Donderdag 17/10/2019

Expo

Expo in S.M.A.K. verrast en verwart

In 'Verlust der Mitte' combineert curator Christoph Büchel werken uit de begincollectie van het S.M.A.K. met de inrichting van een asielzoekerscentrum. Even verder blijkt dat in het museum ook echt vluchtelingen verblijven. Beeld Illias Teirlinck

De matrassen lijken beslapen, maar dat zijn ze niet. De gsm laadt voor niemand op. Verlust der Mitte verwart de bezoekers van het S.M.A.K., net omdat niets is wat het lijkt, in deze expo die over meer dan enkel vluchtelingen gaat. 'Jan Hoet zal blij zijn.'

Die 'zal' is belangrijk: toevallige bezoekster Gilda De Bal zegt niet 'zou'. "Op één of andere manier krijgt Jan het wel mee", zegt ze. En dat is belangrijk, want net zei de zaalsuppoost dat de matrassen in de eerste ruimtes van de expo Verlust der Mitte niet enkel naar de asielzoekers van nu verwijzen. "Toen Jan Hoet het S.M.A.K. in 99 opende, liet hij kinderen in de zalen slapen. Die link legt de expo ook."

Maar we waren naar Gent gereden om te praten met de mensen die in de zalen tussen Broodthaers, Beuys, Lucebert en Asger Jorn slapen. "Dat kan niet", zegt de suppoost. "Hier slaapt niemand. Het is een installatie."

Verwarring, het woord viel al, het ligt dicht bij verrassing. Dat vindt S.M.A.K.-directeur Philippe Van Cauteren best. "Ik interpreteer de expo en elke bezoeker doet dat. Maar we weten dat er buiten daklozen slapen en dat in Gent Roma-zigeuners in mensonwaardige omstandigheden leven", zegt hij. "De hele expo is een soort pendel tussen fictie en werkelijkheid."

'Heel confronterend'

Die verrassing begint al aan de balie. Je krijgt er een brochure van de expo van Dirk Zoete en van Anna Oppermann, over Verlust der Mitte geen woord. Maar dan loop je de eerste zalen binnen die gevuld zijn met matrassen, dekens, goede reistassen, een K-Way over een sculptuur van Roel D'Haese, dekens van roze-geel-groen, een zak van Ikea, vrouwenschoenen, een stapel Spa-flesjes, Dafalgan, kinderknuffels. Het is net echt en amper kijk je naar de kunst. Al koos curator Christoph Büchel uit de begincollectie van het S.M.A.K. niet toevallig Les Polyglottes van Alechinsky, Nuit Blanche van Englebert van Anderlecht en Een nieuwe dageraad vol vogels – vogelnesten van Corneille. 

"Het is heel confronterend", zegt acteur Vic de Wachter. "Er hangt voor miljoenen aan de muren en ik vind het góéd dat er in kunst geïnvesteerd wordt. Maar tegelijk zie je de pure realiteit. Dat bedoel ik met die confrontatie. Dit hele huis zou kunnen dienen om vluchtelingen op te vangen. Daarover nadenken, vind ik erg positief. Hoe noemen ze dat? Out of the box denken. Ja: dat is goed." De Wachter zegt dat in de volgende zaal, onvergelijkbaar met de eerste: je waant je op Expo 1913, toen (op de plaats waar nu de Calais-Jungle klein werd nagebouwd) Senegalezen en Filipijnen werden tentoongesteld, of op Expo 1958. Hutjes, schoolbanken, een Congolese kapper, de Afrikaanse chaos, toch Antwerpse 'handjes' te koop in een toog, Boudewijn en Fabiola. En een affiche uit 1974: 'Ali et Foreman font confiance en Mobutu. Vous aussi faites comme eux, ayez confiance en Mobutu.' "Congo namen we enkel omdat dit België is en er die Expo 58 was. Maar het gaat niet over Congo. Het zou net zo goed over het Midden-Oosten kunnen gaan. Dit is een pars pro toto voor hoe mensen met een laagje filantropie hun machtsaccumulatie vergoelijken. "

Museum als levende plek

Via een doorgang en een echo naar Expo 58 kom je in de laatste ruimte, ingericht als een asielzoekerscentrum met oude zetels, een kickertafel, koffie, pc's voor contact met de buitenwereld en twaalf slaapplaatsen. Het is zondag en de twaalf mannelijke residenten zijn gaan zwemmen, maar gedurende de hele periode van de expo is dit wel echt hun verblijfplaats. "Het zijn erkende vluchtelingen uit Irak, Syrië, Afghanistan en Eritrea, die tussen anderhalf en twee jaar in Gent zijn en aan een traject bezig zijn", zegt Van Cauteren. "Tijdelijk voegen we ze toen aan ons medewerkersbestand. Tijdens deze tentoonstelling werkt het S.M.A.K. niet met 60 maar met 72 mensen. Ze hielpen mee met de opbouw, we gaan workshops , taalcursussen, koor en zang organiseren, het museum wordt een levende plek."

Is er een verschil tussen het aanstaren van mensen in een museum vandaag en het Village Africaine in 1958, vroeg ook deze krant zich af. "Absoluut", zegt Van Cauteren. "Een Wereldtentoonstelling is per definitie onkritisch. Wij dupliceren het en voegen er die kritiek aan toe." Iemand zegt dat het haar doet denken aan Chokri Ben Chikha's De Waarheidscommissie, over de behandeling van de Senegalezen en Filipijnen in 1913, en Stef Verhaeghe knikt. Hij werkte ooit zelf vijf jaar lang in een asielzoekerscentrum. "Het ruikt hier frisser, maar verder is het erg herkenbaar. En dus vind ik het zeer waardevol omdat je als museumbezoeker verplicht wordt zélf na te denken en je ogen te openen. Je voelt je niet zo op je gemak door die confrontatie."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234