Zondag 20/09/2020

InterviewTheaterfestival

‘Hoe meer geld ik voor mezelf heb, hoe beter: blijkbaar is dat solidariteit in de kunsten’

V.l.n.r. Gorges Ocloo, Martha Balthazar en Khalid Koujili El Yakoubi schoppen tegen de schenen van de podiumsector. Beeld Tim Coppens

Het is haast symbolisch: nu het theaterveld in diepe coronacrisis zit, wordt het nieuwe seizoen geopend door drie theatermakers met uitzonderlijk veel branie. Op de eerste dag van het TheaterFestival brengt Gorges Ocloo de State of the Union, Martha Balthazar en Khalid Koujili El Yakoubi nemen de State of the Youth voor hun rekening. ‘Het is tijd voor radicale verandering.’

Twee uur lang aan tafel met Gorges Ocloo, Martha Balthazar en Khalid Koujili El Yakoubi, dat is twee uur lang luide lachsalvo’s, onstuimige tirades, instemmend geknik en af en toe een zachte bekentenis. “De sector moet de coronacrisis aangrijpen om het engagement waar te maken waar iedereen altijd prat op ging.”

Van ver zou je kunnen opmerken dat ze alledrie erg van elkaar verschillen. Gorges Ocloo is als veelgevraagd regisseur, speler en artistiek leider van het Mechelse jeugdtheater De Maan misschien wel the hardest working man in podiumland. Khalid Koujili is acteur en theatermaker en maakte samen met regisseur Thomas Bellinck zijn eerste grote zaalvoorstelling De bevrijding van het edelhert voor hetpaleis. Martha Balthazar is op haar 23ste al veel meer dan de dochter van Nic Balthazar en Lieve Blancquaert. Niet alleen zette ze haar eerste stapjes in het podiumveld als dramastudent in het KASK, ze liet zich tot nu toe vooral opmerken via publicaties zoals het SamPol-essay waarvoor ze de Emile Zola Prijs 2020 won.

Wit kunstonderwijs

Waarom Koujili en Balthazar samen een state brengen? “Khalid en ik hebben elkaar op het KASK leren kennen,” vertelt Balthazar. “Ik maak deel uit van het jonge spelerscollectief Camping Sunset en voordat we aan onze tweede productie begonnen, wezen de vier medestudenten van kleur – onder wie Khalid – ons erop dat we een exclusief witte bende zijn. Dat leidde tot een interessant gesprek dat ook buiten de oevers van die ene casus trad. In de state willen we dat gesprek verder zetten.”

Haar zin is nog niet af, of er klinkt een luide lach door de kamer. Ocloo giert het uit. “Wacht even, zei je nu dat er vier studenten van kleur in de drama-opleiding van KASK zitten? Viér? Oh my god, I love this sector. Wist je dat ik de eerste zwarte persoon ben die is afgestudeerd aan het Ritcs?” Koujili bevestigt meteen dat er wat dat betreft nog werk aan de winkel is: “Je ziet vaak dat mensen van kleur in de loop van de opleiding afhaken en niet afstuderen. Ze ervaren drempels waar witte mensen geen last van hebben.”

En die drempels zijn niet min. “De meesten onder ons hebben om te beginnen al geen middenklasseouders die onze studie betalen”, zegt Koujili. “Maar het gaat ook over codes, opvattingen en ideeën over wat goede kunst is.” “Zeer herkenbaar”, vult Ocloo aan. Ik heb veel gehad aan mijn opleiding maar ik heb ook moeten knokken. Ik heb vaak de opmerking gekregen dat mijn werk te hermetisch was omdat ik een beeldtaal gebruikte die niet altijd herkenbaar is voor witte mensen. Ik heb gelukkig voet bij stuk gehouden en daardoor heb ik wel een soort van respect afgedwongen bij mijn docenten.” “Ik heb lang gedacht dat ik kunst moest maken voor witte mensen omdat onze zalen daar ook vol mee zitten,” knikt Koujili, “vandaag wil ik dat mijn voorstellingen toegankelijk zijn voor een breed publiek.”

Covid

Het duurt niet lang of het gesprek gaat over het onvermijdelijke onderwerp: corona. Het virus betekent een ramp voor de podiumsector. Ocloo en Koujili hadden beiden een première op 13 maart, pal op de eerste dag van de lockdown. Al gaat het intussen over veel meer dan over afgelaste voorstellingen. “Dit is een plaag van Bijbelse proporties”, zegt Ocloo. “De aarde is uit de haak doordat we haar uitputten. We moeten dringend van koers wijzigen.”

En dat geldt volgens het drietal ook voor de kunstensector. “Sinds de lockdown is iedereen weer blindelings naar versnelling honderd geschakeld. Er wordt ontzettend veel gevraagd van een sector die eigenlijk al op is”, zegt Balthazar. Ocloo knikt heftig: “We moeten net terugschakelen zodat we het denken kunnen openbreken. Corona mag geen vrijgeleide zijn om de werkdruk nóg verder te verhogen en ons nóg slechter te laten betalen.” “Er is een groot gebrek aan institutionele moed om echt van richting te veranderen”, vult Koujili aan.

Wat er dan moet gebeuren volgens hen? “Ik zie te vaak dat huizen wel zeggen dat ze solidair zijn maar dat ze niks doen als puntje bij paaltje komt”, verzucht Balthazar. “Gelukkig zijn er tegenvoorbeelden zoals de Beursschouwburg, die samen met onder andere Globe Aroma de deuren heeft opengezet voor daklozen tijdens de lockdown.” “Ik vind dat we moeten evolueren naar een sector die de kunstenaar faciliteert in plaats van andersom”, zegt Ocloo. “Je krijgt toch niet uitgelegd dat alle medewerkers in organisaties een vast inkomen hebben terwijl het gros van de kunstenaars al freelancend van de ene slecht betaalde job naar de andere hopt? Wist je dat maar 25 procent van de subsidies naar kunstenaars gaat? Zonder kunst is er nochtans geen sector. Eén van de beste trompettisten die ik ken, is momenteel fruit aan het plukken. Ik vind dat om te huilen. Maar directeurs van grote huizen hebben vaak geen voeling meer met de working bee. Van verticale solidariteit is totaal geen sprake.”

Balthazar, Koujili en Ocloo: 'Covid-19 heeft ons laten zien dat het hele verloningssysteem van kunstenaars herzien moet worden.'Beeld Tim Coppens

Koujili knikt. “De mensen die het werk creëren, zijn de zwaarst getroffen groep. Ik maak het zelf ook mee. Als beginnend kunstenaar zonder kunstenaarsstatuut heb ik geen enkel vangnet. Covid-19 heeft ons laten zien dat het hele verloningssysteem van kunstenaars herzien moet worden.” “Weet je,” zegt Balthazar, “als je nu niet doorhebt dat dit het moment is om in te grijpen, dan ga je het nooit begrijpen – of was je het nooit echt van plan.”

“Ik zat onlangs op een vergadering met sectormensen”, vertelt Ocloo. “Ik heb daar letterlijk gevraagd hoe het nu eigenlijk zit met solidariteit in de kunsten. Is Toneelhuis bereid om zijn zaal open te stellen zodat alle kinderen uit Antwerpen naar een voorstelling van FroeFroe kunnen komen kijken? En ik had het niet over het huren van de zaal hé, wel over het delen van ruimte. Wel, het bleef akelig stil op die meeting. ‘Hoe meer geld ik heb, hoe beter’, dát is solidariteit in de kunsten. Eind vorig jaar was ik op een van de betogingen van de sector tegen de besparingen op de projectsubsidies. Er kwam toen iemand bedelen. De reacties op die man spraken boekdelen. Pas op, ik ben geen heilige. Ook bij De Maan hebben we niet goed voor elkaar gezorgd. Het is op zich wel gezond dat ik alles nu ook vanuit zo’n coördinerende positie meemaak en niet meer alleen vanuit de positie van de kunstenaar. Ik zie de twee kanten en ik heb voor alle duidelijkheid veel respect voor het werk dat communicatie- of productiemedewerkers verzetten.”

Black Lives Matter

Een andere gemeenschappelijke bezorgdheid, is de strijd tegen racisme. Voor Koujili is het een thema in zijn werk en Balthazar liet zich opmerken met een antiracistische opinie naar aanleiding van het wereldwijde protest tegen de moord op George Floyd. In de slipstream van diezelfde strijd kwam Ocloo naar buiten met een pakkende getuigenis over het racisme dat hem hier in België te beurt valt.

“Ik hoop echt dat de moord op Floyd iets heeft teweeggebracht en dat dit een keerpunt is”, zegt Koujili. “Het is fijn om te zien dat mensen eindelijk een standpunt in durven te nemen. Tegelijkertijd is er ook een tegenbeweging. Als ik zie hoe Covid-19 een vrijgeleide wordt om mensen uit bepaalde bevolkingsgroepen nog harder aan te pakken, ben ik bang dat we naar een politiestaat evolueren.”

Ocloo ziet het somber in. “Racisme zat net als seksisme al vervat in de Bijbel. Het is een eeuwenoude strijd en we zullen ze moeten blijven voeren. In Wisconsin heeft een agent vorige week nog een zwarte man doodgeschoten. Je krijgt aan witte mensen nooit echt uitgelegd wat zo’n nieuws met je doet. Ik word áltijd raar bekeken in de metro en als ik een dure fiets wil kopen, polst de verkoper of ik dat wel kan betalen. Ik snap waarom sommige jongeren met stenen naar de politie gooien. De echte dieven wonen in Tervuren hé jongens, niet in Molenbeek.”

Het is even stil aan tafel. “Ik vrees inderdaad dat er weinig dreigt te veranderen zolang er mensen zijn die baat hebben bij het status quo”, zegt Balthazar. “Je ziet dat trouwens ook met het diversiteitsvraagstuk binnen de kunsten. Het wordt een vorm van ticking boxes: iedereen wil nu iemand van kleur in de ploeg, maar heel vaak laten organisaties geen echte verandering toe.” “Ja hoor,” bevestigt Ocloo. “Je mag op de poster gaan staan als zwarte in de voorstelling want dat is goed voor het imago. Maar in wat je te vertellen hebt, zijn ze niet geïnteresseerd. Slave trade!”

“Ik ben kwaad omdat ik verdomme van de sector hou”, zegt hij terwijl hij op tafel klopt. “Ik doe mijn werk onwaarschijnlijk graag. Maar ik voel dat er iets niet klopt en daarin ben ik lang niet alleen. En zoals dat gaat in een goede relatie moet je erover praten. Als de lavabo stinkt, moet je ermee aan de slag.”

3/9 18u Kaaitheater, Brussel. Live-stream in Antwerpen en Gent. Theaterfestival.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234