Zaterdag 31/07/2021

InterviewVeerle Dobbelaere

‘‘Ik denk dus ik ben’ is al lang achterhaald. Ons brein is een heel belangrijk orgaan, maar niet hét orgaan’

‘We zijn geboren om via verhalen onze emoties te verwerken en door te geven. Cultuur is van levensbelang.’ Beeld Diego Franssens
‘We zijn geboren om via verhalen onze emoties te verwerken en door te geven. Cultuur is van levensbelang.’Beeld Diego Franssens

Veerle Dobbelaere is nog altijd de ‘HUMO!!!’ roepende stem in de radiospots, maar verder is weinig nog wat het was: de actrice, vandaag te zien in de heruitzendingen van Recht op recht, staat nog maar zelden voor de camera of op de planken. Dobbelaere vult haar agenda dezer dagen vooral als mental coach en dat doet ze met minstens zoveel overtuiging en passie als acteren, zo blijkt.

Veerle Dobbelaere: “En mijn passie voor het acteren was al zo groot! (lacht) Ik trok naar Studio Herman Teirlinck in 1986, in ‘onverdachte’ tijden: VTM bestond niet, je ging voor acteur studeren vanuit een roeping, omdat je een verhaal wilde vertellen en mensen raken. Dat doe ik nog steeds graag, op de set voel ik me als een vis in het water. Maar er kwam een moment waarop ik dacht: is dit alles?

“Hoe gedragen mensen zich, waarom doen we wat we doen, waarom maken we fouten, opnieuw en opnieuw? Dat boeit me mateloos, daar wilde ik mee verder. Ik ben dus opnieuw gaan studeren en haalde mijn diploma van mental coach in 2009. Intussen heb ik mijn eigen Ademruimte Academie, waar ik live en online begeleiding aanbied.”

Wat is het verschil tussen een mental coach en een psycholoog?

Dobbelaere: “Als coach behandel je geen mensen met een bepaalde pathologie. Verder is er veel overlap. Ook wij kijken naar het verleden om patronen te herkennen en daarmee aan de slag te gaan. Een simpel voorbeeld: wij zitten hier nu aan het raam. Het regent. Misschien word ik daar blij van, en jij onrustig. Hoe kan dat? Omdat het geluid van de regen mij doet denken aan de gezellige namiddagen vroeger met mijn bobonneke, en jou aan de keren dat je op school buiten op straf moest staan.

“Eenvoudig gezegd help ik mensen om ‘beter’ te denken, om te denken op een manier die beter past bij het leven dat ze willen leiden. Zodat ze gelukkiger en luchtiger in het leven staan.”

Worstelen mensen met andere vragen sinds de coronacrisis?

Dobbelaere (knikt): “Mensen zijn bang. Daar willen ze mee leren omgaan, want angst en geluk zijn moeilijk te combineren. Ik krijg ook veel aanvragen van bedrijven die willen waken over het welzijn van hun medewerkers, nu iedereen van thuis uit moet werken en de sociale verbinding wegvalt. Slim, want de crisis duurt al lang, en wat er op ons afkomt, gaat ook nog pittig zijn. Het mentaal welzijn van de Belgen is niet goed, dat blijkt uit verscheidene onderzoeken, en gaat nog achteruit.”

Door corona?

Dobbelaere: “Ja, 100 procent. We zijn als mens niet gemaakt om met verandering om te gaan. We zijn heel conservatief, voelen een grote weerstand tegenover alles wat ‘anders’ is, en de pandemie heeft net voor enorm veel verandering gezorgd. Dat geeft stress, nu al maanden aan een stuk. En chronische stress maakt ziek, dat weten we al langer.”

Weegt die angst voor verandering zwaarder dan het sociale isolement, het feit dat we onze vrienden en familie zo lang hebben moeten missen?

Dobbelaere: “In de eerste lockdown wel. Toen zat iedereen met de vraag: hoe gaan we dit doen, zal mijn leven ooit weer worden zoals vroeger? Vanaf de tweede lockdown begon dat sociale gemis te wegen. We kwamen uit een zomer met versoepelingen. We mochten elkaar weer zien, maar één na één gingen de deuren weer dicht. Het werd duidelijk dat we kerst zonder de familie zouden moeten vieren. Dat was zwaar.

“Mensen zijn groepsdieren, hè. De aanwezigheid van anderen zorgt ervoor dat we bepaalde hormonen aanmaken, waaronder oxytocine, het zogenaamde gelukshormoon. Je hoeft niet eens te communiceren, gewoon dát er iemand in dezelfde ruimte is, is al voldoende om je gelukkiger te voelen.

“Nu, alles is natuurlijk persoonlijk. Ik noem de pandemie een vergrootglas. Mensen die van nature bang zijn, zijn nog banger geworden. Mensen die wantrouwig zijn, nog wantrouwiger. Het omgekeerde zie je ook: mensen die van nature optimistisch zijn, hebben veel vertrouwen. Zij zijn ervan overtuigd dat alles goed komt.”

Hoe komt dat?

Dobbelaere: “De pandemie beheerst ons leven, zonder dat we er zelf vat op hebben. Mensen voelen zich in een hoek gedreven. Dat triggert onze overlevingsstrategie, die we onbewust hebben ontwikkeld om met moeilijke omstandigheden om te gaan. En die trigger was er niet één keer, maar máánden aan een stuk. Daardoor is onze reactie extreem. Vandaar ook de polarisatie in de maatschappij. Mensen gaan in de uiterste hoeken van de kamer staan. Ze komen recht tegenover elkaar: de pessimist tegenover de optimist, degene die nood heeft aan regeltjes en structuur tegenover degene die vrijheid wil en autonoom wil beslissen. Het midden is zoek, er zijn geen grijze zones meer.”

‘Ik heb mooie herinneringen aan veel rollen, maar acteren hoeft niet meer het grootste stuk van mijn agenda in te nemen.’ Beeld Diego Franssens
‘Ik heb mooie herinneringen aan veel rollen, maar acteren hoeft niet meer het grootste stuk van mijn agenda in te nemen.’Beeld Diego Franssens

TE WEINIG EXPERTS

Verklaart dat de reactie van de voortvluchtige militair Jürgen Conings en van de duizenden mensen die hem steunen, ook al dreigt hij met geweld en wordt hij beschouwd als ‘extreem gevaarlijk’?

Dobbelaere: “Exact. Iemand vanuit een bepaalde hoek staat op en zegt: ‘Ik ben een strijder, ik ga vechten voor mijn zaak.’ De anderen in die hoek reageren: ‘Eindelijk, we hebben een boegbeeld.’ En de mensen in de andere hoeken zeggen: ‘Wat een slechterik.’

“Ik ben me op dit moment aan het bijscholen in systemische therapie, en dat is ook hier interessant. Alles is een systeem: het gezin waarin je opgroeit, de werkvloer, een ziekenhuis, in dit geval het leger. Daar spelen ook trauma’s een rol, dat moeten we durven toe te geven. Iemand die naar oorlogsgebieden wordt gestuurd, daar dingen meemaakt en die niet of niet goed kan verwerken, staat onder hoogspanning. En in deze omstandigheden, waarin onze overlevingsstrategie zodanig wordt getriggerd, kan iemand die latent spanning ervaart snel in overdrive gaan.”

Jürgen Conings uitte meermaals bedreigingen tegenover Marc Van Ranst, en virologen krijgen haatberichten vanuit alle lagen van de bevolking. Hoe is dat te verklaren?

Dobbelaere: “Wie bang is, gaat op zoek naar houvast. We beginnen in hokjes te denken: iets is ‘goed’ of ‘slecht’, en duidelijkheid brengt rust. Marc Van Ranst, die vaak in beeld komt en dus voor sommigen het gezicht is van de pandemie, belandt in het slechte hokje: ‘Híj legt die maatregelen op, het is allemaal zíjn schuld.’

“Dit is trouwens exact wat religies doen. Zij scheppen een groot ethisch kader van wat goed en slecht is. Mensen klampen zich daar al eeuwenlang aan vast.”

Hoe kijk je naar de aanpak van de coronacrisis door de overheid?

Dobbelaere: “De eerste maanden werd er geflaterd – daar moeten we niet flauw over doen – maar ik bekijk dat met veel mildheid. Chapeau voor iedereen die tijdens deze gigantische crisis, waar niemand op voorbereid was, beslissingen moest nemen. Ik heb vooral kwetsbaarheid gemist. Hadden ze gewoon gezegd: ‘Ik beloof dat ik jullie hierdoor ga leiden, maar weet dat ik fouten ga maken, want voor mij is dit ook nieuw’, dan was dat zoveel menselijker geweest. Maar daar zit een stukje ego in de weg.

“Wat ik jammer vond, was de beperkte aanpak. We hoorden – en dat is nog steeds zo – voornamelijk één stem: die van de virologen. Zij doen het fantastisch, maar het blijven wel specialisten die zijn opgeleid om van het grote geheel één stukje in de diepte te bekijken. Er zijn nog veel andere zaken die aandacht vragen, en die vandaag nog steeds te weinig aan bod komen. Waar zijn de gedragswetenschappers, de psychologen, de voedingsdeskundigen? We weten dat je vitamine C en D kunt bijnemen om je immuniteit te verhogen: daar is veel te weinig aandacht voor. In het begin kon ik dat nog begrijpen, de feiten overvielen ons. Maar nu denk ik: komaan jongens, intussen wéten jullie toch dat er meer is.”

Wij, burgers, zijn ook niet onbesproken. We hebben allemaal weleens de regels overtreden.

Dobbelaere: “Ook daar zie je de invloed van systemen. Vergelijk China met Scandinavië. China is heel hiërarchisch gestructureerd: de overheid zegt iets, de mensen luisteren. Lockdown? Dan blijf je binnen, punt. Daartegenover staat Scandinavië, waar de overheid burgers veel vrijheid en informatie geeft, zodat ze zélf kunnen beslissen. Ook dat werkt. Er is bijvoorbeeld een zero tolerance voor alcohol. Ze drinken daar niet minder, maar je zult hen nooit dronken in een auto zien stappen, omdat ze weten wat de risico’s zijn en hun verantwoordelijkheid nemen. Wij zitten tussen die twee systemen in, ook in de aanpak van de pandemie. De overheid legt enerzijds wat regels op, en geeft anderzijds wat autonomie. Het beleid hinkt op twee benen en daardoor mankt het een beetje. Met als gevolg dat we nogal makkelijk op zoek gaan naar achterpoortjes.

“Nu, ik vind de tandem De Croo-Vandenbroucke top, los van politieke voorkeuren. Ze communiceren helder, zijn daadkrachtig, en De Croo is een heel menselijke premier. Dat zie je aan de recente versoepelingen. Virologen zeiden: ‘Nog niet’, maar hij besliste toch om de wereld langzaam weer te openen. Dat kan geen makkelijke keuze geweest zijn, maar wel een belangrijke. Al die mensen die er mentaal aan onderdoor gaan wegen op dit moment zwaarder door dan de mensen die fysiek getroffen zijn. Mentale gezondheid is óók een vorm van gezondheid.”

UIT ONZE GROT

De versoepelingen zijn dus een goed idee?

Dobbelaere: “Absoluut.”

Volgens sommigen gaat het te snel.

Dobbelaere: “Dat begrijp ik. We worden nog steeds overspoeld door negatief nieuws over corona. De cijfers gaan enkel over het aantal patiënten op intensieve zorg, of over het aantal overlijdens, maar nooit eens over het aantal mensen dat niet ziek is geworden na een besmetting. Bovendien is uit het verleden al gebleken dat versoepelingen niet het einde van de pandemie inluiden. Mensen zijn bang en onzeker om het ‘gewone’ leven weer op te nemen.”

De angst kreeg zelfs een naam: het grotsyndroom.

Dobbelaere: “Een rare naam, maar goed. Ik denk ook dat niet iedereen na een jaar binnenzitten weer zonder moeite naar buiten zal komen. Mensen zijn nog steeds bang, en zolang in de berichtgeving de nadruk op het negatieve ligt, zal dat niet veranderen.

“Ooit kon bang zijn ons leven redden. Als er plots een beer op je weg kwam, was het slimmer om weg te rennen dan te vechten. Die beer is er vandaag niet meer, maar denken aan wat mis kan gaan, zit nog steeds in ons systeem. Als de risico’s dan keer op keer zo benadrukt worden, is het normaal dat veel mensen bang blijven om naar buiten te gaan.”

Behelst het grotsyndroom ook sociale angst, de angst om opnieuw onder de mensen te komen?

Dobbelaere: “Op zich niet, tenzij bij mensen die sowieso al weinig vertrouwen hadden in hun sociale vaardigheden. Daar is dat vergrootglas weer. Tijdens de eerste lockdown was er een opmerkelijk fenomeen: de groep die zich vóór de pandemie kwetsbaar en depressief voelde, gaf aan zich nu relatief goed te voelen. Zij voelden zich eindelijk thuis in een wereld met weinig sociaal contact. Hun angst om buiten te komen kan nu groter zijn geworden. Maar de meerderheid met het grotsyndroom zit met die angst om ziek te worden.”

FANTASTISCH BREIN

Kunnen we er iets tegen doen?

Dobbelaere: “Ik hou van de stelling: wat je aandacht geeft, groeit. Toen ik zwanger wilde worden, zag ik overal zwangere vrouwen. Niet omdat er plots meer waren, wel omdat mijn aandacht er naartoe ging. Wij moeten collectief weg uit die angst, en dat kunnen we doen door te focussen op wat goed gaat, of op alle dingen die nog binnen onze controle liggen – hoe klein ook.

“Er is een prachtig boek, Man’s Search for Meaning van Viktor Frankl, een Oostenrijkse psychiater. Hij belandde tijdens de Tweede Wereldoorlog in een concentratiekamp, en besefte: ze kunnen me alles afnemen, ze kunnen me medegevangenen laten begraven of over lijken laten stappen, maar ze kunnen níét controleren waar ik aan denk. We hebben een fantastisch brein dat de kracht van verbeelding bezit. We gebruiken dat heel vaak om ons in te beelden wat er allemaal kan misgaan, maar kunnen het ook gebruiken om ons in te beelden wat er góéd kan gaan. Voor Frankl maakte dat een levensbelangrijk verschil, en het zou ons nu ook helpen.

“Het is jammer dat er zo weinig aandacht is voor deze zaken. Ik heb nog voor de pandemie een aantal workshops gegeven aan onderwijzers, gewoon over wat je ademhaling kan doen om je beter te voelen of minder stress te hebben. Ze zeiden allemaal: ‘Hadden we dit al maar in onze opleiding geleerd.’ De aandacht ligt in onze samenleving volledig op het cognitieve, terwijl dat steeds minder belangrijk wordt. Rekenen bijvoorbeeld moeten we al lang niet meer zelf doen, dat doen computers voor ons. Waar blijft de aandacht voor het EQ, voor de impact van gedachten op onze emoties? ‘Ik denk dus ik ben’ is al lang achterhaald. Ons brein is een heel belangrijk orgaan, maar niet hét orgaan.”

Met het einde van de crisis in zicht waarschuwen sommige artsen voor de terugslag. Net zoals je hoofdpijn krijgt op de eerste dag van je vakantie.

Dobbelaere: “De vraag is: hoeveel veerkracht hebben we als maatschappij om weer vooruit te gaan? We weten dat er een trauma is, zeker ook bij de jongeren, die de levenservaring nog niet hebben om dit allemaal te kunnen plaatsen. Het is een vraagteken hoe we ermee om zullen gaan, maar ik geloof dat we tot veel in staat zijn en dat het zal meevallen.”

En op de werkvloer? We moeten straks weer allemaal naar kantoor, en rekening houden met de aanwezigheid van onze collega’s.

Dobbelaere: “Ik denk niet dat telewerken zal verdwijnen. Er zal wel meer evenwicht komen. Het is goed om mensen thuis op hun tempo bepaalde taken te laten uitvoeren, en het is ook prima om andere taken samen te doen. Neem die video calls: heel handig, maar alles in de rand van zo’n vergadering – de gesprekjes over ‘mijn man dit’ en ‘mijn dochter dat’ – valt weg. En het zijn net die momenten die zorgen voor verbinding. Ik vermoed dus dat ook deze aanpassing heel vlot zal verlopen.”

null Beeld Diego Franssens
Beeld Diego Franssens

FIGHT, FLIGHT, FREEZE

Hoe heb jij de lockdowns beleefd?

Dobbelaere: “Mijn agenda was in één klap leeg. In het begin heb ik nog wat proberen te schuiven, maar ik besefte snel: we moeten alles uitstellen. Tegelijk voelde ik de onrust, de paniek en de onzekerheid rond me. Ik wist: ik kan hier helpen. Ik heb veel bedrijven bijgestaan en Zoom-meetings georganiseerd om na te gaan hoe alle medewerkers zich voelden.

“Samen met een aantal andere coaches heb ik ook een vzw opgezet, Coaching for Heroes. Daarmee gaven we emotionele ondersteuning aan de covid-zorgverleners en hun entourage, heel vaak in woon-zorgcentra en rusthuizen. We leerden hen bijvoorbeeld om te gaan met angst. Er zijn drie mogelijke reacties: fight, flight en freeze. Dat zorgde, zeker in het begin van de pandemie, voor conflicten. Stel, de eerste collega gaat in vechtmodus: ‘We laten ons niet kennen, we pakken dat hier aan!’ De andere bevriest: ‘Ik weet niet wat ik moet doen.’ En de derde vlucht: ‘Ik wil hier niet zijn, ik meld me ziek.’ De kans is groot dat die eerste boos wordt op de andere twee: ‘Lafaards, we moeten hier samen door.’ Door mensen uit te leggen dat iedereen anders reageert op stress, en dat het ene niet beter is dan het andere, hebben we veel teams kunnen helpen.

“Er is enorm veel tijd in gekropen. Ik hoorde vrienden zeggen dat ze eindelijk hun zolder eens hadden opgeruimd, terwijl ik niet wist wat eerst te doen. Maar ik ben blij dat we het gedaan hebben. Het is zo’n mooi verhaal geworden. Veel coaches kiezen voor het vak vanuit een roeping – net zoals wij als acteurs destijds naar de Academie gingen – en het werk met de vzw gaf ontzettend veel voldoening.”

Heb je ook acteurs begeleid?

Dobbelaere: “Ik hoor van collega’s dat het moeilijk was – en is – maar acteurs komen niet naar mij. Ze hebben op dat vlak hetzelfde profiel als een zorgverlener. Die vindt van zichzelf ook dat hij het allemaal alleen moet kunnen: dit is mijn job, ik moet dit kunnen dragen. Terwijl ik me kan inbeelden dat het niet makkelijk was. De cultuur is, samen met de horeca, bij de zwaarst getroffen sectoren, en de horeca kon zich dan nog heruitvinden met de takeaway.

“Nu, ook in de cultuur zijn er mooie initiatieven geweest. Mathijs Scheepers, een vriend van mij, heeft theater gebracht via WhatsApp, en de KVS deed experimenten via streaming. Ik vond dat schitterend, mensen hebben cultuur nodig. Het is niet voor niets dat we onze kinderen opvoeden met Disney: we zijn geboren om via verhalen onze emoties te verwerken en door te geven.”

De mensen in de sector maakten zich vaak boos: ze voelden zich vergeten, net op het moment dat ze meer dan ooit nodig waren.

Dobbelaere: “Daar ben ik het helemaal mee eens. Cultuur is van levensbelang. Zeker in tijden van angst en stress zorgen acteurs voor broodnodige afleiding. En het is hen inderdaad niet makkelijk gemaakt.”

FIN DE CARRIÈRE

Filip Peeters, jouw tegenspeler in het momenteel heruitgezonden Recht op recht, zei in Humo dat hij stopt met acteren en regisseren. Hij gaat zich toeleggen op het bakken van tarte tatins.

Dobbelaere: “Ik heb dat gelezen. Voor mij was dat geen verrassing: Filip is een héél goede kok, en koken was altijd al een passie van hem. Ik kan me voorstellen dat hij, fin de carrière, denkt: het hoeft allemaal niet meer, om 5 uur ’s ochtends op de set staan en al die onzekerheid.

“Ik ben zelf ook veel selectiever geworden. Ik speel enkel nog de stukken die ik de moeite vind om te vertellen. Eén van de laatste dingen die ik heb gedaan, was Klem, de kortfilm naar het boek van Ish Ait Hamou. Een prachtig verhaal over vluchtelingen. Na afloop zeiden mensen: ‘Nú snap ik wat die mensen meemaken, wat ze meedragen in hun rugzak.’ Ik wil blijven acteren, maar het zal bij mij ook nooit meer 100 procent zijn.”

Je hebt dus geen heimwee naar de tijd van Recht op recht, toen je zowat elke dag op de set stond?

Dobbelaere: “Nee. Ik heb mooie herinneringen aan veel rollen, maar acteren hoeft niet meer het grootste stuk van mijn agenda in te nemen. Waarom zou ik teruggaan naar iets dat minder vervullend is?”

Je doet dit echt graag, hè?

Dobbelaere: “Ik kan je niet vertellen hóé graag. Als mensen me na een sessie zeggen hoeveel deugd die hen heeft gedaan, dat ze dingen hebben benoemd die ze nog nooit hadden uitgesproken, en hoe opgelucht ze zich voelen, dan denk ik: wauw, dat ik dát mogelijk mag maken.”

Dat zei Filip Peeters ook: dat hij enorm veel voldoening haalt uit die onmiddellijke feedback. Hij bakt een taart, mensen zeggen dat ze lekker is, en klaar. Als acteur moest hij eerst door een maandenlang proces van repeteren en opnemen.

Dobbelaere: “Dat ís zo. Ik wilde mijn publiek dichter bij me. De impact vergroten door de afstand te verkleinen. Nu kijk ik in de ogen van mensen en zie ik soms bij wijze van spreken hun frank vallen. Dat vind ik zó mooi. Ik begrijp helemaal wat Filip bedoelt: die onmiddellijke feedback geeft enorm veel voldoening.”

Je man, Alain Bokken, is drummer bij The Magical Flying Thunderbirds. Hoe gaat het met hem?

Dobbelaere: “Ook hij heeft niet stilgezeten. De muziek is voor Alain een hobby. Hij heeft een groothandel in muziekinstrumenten, en die deed het goed. Tijdens de lockdown zijn veel mensen een instrument gaan spelen, daar was eindelijk de tijd voor.”

Hij had dus geen coaching nodig?

Dobbelaere (lacht): “Nee.”

Mist hij het optreden?

Dobbelaere: “Dat wel, absoluut. Hij heeft meegedaan aan het concert 24 uur live van Miguel Wiels en dat was zálig, zei hij. De sfeer was heel uitgelaten: ‘We mogen nog eens.’”

Hopen ze deze zomer terug op het podium te staan?

Dobbelaere: “Er beginnen aanvragen binnen te komen voor eind augustus. Allemaal onder voorbehoud, maar er is alleszins weer iets om op relatief korte termijn naar uit te kijken.”

Wat staat er bij jou op de planning?

Dobbelaere: “Ik ga in Italië een retreat begeleiden. En ik heb de komende tijd veel coachings met mensen en bedrijven. Het worden drukke weken.”

Geen acteerwerk?

Dobbelaere: “Nee, dat ligt nog steeds stil door de pandemie. En als het weer op gang komt, zal ik niet de eerste zijn aan wie ze denken. Wat oké is, hoor, er is geen plaats in de agenda.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234