Woensdag 11/12/2019

Concertrecensie

Foo Fighters stellen nieuwe plaat voor in Zweden: mokerslag in de Muppet Show ★★★★☆

Foo Fighters in Stockholm. (Foto: Therés Stephansdotter Björk) Beeld Foo Fighters

Zijn laatste bezoek aan Zweden zal Dave Grohl vast niet licht vergeten. Blind enthousiasme dreef hem nét te ver over de rand van een podium. Het gevolg liet zich raden: een gebroken been en een ellendig lange revalidatie. Maar zijn revanche in Stockholm loog er deze week ook niet om. Twee en een half uur lang speelden Foo Fighters een energetische set die op zijn beurt door óns merg en been ging. Het befaamde Stockholm-syndroom? Nu snappen we het.

Daar staat hij dan plots voor je. Dave Grohl. Op nog geen twintig centimeter van je. Verbouwereerd kijk je toe hoe hij net voor je gezicht de pezen in zijn nek aan gort headbangt. Je ruikt de waspoedergeur van zijn gescheurde shirt, voelt zijn haar in je gezicht waaien, proeft rondspattende zweetdruppels, en hoort je eigen puberhart twintig jaar in uitgesteld relais hevig bonzen. 

Bladen kunnen over de frontman van Foo Fighters véél zeggen - en dat is ook gebeurd, alleen al in de laatste weken - maar deze “goedaardige dictator” weet perfect hoe hij zijn publiek kan dirigeren naar een opperste staat van opwinding. Tijdens een legendarische opvoering ‘The Pretender’ onderneemt Grohl een triomftocht door de héle zaal, waarbij iedereen even het gevoel krijgt dat ze handjes hebben geschud met een rockicoon. Máchtig.

Muppet Show

Het Vasateatern in Stockholm werd door de Amerikaanse groep  zelf uitgepikt voor de releaseparty van hun negende langspeler. Een vrij klein, naar beneden hellend theaterzaaltje met karmozijnrode gordijnen, elegante zuilen en versiert met kitscherig klatergoud. “Ik heb het gevoel dat ik in de Muppet Show ben beland,” grinnikt Grohl na een in overdrive gehesen versie van ‘My Hero’, waarbij een duizendkoppig publiek zich spontaan als een magistraal collectief zangkoor heeft opgeworpen. “In het balkon verwacht ik elk moment dat twee oude mannetjes elkaar zullen aanstoten, en grinniken om ons. Ik vrees dus dat wij op dit podium de enige Muppets zijn vanavond.”

Daar valt effectief wel iets voor te zeggen. Aan het begin van de avond zet Grohl bijvoorbeeld een hilarische hoedown met elastieken benen in - “It’s so fuckin’ nice to be here again in Sweden, I feel like doing a little dance!” - en doorheen de avond zal hij als een manische marionet over het podium blijven kaatsen. Hoe toepasselijk trouwens: tijdens ‘Monkey Wrench’ tuimelde Nice Guy Dave twee jaar geleden van de bühne. Nu mag die noodlottige song de set voor geopend verklaren, en verkent hij als hij een nietsontziende lefgozer voortdurend de rand van het podium. “Tart het lot vooral opnieuw, Dave”, zie je de security in de coulissen bezorgd denken.

De nieuwste langspeler Concrete and Gold verscheen gisteren in de winkelrekken (lees zeker ons interview met de band naar aanleiding van dat album), maar de obligate regels van zo'n showcase lappen Foo Fighters in de hoofdstad van Zweden aan hun laars. 

Slechts de helft van de nieuwe plaat wordt uiteindelijk door de lange set gejaagd. Gelukkig ook meestal de grootste hoogvliegers van dat album: ’Run’ komt live zowaar nog beter uit de verf als een witheet riff-o-rama, en plaatst zich naadloos tussen oudere classics als ‘Rope’ en ‘Congregation’. Met dien verstande dat drummer Taylor Hawkins een net zo agressieve als ingenieuze reggaeton-beat in de song binnensmokkelt. Daarmee lijkt de groep een lange neus te maken naar popradio, waar dat ritme te pas en onpas in hits wordt binnengesmokkeld. Maar net zo goed tonen Foo Fighters aan dat ze als rockveteranen nog steeds de vinger aan de pols houden.

Dat hóór je ook aan hun laatste langspeler. De Foo Fighters hebben het geweer niet ineens drastisch van schouder veranderd, maar in een productie van Greg Kurstin (zie ook Sia, Adele, Beck, Liam Gallagher, ...) wagen ze zich aan een veel breder geluidspalet. De vertrouwde hard-zachtdynamiek is vrijwel ongewijzigd gebleven, maar de sound is weidser, gedurfder en avontuurlijker. 

Scherfvest en mokerslag 

Even voordien werd de schuimbekkend nieuweling ‘La Dee Da’ nog met strakke teugels in rechte banen geleid in Stockholm. De overstuurde, ultra-lage basfrequenties in het begin van de song doen je meteen aan Queens of the Stone Age denken, waarna Led Zeppelin een industrial-scherfvest wordt aangemeten.

Dat de verrukkelijke gastzangeres Allison Mosshart van The Kills, die je in de studioversie hoort, verstek laat gaan, maakt de song er niet minder explosief op. Zelfs een speels jazzy ‘Dirty Waters’, dat jongleert met een zachte psychedelische sound, ontaardt uiteindelijk in een dirty rocker met een motorische beat. ‘The Line’ wordt voor het eerst ooit live opgevoerd, maar deze humeurige mokerslag van een song - met één oog op het zebrapad van Abbey Road gericht - lijkt zich metéén behaaglijk te nestelen in de back catalogue van de Foo Fighters.

Ook de vooruitgestuurde single ‘The Sky is a Neighbourhood’ is zo’n schot in de roos. Alwéér drijven je gedachten af naar de Queens van Josh Homme, maar ook andere rockroyalty passeert de revue: Sir Paul McCartney lijkt evenzeer een hand te hebben gehad in het songproces. Niet zo verwonderlijk: Grohl toont zich in alle melodieuze songs een rabiate Beatles-fan, zoals fans al sinds ‘Big Me’ van hun debuut in 1995 weten. Dat liefdesliedje werd in Stockholm aan de Zweedse dokter van Grohl opgedragen, die hem de eerste hulp toediende na zijn onfortuinlijke tuimeling. “A handsome man, whose face always makes me cry”, noemt hij hem vanaf het podium. “Because it brings back such traumatic memories.”

Hagelwitte reflectie 

Ook in het nagelnieuwe ‘Happy Ever After (Zero Hour)’ is de invloed van Macca onmiskenbaar aanwezig. Zonde dat die prachtige ‘Blackbird’-hommage de set uiteindelijk niet haalt in Stockholm. Wél wordt gekozen voor het minder beklijvende ‘Sunday Rain’: in de studioversie zat Sir Paul dan wel aan de drums (!), terwijl Hawkins de zangrol op zich neemt. Live maakt die laatste zich op beide fronten te gelde, maar net als ‘Cold Day in the Sun’ zien we de blonde surferboy van de Foo Fighters liever schitteren als extravagante spektakeldrummer dan als tweede frontman. Opmerkelijk trouwens: achter de drumvellen kan je zijn gezicht nauwelijks ontwaren achter een deinend kapsel, maar zijn hagelwitte tanden reflecteren tot achteraan de zaal. Merchandise-ideetje: in de winter kan u met een gerust hart naar uw werk fietsen met zijn gebit op de rug.

Fluim en doodsduik

Hoe dan ook zijn er genoeg hoogtepunten te tellen in de twee-en-een-half uur durende set om die twee faux-pas met de mantel der liefde te bedekken. Een kleine bloemlezing? Welaan, dan. Het magistrale zangkoor dat opstijgt uit het publiek tijdens ‘My Hero’,,‘One by One’ en ‘Best of You’! Dave Grohl die in ‘The Pretender’ een zegetocht onderneemt doorheen de zaal om uiteindelijk achteraan onder het balkon te belanden! Dave Grohl die aan het eind van een zinderend ‘Walk’ in al zijn euforie nét niet de tanden uit het gezicht van iemand in de zaal schopt! De fluim van de frontman in ‘Learn to Fly’ die een indrukwekkende afstand van drie meter overbrugt in de zaal! Howlin’ Pelle van The Hives die ‘Let There Be Rock’ van AC/DC naar zijn hand zet in de finale, en een meesterlijke doodsduik onderneemt in de zaal!

“Boogie till you barf” lezen we ook op de pullover van Pelle. Vooraan in de zaal lijken ze dat choreografische advies gedwee in daden om te zetten. Stuiptrekkend werken de dampende fans zich door de song. ‘Let There Be Rock’ wordt door Grohl overigens plagerig ingezet met ‘Stairway to Heaven’, waarmee de spionkop al direct over de rooie gaat. Jammer dat de groep zich niet aan een volledige versie waagt. Foo Fighters generen zich immers niet om hun lichtende voorbeelden volop te eren. Niet alleen door subtiele en minder subtiele hints in hun eigen sound (Hüsker Dü! The Beatles! Led Zeppelin!), maar ook door flarden van The Ramones, Kiss en Queen in de showcase te wurmen.

Stockholmsyndroom

De groep klinkt trouwens strak, maar oogt opvallend ontspannen. Niet onlogisch: hoewel de gitaren op sommige plaatsen in de zaal door een bulderende transistor lijken te razen, voel je aan de opwinding in de zaal en op het podium dat ook Foo Fighters stiekem terug willen naar die oude, vertrouwde club-fase van de beginjaren. Dat verklaart natuurlijk waarom ze al eens guerrilla gigs  speelden in huifkarren, pizzatenten of in de garagebox van een fan. En een paar jaar geleden gaven ze zelfs een aantal intieme cluboptredens onder de naam The Holy Shits.

Maar de stadiontics krijg je nooit meer uit deze groep geborsteld. Het grootste euvel aan de Fighters vandaag? Hoewel ze uit liefst negen platen konden plukken, wordt zeker de hélft van al uw en onze eigen favorieten stiefmoederlijk genegeerd in de showcase. Liever rekken Grohl en co een paar songs al eens onnodig op. ‘Arlandria’ en ’Rope’ krijgen bijvoorbeeld een overbodig interludium mee, waarin publiekspelletjes worden opgevat. Iedereen doet dociel mee, maar eerlijk? Liever hadden we ‘Everlong’, ‘Stacked Actors’, ‘Low’, ‘Hey, Johnny Park!’, ‘Enough Space’ en de hele eerste helft van hun debuut in de plaats willen horen.

Ach ja… Kiezen is verliezen, natuurlijk. En wat zouden we nog lopen zeuren na une nuit Foo? Nu weten we éindelijk hoe dat befaamde Stockholm syndroom aanvoelt.

DE SETLIST

Monkey Wrench

Learn to Fly

White Limo

Arlandria

La Dee Da

The Pretender

Big Me

Run

My Hero

Cold Day in the Sun

Congregation

Walk

The Line

These Days

Rope

The Sky Is a Neighborhood

Sunday Rain

All My Life

Dirty Water

Times Like These

Breakout

Best of You

Let There Be Rock (AC/DC cover)

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234