Dinsdag 06/06/2023

InterviewDe volksjury

‘Iemand voelde onlangs ‘oprechte woede’ bij het luisteren naar ‘De volksjury’. Alsof we een koptelefoon om hun oren tapen’

Laura Scheerlinck en Silke Vandenbroeck, podcasthosts van ‘De volksjury’: ‘Soms letten we op onze woorden. We wéten dat er in de gevangenis naar  ons wordt geluisterd.’ Beeld Carmen De Vos
Laura Scheerlinck en Silke Vandenbroeck, podcasthosts van ‘De volksjury’: ‘Soms letten we op onze woorden. We wéten dat er in de gevangenis naar ons wordt geluisterd.’Beeld Carmen De Vos

Weinigen doen vergeten moordzaken zo oplichten als Laura Scheerlinck (30) en Silke Vandenbroeck (31) in de podcast De volksjury. In het Spotify-jaaroverzicht eindigen ze opnieuw helemaal bovenaan, na bestseller nummer één ligt nu hun tweede boek in de rekken, met hun 13.500 leden tellende Facebookgroep runnen ze dé ontmoetingsplaats voor Belgische fans van true crime, en – het allerbelangrijkste – ze verpletterden in Humo’s Pop Poll 2022 de tegenstand in de categorie ‘beste podcast’. De hoogste tijd voor enkele bekentenissen.

Mathijs Minten

Het leven schenkt ons enkele decennia om er iets van te maken, jullie doen dat door tot in den treure te praten over het gruwelijke einde ervan. Waarom?

Laura Scheerlinck: “Het fascineert ons gewoon mateloos. Niet per se de gruwelijke details en het voyeurisme, maar de psychologie.”

Silke Vandenbroeck: “Wat drijft iemand tot zo’n daad? Hoe is het om slachtoffer te zijn? Zou ík ooit in staat zijn om iemand te doden? We hebben allebei een diploma journalistiek en vertellen graag verhalen, een podcast lag dus voor de hand.”

Werd het snel meer dan een hobby?

Vandenbroeck: “Zeker niet. We deden het lang enkel voor onszelf, puur uit nieuwsgierigheid. In het begin schaamde ik me er zelfs voor – niet voor de podcast, wel om het feit dat hij over moordzaken ging. Die fascinatie was toen lang nog niet zo aanvaard als nu.”

Scheerlinck: “Ik durfde het zelfs niet te vertellen tegen mijn vrienden. Als ik dan toch iets zei, klonk het als: ‘Ik maak een podcast, máár je moet niet luisteren!’ Dat deden ze ook niet: de eerste maanden hadden we maar een paar tientallen luisteraars (lacht).”

Niet heel motiverend.

Vandenbroeck: “Gelukkig hadden we ons geen échte doelen gesteld.”

Scheerlinck: “Elke luisteraar was leuk, maar het leukste was toch gewoon om samen die moordzaken te bespreken en dat op te nemen. We hadden het nooit volgehouden als we ons op de cijfers hadden gefocust. Die heb je toch niet in de hand. Je moet de omstandigheden ook mee hebben: toen Spotify podcasts begon aan te bieden, waren wij een van de enige Nederlandstalige. Spotify heeft ons toen heel hard gepusht.”

Scheerlinck: “Zonder geluk kom je er niet. En je zou het misschien niet zeggen, maar we werken er ook héél hard voor. Je hebt beide nodig voor succes.”

Vandenbroeck: “De pandemie heeft ons natuurlijk ook geen windeieren gelegd (lacht).”

Scheerlinck: “Mensen luisterden massaal naar podcasts en hoorden ons méér dan hun vrienden. Wandelen? Verbouwen? Wij zaten in hun oren. Iemand vertelde me onlangs: ‘In de kinderkamer denk ik altijd aan András Pándy.’ Gezellig, hè? Blijkbaar had die naar onze podcast geluisterd tijdens het schilderen (lacht).”

De vriendschappelijke sfeer is, naast de moordzaken, dé grote kracht van de podcast.

Vandenbroeck: “Van in het begin zijn we onszelf gebleven. We knippen niets, dat maakt onze gesprekken zo ongekunsteld.”

Scheerlinck: “Alle andere podcasters waren destijds al bekende namen: Lieven Scheire, Alex Agnew, Xander De Rycke. Wij waren twee ‘normale vrouwen’ in wie mensen zichzelf herkennen.”

Die herkenbaarheid levert jullie lof op, maar ook kritiek. Reviewers omschrijven jullie vaak als…

Vandenbroeck en Scheerlinck (in koor): “Giechelende trienen.”

Vandenbroeck: “‘Giechelen’ is een triggerwoord geworden. Alsof je geen plezier mag hebben in je werk: raar toch? Trouwens, waren wij mannen, dan werden we hilarische komieken genoemd. Daar ben ik van overtuigd.”

Scheerlinck: “We wéten dat onze podcast niet voor iedereen is, maar er zijn nog duizend andere podcasts. Dus als wij je ding niet zijn, vertrek dan. Wij zullen er geen traan om laten.”

Vandenbroeck: “Ik las onlangs dat iemand ‘oprechte woede’ voelde bij het luisteren naar De volksjury. Dat geloof je toch niet? Alsof we mensen een koptelefoon om hun oren tapen. Soms ga ik, puur uit leedvermaak over mezelf, die reviews opzoeken. Verrassing: het zijn bijna altijd oudere mannen die klagen.”

Scheerlinck (zucht): “Het is de ziekte van het online leven. Vroeger werd er gefulmineerd aan de cafétoog, nu op het internet. En dat kun je helaas meevolgen.”

Vandenbroeck: “Mensen willen zich nu eenmaal laten gelden.”

Scheerlinck: “Dat ze dan zelf een podcast beginnen. Dat kán zomaar, hoor, en het is niet eens zo moeilijk om er succes mee te halen, als ik hun commentaren mag geloven (lacht).”

Krijgen Lieven Scheire en Alex Agnew die commentaren ook?

Scheerlinck: “Uiteraard, maar minder, want zij hebben hun palmares mee. Maar wij koesteren geen wrok hoor, we zijn één grote vriendengroep, op WhatsApp heten we de ‘MALMo’s’: Micro’s Aan en Lullen Maar.”

Lees ook

De makers van ‘De volksjury’: ‘Als we mannen waren, zouden we geprezen worden als comedians’

Honderd afleveringen hebben jullie ondertussen volgepraat. Zijn jullie rustiger dan in het begin?

Scheerlinck: “Absoluut niet. Het eerste uur nadat een nieuwe aflevering online is gekomen, vermijd ik het internet volledig. Als er dan een onbekend nummer belt, denk ik meteen: het is zover, we zijn gecanceld.”

Vandenbroeck: “Ik schiet in de nacht na een aflevering telkens nog meermaals wakker om mezelf voor het hoofd te slaan over iets wat ik wel of niet gezegd heb.”

Bij de eerste afleveringen waren jullie al blij als jullie moeders zouden luisteren. Doen ze dat nog steeds?

Scheerlinck: “De mijne belt me achteraf altijd met feedback. Ben ik daar blij om? (lacht) Het maakt me vooral gelukkig dat ik toch altijd enige trots in haar stem hoor.”

Vandenbroeck: “Onze mama’s zijn onze meest kritische luisteraars, maar ook onze enthousiastste supporters.”

Scheerlinck: “Op het podcastfestival in Oostende stonden ze op de eerste rij met een spandoek en een videocamera. Een echt Mean Girls-moment.”

Enthousiasme, spontaniteit en liefde voor het lugubere: wat bindt jullie nog?

Vandenbroeck: “We willen vooral hetzelfde in het leven. Bij de start kenden we elkaar nog maar net, dus was het een grote gok voor ons beiden.”

Scheerlinck: “Omdat we in België tot de pioniers van de podcast behoorden, konden we bij niemand te rade. We waren tot elkaar veroordeeld. Gelukkig hebben we dezelfde werkethiek: er vol voor gaan en opofferingen durven te maken. Wij duiken samen de burn-out in (lacht).”

Naast de podcast en de bijbehorende boeken hebben jullie elk nog een job: die burn-out lijkt een kwestie van tijd.

Vandenbroeck: “Tijdens het schrijven van dat eerste boek hebben we allebei op het randje gestaan, de weken voor de deadline belden we dagelijks met elkaar: ‘Gaat het nog met je?’ We zorgen voor elkaar. Gelukkig, want evengoed zei zij: ‘Zeur niet zo en schrijf verder.’ Ik heb al vaak gedacht: met iemand anders had ik dit nooit gered.”

Toch is dat tweede boek er heel snel.

Vandenbroeck: “We wilden dat sowieso schrijven en we hebben het momentum gewoon helemaal mee.”

Scheerlinck: “Ons eerste boek ging in verkoop op 15 mei 2021. Toen zeiden we nog tegen elkaar: ‘Als we dit jaar onze eerste druk uitverkopen, zijn we geslaagd.’ Diezelfde nacht zijn we al in tweede druk gegaan.”

Jullie tweede boek is ongetwijfeld een nieuwe bestseller, jullie maken de meest beluisterde podcast van Vlaanderen én er zijn al kerstballen met jullie gezicht op. Kunnen jullie dan niet van De volksjury leven?

Vandenbroeck: “Nog niet – we zijn geen YouTubers, hè. Hopelijk komt daar nu verandering in met het nieuwe boek, de merchandising en de liveshows. Want met onze huidige inkomsten kunnen we onze lening nog niet afbetalen.”

Scheerlinck: “Van een bestseller zul je niet snel rijk worden, tenzij je Jef Vermassen of Sandra Bekkari heet. In hun geval is dat natuurlijk terecht: als je 150.000 exemplaren verkoopt, hóóp ik dat je ervan kunt leven.”

Vandenbroeck: “Alles loopt beter dan we ooit durfden te dromen. Soms knaagt het wel even, als je bedenkt hoeveel tijd we erin steken.”

Scheerlinck: “Als je onze inkomsten deelt door onze werkuren, dan is het slavenarbeid (lacht). Maar dat zal nog verbeteren: podcasts hebben bewezen dat ze niet gewoon een trend zijn. We zijn beter dan de fidgetspinner!

“We hebben ook al verschillende aanbiedingen gekregen voor televisie, maar nog niets waar we volledig achter stonden. Als de tijd rijp is, zetten we die stap misschien wel.”

Misschien kunnen de liveshows een verschil maken: alle tickets waren in een uur de deur uit.

Scheerlinck: “Gek, hè? We wisten niet hoe groot de vraag zou zijn. Bij de try-outs in Gent stuurden we onze partners nog het publiek in om een vraag te stellen als er geen respons zou zijn. Maar het publiek was zó enthousiast.

“Ik heb wel ontzettend veel stress voor die liveshows. Telkens hoop ik dat de deur van het toilet blokkeert, zodat ik het podium niet op moet. Als ik dan sta te braken van de zenuwen kan ik me daar enkel over zetten door te denken aan onze luisteraars. Better be thankful, bitches.”

Worden jullie al BV’s genoemd?

Scheerlinck: “Er zijn twee woorden waaraan ik een hekel heb: ‘influencer’ en ‘BV’.”

Vandenbroeck: “Misschien D-klasse-BV’s. We worden geregeld herkend en we zijn zelfs gevraagd voor De ideale wereld. Maar dat dringt nog niet door. Als iemand ons wil interviewen, denken we telkens: waaróm ook weer?”

Scheerlinck: “We worden tenminste niet herkend om de foute redenen, een sekstape of zo (lacht). BV zijn vanwege iets waar je héél trots op bent: dat klinkt eigenlijk zo slecht nog niet.”

Silke Vandenbroeck (links): ‘Bij de start kenden we elkaar nog maar net, dus dat was een grote gok. Gelukkig zorgen we goed voor elkaar.’ Beeld Carmen De Vos
Silke Vandenbroeck (links): ‘Bij de start kenden we elkaar nog maar net, dus dat was een grote gok. Gelukkig zorgen we goed voor elkaar.’Beeld Carmen De Vos

SEXY DAHMER

Wegen die macabere zaken niet op jullie gemoed?

Vandenbroeck: “Ik voel soms wel een knoop in mijn maag tijdens het onderzoeken en opnemen, maar ’s avonds zet ik dat vrij makkelijk van me af. Anders zou ik het nooit volhouden.”

Scheerlinck: “Bij mij is het omgekeerd: ik wil álles weten en onderzoeken en merk achteraf pas hoe fucked-up het eigenlijk is.”

Ik heb net de aflevering over Junko Furuta beluisterd, die jullie zelf de gruwelijkste vinden. Ik was er even niet goed van.

Scheerlinck: “Proficiat, je bent geen sociopaat! (lacht) Maar nog belangrijker: je kent haar naam. En zégt haar naam. Ze is niet vergeten, terwijl we zo’n aflevering ook vanuit het standpunt van de moordenaar kunnen maken. Dan werd er nu over hem gesproken, maar zíjn naam ken je niet, hè? Dat maakt me wel een beetje trots.”

Dahmer, de truecrimehit op Netflix, werd bedolven onder commentaar van nabestaanden van zijn slachtoffers.

Vandenbroeck: “Volledig terecht! Die serie vertelt het verhaal vanuit zíjn perspectief. Wij proberen altijd het omgekeerde te doen.”

Scheerlinck: “Het is ongelooflijk dat een reeks vandaag nog een knappe acteur in de rol van een seriemoordenaar op de poster plaatst. Komaan, er zijn zelfs scènes van een sexy Jeffrey Dahmer zonder T-shirt. Dat vind ik zó misplaatst.

“Hetzelfde geldt voor de film over seriemoordenaar Ted Bundy: Extremely Wicked, Shockingly Evil and Vile. Zac Efron cast je niet omdat hij de beste acteur is, maar omdat hij een knappe man is die het truecrimepubliek van jonge vrouwen aanspreekt. Dat is té makkelijk.”

Kregen jullie zelf al boze reacties van nabestaanden?

Scheerlinck: “Tot nu toe enkel fijne commentaren. Voor ons eerste boek interviewden we de vader van Nathalie Geijsbregts, het 10-jarige meisje dat in 1991 is verdwenen. Zijn eerste reactie was opluchting: ‘Ik ben zo blij dat er nog eens aandacht naar de zaak gaat.’ Het biedt vaak troost voor nabestaanden dat hun geliefde niet wordt vergeten. Met onze podcast hebben we zo al een aantal zaken opnieuw onder de aandacht gebracht. Misschien kan dat ooit wel tot een nieuwe aanwijzing of doorbraak leiden.”

Jullie spraken voor het eerste boek met de intussen vermoorde Nederlandse misdaadjournalist Peter R. de Vries. Waren jullie hard getroffen door het nieuws over zijn dood?

Scheerlinck: “De aflevering daarover was voor ons beiden de zwaarste die we ooit hebben gemaakt. We lachten vroeger in de podcast dat we de Peter R. de Vries-fanclub waren, dat was niet gelogen.”

Hij werd doodgeschoten om zijn journalistieke werk. Letten jullie op je woorden?

Vandenbroeck: “In die aflevering wél. Niet dat we dachten dat Ridouan Taghi (de vermoedelijke opdrachtgever, red.) voor onze deur zou staan, maar toch. We wéten dat er in de gevangenis naar ons wordt geluisterd.”

Scheerlinck: “Ons boek werd al aangevraagd in verschillende instellingen. Onlangs spraken we iemand die vastzat voor wurging en we vroegen haar of ze onze podcast kende. Blijkbaar luisteren zowel gevangenen als cipiers naar ons!”

Vandenbroeck: “We wikken en wegen natuurlijk niet elk woord.”

Scheerlinck: “Maar dat is wel de reden waarom we geen afleveringen maken over de drugscriminaliteit, waarmee De Vries veel bezig was. Dan zou ik wél slecht slapen, als je ziet hoe de granaten hier tegen de gevels vliegen (lachje).”

Silke Vandenbroeck (links): 'Je staat daar niet bij stil, maar na die eerste coming-out tegen je vrienden en familie is niet alles achter de rug. Ik moet overal waar ik kom een coming-out doen, tegen wildvreemden.' Beeld Carmen De Vos
Silke Vandenbroeck (links): 'Je staat daar niet bij stil, maar na die eerste coming-out tegen je vrienden en familie is niet alles achter de rug. Ik moet overal waar ik kom een coming-out doen, tegen wildvreemden.'Beeld Carmen De Vos

UIT DE KAST

Een andere veelgehoorde kritiek is dat jullie te feministisch zijn.

Vandenbroeck: “Dat horen we graag!”

Scheerlinck: “Mijn moeder vertelt me geregeld dat ik te veel op de barricaden sta. Dat beschouw ik als een compliment van een boomer.”

Vandenbroeck: “We hebben een platform, waarom zouden we dat niet gebruiken om te praten over wat we belangrijk vinden? Racisme, genderongelijkheid, femicide, homofobie: er komt veel aan bod.”

Scheerlinck: “Natuurlijk komen ook daar negatieve reacties op. Maar kijk, we worden niet betaald door de overheid of een zender, dus we vertellen wat we willen.”

Commercieel gezien is dat misschien niet de beste keuze.

Scheerlinck: “Klopt, maar onze prioriteiten liggen elders.”

Vandenbroeck: “Wij vinden dat belangrijk, en als luisteraars erdoor afhaken of adverteerders niet met ons in zee willen, is dat hun probleem.”

Scheerlinck: “Na de racismeaflevering kregen we een bericht: ‘Ik kom uit een Vlaams Belang-nest en jullie hebben me doen inzien dat ik niet per se moet stemmen zoals mijn ouders.’ In de aflevering over de moord op de abortusdokter hebben we zelfs de standpunten van alle Vlaamse partijen overlopen: zo open je mensen de ogen. We duwen niemand in een bepaalde richting, maar proberen wel je blik te verbreden.”

Vandenbroeck: “Mensen leven gewoon in hun bubbel. Dat is logisch: als je niemand kent die queer of gekleurd is, is het moeilijk om je in zo’n persoon in te leven. Maar toen ik me outte in de podcast, kreeg ik daar wel heel veel positieve reacties op.”

Was je daar dan zenuwachtig over?

Vandenbroeck: “Ja. Pas op: ik ben uit de kast gekomen op mijn 15de en mijn ouders reageerden daar supergoed op. Maar het heeft geduurd tot ik bijna dertig was voor ik me er helemaal op mijn gemak bij voelde. Ik ben altijd een beetje bang voor wat mensen van me zullen denken.”

Scheerlinck: “Die coming-out is met kleine stapjes gegaan. Eerst sprak je over ‘mijn partner’, later ‘mijn vriendin’, en ik weet nog dat je de eerste keer ‘Annick’ zei: ik viel bijna van mijn stoel. Ik vond het zo bewonderenswaardig, maar ook fucking gênant dat ik zonder nadenken ‘mijn lief Lucas’ kan zeggen en zij dat steeds moet afwegen.”

Vandenbroeck: “Op een bepaald moment voelde ik me zelfzekerder dan ooit, en ik dacht: het zou belachelijk zijn om over de rest van mijn leven open te zijn en dat dan geheim te houden. Maar uit de kast komen is telkens weer een opgave.”

Hoe vaak kom je dan uit de kast?

Vandenbroeck: “Wekelijks. Je staat daar niet bij stil, maar na die eerste keer tegen je vrienden en familie is niet alles achter de rug. Ik moet overal waar ik kom een coming-out doen, tegen wildvreemden. Mensen gaan er zomaar van uit dat je hetero bent. Voor mijn vakantie vroeg ik een internationaal rijbewijs aan en ik zei nog tactvol: ‘Voor mij en mijn partner.’ Terwijl ‘partner’ zo’n kotswoord is.”

Scheerlinck: “Dat klinkt zó aseksueel.”

Vandenbroeck: “Maar dan nog schakelde die medewerkster ineens over op ‘jouw man’. Dan moet ik zomaar weer uit de kast komen tegen een onbekende dame van de gemeente. En mensen hangen er altijd een subtiel waardeoordeel aan vast. Zelfs als ze laten merken dat ze er absoluut geen probleem mee hebben, denk ik: hoeft gewoon niet. Allemaal makkelijk te vermijden als de maatschappij niet zo heteronormatief zou zijn.”

Krijg je nog vaak reacties op je coming-out?

Vandenbroeck: “Er zijn al tieners voor het eerst uit de kast gekomen bij míj, nog voor ze het tegen hun ouders of vrienden durfden te zeggen. Ik probeer daar altijd op te reageren, want ik weet hoe groot die stap is. Dan luister ik of begeleid ik hen in de juiste richting, want ik ben natuurlijk geen gediplomeerd psycholoog.

“Er zijn ook veel berichten van mensen die blij zijn dat er nog eens een queer iemand in de media komt, en voor de verandering een vrouw. Toen ik opgroeide, had je enkel Yasmine en Ellen DeGeneres, maar die stonden mijlenver van me af. Nu kan de jongere generatie zich in mij herkennen. Zo voel ik zelf weer dat het honderd procent oké is te zijn wie ik ben.”

Je bent een rolmodel voor de lgbtqia-gemeenschap.

Vandenbroeck: “Terwijl ik dat vroeger nooit wilde zijn! Mijn grootste angst was dat mensen mij alleen nog zouden zien als iemand in dat hokje. Terwijl ik nu weet: dat ís ook gewoon een belangrijk facet van mijn identiteit. En door het openlijk over homofobie te hebben, en te vertellen dat ik me nog steeds angstig voel met mijn vriendin op straat, kan ik ook echt iets betekenen voor die community.”

Scheerlinck: “En dat is een fucking leuke community, hè. Ik ben daar zo jaloers op (lacht). Nu wordt Silke gelukkig gewoon gereduceerd tot ‘die van De volksjury’.”

Als ik dat zo hoor, is De volksjury voor jullie veel meer dan een truecrimepodcast.

Scheerlinck: “Dat is ook wel zo, maar dat mogen de mensen eigenlijk niet weten. Ze komen voor de moordverhalen en dan slaan we plots toe met onze brainwashing (lacht).”

Laura Scheerlinck (rechts): ‘Mijn moeder zegt dat ik te veel op de barricaden sta. Dat beschouw ik als een compliment.’ Beeld Carmen De Vos
Laura Scheerlinck (rechts): ‘Mijn moeder zegt dat ik te veel op de barricaden sta. Dat beschouw ik als een compliment.’Beeld Carmen De Vos

KATERS EN OOGCRÈME

Over naar jouw liefdesleven, Laura: acht jaar samen, zonder kinderen of trouwplannen. Dat worden leuke familiefeesten.

Scheerlinck (lachje): “Ik kijk ernaar uit. Onlangs heb ik twee maanden de alcohol afgezworen, gewoon zomaar, en die fonkelende oogjes in het gezelschap telkens als ik een bruiswater bestelde: verschrikkelijk! Ik snap het ergens wel: ik ben hetero, heb een vaste relatie en een huis, dus lijken kinderen de logische volgende stap. Maar altijd weer dat ‘En, wanneer is het zover?’: dat vind ik nóóit gepast. Er zijn genoeg koppels met een onvervulde kinderwens, twijfels in hun relatie of een gecompliceerde zwangerschap. Het is een kutvraag en telkens voel ik me weer gereduceerd tot een baarmoeder.

“(Op dreef) Zelfs nu ik nog geen kinderplannen heb, krijg ik al de vraag of ik een kind wel zou kunnen combineren met mijn job en de podcast. Mijn lief werkt in het nachtleven en niemand vraagt hem om vier uur ’s nachts: ‘En, hoe ga je dat doen als er een kleine is?’ Maar goed, mijn moeder zal me weer heel feministisch vinden na dit interview (lacht).”

Vandenbroeck: “Ik krijg al medelijden met de eerste nonkel die je aanspreekt.”

Je hebt dus geen kinderwens?

Scheerlinck: “Misschien wel, maar zeker niet in de nabije toekomst – ik ben nog niet klaar om mijn slaap op te geven. Een kind dat naar het toilet kan gaan en zich kan uitdrukken, dát lijkt me tof. Maar zo’n baby kan niet zeggen wat hij wil, hè, en dat jaagt me angst aan.

“Vooral mijn moeder zit erop te wachten: ‘Wat moet ik anders doen als ik met pensioen ben?’ Ze kan altijd een hobby zoeken, denk ik dan.”

Vandenbroeck: “Mijn ouders hebben me gelukkig al gerustgesteld dat ze dat niet per se verwachten.”

Heb jij er zelf al over nagedacht, Silke?

Vandenbroeck: “We spreken er wel over, want het kan natuurlijk op veel manieren – alleen een ongelukje zal het niet worden (lacht). Maar we bespreken niet alleen hoe, maar ook óf we wel kinderen willen. Dat is geen evidentie meer zoals vroeger. En hoe stom het ook klinkt, op dit moment is De volksjury onze baby.”

Scheerlinck: “Ik schaam me daar niet voor. Momenteel ligt mijn focus op mijn carrière. We hebben nog alle tijd. Mijn moeder is op haar 28ste van mij bevallen, dat was láát voor die tijd. Nu zie ik collega’s moeder worden op hun 40ste.”

Vandenbroeck: “Je kunt tegenwoordig zelfs eitjes laten invriezen. Dat neemt alle druk weg.”

Jullie hebben net de kaap van 30 gerond. Hoe oud voelen jullie je?

Vandenbroeck: “Exact zo oud als ik ben. Toen ik 25 was, kampte ik met een quarterlifecrisis: net afgestudeerd en nog veel hoop en dromen die je metéén moet verwezenlijken, maar dat lukt niet van de ene dag op de andere – stress! Het leek altijd alsof ik alles moest doen tussen 18 en 25, maar er is nog zoveel tijd erna. Je kansen zijn nog niet op. Zodra je dat beseft, wordt alles rustiger.”

Scheerlinck: “Wel goed om te weten: hoe ouder je bent, hoe langer je katers worden. Ik moet dat inplannen tegenwoordig. Twee dagen zie ik af! Dus aan alle twintigers: geniet nog van de periode dat je geen slaap of oogcrème nodig hebt.

“Dertig worden leek altijd zo’n grote stap, maar toen het moment was aangebroken, had ik daar weinig problemen mee. Ik heb al zoveel mogen meemaken: een wereldreis met mijn lief, een eigen huis, twee boeken en een megasuccesvolle podcast. Als ik dat aan mijn 18-jarige zelf kon vertellen, zou ze heel trots zijn. Dat lijkt me het teken dat ik goed bezig ben. Nu ben ik superbenieuwd wat het komende decennium brengt. En als je ziet wat Kim Kardashian doet op haar 40ste, dan denk ik: bring it on!”

Afspraak over tien jaar!

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234