Zondag 18/08/2019

Expo

Het ongelofelijke verhaal van de vergeten leading lady van de avant-garde

Fragment uit Onder de Lamp, 1927. Beeld Cedric Verhelst

Ze drong als enige Belg door tot de inner circle van de internationale avant-garde, stelde tentoon met Picasso en Mondriaan. Toch is de Antwerpse kunstenares Marthe Donas (1885-1967) grotendeels vergeten. Ten onrechte. "Tussen 1919 en 1921 maakte ze ronduit geniaal werk."

"Marthe Donas was niet de eerste vrouwelijke avant-gardiste, maar ze was wel de enige Belgische kunstenares die opgenomen werd in de kringen van de internationale avant-garde in en na de Eerste Wereldoorlog." Dat vertelt Peter Pauwels, die zich tien jaar lang verdiepte in leven en werk van Marthe Donas, een ten onrechte vergeten kunstenares.

Een ruim overzicht vanaf 5 maart in het Museum voor Schone Kunsten in Gent moet haar weer op de kaart zetten. Er zullen zo'n zeventig schilderijen en tekeningen van haar hand te zien zijn, plus belangrijk werk van tijdgenoten als Alexander Archipenko en Jozef Peeters. Het is - voor alle duidelijkheid - het eerste overzicht dat integraal aan Marthe Donas gewijd is.

"Tussen 1917 en 1921 maakte ze haar sterkste werk en behaalde ze haar grootste internationale successen", zegt Peter Pauwels. "In Parijs nam ze snel de nieuwe vormentaal van het kubisme op, maakte er een persoonlijke interpretatie van en evolueerde daarna al even snel naar abstractie. Ze stelde tentoon met Picasso, Modigliani en Mondriaan - dat doet geen enkele andere Belgische kunstenaar haar na."

Marthe Donas in haar atelier in de rue du Dépard 26 in Montparnasse in 1917. Beeld rv

"En, niet onbelangrijk, ze werd gepromoot door de groten van die tijd: Alexander Archipenko en Theo van Doesburg. Mannen die een vrouw steunen, dat is toch uitzonderlijk. Meestal is het andersom. (lacht) Kijk maar naar kunstenaarskoppels als Robert en Sonia Delaunay en ook Theo en Nelly van Doesburg, waarbij de vrouw steeds een stap opzij zette."

Door toedoen van kunstenares Nell Walden kon Marthe Donas vanaf 1920 geregeld tentoonstellen bij galerie Der Sturm in Berlijn, hét brandpunt van de modernistische kunst. Vanaf 1921 kreeg ze ook bekendheid in de Verenigde Staten: kunstenares en verzamelaarster Katherine Dreier richtte daar de Société Anonyme op, samen met Marcel Duchamp en Man Ray, om de jongste Europese kunsttendenzen ook in de Verenigde Staten bekend te maken.

Het prentenboek, 1917-18. Beeld Roberto Polo Gallery

Blijde intrede

In Berlijn kocht Katherine Dreier vier schilderijen van Marthe Donas voor 20 dollar per schilderij. "Ze beschouwde Donas als de eerste vrouwelijke abstracte schilder. Dat klopt niet, maar het geeft wel aan hoe vernieuwend het werk van Donas toen was", zegt Peter Pauwels. Dreier nam haar op in een rondreizende tentoonstelling, die de belangrijkste Amerikaanse steden aandeed. "De vier werken van Donas behoren nog altijd tot de collectie van Yale University Art Gallery in New Haven. Ze zullen alle vier in Gent te zien zijn."

Peter Pauwels praat vol vuur over Marthe Donas. "Ze is een uitzonderlijke kunstenares, die een heel persoonlijk traject aflegde binnen het kubisme en de abstractie. Tussen 1919 en 1921 maakte ze ronduit geniaal werk. Ze was, samen met Georges Vantongerloo en Jules Schmalzigaug, de enige Belg die meteen in het buitenland werkte. En tegelijk is er voor mij een persoonlijk element: thuis hadden wij een schilderij van Marthe Donas. Mijn grootmoeder zat daaronder te crocheteren, waardoor Donas voor mij altijd verbonden zal blijven met mijn familie. Ik ben al van jongs af gefascineerd door haar.

Kubistisch hoofd, 1917. Beeld Cedric Verhelst

"Marthe Donas moet van in haar jeugd de onstuitbare drang hebben gehad om kunstenares te worden. Ze werd geboren in 1885 in een Antwerpse Franstalige bourgeoisfamilie en tekende al vanaf haar vier jaar. Haar grootvader was een marineschilder - dat verklaart misschien haar artistieke aanleg. Maar toen ze zich op haar zeventiende inschreef aan de Antwerpse academie, verzette haar vader zich."

Ze volgde daarna toch les, in het geniep. Toen haar vader daar achter kwam, mocht ze uiteindelijk op zolder een soort atelier inrichten, waar ze brave bloemstillevens schilderde. Eén anekdote vertelt veel over haar doortastendheid en zelfbewustzijn. "Toen koning Albert in 1912 tijdens zijn blijde intrede in Antwerpen de Handelsbeurs bezocht, stond Marthe te kijken op een balkon. Ze verloor haar evenwicht en viel door een glazen koepel. Even werd gevreesd voor een terroristische aanslag. (lacht)

De dans, jaartal niet bekend. Beeld Marthe Donas Stichting

"Marthe brak haar twee polsen en moest lang herstellen. Een paar dagen lang was ze een beroemdheid: op haar ziekbed werd ze geïnterviewd door de binnen- en buitenlandse pers. Ze profiteerde van die belangstelling en verkondigde aan iedereen dat ze 'kunstenares' was." Op dat moment was ze opnieuw student aan de academie.

Toen de Eerste Wereldoorlog uitbrak, vluchtte de familie Donas naar Nederland, zoals zo veel Antwerpenaren. Marthe zou via Den Haag, Dublin en Eastbourne - aangespoord door bevriende families en kunstenaressen - in de herfst van 1916 in Parijs neerstrijken. Daar werd ze voor het eerst geconfronteerd met het kubisme. Ze zag het werk van Picasso, Matisse en Severini, en werd vooral verliefd op de schilderijen van André Lhote, bij wie ze privélessen ging volgen. "Je ziet haar zoeken", zegt Peter Pauwels. "Ze tekent nog altijd figuratief, maar in haar vrouwelijke naakten gaan stilaan geometrische vormen overheersen."

Abstracte compositie nr. 6, 1920. Beeld MSK GENT

Mannennaam

In 1917 schilderde ze haar eerste kubistische stilleven, een werk dat zich nu in het KMSK Antwerpen bevindt. In Parijs huurde ze een atelier in Montparnasse, een trendy buurt waar veel kunstenaars, zoals Man Ray, Francis Picabia en Kiki de Montparnasse, zich vestigden en waar Zadkine en Modigliani uithingen.

Er bestaan mooie foto's van haar uit die periode. Donas was een vrijgevochten vrouw: ze knipte haar haar af, zoals Coco Chanel. Maar financieel zat ze aan de grond. Niets lukte. In de lente van 1917 reisde ze naar Nice, waar ze schilderlessen kon geven aan een aristocratische dame. En ze verdiende wat geld met het maken van portretten. Nice was op dat moment in trek bij nogal wat kunstenaars - Matisse, Soutine, Modigliani - die de occasionele bombardementen op Parijs wilden ontvluchten. In Nice ontmoette ze de Oekraïense beeldhouwer Alexander Archipenko. Die werd toen beschouwd als een van de grote vernieuwers - zeg maar de Picasso van de beeldhouwkunst - maar is intussen zo goed als vergeten.

Kind met Boot, 1918-19. Beeld Cedric Verhelst

"In haar latere autobiografische aantekeningen was Marthe Donas zeer terughoudend over haar relatie met Archipenko", vertelt Peter Pauwels. "Maar Mondriaan en Van Doesburg hebben het wel degelijk over een affaire, een liefdesrelatie. Vermoedelijk woonde en werkte Donas zo'n twee jaar samen met Archipenko. Ze was omringd door zijn beelden en kreeg van hem impulsen.

Maar wat ze maakte, was wel erg persoonlijk: ze dacht als een beeldhouwer en wilde tekenen en schilderen in drie dimensies. Voor haar collages gebruikte ze stoffen, waaronder kant, en materialen als zand en cement, waardoor haar werken bijzonder tactiel overkomen. Dat was op dat moment erg vernieuwend. Het is zonder meer duidelijk dat ze met haar werk Archipenko overtrof."

Alexander Archipenko zou Marthe Donas lanceren, maar onder een mannennaam of op zijn minst een 'genderloze' naam, die niet meteen een vrouwelijke connotatie had: Tour d'Onasky. Dat klonk aristocratisch én Oost-Europees, wat toen goed in de markt lag. Later zou ze haar naam lichtjes veranderen in Tour Donas. Maar de mystificatie over wie zij/hij echt was, zou lang aanhouden.

"Hoewel vanaf het begin van de eeuw veel kunstenaressen actief waren, moesten ze nog steeds optornen tegen hun mannelijke collega's", verklaart Peter Pauwels. "Zeker het kubisme was een mannenbastion. Het was veel moeilijker voor een vrouw om door te stoten. De beeldhouwer Zadkine zei ooit over zijn echtgenote, de schilderes Valentine Prax, dat zij allicht tot de grootste kunstenaars zou hebben behoord als zij een man was geweest. Die uitspraak toont duidelijk aan hoe er in die tijd gedacht werd. Kunstuitingen behoorden - volgens de mannen althans - tot het mannelijke domein.

Stilleven, 1918-19. Beeld Cedric Verhelst

"Toch heeft Archipenko zich opgeofferd voor Donas. Maar tegelijk moest ze vechten. Ze heeft kort maar krachtig tentoongesteld - 1920 was een topjaar - en haalde met haar abstracte tekening Tango in 1921 de cover van het toonaangevende tijdschrift van Der Sturm. Ze heeft in Berlijn goed verkocht, maar niet genoeg om van te leven. Door de hyperinflatie in Duitsland begin jaren 1920 was de D-mark nagenoeg niets meer waard."

In 1921 keerde Marthe Donas terug naar Antwerpen. Daar legde ze contacten met de plaatselijke avant-gardisten, zoals Jozef Peeters. Een jaar later stelde ze er tentoon op het Tweede Kongres voor Moderne Kunst. Ze trouwde. "Maar," zegt Pauwels, "ze heeft verkeerd gemikt. Ze hoopte met haar man, die aan de Sorbonne studeerde, terug te keren naar Parijs." Ze trokken zich echter terug in het Waals-Brabantse dorp Ittre. Donas werd zwaar ziek en worstelde vermoedelijk zo'n twintig jaar met een depressie. Pas vanaf 1947 begon ze weer te schilderen.

Stilleven met beeldje, 1917. Beeld Hugo Martens

Raadsel

Marthe Donas is en blijft een enigma. Er zijn maar drie brieven van haar bekend. En in haar autobiografische aantekeningen laat ze het achterste van haar tong niet zien. Er is wel die ene hoogstpersoonlijke, melancholische en ontroerende brief, die ze in 1920 in Londen in het Frans aan Theo van Doesburg schreef. Ze is depressief: "Het regent altijd in dit land" en "Ik hou van niets meer op aarde, zelfs de kunst ontmoedigt me."

Ze vraagt zich ook af of de kunst zich niet al te snel ontwikkelt: "In de moderne kunst ben ik het met Mondriaan en met u het meeste eens. Want u hebt de hoogste graad van eenvoud en zuiverheid, van eenheid en oneindigheid bereikt. Toch heb ik niet de moed om te werken volgens die gedachtegang, want wat zullen we daarna nog doen...?"

Donas is blijven schilderen, tot in 1964. "Ze is blijven zoeken", zegt Pauwels. "En ze heeft altijd haar eigen koers gevaren. Op haar tachtigste schilderde ze opnieuw abstract."

Marthe Donas. Beeld rv
Het boek Marthe Donas. A Woman Artist in the Avant-Garde is een uitgave van Ludion. Beeld Ludion

Werk van Donas is nu te zien in de tentoonstelling Sturm-Frauen.Künstlerinnen der Avant-Garde in Berlin 1910-1932 in Schirn Kunsthalle, Frankfurt, tot 7 februari. www.schirn.de.

Bozar in Brussel wijdt vanaf 26 februari een expositie aan Theo van Doesburg. www.bozar.be.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden