Zondag 17/11/2019

Jens Dendoncker

"Het is geen schande als ik op het podium op mijn bek ga"

Jens Dendoncker. Beeld RV

Kan je een comedyshow van anderhalf uur vergelijken met een uitzonderlijke sportprestatie zoals het beklimmen van de Alpe d'Huez of het lopen van een marathon? Comedian Jens Dendoncker vindt alvast van wel. Wat volgt is een cursus: start to comedy met running mate Jens.

1. De training

Hoe ziet een optimale training van een comedian eruit?

Dendoncker: “Mijn training bestaat erin mijn tekst letterlijk uit te schrijven, tot op de zin. Maar ik wijk er elke avond van af. Die tekst is het fundament waarop ik kan terugvallen. Tot de training behoren zeker ook de try-outs. Pas dan kom je te weten of je grappen aanslaan, hoe je moet spelen en of het ritme juist zit. Trainen is consequent aan je tekst schrijven en iedere avond ergens gaan spelen, ook al is het voor vrienden of in een huiskamer.”

Moet je ook fysiek getraind zijn voor een show?

“Ik draag sinds kort continu een fitbit, een toestel dat je stappen telt en je hartslag meet. Als ik op het kleinste podium van Vlaanderen sta – dat van The Joker in Antwerpen – zet ik op een halfuur tijd 3.500 stappen, of zo’n 3 kilometer. Op een groot podium als dat van de Arenberg is dat voor een volledige show 7.000 stappen, of 6 tot 7 kilometer. Al sta ik zeker niet op het scherpst. Sinds ik drie jaar geleden met comedy begon, ben ik meer dan 15 kg bijgekomen. ’s Nachts na het optreden prop ik me vol met vettigheid van het tankstation of de frituur. Ik heb sinds kort ook een healthcoach met wie ik ga sporten. Hij is bezig met bewegen, voeding en slaaphygiëne.”

En wat met doping?

“Ik neem medicatie om mijn epilepsie te onderdrukken, maar doping komt er niet aan te pas. De meeste comedians zijn controlefreaks. Je zal er weinig dronken betrappen of onder invloed van drugs.”

Sta je er alleen voor of heb je trainers die je begeleiden?

“Mijn belangrijkste coach is Fokke Van der Meulen, de uitbater van café The Joker. Fokke ziet de bigger picture en is onwaarschijnlijk goed in het aanbrengen van een mooie structuur in de show. Van Alex Agnew heb ik zeer concrete tips gekregen over de voorbereiding op de voorstelling: het eindeloos schrijven en schrappen en constant de focus houden.”

2. De tactiek

Heb je vooraf een tactiek uitgestippeld of laat je je leiden door intuïtie?

“De meeste techniek gaat over tempo: weten wanneer je dingen groot moet spelen of wanneer je je moet inhouden. Ik begin mijn eerste twintig minuten graag heel straf om het publiek het principe van de show duidelijk te maken: ‘Gewoon gaan en niet te veel randanimatie’. Na 20 minuten rem ik af om alles meer uit te diepen. Dan ga ik weer hard door. Dat tempo probeer ik tijdens de show drie keer te herhalen.”

Is er een Plan B wanneer die tactiek niet werkt?

“Het Plan B is altijd connecties zoeken met het publiek door ze rechtstreeks aan te spreken en de voorstelling naar hun leefwereld te brengen. Als je speelt voor de jongsocialisten bijvoorbeeld moet je niet te ver zoeken naar een zwart schaap: de partijvoorzitter!”

Bestaat er zoiets als een thuismatch?

“Het speelt zeker een rol waar je speelt. In West- en Oost-Vlaanderen zijn ze zeer chauvinistisch. Ik heb dan als West-Vlaming een thuisvoordeel op een Antwerpenaar. Die moet zich eerst bewijzen: ‘Nee, ik heb geen dikke nek. Nee, ik vind jullie geen parking.’ Pas dan zijn West- of Oost-Vlamingen bereid te luisteren.”

Jens Dendoncker Beeld RV

3. Terreinverkenning en rituelen

Heb je rituelen voor je het podium opgaat?

“Mijn schoenen poetsen. Ik draag op het podium altijd zwarte laarsjes met rubberen zooltjes vanonder. Die hoor je niet. Een hak klakt altijd en daar word ik door afgeleid.”

Speelt je kledij een rol?

“Ik speel altijd in de kleren waarin ik normaal rondloop. Ik doe niet plots een kostuum aan. Uiteindelijk sta ik er als mezelf. Alles wat ervan afwijkt, beschouw ik als ballast.”

Volgt in de kleedkamer de totale ontlading?

“Het eerste wat ik doe, is kort evalueren. Ik schrijf mijn opmerkingen onmiddellijk neer om er de dag nadien rekening mee te kunnen houden. Ik ben een controlefreak, maar zo hou ik mezelf gedreven. Euforie blijft niet lang hangen. Een slecht optreden blijft veel langer nazinderen.”

4. De supporters en de wedstrijdverslagen

“Als het publiek je show niet pikt, heb je een probleem, en terecht. Comedians die zeggen: ‘Het interesseert me niet wat het publiek denkt’, geloof ik niet. Je staat er alleen maar dankzij de gratie van het publiek. Na het optreden ga ik het cafetaria binnen om een babbeltje te slaan met de mensen. Ik wil directe feedback. Hun mening doet er echt toe.”

En lees je achteraf de wedstrijdverslagen?

“De reacties via sociale media zijn voor mij veel belangrijker dan de paar recensies die worden geschreven. Recensenten hebben vaak al zoveel comedy’s gezien dat ze heel andere verwachtingen koesteren dan mensen die gewoon naar een comedyshow gaan kijken. Die willen gewoon een avond geëntertaind worden. Als ik mezelf niets te verwijten heb, maakt een recensie me niet uit. Ik heb al zoveel mislukkingen gekend in mijn leven – door die epilepsie kon of mocht ik veel dingen niet, maar er zijn evengoed twee gefaalde studies – dat het geen schande meer is als ik op mijn bek ga op een podium. Pas op, ik voel me daar wel slecht bij. Shit, ik heb 100 man 20 minuten van hun leven beroofd die ik nooit meer kan teruggeven. Maar me echt schamen omdat ik de mist ben ingegaan, doe ik niet.”

Jens Dendoncker toert momenteel door Vlaanderen met de voorstelling Bang van Dendoncker. De volledige speellijst vind je hier.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234