Maandag 15/08/2022

AchtergrondRobbedoes

‘Hoop in bange dagen’: hoe deze stripauteur ‘het saaie jongetje’ Robbedoes liet transformeren tot verzetsheld

Emile Bravo. Beeld AFP
Emile Bravo.Beeld AFP

Het kostte stripauteur Emile Bravo tien jaar van zijn leven, maar het slot van het vierluik Hoop in bange dagen ligt eindelijk in de rekken. Daarin sluit Robbedoes zich aan bij het verzet en helpt hij joden om onder te duiken tijdens de Tweede Wereldoorlog. Prima materiaal ook voor een expo in Kazerne Dossin, die nog tot half september loopt.

Geert De Weyer

“Geef toe, bij zijn eerste verschijning was hij toch een oninteressant klein jongetje met slechte grappen?” stelt Emile Bravo (58). “Goed, het was 1938 en hij fungeerde in het blad (‘Spirou/Robbedoes’, GDW) als mascotte, maar uitgever noch auteur hadden nagedacht over wie hij was. Het was zoeken naar een zweem van persoonlijkheid.”

Alles veranderde toen Franquin eind jaren veertig de reeks overnam, meent Bravo. “Toen werd hij interessant en liet hij zich opmerken als een jonge kerel met karakter en een geweten. Hij transformeerde van simpele piccolo tot avonturier/journalist. Die versie intrigeerde me. Ik wilde weten hoe hij daar beland was, wat daarvoor nodig was. Hoop in bange dagen is mijn antwoord op die vragen.”

Vanuit zijn Parijse appartement, vier hoog in het tiende arrondissement, vertelt de Fransman honderduit over het vierluik waar hij tien jaar aan werkte - vier jaar schrijven en zes jaar tekenen, goed voor zo’n 350 pagina’s.

Een pagina uit het vierde en laatste deel van 'Hoop in bange dagen'. Beeld RV
Een pagina uit het vierde en laatste deel van 'Hoop in bange dagen'.Beeld RV

Met resultaat. Alleen al in Frankrijk gingen er zo’n 300.000 exemplaren over de toonbank, en ook de pers draagt hem op handen. Knap, want met Hoop in bange dagen koos Bravo niet meteen voor een makkelijk verhaal. In deel één van dit vierluik situeerde hij Robbedoes aan het begin van de Tweede Wereldoorlog. In het slotdeel, dat nu uitkomt, eindigt de oorlog en zijn de littekens, de deportaties, de jodenhaat en het gratuite geweld een feit.

Waarom hij de piccolo na 84 jaar zorgeloze, vrolijke avonturen in die vreselijke periode plaatste? “Simpel: veel mensen met zo’n zuiver geweten als dat van Robbedoes hebben een trauma moeten oplopen om de dingen in perspectief te brengen.”

Tragikomedie

“Je hebt nog niets gezien”, vertelde Bravo zo’n vier jaar geleden in deze krant bij de verschijning van deel één. Daarin marcheerden zwarten laarzen door de Brusselse straten, gingen de fascistische jongeren van het Vlaamsch Nationaal Verbond (VNV) op de vuist met de katholieke scouts en werden zwaar verbrande lijken na een Duits luchtbombardement getoond. “Maar dat album verbeeldde slechts de eerste maanden van het eerste oorlogsjaar en was klein bier vergeleken met wat kwam: de Holocaust.”

Lezers dachten dat Bravo Robbedoes in een concentratiekamp zou laten belanden. Heel even speelde de Fransman ook met dat idee. “Maar Robbedoes naar Auschwitz sturen bleek onmogelijk. Hij is te jong en zou meteen naar de gaskamer zijn overgebracht. Zelfs al mocht hij het overleven, wat zou hij dan moeten doen? Hoe kon ik van daaruit zijn menselijkheid uitleggen?”

Hij besefte ook snel dat het verhaal efficiënter zou zijn zonder het tonen van expliciet geweld. “Vergeet niet: het moest een tragikomedie worden. Dat genre laat niet toe dat je er zomaar de grenzen van opblaast.” Al is er wel die ene scène in de kelder van de Gestapo. “Daar zie je inderdaad de effecten van vreselijk geweld. Maar het was cruciaal dat de lezer op dat moment bang werd en besefte dat foltering toen een alledaagse praktijk was.”

Kopzorgen waren er ook over de wijze waarop Bravo Robbedoes in België moest houden en tegelijk (de angst van) de deportaties en concentratiekampen moest aantonen. Tot hij die ene schilder ontdekte: Felix Nussbaum.

Bravo veert op en haalt uit het rek een boek rond kunststromingen in de twintigste eeuw, op maat van kinderen. “Ik was stomverbaasd toen ik daarin op de mij onbekende Nussbaum botste. Hij intrigeerde me. De man leefde in Brussel tijdens de bezetting, moest voortdurend onderduiken en maakte schilderijen waarin hij zijn angsten onder ogen kwam.”

null Beeld RV
Beeld RV

In Hoop in bange dagen wordt hij een van Robbedoes’ beste vrienden. “Omdat hij symbool staat voor die periode. Via Robbedoes kon ik perfect aantonen hoe zo’n artiest zich gevoeld moest hebben. In juli 1944 werd hij samen met zijn vrouw met het laatste konvooi uit België naar Auschwitz-Birkenau gebracht. Geen van beiden kwam terug. Robbedoes doet in dit verhaal alles om hem te behoeden voor het nazigeweld, maar moet toezien hoe Nussbaum niet anders kan dan schilderen en zelfs dat ene zelfportret met jodenster afwerkt. Zijn bekende Triomf van de dood (Nussbaums laatste olieverfschilderij, dat hij afwerkte twee maanden voor zijn deportatie, red.) waarin lijken muziek maken op oorlogspuin, fungeert als laatste pagina in dit vierde deel als een eerbetoon.”

Toch is het niet allemaal kommer en kwel. Bravo wilde per se zijn reeks eindigen met een geestige noot. “Weinigen die het opmerkten”, glimlacht hij terwijl zijn vinger het slotplaatje van zijn vierluik aandrukt. Daarop fietsen Robbedoes en Kwabbernoot, de eerste in een piccolo-uniform met korte broek en de tweede met een geel hemd en knalgele wintermuts, naar Rommelgem.

Bravo legt er Franquins eerst Robbedoes-album naast: Er is een tovenaar in Rommelgem. Op de beginpagina’s daarvan fietst het olijke duo in krèk dezelfde outfit richting Rommelgem. “Mijn vierluik eindigt waar Franquin’s Robbedoes begint. De cirkel is rond,” besluit een trotse Bravo.

null Beeld RV
Beeld RV

Hoop in bange dagen verscheen bij Dupuis. De expo Gewone mensen in oorlogstijd, met werk van Emilie Bravo en Erik de Graaf, loopt t.e.m. 18 september in Kazerne Dossin, Mechelen.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234