Maandag 14/10/2019

De Wending

“Ik besef nog maar pas dat dit mijn roeping is. Dit is het enige dat ik wil doen”

Charlotte Adigéry. Beeld Thomas Sweertvaegher

Charlotte Adigéry (28) bracht vorig jaar twee songs uit. Dat zijn er tien minder dan Angèle en Tamino. En toch vechten grote platenlabels om haar handtekening, en ziet BBC Radio haar al heel graag komen. Met dank aan haar Martinikaanse moeder, van wie ze haar muzikale genen erfde. “Zij gaf me de bevestiging die ik nodig had.”

‘Paténipat’ en ‘Screen’ heten de nummers die de Gentse in 2018 op de wereld losliet. Die eerste song bracht ze uit onder haar eigen naam op het label van Soulwax, de tweede als WWWater, haar alter ego waarmee ze de interesse van prestigieuze platenlabels in het buitenland wist te wekken. Het ene zingt ze in het Creools, het andere in het Engels. Later deze maand trekt ze op uitnodiging van ninetiesicoon Neneh Cherry naar Australië. En dan heeft ze nog niet eens een plaat uitgebracht.

Ze komt niet uit het niets. Misschien herkent u haar als de zangeres uit de laatste scène van Belgica van Felix Van Groeningen. Adigéry heeft een verleden als achtergrondzangeres bij Arsenal en Baloji. Ze wordt omkaderd door haar bandleden Boris – de zoon van tekenaar Kamagurka – Zeebroek en door ex-Soulwax-drummer Steve Slingeneyer.

Ze heeft de wind mee, al gaat ze niet beginnen te zweven. Dat wil ze koste wat het kost vermijden, benadrukt ze als we over haar boerenjaar praten. “Maar het is geen valse bescheidenheid, want dat doorprik je zo. Ik besef gewoon écht niet goed wat mij overkomt. Mijn mama gebruikt altijd de uitdrukking ‘Etre comme Saint Thomas’. Vrij vertaald: als iets goeds je overkomt, moet je niet te hard van stapel lopen. Zo sta ik in het leven.”

Charlotte Adigéry is de dochter van een Martinikaanse moeder die op haar achttiende naar Parijs verhuisde. Haar vader komt uit Guadeloupe en trok op dezelfde leeftijd naar Marseille. Ze liepen elkaar tegen het lijf in Gent: moederlief had er een cocktailbar, haar vader was lasser in Zelzate. De muzikale genen heeft ze van haar mama Christiane, die zangeres was bij verschillende groepen. Ze staan ook samen op de planken, als Chris & Charlie. “Mijn mama zingt en fluit voortdurend. In Martinique is zingen de meest gebruikelijke communicatievorm. Mijn gevoel voor ritme en zelfexpressie heb ik van daar.”

Charlotte Adigéry. Beeld Thomas Sweertvaegher

Herinnert u zich nog uw eerste bezoek aan Martinique?

Charlotte Adigéry: “Ik was vier, denk ik. Ik weet nog dat ik geïntimideerd was door mijn familie – ik herinner mij hen als felle mensen. (lacht) Het volk in Martinique is veel jovialer dan Belgen. Ze zijn heel expressief en redelijk aanwezig. Ik was de hele vakantie stil.”

“Intussen voelt Martinique als een tweede thuis. Enerzijds omdat mijn hele familie langs moeders kant daar woont, anderzijds omdat het een krachtige en inspirerende omgeving is. Ik heb in Martinique een spirituele eyeopener gehad die mij de kracht heeft gegeven om vol voor WWWater te gaan. Ik kwam een onbekende man tegen die mij vroeg om te zingen. Toen ik weigerde, zei hij: ‘Je moet je over je twijfels heen zetten. Je moment is nu aangebroken.’ In Martinique heb ik mijn intuïtie leren volgen. Het is mijn paradijs.”

Hoe zag uw jeugd eruit?

“Ik ben als kind veel gepest omwille van mijn huidskleur, heb mij altijd het buitenbeentje gevoeld. Misschien was ik te excentriek voor de meesten. Je krijgt constant vieze blikken die je vertellen dat je anders bent. Dat ondervind ik trouwens nog steeds. Een van de buurtbewoners doet gemeen omdat ik een ander uiterlijk heb. (denkt na) Mijn papa was nogal afwezig toen ik klein was, en de families van mijn beide ouders woonden in het buitenland, waardoor ik mij regelmatig eenzaam voelde. Maar ik heb verder goede herinneringen aan mijn jeugd. Ik had een goede multiculturele vriendengroep, en mijn moeder gaf mij warmte voor twee. Ik was mij van kleins af bewust dat ik chance had met mijn mama. Ze was ook een moederfiguur voor anderen.”

Klopt het dat u kleuterleidster wilde worden?

“Ik heb anderhalf jaar voor kleuterleidster gestudeerd. En later journalistiek. Onder druk van het OCMW weliswaar, omdat mijn mama – die onder schuldbemiddeling stond (haar cocktailbar ging failliet, ELV) anders in de problemen zou komen. Ik wist ook echt nog niet wat ik wilde doen. Intussen was ik wel al aan het zingen als achtergrondzangeres, vooral in reggaegroepen. En ik heb ook eens deelgenomen aan een sessie voor een fout danceproject. (lacht) Op mijn 21ste ben ik gestart aan de pop- en rockschool in Hasselt. Ik ben mijn beide ouders dankbaar dat ze mij altijd onvoorwaardelijk hebben gesteund. Ze vertrouwden mij enorm. Ik dacht dat mijn vader sceptisch zou zijn over mijn keuze om artiest te worden, maar ook hij stond vanaf dag één achter mij. Mijn mama en ik hebben altijd een open relatie gehad. Ze sprak vrijuit over haar financiële problemen. Ze had weinig, maar ze heeft er altijd voor gezorgd dat ik niks tekort kwam. Mijn mama gaf mij de bevestiging die ik nodig had.”

Wat zegt uw muziek over u als mens?

“Het is mijn blik op de wereld. In ‘1,618’ schrijf ik mijn gedachten uit. ‘Never Enough’ gaat over hoe ik mij nooit goed genoeg voel. Ik heb mij altijd een buitenbeentje gevoeld, zeker als zwarte persoon. Ik ben emotioneel intelligent, waardoor ik goed over zulke thema’s kan schrijven. ‘Celle’ gaat over de verwerking van de afwezigheid van mijn vader in mijn kindertijd. Door dat nummer te schrijven, heb ik hem kunnen vergeven en is de dialoog tussen ons opnieuw gestart. Ik kan makkelijk aan de slag met mijn emoties. Mijn muziek is niet pretentieus, maar naakt en rauw. Ik besef nog maar pas dat dit mijn roeping is. Dit is het enige dat ik wil doen.”

Heeft uw vader dat nummer ‘Celle’ ooit gehoord?

‘Ja. Dat was enorm pijnlijk. (korte stilte) Ik heb hem destijds een exemplaar op vinyl bezorgd. Ik hoor hem tegenwoordig dagelijks. Hij is heel trots op alles wat ik doe. Maar toen hij de plaat had gehoord, heeft hij een week niets van zich laten horen. Hij heeft een tijd ontkend dat hij met iets zat. Toen hij later in het gezelschap van zijn broer nog eens naar de muziek luisterde, is het er allemaal uitgekomen: ‘Ik heb alles gedaan wat ik kon. Ik heb fouten gemaakt, maar ik ben er altijd voor je geweest.’ Hij was zo verontwaardigd door mijn verdriet. Dat nummer heeft veel bij hem losgemaakt. Ik put veel kracht uit het verwerken van gevoelens in mijn muziek.”

U bracht in een jaar tijd slechts twee nummers uit, en toch werd uw muziek overal opgepikt. U had wellicht het mooiste speelschema van de hele belpop. Hoe heeft u 2018 beleefd?

“Ik ben perfectionistisch van aard, en dat overschaduwt de manier waarop ik sommige sleutelmomenten beleef. Dat neemt niet weg dat er vorig jaar dingen zijn gebeurd die me altijd zullen bij blijven. Het Nederlandse festival Down The Rabbit Hole bijvoorbeeld, waar ik in de zomer optrad. Die show was zo intens en vervulde alle redenen waarom ik muziek maak. De euforie kwam langs twee kanten. Het applaus was op een bepaald moment zo oorverdovend dat ik op het podium ben beginnen te huilen. Ik was zo overweldigd door de liefde van het publiek. Toen ik daar stond, flitste de hele film voorbij. Ik heb zo hard gewerkt, veel aan mezelf getwijfeld, maar toen besefte ik waarom: om exact dát gevoel te ervaren op een podium. Dat was zonder twijfel een van de mooiste momenten in mijn leven.”

U stelt, naast WWWater en Charlotte Adigéry, ook nog muziek samen voor Radio 1. U bent een bezig bijtje. Krijgt u het allemaal gebolwerkt?

“Makkelijk is het niet. Ik heb vorige week een klop van de hamer gekregen. De vermoeidheid heeft mij gevloerd. Logisch ook. Normaal focus je op één project, bij mij loopt alles kriskras door elkaar. Er waren weken dat ik clips opnam, shows speelde en bij Radio 1 werkte. Dat heeft zijn tol geëist. Ook dat is eigen aan onze generatie. Ik heb overal vrienden die uitvallen met een burn-out. Je wil alle kansen grijpen die je krijgt.”

Kan u makkelijk nee zeggen?

“Nee. (korte stilte) Ik wil van kleins af goed doen voor iedereen. Ik ben altruïstisch, ik wil veel geven. Als je op een podium staat, is dat een dankbare eigenschap. Zo creëer je unieke momenten zoals op Down The Rabbit Hole. Maar ik besef meer en meer dat ik niet voor iedereen goed kan doen. En dat wordt ook niet van mij verwacht. Ik moet nu gewoon ‘nee’ leren zeggen. Ik zou een beetje meer bitch moeten worden en mijn grenzen moeten afbakenen. Al is het maar om mezelf te beschermen. Door die slag van vorige week, weet ik dat het tijd is om mijn intenties in de praktijk om te zetten.”

Googelt u zichzelf soms?

“Ja. (lacht hard) Om aan damagecontrol te doen en lelijke foto’s van het internet te verwijderen. Maar ik doe het vooral om te kijken hoe de muziek ontvangen wordt. Waarom vraag je dat?”

Het valt mij op hoe vaak u wordt vergeleken met zwarte artiesten. En die vergelijkingen houden zelden steek. Solange, de jongere zus van Beyoncé, is zo’n voorbeeld.

“Nu je het zegt. Die vergelijking met Solange heb ik nooit begrepen. Onze enige link is huidskleur. Of als je ziet hoe snel mijn muziek onder r&b wordt geklasseerd! Laat het stoppen, ik word er kwaad van. Ik ben ooit het nichtje van Coely genoemd: die uitspraak wringt nog steeds. De enige band die wij hebben, is een vriendschappelijke. In het verleden vlogen er regelmatig discriminerende opmerkingen in het rond. Mensen die je in het gebrekkig Engels aanspreken, bijvoorbeeld. En ik herinner mij een artiest die mij zijn stripteaseuse noemde. Ik heb mij meer dan één keer een entertainmentnegerin gevoeld.”

Ik hoor u regelmatig teruggrijpen naar het woord ‘kracht’.

(verrast) “Het is confronterend dat je dat zegt. Ik praat in termen van kracht omdat ik mij vaak zwak heb gevoeld. Ik ben altijd onzeker geweest. Ik voel mij soms nog steeds alleen op de wereld. Enkele maanden geleden zag ik Nanette op Netflix, de comedyshow van Hannah Gadsby. Ze is lesbisch en wordt dus als ‘vreemde’ beschouwd. Ze heeft het altijd moeilijk gehad. Ik begon te huilen omdat ik mij herken in haar leed.

“Mijn mama is destijds failliet gegaan. We hebben het thuis nooit breed gehad. Ik heb sinds mijn 18de tot 22ste vastgehangen aan een studentencontract bij het OCMW. Ik heb niet veel, en daar kan ik mee leven. Ik gun andere mensen oprecht al het geld van de wereld, maar ik heb mij wel zwakker gevoeld omdat ik hard mijn best moet doen om hoofd boven water te houden. Alles wat ik doe of onderneem, hangt af van mijn eigen kracht. Dus is kracht het enige dat mij uit de financiële put kan trekken.”

Charlotte Adigéry. Beeld Thomas Sweertvaegher

Nog voor u goed en wel uw neus aan het venster had gestoken, zeiden de heren van Soulwax al dat u het ver zou schoppen. Belangrijke platenlabels staan voor u in de rij. Dat moet deugd doen.

“Ik ben er nog lang niet. Ik heb nog steeds geen geld, ik knok elke dag. En daar is niets mis mee. Ik was eens om raad gaan vragen bij het OCMW en in de wachtzaal speelde Soulwax op de radio. Hoe ironisch. Maar kijk: labels als Ninja Tune en Young Turks hebben interesse, het grote BBC Radio 6 draait mijn muziek en Neneh Cherry nodigt mij uit voor een Australische tournee. Dat is niet niets. Maar ik hoop dat ik mij binnen dit en een jaar eens niet zorgen moet maken over geld. Die zorgen zijn een dooddoener voor mijn creativiteit.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234