Vrijdag 02/12/2022

BoekrecensieAli Smith

‘Gezelschap’, het nieuwe boek van Ali Smith: verwarring en verbeelding, gedoopt in venijn ★★★★☆

Ali Smith is uitgesproken associatief ingesteld. De wetten van het realisme sneuvelen meestal al op de eerste bladzijde van haar boeken. Beeld Contour by Getty Images
Ali Smith is uitgesproken associatief ingesteld. De wetten van het realisme sneuvelen meestal al op de eerste bladzijde van haar boeken.Beeld Contour by Getty Images

Het nieuwe boek van de Schotse schrijfster Ali Smith (59), bekend van haar vier ­‘seizoenenromans’, speelt zich af tijdens de coronalockdown. Ook in Gezelschap wemelt het weer van de woordspelingen en andere taalgrappen.

Hans Bouman

Tussen oktober 2016 en augustus 2020 ­publiceerde Ali Smith in een adembenemend tempo haar seizoenen­vierluik: een reeks boeken die ze telkens in ongeveer vier maanden schreef en die pakweg zes weken na voltooiing werden uitgegeven. Realtime-literatuur, werden de boeken genoemd. Brexit, het Grenfell Tower-drama, het Windrush-schandaal, de eerste fase van de coronacrisis, ze passeerden allemaal de revue. Tegelijk waren de boeken, hoe maatschappijkritisch ook, het tegenover­gestelde van sociaalrealisme.

‘Realistisch’ is het laatste woord dat je zou willen gebruiken om het werk van Ali Smith te omschrijven. Bij haar staat te allen tijde de verbeelding voorop en sneuvelen de wetten van het realisme vaak al op de eerste bladzijde.

Haar nieuwe roman Gezelschap (Companion Piece) sluit in veel opzichten aan bij het seizoenenvierluik, zoals de Engelse titel al suggereert. Het boek speelt tijdens de coronalockdown van 2021 en benadert de misstanden in de Britse maatschappij op dezelfde afwisselend venijnig-­kritische en humoristisch-persiflerende wijze. Maar er zijn ook verschillen, die juist vergelijkingen met haar eerdere roman How to Be Both (2014) oproepen.

De centrale gebeurtenis waar de hele roman omheen is geplooid, wordt meteen in het eerste hoofdstuk beschreven. De verteller van het boek, Sandy Gray, is een kunstenaar van in de vijftig. Ze heeft de hond van haar vader in huis genomen, want de man is in het ziekenhuis opgenomen. Niet met ‘het virus’, maar met hartproblemen. Op een avond wordt Sandy gebeld door ene Martina Flick. De twee deden ooit ­dezelfde studie, waren in die tijd allerminst met elkaar bevriend en hebben elkaar al tientalen jaren niet gesproken.

Uit Martina’s woorden blijkt niets van dit al. Ze suggereert een tamelijk levendige wederzijdse interesse en begint vervolgens een wonderlijk verhaal te vertellen. Onlangs is ze meer dan zeven uur vastgehouden op de luchthaven, toen ze vanuit het buitenland een historisch, ambachtelijk slot vervoerde in opdracht van het museum waar ze werkt. Toen ze in afwachting van nadere verhoring in haar eentje in een kamertje werd opgesloten, hoorde ze uit het niets een stem: ‘Curlew of curfew. Kies maar.’ Wie de woorden kan hebben gesproken is een raadsel, wat ze te betekenen hebben nog veel meer. Martina’s vraag: kun jij me dit uitleggen?

In de scène die volgt krijgen we niet alleen een inkijkje in de analytische verbeeldingskracht van het personage Sandy, maar ook in het scheppingsproces van Smith. We weten uit haar eerdere werk dat Smith een uitgesproken associatief ingestelde persoonlijkheid is. In de seizoenen­cyclus strooide ze weelderig met verwijzingen naar met name Shakespeare en Dickens, maar ook naar beeldend kunstenaars als Pauline Boty en Barbara Hepworth. In Gezelschap komen beide interessegebieden samen in verteller Sandy, die poëzieteksten beschildert, laag over laag, om zo op visuele wijze uiting te geven aan het gedicht.

Verbeelding

Net als haar schepper is Sandy sterk associatief ingesteld, wat haar verbanden doet zien die voor anderen verborgen blijven. De scène waarin zij met speels gemak een logische connectie schetst tussen curlew (wulp) en curfew (avondklok) is daar een sterk staaltje van. Een flashback, waarin Sandy aan Martina een gedicht van e e cummings verklaart – welbeschouwd hun enige contact tijdens hun studie – toont hetzelfde proces.

Een andere overeenkomst tussen schrijver en personage is beider voorliefde voor woordspelingen en andere taalgrappen (‘brood om oud ­ijzer’): een flinke klus voor haar vertalers, die zich overigens prima van hun taak kwijten.

Op driekwart van de roman blijkt Gezelschap eigenlijk, net als How to Be Both, twee naar elkaar verwijzende boeken te bevatten. Het tweede speelt tijdens een pest­epidemie in de middel­eeuwen en heeft een meisje als hoofdpersoon dat ooit leerling was van een vrouwelijke smid. Na de plotselinge dood van haar mentor ondergaat ze een aantal gruwelijke ervaringen, maar sluit ze ook vriendschap met die meest ontembare van alle vogels: een piepjonge wulp.

Terwijl je de verwikkelingen rond het naamloze meisje volgt, wordt het de lezer steeds meer duidelijk hoe knap Smith de middeleeuwse en de contemporaine verhaallijnen met elkaar heeft verweven. Door de losse, voortdurend aan invallen toegevende schrijfstijl leest Gezelschap alsof het in hoog tempo is geschreven. Maar als dat zo is, heeft de compositie er beslist niet onder ­geleden.

Verbeelding is het sleutelwoord in deze roman en regelmatig zijn er aanwijzingen dat we Sandy misschien niet altijd op haar woord kunnen geloven. Levend in lockdown is ze aangewezen op haar innerlijke belevingswereld. En daar is het een levendige boel, zoveel is duidelijk.

Zoals in veel van haar boeken voert Smith ook in Gezelschap varianten op van ‘de buitenstaander die verwarring veroorzaakt’. Volgens haar vormt ‘de buitenstaander’ het meest urgente verhaal van onze tijd, omdat het het verhaal is van wie er wel en niet bij hoort, in onze maatschappij. Deze roman geeft hiervan schrijnende voorbeelden, maar ook heel humoristische.

Heel grappig zijn bijvoorbeeld de herhaalde confrontaties tussen Sandy en een uiterst opdringerige jeugdige tweeling, die haar in haar veilige bubbel bedreigen. De twee spreken vooral in WhatsApp-acroniemen, zoals: ‘aai em oo’ (‘in my opinion’), ‘dubbeljoe ef eetsj’ (‘working from home’) en ‘aai die kee’ (‘I don’t know’). Als Sandy hen niet begrijpt, roept een van hen ­geërgerd ‘Boomer­alert’. Waarop de lezer zich kan afvragen wie hier eigenlijk de echte buitenstaander is.

Sandy zei het al, ergens halverwege het boek: ‘Een verhaal is nooit een antwoord. Een verhaal is altijd een vraag.’

Ali Smith, Gezelschap, Prometheus, 232 p., 22,50 euro. Vertaling Karina van Santen en Martine Vosmaer.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234