Zondag 23/02/2020

RecensieExpo

Expo Bernini-Caravaggio: beeldhouwwerken roepen bruisend barokgevoel op ★★★★☆

Het Rijksmuseum stelt meer dan zeventig meesterwerken van Caravaggio, Bernini en hun tijdgenoten tentoon. Beeld ANP

Op de Rijksmuseumtentoonstelling Bernini-Caravaggio wordt het barokgevoel vooral opgeroepen door de de beeldhouwwerken en niet de schilderijen.

De man heeft niet veel goeds in de zin, kardinaal Scipione Borghese (1577-1633), met zijn varkensoogjes. Te lui om alle knoopjes van zijn verfrommelde mantel te maken. Te hautain om de toeschouwer recht in de ogen te kijken. Een biretta op het hoofd alsof hij al uren aan het carnavallen is. Met één blik velt hij een stier.
Nu was de kardinaal ook een snoodaard. Hij gaf niet alleen Gian Lorenzo Bernini opdracht uit carraramarmer zijn beeltenis te houwen, maar ook diens rivaal en vroegere assistent Giuliano Finelli. Om de twee tegen elkaar uit te spelen. Finelli won. In de uitgehakte kop spreekt Scipione's doortraptheid.

Het beeld is een van de hoogtepunten op de tentoonstelling Bernini-Caravaggio. Barok in Rome, die vandaag in het Rijksmuseum wordt geopend; naast talloze andere levenslustige marmerbeelden, zoals van Francesco Mochi, François du Quesnoy en, vanzelfsprekend, van Bernini. De grote verrassing is dat deze sculpturen zo veel beter het bruisende barokgevoel oproepen dan de schilderijen die er ook hangen. Overigens niet van de minsten: Michelangelo Merisi da Caravaggio, Giovanni Galli, Hendrick ter Brugghen en Orazio Gentileschi.Toch opmerkelijk.

Barok staat in de boeken als die tomeloos wervelende 17de-eeuwse kunststroming die in klassieke kunst een ongekende geestdrift en zinsbegoocheling teweegbracht. Met name in Italië. Te beginnen in Rome. Met dank dus aan Caravaggio (1571-1610) en Bernini (1598-1680). En aan kardinaal Gabriele Paleotti, die tijdens het Concilie van Trente, halverwege de 16de eeuw, besefte dat de katholieke kerk, na de opkomst van het protestantisme, ook artistiek in de tegenaanval moest en alle pracht en praal, waartoe de kunst in staat was, uit de kast moest halen.

Een marmeren beel van kardinaal Scipione Borghese door Bernini is een van de hoogtepunten van de tentoonstelling. Beeld rv

Wie ooit in Rome is geweest, weet hoe goed dat idee van Paleotti is uitgevoerd. Loop een willekeurige kerk binnen en je waant je in een Efteling van krullen en kleuren, bewegingen en verbeelde emoties. Alles is actie, passie, genot, levendigheid, spitsvondigheid, expressie. Precies zoals de dodelijke blik van kardinaal Borghese. En precies ook zoals curator Frits Scholten het heeft bedoeld.

Je zou verwachten dat schilders met deze uitbundigheid beter uit de voeten kunnen dan beeldhouwers. Is met verf op linnen niet zoveel meer mogelijk, wat betreft fantasie en verbeelding, licht en schaduw, dan met het moeilijk te bewerken carraramarmer, waarbij de wetten van de zwaartekracht gelden en er altijd wel een stukje afbreekt als je niet oppast, zoals de vingers in Bernini's portret van Thomas Baker? Natuurlijk, de achteloosheid waarmee Gentileschi Judith en haar dienstmeid het afgehakte hoofd van Holofernes in een mandje laat wegdragen, of de overdreven schrik waarmee Caravaggio een jongeling schildert die door een hagedis wordt gebeten (oei, au, niet meer doen hoor!): het zijn taferelen die je niet makkelijk in terracotta of natuursteen zal uitbeelden. Dat klopt.

Toch lijken deze schilderijen, hoe fantastisch ook, in vergelijking met de sculpturen statischer over te komen, als gevangen in hun lijst. Terwijl de beelden vrij van elke beknelling de ruimte kiezen. Zie de slangentooi op Medusa's hoofd, de vertrokken tronie van Triton, het kapsel van Thomas Baker dat als een harig beest tot over zijn schouders hangt. Alles wat je de beeldhouwkunst aan bewegingloosheid toedicht wordt in het Rijks gelogenstraft. En dan zijn de bekendste sculpturen uit de barok in Amsterdam nog niet eens te zien. Zoals de beroemde Extase van Theresia van Bernini, die je nu eenmaal moeilijk met een slijptol uit de krullerige Cornaro-kapel kunt losmaken. Maakt niet uit, de beelden die er wél zijn, zijn de winst van deze tentoonstelling.

Caravaggio-Bernini. Barok in Rome.
Rijksmuseum, Amsterdam, 14/2 t/m 7/6.

Veelkleurige muren in het Rijks

Het is even wennen. Staat het Rijksmuseum bekend om zijn donkergrijze muren (van de Franse architect Jean-Michel Wilmotte) waartegen de collectie hangt, de wanden in de Philipsvleugel voor de Caravaggio-Bernini-tentoonstelling zijn wit, marineblauw, zachtroze, vanillegeel, kastanjebruin en bordeauxrood.

Ze zijn ontworpen door het Italiaanse duo Simone Farresin en Andrea Trimarchi van Studio Formafantasma. Strak, architectonisch, met doorkijkjes en zichtlijnen, alsof ze Rome op een eigentijdse manier hebben willen nabouwen. De twee studeerden aan de masteropleiding van de Design Academy in Eindhoven en wonen en werken nu in Amsterdam-Noord.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234