Zondag 05/02/2023

InterviewZwangere Guy en Lander Gyselinck

‘Ik ben acht maanden geleden gestopt met drinken. Deze plaat is gemaakt in een delirium’

Zwangere Guy (onder) en Lander Gyselinck (boven) laten hun kosmossen versmelten in hun nieuwste samenwerking.  Beeld Stig De Block
Zwangere Guy (onder) en Lander Gyselinck (boven) laten hun kosmossen versmelten in hun nieuwste samenwerking.Beeld Stig De Block

Het was al langer een droom van Zwangere Guy: samenwerken met STUFF.. Op Pourriture Noble huwen de Brusselse hiphopper en STUFF.-drummer Lander Gyselinck jazz en rap. Zwangere Guy laat ons er diep in zijn fragiele ziel kijken. ‘Deze plaat is gemaakt in een delirium.’

Sasha Van Der Speeten

“Ik heb nog nooit zoveel twijfels bij een plaat gehad”. Gorik van Oudheusden, de Brusselaar die als Zwangere Guy de inlandse hiphop een schop onder de derrière gaf, oogt kwetsbaarder dan ooit. Hij zit lichtjes scheefgezakt in de sofa van Huis 23, het zaaltje boven het Brusselse AB Café. Tegelijkertijd brandt er iets verwachtingsvols in zijn ogen, alsof hij koorddanst over een ravijn en bijna de overkant heeft bereikt. “Twijfels zijn beangstigend”, zegt hij. “Maar het is wat ik wil. Terug naar het prille begin.”

Naast hem in een stoel knikt Lander Gyselinck, drummer bij het alom bejubelde STUFF. en actief in tal van muzikale projecten die de voorbije jaren de jazz de 21ste eeuw inloodsten. Hij componeerde en produceerde de muziek van Pourriture Noble, een succulente samenwerking met Zwangere Guy waarop diens confessionele raps door allerlei bastaardvormen van jazz dansen.

“Dit album weerspiegelt de ontmoeting tussen Gorik en mij”, klinkt het. “Het is de vertaling van die ontmoeting. In het begin kenden we elkaars goede en elkaars vervelende kanten nog niet. Je hoort ons groeien in elkaars nabijheid.” Vandaar de curieuze albumtitel Pourriture Noble, in wezen “een rottingsproces dat één keer om de tien jaar bij druiven plaatsvindt”, aldus Van Oudheusden. “Iets unieks, iets edels dat toch rot wordt.”

De cuvée die Gyselinck, Van Oudheusden en een schare uitzonderlijke gastmuzikanten serveren, doet zowel aan als een cadeau voor de jazz als voor de hiphop. Fans van Zwangere Guys grootstedelijke, soms laconieke hiphop en de aanhangers van zijn rapcollectief STIKSTOF zullen ofwel de wenkbrauwen fronsen of zich gewillig laten opslorpen door de jazzy vibe.

Jazzliefhebbers ontdekken er dan weer dat hun geliefkoosde genre anno 2022 nog steeds prachtig aardt in een grootstedelijke context, elegant laverend tussen intro­spectieve straatpoëzie.

Net in het harmonische huwelijk van rap en jazz ligt de sterkte van Pourriture Noble. Gyselinck en Van Oudheusden overschrijden bijna achteloos de genreconventies die artiesten zoals Gang Starr, Digable Planets of A Tribe Called Quest in de jaren negentig uittekenden. Toen betekende jazzrap nog: een hiphopbeat met wat trompetsamples erover en eventueel een vleugje Rhodes-piano als kers op de taart.

Niet zo bij Zwangere Guy en Lander Gyselinck. Jazz is een personage op Pourriture Noble. Een troostende schouder in ‘Slijk’, dat sust met een gonzende contrabas. Een driest enfant terrible in ‘Edele rotting’ dat halverwege de song doet ontsporen. In ‘Verlies’ is de jazz een strandjutter die Gorik op de zonsopgang aan den einder wijst.

“Wat jij het jazzpersonage noemt, is voor mij een soort gedaante die ik gemakshalve ‘de x-factor’ noem”, zegt Gyselinck. “Jazz is wat mij betreft geen genre, maar iets wat je de mogelijkheid biedt om in interstellar space te kunnen reizen.”

Die nuance is niet onbelangrijk. Gyselinck wilde niet zomaar de beatmaker van Zwangere Guy zijn. Hun kosmossen moesten versmelten. En clashen. Daarom duikt er ook scheve Hudson Mohawke-funk op in ‘Stier en schorpioen’ of uitgeholde drillrap in ‘Laat ze daar maar staan’.

Gorik, ik zag je grijnzen en nu wil ik ­weten wat je denkt.

Van Oudheusden: “Ik denk dat ik grijnsde omdat wij zo diep in die plaat zitten dat er bij mij een soort verbijstering hangt, een soort onwetendheid. Ik vind de wijze waarop je onze plaat ontleedt fijn, vooral omdat ik de laatste tijd wat perspectief mis.

“We leven al een tijdje met deze nummers en ik ben er echt klaar mee. Wat mij betreft, is dat ding klaar om in de vuilbak te belanden. Oftewel om de wereld uit te sturen. Ik heb schijt aan de plaat. Vooral omdat ik niet meer weet waar ik sta.”

Tussen de nummers duiken krakkemikkige gsm-opnames op van jullie studiosessies. Het klinkt als een making-of.

Gyselinck: “Ik heb nog veel meer opnames! Gorik, in die pizzeria heb je eens gejamd met een freestyler, dat was zo epic goed. De volgende dag wilde ik je laten horen welk stukje ik graag zou gebruiken, maar jij weigerde resoluut om ernaar te luisteren.”

Van Oudheusden: “Nee, ik kan dat niet aan. Dat is te confronterend. Maar eigenlijk hebben we een van onze beste beats van de nieuwe plaat geweerd.”

Van Oudheusden grijpt zijn gsm en speelt een lome, sexy hiphopbeat af waarop Gyselinck meerapt – het klinkt fenomenaal.

Jullie zijn gek om dat te laten schieten. Of bewaren jullie dat voor de deluxeversie van de plaat?

Van Oudheusden: “Misschien doen we dat ooit nog wel eens. We willen nu vooral op het podium kruipen zodat we kunnen doen waarvoor we geboren zijn: performen. Dat is de essentie van deze plaat. Lander en ik hebben elkaar in een livesetting leren kennen. Ik ben vroeger vaak bij hem op het podium gesprongen om mee te freestylen met zijn muziek. Zonder eerst hallo te zeggen tegen elkaar. (lacht)

“Ik behoor tot de too many MC’s, not ­enough mics-school. Altijd hongerig. Ik dacht: als die motherfucker ooit met mij in de studio zal kruipen, kunnen we wel iets voor elkaar betekenen. Dit is de zoektocht van twee vrienden die graag hun zegje willen doen.”

En die elkaar hebben gevonden in ­eenzelfde soort manie?

Gyselinck: “We hebben dezelfde werk­ethiek, maar we bewaken ze op een andere manier. Ook ik werk elke dag, maar ik scherm de momenten waarop ik gefocust kan zijn goed af. Gorik is daarentegen ­iemand die altijd op sociaal vlak aan het navigeren is of altijd wel iets aan het regelen is.”

Van Oudheusden: “Wás. Verleden tijd. Ik ben acht maanden geleden gestopt met drinken. Onze plaat is gemaakt in een ­delirium. Soms was ik zo rot als maar kan zijn, vanbinnen en vanbuiten. Drank was mijn benzine. Ik duwde er zoveel mee weg.”

Geen wonder dat je twijfelachtig staat tegenover de plaat. Ze is door een ­andere Gorik gemaakt.

Van Oudheusden: “Door iemand die spijt heeft. Spijt van mijn manier van leven. Of van omgaan met de dingen. Ik ondervind nu pas de voordelen van het nuchter zijn. Van het hier zijn. Nu pas hoor ik wanneer ik te nonchalant rap in een nummer.

“Moet ik die dingen dan wel uitbrengen? Dat is gezonde twijfel, dat besef ik. Ons album draait om een momentum. Een kleine periode uit mijn leven waarin ik heel veel heb geleerd, maar waarin ik ook heel veel heb weggeduwd.”

Gyselinck: “Tegelijkertijd herken je er ook een Gorik die vooruitkijkt. Want die staat óók op deze plaat. Hij is nog steeds iemand die gehandboeid is door zijn situatie, maar hij biedt tenminste hoop. Alleen al dat je deze shit deelt met de luisteraar is impressionant.”

“Het leven is zo mooi!”, schreeuw je in het furieuze ‘Het leven is te kort’, een dwingende aanmaning om niet bij de pakken te blijven zitten. Ik onthoud: geniet van het leven of Zwangere Guy komt op je bakkes slaan.

Van Oudheusden: (lacht) “Ik counter er onze trieste nummers zoals ‘Slijk’ en ‘Verlies’ mee. Tegelijk dien ik mezelf van antwoord. Ik sta nog lang niet waar ik wil staan. Ik bevind me in de bloei van mijn carrière. En ik kan leven ván mijn passie en vóór mijn passie.

“Veel mensen kennen het verhaal vanwaar ik kom en weten waarom ik doe wat ik doe. Ik omarm dat elke dag. Ik ben er nog steeds iets of iemand dankbaar voor. Waarom zou ik depri zijn? Ik wil verdergaan. Het nummer is een fuck you naar de ratrace.”

Wat doe je dan op vlak van mindfulness? Sport je nog?

Van Oudheusden: “Ik had een personal trainer, Harold. Maar ik mocht er niet meer naartoe. Hij was heel streng. Ik mag pas terugkomen als ik mijn eetpatroon en vooral mijn drinkpatroon verander. Hij heeft gelijk. Nu, hij is mijn kinesist en op maandag zie ik hem in de boksclub. Ik kan me verliezen in kickboksen.

“En ik doe vaak aan yoga. Dat is mijn passie. Tijdens de totstandkoming van de plaat hebben Lander en ik trouwens vaak samen yoga gedaan. Wie had dat gedacht? Een jaar geleden lag deze vetkwab nog op het voetpad van café Les Brasseurs.”

In ‘Slijk’ heb je het hart op de tong. Het is een biecht waarin veel mensen zich zullen herkennen.

Van Oudheusden: (rapt) “Soms zit ik vast / kan ik amper voort of effe weg / Ik ken geen rust / ken enkel toeval of wat brute pech / Zo graag op zoek naar wat niet mag maar zoveel deugd kan doen.

“Als je op dit moment in mijn hoofd zou kunnen kijken, zou je merken dat ik echt vastzit. Ik voel mij heel snel opgesloten in mijn stad. Brussel is mij wederom aan het opslorpen. Ik vecht non-stop tegen verslavingen. Ik ben erover aan het leren, dankzij therapie. Of door er met mensen over te praten. Het is een kwelling. Ik moet voortdurend weerstaan aan de drang om te vluchten.”

Gyselinck: “Het mooie aan ons beroep is dat wij door muziek te maken onszelf sowieso voortdurend in vraag stellen. Je ijsbeert in je eigen hoofd. Het rare is: de oorspronkelijke beat van ‘Slijk’ was een stuk donkerder dan de versie die op het album is terechtgekomen. Blijkbaar wekte Goriks tekst dat soort schaduwrijke emoties bij mij op.”

De voorbije weken had men in de media de mond vol van zogenaamde burn-ons, een variant van de burn-out. Mensen met een burn-on blijven gaan, leggen de lat torenhoog terwijl ze hun geestelijke gezondheid ervoor opzijschuiven. Ik moest aan jou denken, Gorik.

Van Oudheusden: “Yo!? Dat klinkt inderdaad alsof het over mij gaat. Ik ben een vlammer, hé. Ik heb mezelf de voorbije jaren kapot geschreven. Maar ik hou ervan. Ik ben niet zomaar een op hol geslagen stoomtrein zonder chauffeur.

“Anderzijds durf ik wel eens los aan de zijkant van de trein te hangen omdat ik de drankvoorraad in de achterste wagon heb gevonden. Het neemt niet weg dat ik altijd ervoor zal zorgen dat de trein doorpeert.”

Gyselinck: “Rails of geen rails (lacht)”.

Van Oudheusden: “Daar schrok Lander toch wel even van. Hij keek raar op toen ik met honderd flessen wijn de studio binnenwandelde. Hónderd! Tja, studiosessies betekenen feest voor mij.

“Ik durf te wedden dat veel mensen geld op mij hadden ingezet omdat ze ervan overtuigd waren dat ik niet zou kunnen stoppen met zuipen. Soms heb ik zin om onze plaat eens aan mijn therapeut te laten horen. Misschien vraag ik haar om eens te luisteren zodat ze weet hoe ik vroeger in het leven stond.”

In ‘Verlies’ treur je om mensen die niet langer in je leven zijn. Wie ben je verloren?

Van Oudheusden: “Ik ben in dezelfde periode mijn grootvader en de vrouw van mijn leven kwijtgeraakt. Op dat moment was ik ook mezelf al lang kwijt. Lander zag mij afzien en hij zei: ‘Gorik, je moet dit nummer afwerken.’ Ik was op de vlucht. Ik zat maanden in de bergen in Portugal. Gewoon weg! Weg! Brussel maakte mij zot. Ik maakte mezelf zot.

“Ik had gezworen niet aan ‘Verlies’ te werken omdat ik zo emotioneel van de beat werd. Mijn hart gaat fel tekeer nu ik erover spreek. Eigenlijk vroeg Lander mij of ik klaar was voor mijn verwerkingsproces: ‘Ben je klaar om te tonen wat voor een kapotte ziel je eigenlijk bent?’”

Gyselinck: “Tegelijk wilde ik dat hij de hoop in zijn situatie bij de teugels zou nemen. Want als je alles vanop afstand bekeek, voelde je ook veel dankbaarheid. ‘Verlies’ steekt je uiteindelijk een hart­ ­onder de riem. Het stelt de juiste vragen: Wat doe je met al dat verlies? Wat doe je met gemis?”

Heeft de vrouw van je leven ‘Verlies’ al gehoord, Gorik?

Van Oudheusden: “We hebben elkaar ­teruggevonden. Een jaar later. Dus wat is gebeurd, moest gebeuren.”

Jullie hebben bij deze de openingsdans voor jullie huwelijksfeest al.

Van Oudheusden: “Dat heb ik nu ook weer niet gezegd. Ik heb in elk geval alles letterlijk en figuurlijk van me afgeschreven. De drie minuten durende instrumentale passage waarmee ‘Verlies’ eindigt, is voor mij het moment waarop je je ogen moet sluiten en denken aan een speciaal persoon in je leven. Beeld je jullie allerlaatste dans in. Gaan jullie uit elkaar als het nummer is afgelopen? Of gunnen jullie elkaar nóg een dans?”

Pourriture Noble is nu uit. Zwangere Guy en Lander Gyselinck staan op 25 november in De Casino in Sint-Niklaas.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234