Vrijdag 06/12/2019

Concertrecensie

Fulco verkent in AB de grens tussen diepzinnigheid en speels surrealisme ★★★★☆

Beeld Koen Keppens

Het was zijn jongensdroom ooit eens een Nederlandstalige popplaat te maken, waarmee hij Doe Maar naar de kroon zou kunnen steken. En na vijftien jaar knutselen in de schaduw, zoekt Fulco met zijn solodebuut nu eindelijk de schijnwerpers op. Die van de AB bijvoorbeeld.

Ottervanger: het had een knelpuntberoep kunnen zijn. In werkelijkheid is het echter de kleurrijke achternaam van Fulco, een 35-jarige Nederlandse Gentenaar die in de Belgische muziekscene al menige aardverschuiving heeft veroorzaakt.

Een jaar of elf geleden had hij al een lidkaart van de crossoverband Members of Marvelas op zak. Vervolgens waagde hij zich aan grillige krautrockexperimenten bij Marvelas Something, een groep die het bestond te debuteren met drie platen in één verpakking en vandaag voortleeft als Stadt. Multi-instrumentalist Fulco Ottervanger is ook een derde van het jazztrio De Beren Gieren en de helft van BeraadGeslagen. Voorts schreef hij, samen met An Pierlé, de liedjes voor ‘Slumberland’, een jeugdtheatervoorstelling van de Zonzo Compagnie. Nog tot het einde van dit jaar klust hij bij als stadscomponist van Gent en intussen is er ook zijn titelloze elektropop-opus, dat in de ABClub boven de doopvont werd gehouden. U hebt het al in de smiezen: om otters te vangen komt de onwaarschijnlijk veelzijdige Fulco minstens drie levens te kort.

Barbiepop

Alleen zijn is vaak een beetje saai. Op het podium is Fulco dus een duo. Hij-die-marterachtigen-achternazit bediende zich van synths, elektronische effectapparatuur, drumpads, een gitaar en een... Barbiepop. Zijn partner in crime, Dries Laheye (alias Dieter La Dreeze), die u zou kunnen kennen van onder anderen Sir Yes Sir, STUFF. en BRZZVLL, nam, naast digitale klavieren, ook de bas en tweede stem voor zijn rekening. Beide heren voelden elkaar feilloos aan en wisten het tussen diepzinnigheid en speels surrealisme balancerende universum van Ottervanger trefzeker tot leven te brengen. Dat hadden ze afgelopen zomer al eens uitgeprobeerd tijdens Pukkelpop en Down the Rabbit Hole, zodat ze hun eerste clubtour nu met het nodige zelfvertrouwen konden aftrappen.

Beeld Koen Keppens

De nummers van Fulco balanceren op de grens tussen lichtvoetigheid en diepgang. Bizarre gedachtekronkels worden afgewisseld met filosofische doordenkertjes, type ‘Als je niet thuisblijft, dan kun je nergens heen’ of ‘Niks bestaat, want alles vergaat, dus je bent niets kwijt’. Ze zijn geestig en spitsvondig, geven blijk van kinderlijke verwondering en verraden een grote liefde voor taal. In dat opzicht spiegelt de zanger zich nu eens aan Spinvis, dan weer aan Drs. P. Zijn teksten zijn nooit eenduidig en vallen dus op meerdere manieren te interpreteren. In zijn poging al schrijvend de wereld te begrijpen, komt Fulco regelmatig met verrassende ontboezemingen op de proppen. ‘Ik zet niks aan maar sluit niets uit’, stelt hij ergens. Ook absurdistische klankspelletjes zijn hem niet vreemd: “Handbereik is wandelslaap”, luidt het in ‘Een beetje verfrommeld’.

Prettig gestoord

In de AB stelden we andermaal vast dat Fulco een prettig gestoorde performer is. ‘Half heertje, half paljas’, zoals hij zelf aangeeft. Vanaf opener ‘Dichtstbevolkt land’ prutste hij, net als een jongetje dat voor het eerst vrijelijk zijn gang mocht gaan in een scheikundelab, de gekste geluidjes uit zijn machines en plooide hij zijn stembanden in zoveel richtingen tegelijk dat er een wonderlijke vorm van vocale origami ontstond. ‘Hangen in de waarheid’ (‘Uit de tijd toen ik nog tot een sekte behoorde’, grapte Fulco), herinnerde aan een eightiesband als New Musik, en elders vielen, qua sound, vage echo’s uit het oeuvre van Grauzone, Arbeid Adelt! of Deutsch-Amerikanische Freundschaft te herkennen. In het springerige ‘Voetje verloren’ liet Ottervanger zijn gitaar stotteren alsof de logopedie nog moest worden uitgevonden en in het gedreven, nu al klassieke ‘De Sms’ende mens’, stoeide hij met telefoonsignalen en ‘moeilijk te benoemen gevoelens’.

Beeld Koen Keppens

In Brussel passeerden niet alleen alle tracks uit Fulco’s eerste langspeler de revue, ook nummers die de selectie níet haalden, zoals ‘De opflakkeraar’, ‘Faam’ en het iets te statige ‘Glinsterkinderen’ werden uitgelaten. Tussendoor: het lekker losgeslagen ‘Politiek’, geleend bij Bram Vermeulen & De Toekomst. Tijdens ‘1/7 miljardste’, ontstaan op het snijpunt van Air met Connan Mockasin en live ontdaan van de lange instrumentale introductie, legde Fulco behulpzaam uit dat het ‘geen meezinger’ betrof. Pastiche of hommage? In het nadrukkelijk aan John Lennons ‘Mother’ verwante ‘Mama’ smokkelde Fulco alleszins een Brechtiaans vervreemdingseffect binnen, via de aside ‘Abstract, zeg!’. Eén en ander ging zelfs gepaard met een flard barokmuziek en een doldwaas dansje.

Geschenk

Uitsmijter ‘Een beetje verfrommeld’ was weer dansbare elektro, waarbij Fulco assistentie kreeg van gitaargeselaar Mauro Pawlowski, een meneer die altijd wel in de buurt is wanneer er écht iets gebeurt op het podium. En ook al zat de muziek van Fulco vol terloopse referenties, beide heren drukten er dermate nonchalant hun eigen stempel op dat je de songs nooit met die van iemand anders kon verwarren.

“Het was een geschenk voor jullie muziek te mogen maken”, meldde Ottervanger tot besluit. Ik zou hebben gezworen dat hij het meende. Wel, mogen luisteren had óók iets van een cadeau. En het was nog niet eens kerstmis.

Beeld Koen Keppens
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234