Vrijdag 24/05/2019

Interview Terug naar Rwanda

‘Ik wil de moordenaars van m’n vader zeggen: wij zijn er nog’

Cameraman Ken Kamanayo en Laura Uwase werkten mee aan ‘Terug naar Rwanda’. Tijdens de reeks werden ze ook met hun persoonlijke verhalen over de genocide geconfronteerd. Beeld Eric de Mildt

Aan de aangrijpende Canvas-reeks Terug naar Rwanda, die dinsdagavond ten einde loopt, werkte genocide-overlevende Laura Uwase (29) mee. Ook cameraman Ken Kamanayo (40) verloor 25 jaar geleden verre familieleden. ‘In Rwanda is iedereen Rwandees; België stopt ons nu nog in kampen, Hutu of Tutsi. Dat is zo fout.’

“Voor mij was deze reeks een beetje een persoonlijke zoektocht die ik ben aangegaan. Vijfentwintig jaar na een genocide lijkt lang, maar is dat niet. Als overlevende is het alsof het gisteren was. In het begin lag de prioriteit bij iedereen op overleven, nu pas ontstaat bij de rescapés de nood om er over te gaan praten. Voor ons begint het vertellen van de verhalen nog maar. Dit is geen eindpunt.”

Laura Uwase vertelt hoe ze nog maar vier was toen de volkerenmoord in Rwanda in april 1994 losbarstte. Haar vader liet er het leven. Dankzij de koelbloedigheid van haar moeder kon ze samen met haar broer en zus ontsnappen naar België. Dankzij Uwase vonden de programmamakers van Terug naar Rwanda, dat de menselijke kant van de genocide belicht, ingang bij de Rwandese diaspora in België.

Gefilmd werden de getuigenissen door Antwerpenaar Ken Kamanayo, die als cameraman in de voetsporen trad van zijn vader Georges, die vroeger voor Panorama filmde maar nu terug in Rwanda woont. Ook Kamanayo heeft weet van verre neven en ooms van zijn vader die in de genocide omkwamen.

“Een verhaal filmen waar je zelf bij betrokken bent, is niet altijd makkelijk”, zegt hij. “Er zijn momenten dat ik het echt moeilijk kreeg, dat ik met de tranen in mijn ogen stond te draaien. Zo krijg ik telkens een krop in de keel als ik het genocidemuseum in Kigali bezoek. Nu moest ik er op onze eerste draaidag filmen, en toch even pauzeren... Efkes de camera neerzetten, naar buiten gaan... Die eerste dag moesten alle emoties er even uit. Daarna ging het filmen weer, al waren er nog veel emotionele momenten, maar dan leef je je zo in het verhaal in dat je wil blijven luisteren en wéten: waarom?”

Uwase valt hem bij. “Je moet er de menselijke waarheid durven onder ogen zien, je hebt geen keuze hè. Ik had ook lastige momenten natuurlijk, zoals het bezoek aan kerken waarin tijdens de genocide veel mensen zijn omgebracht... De ouders van mijn moeder zijn ook in een kerk vermoord...”

Ken Kamanayo wijst er op dat veel kerken waar bloed vloeide, al terug in gebruik zijn genomen. “Dat geeft hoop. Kijk, life goes on. Elke keer als je naar Rwanda teruggaat, zie je de verandering. Je voelt dat het land vooruitgaat. Daarom vind ik de verwerking elke keer makkelijker. De mensen blijven ginds niét in het verleden steken.”

‘Geen beesten, ook mensen’

De grootste verzoening merkten ze in Rwanda in het straatbeeld. “Die scheiding tussen bevolkingsgroepen, die eigenlijk al artificieel was, die is er gewoon niet meer”, zegt Kamanayo. “Rwandezen zijn nu Rwandezen, en niet langer Hutu’s en Tutsi’s. Als je daar die woorden uitspreekt, zal je vandaag op de vingers worden getikt.”

Opmerkelijk: in België en Europa daarentegen zijn we nog níét zo ver. “Wat ik hier heel hard merk, is dat er hier nog steeds een heel extreem gepolariseerd denken heerst, terwijl de mensen in Rwanda veel verzoenender zijn”, zegt Ken. “Hier moeten Rwandezen nog altijd in een kamp gestoken worden. Dat is zo fout. Dan denk ik, allez mannen, ga daar toch gewoon eens kijken en luisteren.”

Laura Uwase: “In Rwanda móét je ook wel met elkaar samenleven, in België is er de ruimte om in je bubble te blijven als je wil. In onze laatste aflevering hebben we daarom twee mensen die vroeger elk tot een kamp behoorden samengebracht en tonen we dat het loont om uit de polarisering te stappen en je geest te openen.”

Kamanayo zag deze menselijkheid ook tijdens het filmen in Rwandese gevangenissen. “Met de gedetineerden die ooit deel uitmaakten van de moordmachine wordt daar nu gepraat in het teken van verzoening. Ze bleken geen beesten, ze waren ook mensen.”

‘Nee, ze zijn niet geslaagd in hun opzet’

Toch is dat pad naar verzoening soms bikkelhard. Zo filmden ze in een gevangenis hoe overlevende Régine de moordenaars van haar kleine zusjes en broers confronteerde met hun vreselijke misdaad. Of ook Uwase nu de moordenaars van haar vader wil zoeken en confronteren?

“Ik ken namen van daders, want er zijn rapporten die ik heb kunnen inkijken”, zegt ze, eerst aarzelend, maar dan beslist: “Ik denk wel dat ik ze ooit ga opzoeken. Nu ben ik er misschien nog niet klaar voor. Gewoon iemand vermoorden is al zo erg. De manier waarop dat in Rwanda gebeurde was zo gruwelijk... met machetes, of verbrand, of in rivieren gegooid... Dat is iets wat ik wil begrijpen, waarom het op díé manier moest. 

“Wist je dat er mensen waren die betaald hebben om doodgeschoten te worden? Dat was het beste alternatief op dat moment. Om maar te zeggen hoe gruwelijk dat was. Ik probeer het nog altijd te vatten hoe je dat als mens kan doen. Daar kwam nog eens bij dat ook hun huizen werden leeggeroofd en hun foto’s werden verbrand, alsof ze wilden tonen dat die mensen niet echt hadden bestaan. Dat is het wezen van genocides ook, mensen uitwissen... Daarom zou ik de moordenaars van mijn vader graag in de ogen kijken, om te tonen dat we er wél nog zijn, dat we sterk zijn en vooruitgaan. Nee, ze zijn niet geslaagd in hun opzet.”

Laura Uwase: ‘Over de ultieme verantwoordelijkheid moeten ook anderen in België leren praten. En dat doen we hier nog steeds niet.’ Beeld Eric de Mildt

Don Bosco, het ‘Belgische Srebrenica’

Waar Rwanda de menselijkheid stilaan laat zegevieren op de krankzinnige waanzin van de genocide, doet België dat volgens beiden nog te schoorvoetend. Laura Uwase wijst op ons onverwerkt verleden in de technische school ETO-Don Bosco in Kigali. Belgische blauwhelmen kregen daar in april 1994 met hun eenheid het bevel vanuit Brussel om spoorslags te vertrekken. Ze lieten er 3.000 vluchtelingen achter, waarna de meesten zijn vermoord door de Interahamwé-milities.

Het is veelzeggend dat de documentairemakers van productiehuis De chinezen als eersten overlevers, de jeugdvriendinnen Appoline en Yvonne, confronteerden met twee Belgische ex-blauwhelmen, Pascal en Dominique.

Uwase: “Al deze supermooie, moedige, mensen zaten in een absurde realiteit van iets wat ze niet in de hand hadden, maar over de ultieme verantwoordelijkheid moeten ook anderen in België leren praten. En dat doen we hier nog steeds niet. Toen ik er met mijn Belgische vrienden over sprak, had tot mijn verbazing niemand over het Don Bosco-drama gehoord. Over Srebrenica (waar de Nederlandse blauwhelmen in 1995 een vijfduizendtal Bosnische moslimmannen achterlieten die door de Serviërs werden vermoord, red.) weten we intussen alles, terwijl we over dit ‘Belgische Srebrenica’ in Rwanda er vooral het zwijgen toe doen... Onbegrijpelijk. We zouden moeten durven zeggen: we waren daar, en er zijn mensen gestorven als een direct gevolg van ons vertrek.”

Kamanayo vindt dat het tijd is dat de ministers van toen open kaart spelen. “Dan denk ik vooral aan toenmalig buitenlandminister Willy Claes, die namens de regering de blauwhelmen terugtrok en die we daarover nooit horen.”

“Het grote probleem is dat alle betrokkenen altijd ‘naar boven’ wijzen, de hiërarchie, maar voor mij is het heel simpel”, zegt Ken. “Dit is een menselijk verhaal. Als er mensen in levensgevaar zijn, is het een menselijke plicht om een medemens te helpen. En dat hebben ze gewoon niet gedaan. Ze verschuilden zich achter een militair schild. Dat is heel spijtig.”

‘Rwandese diaspora is een brug’

Het verhaal dat de afstand tussen Rwanda en België te groot is om dit debat volwaardig te voeren, heeft de reeks weerlegd.

In België woont en werkt een Rwandese diaspora, onder wie Laura Uwase en Ken Kamanayo, die in de twee landen thuis zijn en open staan voor moeilijke gesprekken over ons verleden om het heden makkelijker te maken.

“De eerste aflevering werd zelfs enkel gemaakt door Rwandese Belgen en Rwandezen”, zegt Uwase. “Dat maakt me trots.”

“Wij zijn de toekomst ook, want wij vormen de brug tussen Europa en Afrika, dat meer en meer van belang zal worden”, zegt Ken. “Er worden stappen gezet, kijk naar premier Michels recente excuses aan koloniale métissen zoals mijn vader. We moeten onze eigen geschiedenis in de ogen durven kijken, ook over de genocide. Praat er gewoon over met de Afrikanen hier, niet vanuit het koloniale verleden, maar als evenwaardige partners.”

‘Terug naar Rwanda’ is een productie van ‘De chinezen’.

Dinsdag om 21.20 uur op Canvas: ‘De lange weg naar de verzoening’.

Alle vijf afleveringen zijn nog te zien op VRT NU.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.