Zaterdag 19/10/2019

Muziekrecensie

‘Iedereen krijgt zijn tickets terugbetaald’: wanneer je lyrics een verschrikkelijke waarheid worden ★★★★☆

Beeld Wouter Maeckelberghe

Amerikaanse rapster Noname vulde voor een gezegend half uur lang het podium van de Botanique met uiterst sappig gerijmel en een vlijmscherpe tong, alvorens in tranen uit te barsten om het verlies van een vriend en het podium af te stormen. 

“My pussy wrote a thesis on colonialism

And y’all still thought a bitch couldn’t rap, huh?”

Zwart op wit doen de lyrics van Noname, born Fatimah Nyeema Warner, nogal stoer en onverbiddelijk aan – maar zie de jonge rapster uit Chicago op een podium staan, en de honingzoete, ontwapenende glimlach siert zoals gewoonlijk een onschuldige façade  gehuld in Converse, een sixties-jurkje en een zedelijk gestijlde haardos.

 De dochter van een boekenverkoopster uit de historische Bronzeville-wijk (ook wel Black Metropolis genoemd), leerde van haar grootmoeder met twee woorden spreken, en dat beviel haar kennelijk zo goed dat ze die bliksemsnel vermenigvuldigde tot alexandrijnen en epigrammen om u tegen te zeggen. Na een highschoolcarrière als slam poet beet de getalenteerde dichteres Noname zich vast in de rap, waar ze voor ons part nog jaren mag verwijlen. Samenwerkingen met andere begenadigde woordkunstenaars en stadsgenoten als Chance the Rapper konden niet uitblijven, en ondanks haar internationale bekendheid mag de letterlijk en figuurlijk labelloze Noname zichzelf terecht kunstenaar in plaats van rapcelebrity blijven noemen. Het zou ons zelfs bijna gaan verwonderen als het uitbrengen van haar derde plaat niet vergezeld gaat van het telefoontje: ‘Proficiat met uw Nobelprijs.’

In de Botanique trakteerde de rapster zonder naam (raar hoe die verwijzing doet denken aan een blanke zangeres van levensliederen, maar dat terzijde), ons op een medley van haar beste werken op kruissnelheid, met als drijvende motor een band die funkte als freaking Funkadelic. Toch werd het weergaloze werkstuk aan het begin van de set genaamd ‘Blaxploitation’, enigszins rommelig en struikelend ingezet, en voelde het doorjagen van de nummers soms ook alsof we als luisteraar niet gehéél welkom waren in de zaal – raar.

 Naast een geluidsmix waardoor het goddelijk geprevel van Fatimah niet altijd even goed tot zijn recht kwam tussen het geweld van haar überstrakke huisband, moeten we ook toegeven dat we niet altijd helemaal mee waren met de voorbijrazende spitsvondige lyrics. Maar hell: als William Shakespeare z’n meest eloquente sonnetten op zulk diabolisch tempo aan de man had gebracht, hadden we ook even moeten nadenken voor de pointe ons met de witte handschoen in het gezicht sloeg.

Beeld Wouter Maeckelberghe

Hoe dan ook: de lente kriebelde in onze neus, de mensen in het publiek roken naar musk en boterbloemen, Noname en de haren waren een streling voor het oog en er was geen wolkje aan de lucht – er hing hoogstens een bosje heerlijk geurende haren in onze rode wijn. Het was voor een keer zelfs een verademing dat een artiest een medley van eigen nummers afstak zonder dat die nummers echte hits waren, alsof geen enkel stukje heiliger was dan het vorige. Fatimah en haar band waren oprecht op elkaar ingespeeld, waardoor het, wanneer de perfectioniste soms de draad kwijtraakte, ook erg makkelijk was om simpelweg even opnieuw te beginnen. Nummers als Montego Bae, waarin de lieflijke nerd zich ontpopt tot een schoolvoorbeeld van sweet in the streets but a freak in the sheets, werden enthousiast meegelipt en geroepen door het publiek. 

De fantastisch wulpse baslijnen en gitaarriffs kregen een flinke live-upgrade zoals het een funkband (en eigenlijk eender welke andere band, mark our words) betaamt. De rappende boekenwurm trakteerde het publiek op vuilbekkerij tijdens en tussen de nummers in, waarbij ze zich ook nog eens een komisch talent toonde – iets waar ze zichzelf meer dan bewust van was. 

“I don’t know if it’s a cultural difference or whatever, but back in The States, when I say something funny or clever, people usually go like ‘DAMN’...” verweet ze ons een gebrek aan enthousiasme. Een gênante terechtwijzing die we zo goed en zo kwaad als het ging probeerden recht te zetten door Noname nog steeds iets te beleefd, te blank en te Belgisch als we zijn, toe te kirren en te juichen.

De doorgaans dankbare en lieflijke Noname drenkt desondanks haar verdere bindteksten in een duister sarcasme. We zijn nog maar een halfuur onderweg in de set en tijdens ‘Don’t Forget About Me’ wordt de band een halt toegeroepen. 

I know everyone goes some day//I know my body’s fragile, know it’s made from clay// But if I have to go, I pray my soul is still eternal 

- please stop the music.

 Tranen rollen over de blinkende wangen van de rapster.

“I’m Noname and I’m so sorry – everyone’s tickets will be refunded.”

Beeld Wouter Maeckelberghe

Fatimah verontschuldigt zich voor het brakke optreden, prevelt verward een korte uitleg bij elkaar en probeert nog één nummer te spelen, maar helaas. 

“Nipsey died” is wat we uiteindelijk begrijpen. 

Juist – bijna vergeten. Noname woont sinds kort in L.A. en werd daar vrienden met Nipsey Hussle – een rapper met wie ze onder andere een passie voor comedy deelde. De rapper werd twee dagen geleden voor zijn winkel in L.A. in de rug en in het hoofd geschoten en stierf later in het ziekenhuis. 

Het is eigenlijk niet onze plaats om hier nog meer woorden aan vuil te maken in de veronderstelling dat we nog maar een beetje kunnen begrijpen wat er gisteren in Nonames hoofd rondzwierf. Maar dat het een intens half uur was, waarin een artieste die zwaar onder emotionele druk stond ons het beste van zichzelf gaf, staat buiten kijf. Een begenadigde dichteres heeft ons een halfuur van haar zielenroerselen doen proeven, en dat was meer waard dan de prijs van het ticket – geen terugbetaling zou op zijn plaats zijn.

Om toch nog even wat kadering te schenken bij hoe lastig Noname het moet hebben gehad, heeft u hier een excerpt uit de sample waarmee Noname haar nummer ‘Blaxploitation’ eindigt.

“I was born black, I live black and I’mma die probably because I’m black. Because some cracker that knows I’m black better than you, nigga, is probably gonna put a bullet in the back of my head.”

R.I.P. Nipsey, en oneindig veel dank aan Noname en haar band voor de muziek. 

P.S. We sure do know a b*tch can rap now.

Beeld Wouter Maeckelberghe
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234