Zondag 17/11/2019

Expo Lucian Freud

Freud schildert Freud: Londense Royal Academy zet 50 zelfportretten van Lucian Freud in de kijker

The Men’s Head uit 1963 is een van de vele portretten die Brits kunstenaar Lucian Freud van zichzelf maakte. Beeld Photo News

Met een blauw oog of openhangende mond, verdoken achter kamerplanten of loerend vanuit een spiegel. De Britse kunstenaar Lucian Freud staart je op wel vijftig verschillende manieren aan tijdens The Self-portraits in de Royal Academy of Arts te Londen.

Een stevige portie lef, dat is wat Lucian Freud in 1993 aan de dag legde toen hij zijn naakte zelfportret Painter Working, Reflection schilderde. Poedelnaakt, full frontal en met penseel en schilderspalet in de hand slaat het spiegelbeeld van de 77-jarige Britse kunstenaar ons gade. Schaamteloos gapen we terug en bestuderen ondertussen nieuwsgierig zijn zwakker geworden postuur en zijn onscherpe geslachtsdeel. Niemand kijkt vreemd op als onze neus tot drie centimeter – sorry security – voor het schilderij blijft zweven. Eén gedachte gaat de hele expo lang door ons hoofd: hoe schoon, en bovenal hoe eerlijk kan je jezelf op doek vastleggen?

Bij de naam Freud rinkelt steevast een psychoanalytisch belletje. Lucian Freud (1922-2011) koos echter nooit dezelfde richting als zijn bekende grootvader. Al wat te veel naar psychologie rook, liet hij van zich afglijden. Kleinzoon Freud was een observator. Hij was meer geïnteresseerd in zijn spiegelbeeld dan in zichzelf.

“Freud schildert zijn gezicht zoals hij het in de spiegel vindt: steeds actief kijkend naar zichzelf, maar zonder extra toevoeging van emotionele acrobatiek zoals pakweg Egon Schiele”, vertelt de Amerikaanse expertauteur Joseph Leo Koerner erover. “In Painter Working, Reflection nodigen noch de blik, noch het postuur van de kunstenaar, noch zijn distingerende schilderstijl uit tot psychologisering en dat typeerde hem doorheen zijn hele carrière”.

We nemen de woorden in ons op en doorwandelen er de hele tentoonstelling mee. De opzet is uniek in zijn soort. Een vijftigtal portretten zijn te zien op de bovenste verdieping van de Royal Academy, waarvan de meeste zelfportretten. Saai, zou je snel denken. Maar niets is minder waar. Freud streefde ernaar om zijn schilderijen zo min mogelijk op elkaar te laten lijken, alsof ze door steeds andere kunstenaars zijn gemaakt.

Er is voortdurend sprake van bewust gekozen variatie in afmeting, verf en gezichtspunten. Ook zijn onderwerpen lopen erg uiteen. Self-Portrait with a Black Eye uit 1979 ter voorbeeld. De pandoering op zijn oog verkreeg hij na een uit de hand gelopen woordenwisseling met een taxichauffeur. In plaats van het bloedende oog onmiddellijk te laten verzorgen, trok de kunstenaar zijn studio binnen. Misschien was hij aangetrokken door de natuurlijke verandering van de huidskleur, evengoed kon hij gelokt zijn door het dramatische randje dat hij door het oog aan zijn werk kon toevoegen.

Het zegt veel over hoe Freud voor zijn kunst leefde. Op zijn zelfportretten legt hij meedogenloos tekenen van ouderdom en vergankelijkheid vast. Hij neemt ze zelfs blijmoedig onder handen. Een badhairday of een zichtbaar korte nacht was voor de kunstenaar in dat opzicht eerder een zegen dan een vloek. Freud maakt ook dankbaar gebruik van de elementen rond hem heen. Een topwerk schuilt in Interior with Plant, Reflection, Listenting waarin de kunstenaar opduikt achter een gigantische kamerplant.

Praten tegen portret

Freud maakte vaak gebruik van spiegels en dat levert bij momenten indrukwekkende perspectieven op zoals bij Reflection with Two Children, het eerste werk dat hij ooit met een spiegel verwezenlijkte. Hij plaatste de spiegel op de vloer van zijn studio en creëerde zo een dramatische verkortingseffect van zijn lichaam. Twee van zijn kinderen zijn net buiten het frame afgebeeld. Leg het werk op de vloer van de tentoonstelling, en het lijkt alsof de kunstenaar er zo zou uitkruipen.

Het doet denken aan de kleine anekdotes die we al over Freud zijn werk kenden. Toen de kunstenaar in 2002 aan Self-Portrait, Reflection werkte, stak zijn poetsvrouw op een gegeven moment haar hoofd om de deur. Ze verwarde het schilderij in de schaduw op de ezel met de kunstenaar zelf en voerde er een lang en eenzijdig gesprek mee. Het voorval amuseerde Freud nadien en stemde hem uiterst tevreden. Het deed hem denken aan onoplettenden die geschilderde gordijnen proberen weg te schuiven of vogels die druiven van een stilleven proberen te pikken. “Het is,” aldus de kunstenaar, “een eeuwenoud handelsmerk van figuratieve kunst om de kijker te overtuigen, of zelfs te bedriegen en kan dus alleen als compliment opgevat worden.”

Een heel pak werken hangen onafgewerkt op. Of dat lijkt zo. Soms zie je hoe het schetsmatige overloopt in zijn typerende schilderstijl. Hier en daar worden schetsboeken gelinkt aan het uiteindelijke schilderij. Het is een boeiende bijkomstigheid, want het geeft inkijk in het denkproces van de kunstenaar. “Goed kunnen tekenen is hondsmoeilijk zei Freud er ooit over, veel moeilijker dan schilderen. Er zijn veel minder grote tekenaars dan grote schilders.”

Freud was een diehard schilder. Zo één die zich geen mens meer voelt als hij een tijd niet achter zijn ezel gestaan heeft. “Ik wil niet met pensioen gaan,” zei hij ooit. “Ik wil mezelf de dood in schilderen.” Het is ook dat wat de 88-jarige min of meer deed. Twee weken na zijn laatste penseelstreek nam hij vredig afscheid.

The Self-Portraits nog tot 26.01 in Royal Academy

Met Eurostar krijg je 2FOR1 korting op je toegangsbewijs

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234