Maandag 21/10/2019

Essay

Hoe lezen het vrouwelijke bewustzijn wakker schudt

Beeld Andrea Wan

Of het nu vlammende pamfletten zijn of voldragen romans: in de vrouwenstrijd wakkeren boeken al vele decennia lang het vuur aan.

Een dik jaar geleden startte actrice en VN-ambassadrice Emma Watson een leesgroep op Goodreads.com, een socialemediasite voor boekenliefhebbers. Om haar werk voor UN Women goed te kunnen doen, had Watson een sabbatjaar genomen zodat ze zich kon inlezen in de materie. Het verbaasde haar niet alleen hoeveel literatuur er bestaat die op een of andere manier inzicht verschaft in feminisme en bij uitbreiding het leven van vrouwen, maar ook hoe grappig, inspirerend, triest, provocerend en krachtig veel titels zijn.

Intussen telt Our Shared Shelf, zoals de groep heet, meer dan 170.000 leden. Vrouwen en mannen uit alle landen ter wereld wisselen er van gedachten over titels als De argonauten van Maggie Nelson en De vagina monologen van Eve Ensler, Persepolis van Marjane Satrapi en Hunger Makes Me a Modern Girl van Carrie Brownstein, The Color Purple van Alice Walker en How to Be a Woman van Caitlin Moran.

Een rechtstreeks gevolg van die diverse titels is dat er heel wat vragen over feminisme in de groep worden gegooid. Is La-La-Land een feministische film? Kun je je benen scheren en toch feminist zijn? Of actueler: kan een feministe als Emma Watson zich wel halfnaakt voor Vanity Fair laten fotograferen zonder aan sérieux in te boeten?

De aanhoudende activiteit in de leesgroep illustreert dat de vrouwenzaak en het geschreven woord hand in hand gaan, en dat het tweede soms nodig is om het eerste op te porren. Zo bevrijdde Betty Friedans baanbrekende boek The Feminine Mystique (Het misverstand vrouw) talloze ontevreden Amerikaanse huisvrouwen uit hun gouden kooien. Hen was geleerd dat het huwelijk het hoogste goed was, en hun rol aan de haard. Maar na jaren van koekjes bakken, vloeren schrobben en de meubels in de boenwas zetten, kwamen ze tot de conclusie dat ze doodongelukkig waren. Toch hielden vrouwen dat gevoel angstvallig verborgen achter schone schijn.

Beeld RV

Tot Betty Friedan de vinger legde op 'het probleem waar men niet over sprak'. Het huisvrouwensyndroom staat voor je best doen om aan de verwachtingen te voldoen, maar er geen voldoening uit putten. Friedans analyse resoneerde hard. Het boek, dat vrouwen vaak stiekem aan elkaar doorgaven, bleek de spreekwoordelijke naald die de kloppende zweer open prikte. De herkenning en de pulserende woede zou voor de Amerikaanse vrouwen de eerste stap zijn in een beweging die hen zou bevrijden van het Stepford Wife-ideaal.

The Feminine Mystique brak potten, net zoals veertien jaar eerder Simone de Beauvoir dat had gedaan met Le deuxième sexe (De tweede sekse). De Beauvoir, haar tijd ver vooruit, studeerde literatuur, wiskunde en filosofie uit noodzaak omdat haar ouders niet rijk genoeg waren om een bruidsschat te betalen. Haar stelling 'On ne naît pas femme on le devient' is tot op vandaag voer voor discussie. Nog steeds begrijpen weinig mensen het verschil tussen het biologische geslacht en de culturele invulling die men eraan geeft.

Ondanks het succes van de boeken die al snel de status van cultklassieker kregen, hadden velen een hekel aan De Beauvoir en Friedan omdat ze 'boze vrouwen' waren. Toen Friedan zich tijdens een interview met LIFE magazine liet ontvallen dat het kinderen niet uitmaakt wie de vloer poetst, stroomden de boze lezersbrieven binnen. 'Als moeders dit advies volgen, zal het aantal echtscheidingen en jeugddelinquenten schrikbarend toenemen', aldus een lezer. 'Tegen de tijd dat de Amerikaanse vrouwen geïndoctrineerd zijn door Betty Friedan en Simone de Beauvoir, zullen ze zelfmoord willen plegen', aldus een andere.

Dat De Beauvoir wist wat haar te wachten stond - volkswoede, verkettering - staat te lezen in de eerste twee regels van het boek: 'J'ai longtemps hésité à écrire un livre sur la femme. Le sujet est irritant, surtout pour les femmes; et il n'est pas neuf. La querelle du féminisme a fait couler assez d'encre, à présent elle est à peu près close: n'en parlons plus.'

Girl's night out

Hoe scherp geschreven, hoe doorwrocht, en hoe eloquent verwoord ook: De Beauvoir voelde het publiek goed aan. Niet alle vrouwen zitten te wachten tot een feministisch auteur met de beste bedoelingen de waarheid als een natte stinkende dweil in hun gezicht slaat. Niet iedereen is gemaakt om op de barricade te staan. Sommigen hebben het gewoon goed, en zien het probleem niet. Anderen voelen zich best tevreden in hun kooi, en vinden vrijheid eerder beangstigend. Er zijn er die het niet willen weten omdat ze zich machteloos voelen. Waarom een strijd voeren die je niet kunt winnen?

Dat betekent niet dat al die vrouwen asociaal of niet-solidair zijn. Veel vrouwen putten kracht uit het in schoonheid omgaan met de rol die hen is toebedeeld. Door samen tijd door te brengen. Door activiteiten te doen waar ze kracht en energie uit putten, zoals lezen. Soms zijn fictieverhalen het alternatief voor een girl's night out: niet gehinderd door de mening van mannen zijn boeken het equivalent van luisterende oren, een steun en toeverlaat, een warme oproep tot empathie. Waar kan het beter toeven zijn dan in de stilte van je eigen hoofd, verdiept in het verhaal van een ander? Een verhaal dat je uitdaagt, prikkelt, of herkent zonder dat je je ervoor moet verantwoorden? Die intimiteit is de kracht van literatuur: de verhalen spelen zich in je af, roepen daarbij allerlei viscerale emoties op zoals verdriet, walging of woede. Of ze bieden soelaas, troost, warmte en hoop.

Er zijn inspirerende voorbeelden te over. De Napolitaanse romancyclus van Elena Ferrante, van De geniale vriendin tot Het verhaal van het verloren kind, vertelt bijvoorbeeld op meeslepende wijze over de complexe vriendschap tussen twee vrouwen die opgroeiden in de rusteloze en feministische jaren 60. Of had iemand anders dan Doris Lessing Het gouden boek kunnen schrijven? Een alleenstaande moeder in het begin van de jaren 60, die het aandurfde om niet alleen de verschillende facetten van een vrouw aan bod te laten komen, maar ook haar gedachten over politiek, haar dromen en haar emotionele leven prijs te geven?

Glorieus was ze in haar reactie, toen er in 2007 reporters voor haar deur stonden met het bericht dat ze de Nobelprijs voor literatuur had gewonnen. "O, Christ!" stootte ze uit, haalde haar schouders op en bevestigde net daarmee haar lange carrière, want had ze niet altijd al haar voeten geveegd aan de regels van het patriarchaat?

Schrijfsters als Lessing zijn inspirerende rolmodellen. Maar dat betekent niet dat alle vrouwen vanuit een feministische agenda schrijven. Wie gepassioneerd kan vertellen, met overtuiging sterke vrouwelijke personages creëert en de wereld door hun ogen kan tonen, heeft een krachtig instrument in handen om de vrouwelijke ervaring neer te zetten, empathie en verbinding te genereren en een stukje wereld te ontsluiten dat ongezien of onderbelicht bleef. Zonder ze daarom vrouwenboeken te noemen, want dat zijn ze niet, bieden veel door vrouwen geschreven romans een inkijk in vrouwenlevens zonder vrouwen daarbij te onderwerpen aan the male gaze die hen dikwijls idealiseert, of hen in de rol te duwen van beaat glimlachende schoonheid of interessante sidekick/seksueel object.

Beeld RV

Wat boeken als Mrs. Dalloway (1925, Virginia Woolf), The Color Purple (1982, Alice Walker), of zelfs Pride and Prejudice (1813, Jane Austen) hebben betekend voor het ontwaken van een zeker zelfbewustzijn bij vrouwen en een beter begrip van mannen van de ervaringen van vrouwen, valt niet te meten. In Mrs. Dalloway loopt een Britse huisvrouw tegen de beperkingen van de burgerlijke moraal. In The Color Purple wordt het verhaal verteld van zwarte vrouwen in het Amerikaanse Georgia van de jaren 30 en het geweld waarmee ze te maken krijgen. De ene keer al wat subtieler dan de andere keer wordt het verhaal gestuurd door de precaire situatie van de vrouwelijke hoofdpersonages die we steeds beter leren kennen en met wie we sympathiseren. Het nog steeds razend populaire Pride and Prejudice toont dan weer dat zelfs een eigenzinnige heldin uit het begin van de 19de eeuw een rolmodel kan zijn voor vrouwen als het erop aankomt om zichzelf te zien als een gelijkwaardige in de relatie, in plaats van zich te plooien naar de normen van de samenleving.

Beeld RV

Krijgsters en ambiseksualiteit

Het is onmogelijk om alle inspirerende titels te gaan opsommen, de selectie hier is persoonlijk. Maar aan sommige namen ontkom je niet. Het zou, zeker nu, de moeite lonen om The Handmaid's Tale (Het verhaal van de dienstmaagd) dat de Canadese schrijfster Margaret Atwood in 1985 publiceerde te (her)lezen. Deze dystopische - of is het visionaire? - roman vertelt hoe in een niet te verre toekomst Amerika wordt overgenomen door extremisten en omgevormd tot een totalitaire theocratie. Mensenrechten zijn niet meer van tel, vrouwen worden zwaar aan banden gelegd. Men deelt hen op in klassen: de klasse van de dienstmaagden moet instaan voor de voortplanting. De vertelster is Offred, een van de dienstmaagden, die man en kind kwijtraakte tijdens de revolutie. Voor haar derde 'opdracht' wordt ze toegewezen aan een militair die haar graag mag en haar privileges - zoals lezen - toekent. Dat brengt haar in een gevaarlijk parket.

Beeld RV

Sciencefiction en fantasy staan in een negatief daglicht bij de literaire goegemeente, maar een van de voordelen ervan is dat werkelijk alles mogelijk is. Ook het tegenovergestelde van absolute miserie voor vrouwen: er zijn veel fantasy-romans waarin vrouwen de rol van de sterke protagonist vervullen, of waarin gender in elk geval geen rol speelt. Tijdens de tweede feministische golf dweepte men bijvoorbeeld met de roman Left hand of darkness (Duisters linkerhand, 1969) van de Amerikaanse schrijfster Ursula K. Le Guin. Het verhaal speelt zich af op een planeet waar de bevolking ambiseksueel is - het geslacht van de bewoners speelt geen rol in de organisatie van hun samenleving. Het boek werd in meer dan dertig talen vertaald, en staat geboekstaafd als van een hoger literair niveau dan het werk van Tolkien.

Voor volwassenen blijkt het zogenaamd minderwaardige fantasygenre nog steeds schaamte op te roepen. Dat is zonde van de verbeeldingskracht, al laat die zich niet zo gemakkelijk indijken. In het young-adultgenre blijkt fantasy een commercieel succes, en veel volwassenen hebben zowel Harry Potter (met Hermione Granger als lichtend baken) als The Hunger Games (met Katniss Everdeen als krijgster) gelezen.

Beeld RV

Dat is evenwel het topje van de ijsberg, daaronder schuilen literaire pareltjes. Iedereen die een tiener kent, zou hem of haar de Noorderlicht-trilogie van Philip Pullman cadeau moeten doen. Het verhaal speelt zich af in een alternatieve wereld die - opnieuw - wordt geregeerd door een theocratie, en volgt de lotgevallen van de jonge heldin Lyra die op zoek gaat naar een groep ontvoerde kinderen. De boeken raken allerlei thema's aan, van de bevrijdende kracht van kennis tot seksueel ontwaken en het verliezen van onschuld.

Twee jeugdtitels die absoluut een vermelding waard zijn als we het over rolmodellen hebben voor jonge meisjes, zijn Coraline (2002) van Neil Gaiman (opnieuw een parallelle sprookjeswereld en een snuggere protagoniste), en de vrij recente roman De evolutie van Calpurnia Tate (2009, Jacqueline Kennedy). Die laatste is een historische roman over een jong meisje, Calpurnia (Callie), dat gefascineerd door Darwins On the Origin of Species samen met haar grootvader diersoorten bestudeert. Tot ze op een dag een nieuw boek krijgt van haar moeder: een encyclopedie van de huisvrouw. Callies vindingrijkheid en de beperkingen die ze ervaart als jonge vrouw vormen de rode draad door de cyclus. Deel twee, The Curious World of Calpurnia Tate, is helaas nog niet vertaald.

Beeld RV

Durf te weten

Over vertalingen gesproken: als het aantal Nederlandse vertalingen van internationale feministische fictie en non-fictie recht evenredig is met de interesse in het thema, dan ziet de toekomst er voor vrouwen in ons taalgebied niet goed uit. Er een cijfer op plakken is moeilijk, maar het is duidelijk dat maar een fractie van wat er internationaal wordt gepubliceerd de lokale boekenplanken haalt. Het feminisme mag dan wereldwijd mainstream geworden zijn, in Vlaanderen doet men daar blijkbaar niet aan mee.

Goede punten in elk geval voor uitgeverij Podium, die Rebecca Solnits prikkelende essayboek Mannen leggen me altijd alles uit naar onze contreien haalde. Solnit is schrijfster en literatuurdeskundige. Niet alleen schrijft ze over literatuur, ze voert er ook wel eens een gesprek over met een man. Die man informeert dan naar 'haar boekje', en refereert vervolgens aan hét boek over de materie. Dat ze dát eens leest, zegt hij dan. Waarmee hij haar boek noemt, dat hij overduidelijk niet las. Over mensplaining - de mannelijke reflex om het altijd beter te weten ook al weten ze er niets van - en andere vormen van seksisme is al veel geschreven, maar niemand doet het zo goed als Solnit. Ook de opvolger, The Mother of All Questions, verscheen net, maar is voorlopig enkel in het Engels te krijgen.

Beeld RV

Nog een fantastische auteur wier werk hier al eerder aanmeerde, is de Canadees-Britse psychologe Cordelia Fine. Haar vorige boek Waarom we allemaal van Mars komen maakt kipkap van de genderstereotypes. Mannen en vrouwen lijken veel meer op elkaar dan dat ze van elkaar verschillen, zegt ze, en dat legt ze uitvoerig uit met stapels wetenschappelijk bewijsmateriaal. In haar nieuwste telg, Testosteron Rex, gaat ze een stap verder in het genderdenken: niet de natuur, maar onze opvoeding maakt dat meisjes typische meisjesdingen doen en jongens typische jongensdingen. Dat dat verschil natuurlijk aanvoelt, is een illusie. Niet nature, maar nurture houdt vrouwen in bepaalde hokjes. Dit soort boeken genereren meer dan eens een aha-erlebnis, ze leveren ook veel argumenten voor wie de genderdiscussie wil aangaan.

Ook bijzonder prikkelend is het dunne, maar poëtische Kant en het rode jurkje van de Frans-Marokkaanse schrijfster Lamia Berrada-Berca (2013). Deze allegorie vertelt over een jonge Parijse moslima in nikab, die op een dag in een vitrine een rode jurk ziet hangen. Ze krijgt het beeld niet meer uit haar hoofd, wordt ernaartoe gezogen. Hoe nijpender de druk van haar traditionele leven wordt, hoe vuriger ze verlangt naar dat rode jurkje. Als ze het boekje Wat is verlichting? van de Franse filosoof Immanuel Kant vindt, en ze zich ook daarin verdiept, zet zich een machinerie van stilzwijgend maar koppig verzet in gang. Sapere aude, leert ze eruit. Durf te weten. Kennis is macht.

Beeld RV

Narcistisch zelfhulpfeminisme

Kennis is macht: een sterkere boodschap kun je eigenlijk niet brengen. In deze tijd, waarin zowel de gelijke rechten van vrouwen als andere groepen op het spel staan, zouden we luid en duidelijk en, welja, rabiaat en radicaal moeten zijn. Geen wonder dat het internationaal feministische manifesten regent. Opnieuw: geen enkele ervan verschijnt ook in het Nederlands.

Actrice Gillian Anderson schreef bijvoorbeeld We: A Manifesto for Women Everywhere. Half maart verschijnt Free Women, Free Men van Camille Paglia. De dame met wier boekje We Should All Be Feminists de Zweedse tienermeisjes worden opgevoed, kroop eveneens opnieuw in de pen: Dear Ijeawele, or a Feminist Manifesto in Fifteen Suggestions. Ook de Britse Catherine Mayer, de journaliste die haar eigen vrouwenpartij oprichtte, wil het vuur weer opporren. Onder de onheilspellende titel Attack of the 50 Ft. Women legt ze uit hoe gendergelijkheid de wereld kan redden.

Beeld RV

En om tegendraads te doen, schreef de Amerikaanse literair journaliste Jessa Crispin het manifest Why I Am Not a Feminist. Laat je niet misleiden door de titel: Crispin is niet tegen het feminisme, maar spreekt zich wel uit tegen de narcistische zelfhulpversie ervan. De blogsters en de klagers die enkel hun eigen problemen naar voor schuiven en niet solidair kunnen zijn met andere vrouwen die andere problemen hebben, zijn in haar ogen de grootste vijand van het feminisme.

Een laatste tip nog: vorig najaar publiceerde de Britse kunstenaar Grayson Perry The Descent of Man. Daarin kaart Perry, wiens werk deels bestaat uit een travestieperformance, het begrip toxic masculinity aan. Niet om mannen tekort te doen, wel integendeel: de rigide hokjes van mannelijkheid verwoesten niet alleen vrouwen-, maar ook mannenlevens, zegt Perry. En daar valt iets aan te doen. Dat harde, presterende manbeeld moet plaats ruimen voor een tederder versie. Het is tijd voor de niet-macho, aldus de kunstenaar.

Geef hem maar eens ongelijk.

Beeld RV
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234