Woensdag 20/11/2019

De toogfilosoof

Hoe zou je niet kunnen spreken?

Michel Foucault en Jacques Derrida. Beeld belga

Van Socrates tot Freud: 20 weken lang vindt u bij de zaterdagkrant een boekje over een befaamde filosoof. Maar wat kunnen we anno 2016 nog opsteken van die 'denker van de week'? Vandaag: Stefan Hertmans over Jacques Derrida en Paul-Michel Foucault.

Ik kan me nog helder het moment voor de geest halen toen ik de dood van Michel Foucault vernam. Het was een mooie middag eind juni 1984. Ik stond voor mijn platenrek en hoorde het nieuws om 6 uur. Het sloeg in als een bom: de hippe filosoof met het kale hoofd die oppergod Jean-Paul Sartre had onttroond, was overleden aan een soort ziekte waarover men toen nog niet zoveel wist: aids. De filosoof die in interviews verklaard had geen filosoof te zijn maar een archeoloog van het weten, de man die in Les mots et les choses had verklaard dat zijn onderzoek naar de geschiedenis van onze kennis voor hem was begonnen met het lezen van de geniale fantast Jorge Luis Borges, deze markante, flamboyante denker outte zich door zijn dood postuum als slachtoffer van de seksuele bevrijding waarvoor hij mee had gestreden.

Foucault had wel degelijk Sartre onttroond - de oude marxist had zo weinig begrepen van Foucaults denken dat hij hem had weggezet als bourgeoisreactionair, hoewel ze later schouder aan schouder stonden tijdens het straatrumoer in mei '68.

Het project dat Foucault op zich had genomen, was in principe enorm: hoe kun je de geschiedenis van de menselijke kennis anders bekijken? Hij zag die niet als project van een triomferende rationele verlichting maar als een veelgelaagde structuur van dominanties, een op elkaar liggend pak 'vertogen' die telkens de macht hadden gegrepen om een wereldbeeld te consolideren. Daarin stond niet langer een soeverein verlicht subject centraal, maar een mens die de speelbal was van waarheid en fictie. De theorie van Foucault ondermijnde elk discours over objectieve ideologieën - vandaar Sartres afkeer.

Stefan Hertmans. Beeld Franky Verdickt

Stefan Hertmans

• Gent, 31 maart 1951

• doceerde aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (Hogeschool Gent)

• publiceerde ruim dertig poëziebundels, romans en essayverzamelingen

• won de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Poëzie (1995)

• Oorlog en terpentijn won in 2014 de AKO Literatuurprijs en de prijs van de Gouden Boekenuil-lezersjury

Kennis is voor Foucault een collectieve culturele praktijk, geen op zich staande theorie. Daarom kon hij ook geen filosoof meer zijn in de ouderwetse betekenis van het woord: ook hij, als schrijvend denker, was onderdeel van het spel dat het weten met ons speelt. Omdat er geen objectieve band tussen de woorden en de dingen bestaat, blijkt het enige cement tussen ons en de omgevende wereld de taal te zijn: de taal sticht de wereld doordat ze die een structuur verleent. Het is dus zaak onze vertogen kritisch te ontleden om greep te krijgen op de structuren van de macht. Foucault zag zichzelf, met een woord van Nietzsche, dan ook als een genealoog: iemand die de stamboom van de kennis wou natrekken.

Zijn studies over het gevangeniswezen, de kliniek en de waanzin leerden een hele generatie radicaal anders te kijken naar de macht van wat hij de 'episteme' noemde, de kennis als praktijk. Op de bodem van de menswetenschappen zit niet 'de mens', maar een denkstructuur die de mens in de greep houdt. Omwille van die vaststelling was Foucault ook een explosief politiek en maatschappelijk denker. Zijn studie over de seksualiteit probeerde ook het weten omtrent de seksualiteit te interpreteren als een praktijk van genot en verbod, een manier om menselijk gedrag via allerlei structuren te reguleren. Maar misschien blijft mij zijn kleine boek over de verbeelding van de bibliotheek het meest dierbaar: literatuur was voor Foucault een veld van transgressie, waar het denkend wezen zich in de onpeilbare nacht van de menselijke verbeelding verliest om er zichzelf als een droombeeld tegen te komen.

De ultieme rabbijn

Twintig jaar later kwam de dood van die andere grote denker Jacques Derrida niet zo onverwacht, maar ze markeerde wel het einde van een tijdperk: dat van het postmoderne denken. Het werk van deze van origine Algerijns-joodse denker is decennialang door allerlei lieden fataal verkeerd begrepen als een ontkenning van 'waarheid'. De 'deconstructie' van waarheid was echter voor Derrida geen cynische mode, maar een toegewijde analytische praktijk, een manier om greep te krijgen op de manipulatieve aanspraken van waarheid.

Dat deed hij door al schrijvend aan te tonen waar de twijfel begon, waar de tekst ons in de maling neemt omdat we allerlei zaken voetstoots aannemen waar we overheen lezen, maar ook door de netwerken bloot te leggen die teksten onderling met elkaar verbinden. Daarom ook werkt zijn oeuvre sommige mensen zo op de zenuwen: Derrida vertraagt, saboteert, ondervraagt, keert om, voorziet van argumenten en tegenargumenten tot je het einde niet meer ziet. In feite is het een immens kluwen van marginalia van een joodse schriftgeleerde - een geniale ultieme rabbijn.

Ik woonde ooit één les van hem bij: die over de vriendschap, naar aanleiding van de polemiek rond het werk van de Belgische filoloog Paul de Man, dat hij op aangrijpende manier in verdediging nam. Het was een adembenemende ervaring. De wervelwind van zijn gedachten was doortrokken van de trouw aan een vriend: de pijn die de hetze hem had bezorgd, zette hij om in een denken dat ons haast vrolijk stemde en sterkte in de overtuiging dat het hem uitsluitend ging om de integriteit van het denken.

Een van zijn mooiste boeken vind ik nog steeds het kleinood Comment ne pas parler - hoe je niet moet spreken, hoe je moet vermijden te spreken, hoe het onmogelijk is niet te spreken. Toen zijn dood naderde, gaf hij toe dat men daarmee nooit in het reine kan zijn. De creatieve twijfel die daaruit voortkwam, was zijn grootste kracht. Om die reden lees ik hem nog geregeld, en ik kom er steeds verfrist en monter weer uit tevoorschijn, beseffend dat ik het eigen weten telkens weer moet leren relativeren.

Volgende week: Frank Vandenbroucke over John Rawls

Jacques Derrida

• El-Biar, Algerije. 15 juli 1930. Sefardische joden. In die context werd in het gezin Derrida het jongetje Jackie Élie geboren, later bekend als Jacques.

• Het antisemitisme van het Vichy-regime onderbrak twee keer zijn schoolcarrière. In 1949 verhuisde hij naar Frankrijk voor zijn opleiding filosofie aan de école normale supérieure (ENS). In juni 1957 huwde hij psychoanalytica Marguerite Aucouturier.

• In de jaren 60 doceerde Derrida filosofie aan de Sorbonne en de ENS. Zijn internationale doorbraak kwam er in 1966. Een jaar later publiceerde hij La Voix et le Phénomène, L'écriture et la différence en De la grammatologie, dat ons 'Er is niets buiten de tekst' opleverde.

• Derrida kwam op de proppen met de deconstructie, een semiotische analyse van de tegenspraak binnen teksten.

• Parijs, Frankrijk. 9 oktober 2004. De operatie- afdeling van een ziekenhuis. Na een dik jaar strijd leveren werd Jacques Derrida geveld door pancreaskanker.

Paul-Michel Foucault

• In een conservatief middenklassegezin uit Poitiers kwam op 15 oktober 1926 een activistisch denkertje ter wereld: Paul-Michel Foucault.

• Vader Paul, een arts, gedroeg zich bruut. Uit rebellie ging de kleine filosofie, psychologie en ge-schiedenis studeren, géén geneeskunde. De student koesterde een fascinatie voor drugs en zelfverwonding, soms net niet met de dood tot gevolg.

• Foucault gedroeg zich redelijk homoseksueel. In 1958 moest hij door dat gedrag Polen verlaten. In het homomilieu van San Francisco leerde hij de geneugten van sadomasochisme kennen.

• Als academicus wierp hij een licht op het verband tussen macht en kennis, en hoe die worden gebruikt voor sociale controle. Zijn studie De woorden en de dingen (1966) had grote invloed.

• Een droog hoestje begon hem te plagen in 1983. Het bleek hiv te zijn. Op 25 juni 1984 doofde zijn leven vol activisme en gewaagde theorieën uit.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234