Donderdag 16/09/2021

InterviewFly (Kamp Waes)

Fly, de instructeur uit ‘Kamp Waes’: ‘Wildvreemden kwamen me storen tijdens een etentje met mijn vrouw’

null Beeld PhotoNews
Beeld PhotoNews

Doorgaans koestert hij zijn anonieme leven in camouflagepak, maar Kamp Waes katapulteerde instructeur Fly (52) begin 2020 naar een plek in de spotlights. Intussen is de rust bij de Special Forces teruggekeerd en het kijkcijferkanon veilig opgeborgen. Hoog tijd dus voor een spervuur aan vragen. ‘Zolang wij onze job kunnen doen, kan iedereen gerust slapen.’

Fly: “Ik hou niet van een personencultus. Wat ik vreemd en verwarrend vond na Kamp Waes, was dat ik opeens leek samen te vallen met die ene week waarin we hadden gefilmd. Wat ik in de 25 jaar voordien had gedaan bij de Special Forces, was bijna bijkomstig. Ik had wel een zekere vorm van BV-schap verwacht, maar ik had er moeite mee dat ik opeens publiek bezit werd. (Abrupt) Maar nu zijn we bezig over mij. Moet dat echt? Ik ben anonimiteit gewoon. Ik hield van mijn leven in de schaduw.”

Is dat nu weg?

Fly: “De aandacht is wel wat gaan liggen, vooral dankzij covid. Dat was voor mij een godsgeschenk. Na Kamp Waes spraken mensen me opeens aan op restaurant. Alsof het de normaalste zaak is dat wildvreemden een gesprek met je aanknopen tijdens een intiem etentje met je vrouw.”

Had je dan een gevat antwoord klaar om ze af te wimpelen?

Fly: “Dat lag eraan: als mijn vrouw erbij was, moest ik beleefd blijven (lacht).”

Kon Tom Waes je geen tips geven?

Fly: “Tom Waes heeft een totaal ander karakter: hij is gemaakt voor de job van BV. Zonder Tom Waes geen Kamp Waes.

“Het klinkt arrogant, maar we hadden het succes wel verwacht. Er was ook lang over het programma nagedacht: het oorspronkelijke concept lag al sinds 2008 op de plank. Het heeft verschillende pogingen gekost vooraleer de reeks er eindelijk kwam.”

Waarom waren jullie vragende partij voor een tv-programma?

Fly: “Simpel: rekrutering. Het is moeilijk om kandidaten te vinden voor de Special Forces, omdat wij altijd via Defensie moeten rekruteren. Aangezien zij de laatste jaren gekrompen zijn, wordt ook onze visvijver kleiner. Bovendien zijn de Special Forces een magneet voor alle talent bij Defensie. Het is logisch dat zij niet graag al hun beste krachten naar ons zien vertrekken.

“Pas op: ik ben er zeker van dat Kamp Waes een positief effect heeft gehad op de rekrutering. Ik denk dat heel wat mensen getriggerd waren: ‘Wauw, Defensie is wel wat voor mij.’ Maar daar hebben wij geen profijt van: de enthousiastelingen die na Kamp Waes de stap hebben gezet naar het leger, zullen ten vroegste over twee of drie jaar aan de deur van de Special Forces komen kloppen, nadat ze eerst hun basisopleiding hebben voltooid. Als Defensie die kandidaten al die tijd heeft weten te boeien. Misschien heeft Kamp Waes dus wel een zaadje geplant, maar het zal nog jaren duren vooraleer wij daar de vruchten van plukken.”

Van de vijf Kamp Waes-kandidaten die op het eind overbleven, is niemand bij Defensie gegaan.

Fly: “Dat had ik ook niet verwacht. Kijk naar hun profielen: het zijn allemaal mensen die in gelijk welke carrière succes zullen hebben. Trouwens, dat ze achteraf BV’s zijn geworden, ontneemt hun sowieso het recht om toe te treden tot de Special Forces, waar alles rond discretie draait. Ons doel was ook niet op zoek te gaan naar kandidaten die onze zware qualification course konden doorstaan. We zochten burgers die de juiste mindset hadden. Deze vijf hadden die. Het was mooi om te zien hoe de survivors op die week een vriendschapsband voor het leven wisten te smeden.”

Heb je nog contact met Zeger, Xander en de rest?

Fly: “Om de zoveel tijd spreken we nog eens af.”

Voor een nachtelijke dropping?

Fly: “Ze willen altijd wel iets avontuurlijks doen, wat best vermoeiend en belastend is voor een oude man als ik. Vorig jaar hebben we nog samen de Mont Blanc beklommen. Dolle pret, maar wat is er mis met samen een pint pakken?”

Komt er eigenlijk een tweede seizoen van Kamp Waes?

Fly: “Er zijn gesprekken geweest, maar uiteindelijk zijn ze niet ingegaan op onze voorwaarden. Onze voornaamste eis was dat we een tweetalige versie wilden maken – van het eerste seizoen hebben onze Franstalige collega’s niet kunnen meegenieten. Maar tweetalige televisie maken ligt moeilijk.

“Nu ja, covid had de plannen toch in de war gestuurd. Misschien moeten we volgend jaar nog maar eens rond de tafel gaan zitten. Ik denk echt dat we een Kamp Waes 2.0 kunnen maken dat straffer is dan de eerste.”

Nóg straffer? De kandidaten van seizoen één zagen nu al serieus af. Sommigen hadden weken later nog nachtmerries.

Fly: “Nachtmerries zijn een vorm van stressverwerking. Het toebrengen van stress is nu eenmaal een onderdeel van onze opleiding. Ik bespaar je de technische uitleg, maar als je onder grote druk staat, slaat je hippocampus bepaalde herinneringen op. Leg je hand maar eens op een gloeiend hete plaat: je limbisch systeem zal het onthouden, waarna je het nooit meer doet. Wij gebruiken stress op dezelfde manier bij onze kandidaten. Wat ze bij ons leren, blijft hun een leven lang bij.”

Jij doorliep je qualification course als 23-jarige, maar sinds een paar jaar ben je niet meer actief.

Fly: “Klopt. Als Regimental Sergeant Major speel ik niet meer actief mee bij de missies. (Kantelt zijn computercamera naar het plafond) Tegenwoordig zit ik onder deze tl-lampen weg te kwijnen.”

Is wat je nu doet dan nog avontuurlijk genoeg voor jou?

Fly: “Nu gaat het wéér over mij.”

Dat heb je niet graag, hè.

Fly: “Nee (lacht). Kan ik een andere vraag krijgen?”

Iets anders dan: mis je de buitenlandse missies?

Fly: “Ik mis alles. Dat heeft niks met mij als persoon te maken. Van iedereen die hier de deur achter zich dichttrekt, ben ik zeker: er gaat geen dag voorbij of ze missen hun vorig leven, net omdat die stresshormonen zulke onuitwisbare indrukken hebben achtergelaten.”

In Humo stond onlangs het verhaal van Lerre, de hoofdinspecteur van de Speciale Eenheden die gewond raakte aan het hoofd bij de inval in Vorst.

Fly: “De Lerre is een kameraad. We hebben samen onze duikopleiding gevolgd. Lerre is een verstandige man. Hij heeft altijd geweten dat er risico’s verbonden waren aan het vak. Maar waar hij géén rekening mee had gehouden, was met hoe het systeem hem achteraf zou laten vallen. Hij heeft hemel en aarde moeten bewegen om zijn medische kosten vergoed te krijgen. De meeste van ons doen de job uit intrinsieke motivatie. We kijken niet naar hoeveel geld er op het eind van de maand op onze bankrekening wordt gestort. Maar dat wordt natuurlijk moeilijk als je weet dat het systeem je laat vallen zodra het fout gaat.

“Bij Defensie is er sinds dit jaar een nieuwe regelgeving: alles wat je overkomt, wordt gedekt. Dat gaat van je schuldsaldoverzekering tot je overlijdenspremie. Ik kan alleen maar hopen dat het geval van Lerre ervoor zorgt dat dezelfde regelgeving er komt voor politie, brandweer… Als de staat uiterste toewijding van je verwacht, dan moet daar wel iets tegenover staan.”

‘Als je door een 7.62-kogel uit een kalasjnikov geraakt wordt in je arm, been of op welke plaats dan ook, is het over’, zei je ooit in een reportage. ‘Dan is je carrière gedaan.’

Fly: “Dat is de realiteit van de job. Op missie kom je soms tegenover 14-jarige gedrogeerde jongens te staan, met zo’n oorlogswapen in hun handen. Eén kogel kan een streep onder je carrière trekken, geen training die je daarvoor kan behoeden. Wij wanen ons niet onsterfelijk. Integendeel, we hebben allemaal genoeg oorlogswonden gezien om te beseffen dat het niet is zoals in de film, met een klein kogelgat en een dun streepje bloed. Een kogel scheurt je hele lijf uit elkaar.”

Krijgen jullie sinds Kamp Waes vaker een ‘dank u’ voor alle opofferingen?

Fly: “Nee, maar daar doen we het ook niet voor. De wetenschap dat we het land voor onheil behoeden, is voldoende. De meeste van onze acties gebeuren in de schaduw en dat is maar goed ook. Burgers weten best niet te veel van de gruwel die zich afspeelt in de wereld. Zolang wij onze job kunnen doen, kan iedereen gerust slapen.”

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234