaf in De consequenties doen. "Juist. Al besluit de fotograaf om ermee te kappen als hij beseft dat hij hun gezamenlijk project - de kunst - boven het leven heeft geplaatst. Hij staat Minnie te fotograferen terwijl ze verdrinkt, in plaats van haar te redden. Dat neemt hij zich heel erg kwalijk. En terecht, denk ik. Ook en zelfs in deze tijden zijn niet alle waarden relatief. In die zin ben ik het met schrijver Joost de Vries eens dat ironische distantie nooit een levenshouding kan zijn."

Wat betekent het schrijverschap voor jou?
"Nogal veel. Voor mij is het de enige manier waarop ik toch minstens het idee kan hebben dat ik iets zinvols met mijn leven doe. Ik zou niet zo goed weten op welke andere manier dat zou kunnen."

"Ik heb ook even een academische carrière geambieerd, maar literair schrijven ligt me denk ik toch een stuk beter. Uiteindelijk is het verschil niet oneindig groot. In de twee gevallen gaat het over onderzoek. Alleen is de roman een vrijere vorm van onderzoek. Wat niet wil zeggen dat het vrijblijvend mag zijn. Schrijven valt voor mij samen met denken. Precies schrijven, dwingt je ook tot precieze gedachten."

"Als kind al had ik het gevoel dat schrijven de manier was waarop ik mezelf het best kon uiten. Ik was een tamelijk schuchter kind. Ik vond het wonderlijk om te zien hoe makkelijk de andere kinderen in contact kwamen met elkaar. Bij mij ging dat moeilijker. Schrijven ging me een stuk beter af. Op schrift was ik scherper, puntiger, grappiger. Ik kon er mezelf preciezer uitdrukken. Dat is overigens nog altijd zo. Ik ben nergens zo mezelf als in het schrijven."

"Nee, De consequenties is geen autobiografisch boek. Ik heb mezelf eruit weg geschreven. Maar tegelijk toont het boek meer over mezelf dan om het even welk biografisch feit."

Niña Weijers is op zondag 29 maart om 16 uur aan het woord in de Zilveren Zaal van de Beursschouwburg, samen met Peter Terrin en Ann De Craemer.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234