Maandag 26/08/2019

Postuum

Het ultieme portet van Johnny Hallyday, de Franse Elvis Presley

Beeld EPA

Je m'appelle Jean-Philippe Smet, je suis né à Paris.

Vous me connaissez mieux, sous le nom de Johnny.

Un soir de juin en 1943, je suis né dans la rue.

Par une nuit d'orage.

Oh oui, je suis né dans la rue.

Oh oui, je suis né dans la rue.

Dans la rue.

(Johnny Hallyday – Je suis né dans lans rue – 1969)

Je suis né dans la rue. Bijna een halve eeuw stond dit nummer op iedere setlist van de Franse rocker Johnny Hallyday. Sterk autobiografisch. Maar toch met een korreltje zout te nemen. Het is niet op straat en er is ook geen onweer, maar het is wel in juni 1943 dat Hallyday geboren wordt. De vijftiende om precies te zijn. In volle bezetting. 

Vader is de zanger, acteur en cabaretier Jean Smet, een Brusselaar. Zeven maanden na de geboorte van zijn zoon vertrekt hij met de noorderzon, richting een nieuwe liefde. Onder druk van de moeder zal Jean Smet zijn zoon twee jaar nadien wel nog erkennen. Moeder wil niet dat haar zoon later zal denken dat hij “van de Mof” is. Vader en zoon zullen elkaar nog één keer zien. In Duitsland, als Johnny in Duitsland bij het leger is. Hij is dan al een enorme vedette. Vader Smet heeft geld gekregen van paparazzi om de ontmoeting te ensceneren. Als de fotografen tevoorschijn springen om het “weerzien” op beeld vast te leggen, kiepert Johnny iedereen buiten. Vanaf die dag bestaat zijn vader niet meer voor hem.

Dat “verstoten worden” heeft zijn hele leven gewogen op zoon Smet. Hij is altijd op zoek geweest naar een “vervangvader”. Zijn aangetrouwde neef Lee Hallyday is dat een tijdlang geweest, Charles Aznavour ook, in het begin van zijn carrière. Hallyday heeft zich zijn hele leven ook omringd met een soort clan, bestaande uit muzikanten, personeel, zijn opeenvolgende vrouwen, hun familie. Een surrogaat voor “familiegeluk” dat hij als kind nooit gekend heeft. Want ook moeder Huguette keek destijds niet echt om naar haar zoon.

The Hallidays

Ze besteedt de kleine Jean-Philippe na enkele jaren uit aan haar schoonzus Hélène. De jongen groeit op met zijn twee oudere nichten, danseresjes onder de hoede van een Amerikaanse impresario Lee Halliday. Ze reizen doorheen heel Europa onder de naam The Hallidays. Jean-Phillipe leert wat gitaar spelen, zingt 'Davy Crocket' op de scene en begeleidt zijn nicht en Lee. Artiestennaam Johnny.

Terug in Parijs hangt hij veel rond in de Golf Drouot, een indoorminigolf omgebouwd tot dancing. Daar staat een juke-box met de nieuwste Amerikaanse plaatjes. De VS hebben in die tijd nog veel militaire bases in Frankrijk. De 'American way of life', hun films, hun muziek oefenen een felle aantrekkingskracht uit op de jeugd. 'Hound Dog' van Elvis blaast Johnny letterlijk van zijn sokken. Zoals Paulus op weg naar Damascus heeft hij het licht gezien: “rockeur” zal zijn roeping zijn.

Het is 1958. Om een oplossing te vinden uit de Algerijnse crisis zijn de Fransen oorlogsheld Charles De Gaulle gaan terughalen uit Colombey-Les-Deux-Eglises. Die zet ook de economie weer op de rails. De aanstormende generatie babyboomers beschikt voor het eerst over wat zakgeld. Jazz-label Vogue wil daarop inspelen en zoekt jong talent. Artistiek directeur Jacques Wolfshon krijgt Johnny begin 1960 op een dienblad aangeboden. Zijn tante Hélène tekent de contracten, de artiest zelf is nog minderjarig. Op 14 maart 1960 verschijnt het eerste plaatje van Johnny Hallyday — de i is door een stomme fout een y geworden — 'Laisse les filles'. Hij wordt aan het publiek gepresenteerd als een Amerikaan uit Oklahoma!

Op dat moment bestaat er al wel Franse “rock-'n-roll” — Danyel Gérard bvb. maakt al twee jaar plaatjes — maar die is redelijk braaf. Johnny is anders. Op scène gaat hij tekeer als een wilde. Hij krijst, schreeuwt, rolt over de grond. Zijn optredens hebben in Frankrijk dezelfde impact als Elvis enkele jaren eerder, in de VS. De hits volgen elkaar snel op. 'Souvenirs, souvenirs', 'J'étais fou', covers van 'Kili Watch' en '24.000 Baisers'. Zijn liedjes worden grijsgedraaid in het dagelijkse jongerenprogramma Salut les Copains op het commerciële radiostation Europe 1. In een goed jaar verkoopt hij anderhalf miljoen platen. Met Johnny als hoofdact wordt een 'Premier festival international de rock' op touw gezet in het oude Palais des Sports van Parijs. Dat loopt uit de hand. Er wordt gevochten tussen bendes rockers, de zaal wordt half gesloopt en ook buiten zijn er incidenten. Negen aanhoudingen. De media verketteren Hallyday.

Platenhuis Vogue staat er die jaren om bekend met zeer krappe opnamebudgetten te werken. Dat is er ook aan te horen. Pijnlijk verschil met wat er dan al in Britse en Amerikaanse studio's kan. De Vogue-artiesten horen dat ook. Maar hoe Johnny en later anderen, zoals Françoise Hardy, ook aandringen, er verandert niets. Alleen Johnny vindt een uitweg. Na een juridisch gevecht over de geldigheid van de door tante getekende contracten, verhuist de jonge vedette naar Philips. Die transfer heeft een gunstige en een minder gunstige kant op het vervolg van zijn carrière. De gunstige is dat Hallyday voortaan in de allerbeste omstandigheden opneemt, met uitstekende Angelsaksische (sessie)muzikanten. Philips eist wel twee albums per jaar. Een uitputtend ritme dat uiteindelijk zal wegen op de kwaliteit.

Johnny Hallyday in 1976. Beeld Photonews

De eerste jaren valt daar niet veel van te merken. Met de steun van onder andere Charles Aznavour, zijn latere schoonbroer Eddie Vartan en impresario Johnny Stark rijgt Hallyday de successen aan elkaar, onder meer met een hem op het lijf geschreven Franse versie van 'Teenage Idol' — 'L'Idole des Jeunes' — en het door Aznavour geschreven 'Les Mauvais Garçons'. Er zijn de reeksen uitverkochte Olympia's en 200.000 man op de Place de la Nation, in de zomer van 1963. Johnny verzamelt een groep muzikanten om u tegen te zeggen: The Showmen. Sologitarist Joey Greco geeft het geheel een unieke drive, zoals in 'Les Guitares Jouent' en 'O Carole'. Ook in het dagelijkse leven gaat het hem nu voor de wind. In hun lijfblad Salut les Copains vernemen de fans dat Johnny verliefd is op een ander idool, de blonde en bloedmooie Sylvie Vartan. “La plus belle pour aller danser”. Letterlijk en figuurlijk. De liefde is wederzijds.

Boven dit volmaakte geluk hangt echter één donkere wolk. Johnny moet naar het leger. Achttien maanden in Duitsland. Zullen de fans en Sylvie zo lang op hem wachten? Om het eerste probleem op te vangen, worden nog snel wat nummers ingeblikt. Hallyday krijgt ook toestemming om tijdens zijn verlof de studio in te duiken. Voorwaarde is dat hij in uniform op de hoesjes prijkt en enkele promofilmpjes voor het leger draait. Wat hij ook braaf doet. Soldaat Smet is een voorbeeldig militair. Mondjesmaat worden hits als 'Le Pénitencier' — een sterke bewerking van 'The House Of The Rising Sun' — en uitstekende eigen nummers als 'Quand Revient La Nuit' — over de eenzaamheid van een soldaat — op het publiek losgelaten. Van een ander militair verlof maken Johnny en Sylvie gebruik om te trouwen in het Normandische dorpje Loconville. Bruid, bruidegom en het hele dorp worden letterlijk en figuurlijk onder de voet gelopen door fans en media voor “Le marriage des copains.” In het gedrum raakt de trouwstoet papa Vartan kwijt. Sylvie barst in tranen uit. Het zal niet de laatste keer zijn.

'Noir c'est Noir'

Wanneer Hallyday het leger verlaat — augustus 1965 — is de showbizz geëvolueerd. De ex-soldaat heeft wat moeite om aan te knopen met het oude succes. Ondanks sterke eigen nummers als 'Ne crois pas ça' en zijn eigen '24 Hours from Tulsa', een nummer met titel 'A Deux Heures De Chez Toi'. Nieuwlichters met lange hippieharen, zoals “protestzanger” Antoine, steken de draak met de jonge “has been”. Johnny reageert sec. Met 'Cheveux Longs, Idées Courtes', een nummer dat hij — letterlijk — jat van Antwerpenaar Ferre Grignard ('My Crucified Jezus'). Zijn carrière is daarmee weer gelanceerd. Maar privé gaat het minder goed. Hallyday is nooit thuis. Een jaar na hun huwelijk en vlak na de geboorte van hun zoon David dreigt Sylvie met een scheiding. De fiscus dropt een onbetaalbare aanslag voor achterstallige belastingen in de brievenbus. Hallyday neemt slaapmiddelen en kerft in zijn pols. Zijn secretaris vindt hem in de badkamer.

Na een maand herstelverlof neemt hij de draad weer op. Het is artistiek zijn beste periode. Als een soort Franse Tom Jones beheerst hij alle muziekstijlen. Muzikaal wordt hij bijgestaan door de jonge gitarist Mick Jones (later bijzonder succesrijk met de band Foreigner) en drummer Tommy Brown. Hallyday brengt zowel ijzersterke bewerkingen van hits — de tekst van het in één ruk opgenomen “Noir C'est Noir” verwijst naar de donkere periode die achter hem ligt — als minder gekend, maar prachtig origineel werk. Tot die laatste categorie behoort 'Génération Perdu', van de hand van zijn vriend en latere schoonpa Long Chris. Verder ook 'Mon Fils', 'J'ai Crié A La Nuit', 'Quand L'Aigle Est Blessé', 'Jeune Homme' en 'Fumée'.

De artiest brengt veel tijd in Londen door voor opnamen en komt er in contact met Eric Burdon, Alan Price, Mick Jagger en Jimi Hendrix. Hij verwerkt hun invloeden in zijn muziek. Van hendrix covert hij 'Hey Joe'. Met de geweldige openinsgzin “Hey Joe, Cours pas comme ça, dis y a pas le feu chez toi”. Sommigen verwijten hem “muzikaal kameleonisme”. Hallyday sluit als antwoord de sixties af met een stevige bluesrockplaat Rivière Ouvre Ton Lit — waarop het hogervermelde 'Je Suis Né Dans La Rue' — en Que Je T'Aime, een livealbum met de gelijknamige intense titelsong. Deze plaat is een neerslag van de voor die tijd gigantische show die de artiest geeft in het Palais des Sports en op toernee door heel Frankrijk. Acht (!) podia, vuurspuwers, stuntmannen, theater, naakte danseressen, een boksmatch, catch, travestieten, kledingwissels, grote ballonnen waarop beelden van hippies en toespraken van Hitler worden geprojecteerd. Hallyday gaat als een beest tekeer. En de sound van zijn groep klinkt harder dan ooit, met lang uitgesponnen gitaarsolo's. “De show van het jaar 2000”, kopt Rock'n'Folk. Hallyday's optredens gaan vanaf nu steevast gepaard met massahysterie en de artiest moet bijna altijd ontzet worden door de politie.

Verenigde Staten

Begin 1970 slaat het noodlot toe. Op weg naar een concert in Straatsburg verliest Johnny de controle over zijn Citroën DS 21 Pallas. Hij heeft alleen maar een gebroken neus. Sylvie — die naast hem in slaap gevallen was — gaat door de voorruit. Ze is onherkenbaar verminkt, denkt dat ze blind zal blijven en zweeft tussen leven en dood. Tijdens een maandenlang verblijf in het Mount Sinaï-ziekenhuis in New York geven artsen haar met (de) plastische chirurgie (van toen) haar gezicht min of meer terug. Haar man wisselt ondertussen film- en platenopnamen af. Voor die laatste heeft hij een nieuwe inspiratiebron gevonden: de journalist en auteur Philippe Labro, Frankrijks grootste americanofiel.

In de VS is het de tijd van de hippies en van 'Jesus Christ Superstar'. Labro schrijft voor “kameleon” Hallyday 'Jésus Christ Est Un Hippie'. Schandaal. De plaat wordt hier en daar uit de rekken gehaald en verboden op de radio. De samenwerking wordt toch verder gezet op de albums Vie — over het opkomende thema van de milieuvervuiling — en Flagrant Délit. Die laatste plaat zal jarenlang Hallyday's favoriete album blijven. Opgenomen in Londen en Los Angeles, met de latere Rolling Stones-producer Chris Kimsey, de blazerssectie van de Stones, de organist van Spooky Tooth Gary Wright, gitarist Peter Frampton, de achtergrondzangeressen van Joe Cocker — onder wie Nanette Workman — en de vaste Hallyday-ruggengraat uit die jaren Micky Jones-Tommy Brown. Flagrant Délit staat vandaag — bijna vijftig jaar na datum — nog als een huis. Het is een plaat die in alle top-100's aller tijden thuishoort. Ondanks dat succes zal Philippe Labro nadien nog nauwelijks voor Hallyday werken.

Via Sylvie maakt Johnny kennis met Michel Mallory, een Corsicaan die al nummer schreef voor haar en Claude François. Mallory zet de artiest eerst op een country-blues-spoor, met Country Folk Rock en Insolitudes: de eerste plaat bevat 'Ma Main Au Feu' en 'Comme Si Je Devais Mourir Demain', de tweede een absolute Hallyday-klassieker 'La Musique Que J'Aime'. Daar waar Hallyday tot dan altijd nauw aansloot bij de overheersende Angelsaksische muzikale stromingen, gaat hij met Mallory eenzaam en eigenzinnig zijn eigen weg. Glamrock, progressieve rock, disco, punk. Allemaal niks voor hem.

Johnny Hallyday en Sylvie Vartan. Beeld AP

Hallyday wil terug naar zijn muzikale roots: de rock'n'roll uit zijn debuutjaren. Op zich geen slecht idee. Maar het resultaat is minder. Goedkope sound. Rammelende teksten. De druk die Philips legt — nog steeds minstens twee platen per jaar — doen de artiest op een zijspoor belanden. En uiteindelijk op een dood spoor. Absoluut dieptepunt is de bewerking van Shakespeares Hamlet tot een conceptalbum (1976). Dat moet zowat het slechtste zijn wat er op het westelijk halfrond ooit in vinyl gegraveerd is. Ook het slechtst lopende Hallyday-album ooit.

De zanger verkoopt in die periode inderdaad steeds minder platen. Eén korte opflakkering Derrière L'Amour, met de hitsingle 'Gabriëlle' en 'C'Est La Vie' met het mooie 'J'Ai Oublié De Vivre' niet te na gesproken. Privé gaat het Johnny in die periode ook niet voor de wind. In april 1977 verschijnt hij — keurig in kostuum — voor de correctionele rechtbank in Parijs op beschuldiging van fiscale fraude. Zijn financiële raadgevers hebben er een zootje van gemaakt. Zoals hijzelf van zijn huwelijk. Sylvie Vartan heeft hem in de loop der jaren veel vergeven. Maar ongetwijfeld nooit verwerkt dat haar man in 1972 een korte, onstuimige relatie beleefde met zijn achtergrondzangeres Nanette Workman en die op plaat zette, het duet 'Apprendre A Vivre Ensemble'. Om de meubelen te redden nam Johnny met zijn vrouw onmiddellijk nadien 'J'Ai Un Problême' op. Alle kortstondige scheidingen en daaropvolgende verzoeningen mogen niet baten. In november 1980 gaat het koppel definitief uit elkaar.

Hallyday — die nog steeds achterstallige belastingen afbetaalt — lijdt onder de scheiding. Muzikaal is er geen beterschap op komst. Matige tot slechte platen worden afgewisseld met steeds bombastischer live-shows als L'Ange aux yeux de laser (1979) en Fantasmhallyday (1982). Een reeks optredens in de pas geopende Zenith (1984) moet onderbroken worden, omdat de zanger bewusteloos van de scene wordt gedragen. Heel af en toe is er een lichtpuntje in die lange duisternis. Zoals de single 'Ma Gueule'. En de ontmoeting met actrice Nathalie Baye, in de lente van 1982 op een tv-set.

Un coup de foudre. Die snel een dochter — Laura — oplevert. Baye opent een nieuwe wereld voor Hallyday. De entourage van de zanger wordt buitenspel gezet. Het drankgebruik beperkt. De garderobe vernieuwd. Een fysiek scherpe Johnny viert zijn 40ste verjaardag. Baye introduceert hem in haar wereld. Hallyday heeft voordien wel een paar aarzelende stapjes in de film gezet — onder meer in L'aventure c'est l'aventure van Claude Lelouch — maar grote potten heeft hij daar nooit gebroken. Nu jubelt de kritiek over zijn prestaties in Detective van Jean-Luc Godard en Conseil de Famille van Costa-Gavras. Nathalie Baye suggereert haar man tenslotte de naam van singer-songwriter Michel Berger. Die samenwerking levert het album Rock'n'roll Attitude (1985) op. Begin van de heropstanding.

Johnny Hallyday met actrice Nathalie Baye en hun pasgeboren dochter Laura. Beeld AFP

Eigenlijk is die al iets eerder ingezet. Een jaar voordien is Hallyday naar Nashville getrokken voor opnamen. Hij is er gevolgd door een tv-ploeg van Les Enfants du Rock. Die registreren duetten met de allergrootsten, zoals Carl Perkins, Don Everly, Tony Joe White en Emmylou Harris en ook de jonge Stray Cats. Uitstekend voor de geloofwaardigheid bij de tot dan toe immer wat vijandig gezinde “weldenkende” pers.

Rock'n'roll Attitude, met 'Le chanteur abandonné', 'Quelque chose de Tenessee' en de titelsong, is één van de grootste successen uit zijn carrière. Hallyday profiteert van een plotse bloei van de Franse muziekscène. Die komt er midden de jaren tachtig, dankzij de introductie van een Top-50 op Canal+ en de continue stroom videoclips op TV6, een soort Franse MTV. Bij Philips heeft de nieuwe directeur Alain Lévy begrepen dat het niet langer zin heeft de citroen Hallyday elk jaar uit te persen. Het ritme van twee platen per jaar behoort nu tot het verleden. De verkoop piekt opnieuw. Een nieuw en jong publiek ontdekt de artiest.

En het wordt verwend. Rock'n'roll Attitude is de eerste plaat van een buitengewoon sterk drieluik. De plaat wordt gevolgd door Gang (1986). De immens populaire Jean-Jaques Goldman neemt de rol van Michel Berger over en schrijft alle nummers, onder meer 'Laura' en de hits 'Je t'attends' en 'Je te promets'. Goldman werkt als een soort huurling. Op menselijk vlak is er geen “klik” tussen beide artiesten, iets wat er wel was met Berger. Gang is geen doorleefde plaat. Wel vakwerk. De triptiek wordt afgesloten met Cadillac (1990), album volgeschreven door Etienne Roda-Gil, auteur van successen van Julien Clerc, Claude François en Vanessa Paradis ('Joe le taxi'). Zowel de titelsong als 'Mirador' en 'Les Vautours' worden Hallyday-klassiekers.

Johnny Hallyday in 1996. Beeld Photonews

"Gouden kooi"

Maar dan lijkt het vat weer wat af. Is het de breuk met Nathalie Baye? Die is er nochtans al gekomen begin 1987. De onverenigbaarheid van karakters was te groot. En Hallyday verdroeg zijn “gouden kooi” niet lang. Sommige keuzes die hij zonder Baye maakt — de film Terminus en het tv-feuilleton Lansky — draaien uit op een fiasco. 

Zijn huwelijk met Adeline Blondieau, de dochter van zijn eeuwige vriend Long Chris, mag ook bijgezet in die rij. Johnny is 47 en zij 19 op hun trouwdag in het Zuid-Franse Ramatuelle, zomer 1990. De artiest laat in de buurt een gigantische “Mexicaanse” ranch bouwen. Maar veel huiselijk geluk zullen ze daar niet beleven. Het huwelijk in twee tijden — tussen 1992 en 1994 zijn ze uit elkaar — strandt definitief in 1995. In 2013 sleept Adeline haar ex-man voor de rechter omwille van enkele passages in zijn autobiografie Dans mes yeux. Tijdens de rechtszaak zegt ze dat Johnny haar verkrachtte toen ze “14 à 15” was. Hallyday dreigt via zijn advocaat met gerechtelijke stappen, maar onderneemt uiteindelijk niets. De feiten zelf zijn sowieso verjaard.

Johnny Hallyday en Adeline in 1990. Beeld Photonews

Adeline is er niet bij wanneer Johnny zijn 50ste verjaardag viert (1993). Dit gebeurt met een heruitgave op CD van alles wat hij ooit opnam, tot voor kort de enige “intégrale” van de artiest. 725 liedjes op 39 goedgevulde cd's in een gitaarkist. In juni staat hij in het Parc des Princes. Een mega-spektakel. Hallyday landt middenin het publiek. Moet daar minutenlang doorheen worstelen om een gigantische Golden Gate Bridge te bereiken. Het podium. Daar zingt hij 52 nummers. Maar de jaren en de excessen wegen. De zanger staat niet scherp, zingt de helft van de tijd zittend en steekt zich weg achter gimmicks en effecten. Eén daarvan is Sylvie Vartan die in een MG de brug oprijdt en 'Tes Tendres Années' zingt.

Eiffeltoren

Sinds Fantasmhallyday worden alle shows van Hallyday geproduceerd door Jean-Claude Camus. Samen zullen ze de jaren na Parc des Princes de weg op gaan van steeds hoger, groter en meer. Records zijn er om gebroken te worden. Niks is te gek. In 1998 landt Johnny op het dak van het Stade De France in de heli van Michel Drucker. In 2000 zingt hij voor een half miljoen fans verzameld onder en rond de Eiffeltoren. De tournees langs festivals en megastadions volgen elkaar op. Afgewisseld met kleinere zalen, zoals Olympia en La Cigale. Van alles worden live-cd's geperst. Tussendoor is er nog tijd voor twaalf studioplaten. Daar wordt telkens een “order” voor uitgeschreven.

Al wat liedjes schrijft in Frankrijk biedt dan zijn diensten aan. Wie erbij is, hoort de kassa rinkelen. Johnny kiest en neemt op. Zazie, Obispo, M en veel anderen passeren de revue. Ook zijn zoon David schrijft een plaat vol: Sang pour sang. Echte klassiekers komen daar nauwelijks nog uit. Het dikt het oeuvre wel aan tot meer dan 1.000 opgenomen nummers.

Op 11 juni 2000 geeft Hallyday het beste van zichzelf op een groots concert aan de Eiffeltoren in Parijs. Beeld AFP

Thuis vindt Hallyday midden jaren negentig definitief rust. Bij Læticia Boudou, 32 jaar jonger. Al is “thuis” een vlag die de lading niet echt dekt. Dan verblijven ze in Miami, dan in Gstaad, dan op Saint-Barthélemy, dan in de buurt van Parijs (Marnes-la-Coquette). Samen adopteren Johnny en Laeticia twee Vietnamese meisjes, Jade en Joy.

Met de gezondheid gaat het ondertussen minder goed. In juli 2009 wordt Hallyday in stilte geopereerd aan darmkanker. Eind van dat jaar idem voor een hernia. Om tijdig klaar te zijn voor een geplande concertreeks neemt Hallyday onvoldoende rust. De toernee moet onderbroken worden en de zanger opnieuw onder het mes. Met concertpromotor Camus komt het om die reden tot harde woorden en een (sinds zijn recente kanker weer bijgelegde) breuk. Plastische chirurgie werkt tussendoor steeds moeilijker de sporen van oude excessen weg. Hallyday is zijn hele leven lang een zware gebruiker geweest van drank, tabak en cocaïne.

In december 2016 kondigen generatiegenoten Johnny Hallyday, Jacques Dutronc en Eddy Mitchell — alias “Les Vieilles Canailles” — aan dat ze in de zomer van 2017 op toernee gaan. Twee jaar eerder stonden ze al met veel succes samen op de planken in Parijs. Die zomertournee lijkt in gevaar te komen, wanneer Hallyday in maart 2017 via de sociale media laat weten dat er “enkele maanden voordien” longkanker bij hem is vastgesteld. Toch werkt hij de 17 geplande concerten af. 

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden