Vrijdag 06/12/2019
Een speler in de weer met Stadia.

Analyse

Google lanceert gamestreamingdienst Stadia, maar heeft die kans op slagen?

Een speler in de weer met Stadia. Beeld AFP

Misschien luidt Stadia, de nieuwe videogamestreamingdienst van Google, het einde van de traditionele gameconsole in. Voor hetzelfde geld wordt het weer een grandioze mislukking voor de techreus. Eén ding is in ieder geval gelukt: ook andere videogamemerken versnellen hun streaminginspanningen.

Kent u het sociale medium Orkut nog? De slimme Glass-bril? Dat zijn producten en diensten die Google destijds met torenhoge ambities uitbracht, maar bij het uitblijven van commercieel succes ook weer stopzette of beperkte tot een nichemarkt. 

Met hetzelfde aplomb brengt de techreus nu de videogamestreamingdienst Stadia uit. Een game spelen op Stadia moet hetzelfde zijn als op een PlayStation 4 of Xbox One. Alleen staat de console niet in uw huiskamer, maar in een datacenter van Google, waar het bedrijf de hardware draaien heeft die de gameconsole in huis vervangt.

In die datacenters worden de beelden van de game gegenereerd, en via de internetverbinding van de speler naar zijn tv gestraald. Via dezelfde weg worden de impulsen van de speler aan zijn controller weer doorgestuurd naar de hardware in het datacenter. Dat gebeurt allemaal met een vertraging van slechts enkele milliseconden, veel minder dan kan worden opgepikt door het menselijke brein.

Riskante onderneming

Met de technologie vindt Google zichzelf het geknipte bedrijf om van Stadia een nieuw gameplatform te maken, naast Sony’s PlayStation, Microsofts Xbox, Nintendo en het pc-platform Steam. “Het aantal bedrijven met de schaal om dit te doen, kun je op twee handen tellen”, zegt Phil Harrison, Googles directeur voor Stadia, in het Amerikaanse tijdschrift Wired. “Google heeft de netwerkinfrastructuur, de datacenters, YouTube, een ingenieurscultuur, en de wil om op lange termijn te investeren in dingen.”

Garanties dat het zal lukken zijn dat natuurlijk niet. En met name de bevoorrechte Belgische markt is daar ook niet de juiste barometer voor. Een gemiddelde Belgische internetgebruiker heeft een bandbreedte van negentig megabit per seconde, terwijl maar 20 mb/s nodig is om games in hoge definitie te streamen via Stadia (voor 4K-streams, de beeldkwaliteit die de betere gameconsoles vandaag leveren, is 35 mb/s nodig). 

We wonen ook in een klein land, waar een van de grote datacenters van het bedrijf is gevestigd. Iedereen woont dus relatief dicht bij de ‘consoles’ die Google in serverrekken heeft staan. 

De vraag blijft echter of de huidige kracht van Googles infrastructuur Stadia commercieel haalbaar maakt. In Spanje, bijvoorbeeld, is er geen Google-datacenter in de buurt.

Kapers op de kust

Volgens Joost Van Dreunen, professor videogamebusiness aan de universiteit van New York, werken de cloud gaming-ambities van Google vooral als een katalysator voor andere spelers in de videogame-industrie om zich op streaming te gooien. “Het is een voordeel dat een gretig en kapitaalkrachtig techbedrijf zich in deze categorie probeert binnen te wurmen. Mogelijk gaan andere spelers nu iets harder hun best doen.”

Gamebedrijven als Electronic Arts, Nvidia en Valve hebben streamingplannen. Sony versterkte onlangs zijn investeringen in zijn al bestaande streamingdienst PlayStation Now. 

Maar de geduchtere concurrent is xCloud, dat Microsoft aan het ontwikkelen is vanuit zijn Xbox-videogamemerk, en dat begin volgend jaar wordt gelanceerd in een testfase. De dienst werkt, net als Stadia, op een netwerk van eigen datacenters, en is op bepaalde punten zelfs technisch beter: hij heeft maar 10 mb/s nodig om een hd-game te draaien, de helft van wat Stadia vereist. 

Microsoft pakt het ook wat voorzichtiger aan. “We zien cloud meer als iets om games van een consolekwaliteit op een mobiel toestel te brengen”, zegt Xbox-marketingdirecteur Aaron Greenberg. “Aan de huidige horizon zien we dat niet als iets wat de huiskamerervaring kan leveren die een console in huis geeft.”

Majd Bakar, Googles VP of engineering voor Stadia, voor een beeld van een datacenter van het bedrijf. Dat is waar de ‘console’ van de speler zal staan. Beeld AFP

Gamers baas

Google houdt vol dat het infrastructureel meer dan klaar is voor cloud gaming. “Binnen een jaar of twee zullen games zelfs sneller en vlotter spelen in de cloud dan op een lokaal toestel”, voorspelt Majd Bakar, Googles vice president of engineering voor Stadia, in het videogamemaandblad Edge

Maar wat de andere gamebedrijven weten, en nieuwkomer Google misschien onderschat, is dat gamers erg kritisch zijn. Ze moeten het vertrouwen hebben dat het platform hen niet in het midden van een bitse confrontatie in de steek laat. 

Google én Microsoft geven toe dat die latentie, de in milliseconden uitgedrukte vertraging op de lijn, een van hun grootste kopzorgen is. “Maar het is niet iets nieuws waarmee we ons ineens moeten bezighouden”, zegt Kareem Choudry, directeur cloud gaming bij Microsoft. “Ik breek daar al twintig jaar mijn hoofd over. Een paar dingen zijn belangrijk: spelers moeten dicht bij een datacenter zitten, want daar staat de hardware nu eenmaal. En wij moeten er technisch voor zorgen dat er geen te grote pieken zijn in die latentie. Voor de rest is gamestreaming eigenlijk een geavanceerde vorm van videostreaming.”

Beperkt aanbod

Waar gamers ook al een lichte teleurstelling over lieten weerklinken is het game-aanbod van Stadia: de lanceringsgames zijn vooral titels die ook al op andere platformen kunnen worden gespeeld. Xbox staat, als gevestigd gamingmerk met exclusieve titels, meteen al veel verder op dat gebied. En uit recent onderzoek van het marktstudiebureau Superdata bleek dat PlayStation Now, hoewel die dienst het minst sterk is op het gebied van infrastructuur, momenteel wel de bekendste is onder gamers. 

“Als de markt zich naar streaming keert, zal de consument een keuze moeten maken”, zegt Bart van de Giessen, managing director voor de Benelux bij PlayStation. “Hij zoekt dus de meerwaarde op, en die schuilt in het aanbod.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234