Vrijdag 22/11/2019

portret

Erik Van Looy: "Ik kan mijn eigen falen niet verdragen"

Erik Van Looy. Beeld Wouter Van Vooren

Kijkers van De slimste mens kennen Erik Van Looy (54) als de immer lachende, nerdy underdog. En zo profileert de regisseur van De premier zich ook al te graag. Maar hoeveel waarheid schuilt er in het typetje? "Twintig jaar geleden was ik gelukkiger dan nu."

Je kunt dezer dagen geen krant of blad openslaan of Erik Van Looy grijnst je breed tegemoet. Omdat het moet. Hij heeft een nieuw seizoen van De slimste mens én een nieuwe film, De premier, te promoten. Maar eigenlijk houdt Van Looy niet van interviews.

Hij is geen grote prater, zegt hij. Hij zal nooit honderd woorden gebruiken als er tien volstaan, houdt zijn mening liever voor zichzelf (en vindt dat veel anderen dat beter ook zouden doen).

Als hij spreekt, doet hij dat bewust snel. Omdat hij "een heilige schrik heeft om mensen te vervelen". "Daarom steek ik ook zoveel suspense in mijn films. Als ik aan tafel merk dat mijn tafelgenoten geestiger en intelligenter zijn, dan zwijg ik. Uit schrik om minder grappig of verstandig uit de hoek te komen. Dat gebeurt dan ook vrij regelmatig."

Vintage Van Looy. In interviews benadrukt de regisseur/presentator vaak zijn schuchtere, bescheiden, zelfspottende kant. Ook nu grapt hij dat hij niet eens tot aan de enkels reikt van een Stanley Kubrick, dat hij zich als regisseur vooral met goed volk weet te omringen. Dat hij onhandigheid tot een kunstvorm verheft en hoopt dat mensen hem ooit zullen herinneren als iemand 'die zijn best heeft gedaan'. Hij omschrijft zichzelf als het eeuwige kneusje, vergelijkbaar met zijn verschijning in De slimste mens waar hij talloze moppen over zijn tanden en films met de glimlach incasseert.

Beeld Wouter Van Vooren

Een beeld dat volgens vrienden en collega's maar deels met de werkelijkheid strookt. Verhalen over de verlegen Erik zijn legio. Zo durfde hij Martine Tanghe niet zelf te vragen om in een filmpje voor een vriend op te draven, en riep hij de hulp in van een collega/tussenpersoon. Op filmsets excuseert hij zich eerst uitgebreid bij acteurs en actrices voor ze een heftige scène moeten spelen. En op voetbalmatchen van 'zijn' ploeg Royal Antwerp F.C. laat hij zich tijdens de pauze altijd door 300 mensen voorbijsteken aan het hotdogkraam.

Maar Van Looy is ook de man die als onbekend, pas afgestudeerd groentje bij bekend acteur Jaak Van Assche thuis ging aankloppen met de vraag om mee te spelen in zijn eerste kortfilm. Die zichzelf bij Woestijnvis aanbood voor De laatste show-rubriek waarin hij filmsterren in het ootje moest nemen. Die naar Hollywood trok om een remake van zijn eigen film (Loft) te maken. Die vandaag al dertien seizoenen lang de populairste tv-quiz van Vlaanderen presenteert en 24(!) Kinepolis-zalen reserveert voor de avant-première van zijn laatste film. Hoezo underdog?

"Hij weet wat hij wil en gaat er ook voor", zegt Sam De Graeve, goede vriend en jarenlang eindredacteur voor De slimste mens. "Altijd met hangende pootjes en een bijna kruiperige vriendelijkheid, maar hij geeft niet af tot het hem lukt. Hij kent zijn marktwaarde goed genoeg. Natuurlijk heeft hij, zoals iedere tv-ster, een uit de kluiten gewassen ego, maar hij gaat daar heel hoffelijk mee om. Eigenlijk is híj de slimste mens ter wereld."

Als VIER-baas Peter Quaghebeur langsloopt, blijkt Van Looy meteen te weten hoeveel kijkcijfers De slimste mens heeft gehaald. "En dat tegen de Champions League: fenomenaal."

"Ik sta eigenlijk nog liever voor de camera dan erachter", zal hij later zeggen. Regisseren is toch vooral veel verantwoordelijkheid, veel ballen in de lucht houden. "En ergens zal ijdelheid ook wel meespelen, zeker? Als je zelf op het scherm komt, is er toch meer wierook."

Oscars winnen

Sinds Van Looy als 12-jarige Jaws zag, wist hij dat hij 'iets' met film wilde en zou doen. Als tiener fantaseerde hij al over Oscars winnen. "Elke week bedacht ik een imaginaire film waaraan ik had meegewerkt en dan interviewde ik mezelf. Of beter: mijn zelfverzonnen pseudoniem, William Nilhisdale. Meestal won ik prijzen, soms zaten er ook zware flops tussen." Zijn dagen sleet hij het liefst in een donkere cinema aan de Keyserlei in Antwerpen. Op school maakte hij zijn eigen filmtijdschrift, op zijn toppunt goed voor 366 abonnees.

Eigenlijk wilde hij acteur worden. Steve McQueen achterna. "Maar omdat er toen nog geen internet bestond, wist ik niet dat er opleidingen als Studio Herman Teirlinck bestonden. Een vriend wist me wel te vertellen dat er een school bestond in Brussel waar je filmregisseur kon worden." Dus trok hij naar het RITCS. Zijn vader, een diamantair, en moeder, een huisvrouw, hadden snel door dat er niks tegen te beginnen viel.

Al heel zijn carrière wordt hij gedreven door een drang om te scoren. Om steeds beter te doen. Ook al werden zijn eerste langspelers Ad Fundum en Shades door de pers matig of ronduit slecht onthaald. "Ik blijf dromen van een film die werkelijk iedereen goed vindt. Hopeloos natuurlijk, en vermoeiend. Maar zo zit ik in elkaar", vertelt hij.

Beeld Wouter Van Vooren

Als kind al. "Op weg naar mijn wekelijkse voetbaltraining passeerde ik een weg vol lantaarnpalen. Elke lantaarnpaal moest ik van mezelf sneller bereiken dan de vorige. Met als resultaat dat ik op het einde altijd de ziel uit mijn lijf moest lopen. Een metafoor voor wie ik ben. De lat moet altijd hoger."

De zaak Alzheimer, in 2003, was een hit, opvolger Loft overtrof alles. Van Looy lag in Tenerife op een ligstoel toen hij hoorde dat zijn overspelthriller met meer dan 1 miljoen bioscoopbezoekers alle records in Vlaanderen brak. Het eerste wat hij dacht? "Shit, hoe ga ik dit overtreffen?"

Geen grap, of gespeelde bescheidenheid, verzekert de regisseur. "Uit die angst om dat succes nooit te evenaren, heb ik het idee voor De premier bedacht. Op die ligstoel. Oké, wat is nog straffer dan vijf mannen die overspel plegen? Een plot waar iemand de president van Amerika moet vermoorden!"

Hij heeft een voorliefde voor films die je even uit de realiteit weghalen. Larger than life-verhalen. "Ik heb een heel eclectische smaak, maar ik zal altijd een Steven Spielberg of Michael Mann over een Wim Wenders verkiezen. Ik ga graag naar de cinema om door vijf camions tegelijk te worden overreden."

De films die hij graag ziet, zijn ook de films die hij wil maken. En omgekeerd. Met als gevolg de terugkerende kritiek dat zijn films soms diepgang missen. Dat de suspense het te vaak haalt van de emotie. "Na Loft hoorde ik regisseur Felix van Groeningen zeggen dat hij nooit zo'n film zou kunnen maken omdat hij altijd vanuit de emotie vertrekt. Dat heeft me aan het denken gezet. Daarom vertrek ik in De premier vanuit het ergste wat een mens kan overkomen, een fundamentele angst: dat je gezin wordt belaagd. Daardoor graaft deze film dieper dan mijn vorige. Ik vind hem zelf alleszins intenser, en beter."

Stemmingswisselingen

Bij het grote publiek staat Van Looy vooral bekend als moppentapper en hinnikend lachebekje. Vrienden en collega's omschrijven hem allerminst als een tafelspringer. "Erik zal wel altijd meelachen en zwansen, maar is zelden de gangmaker."

"Ik ben niet iemand die fluitend uit bed stapt", zegt hij zelf. "Ik ben jaloers op mensen die zonnig in het leven staan, zelf ben ik niet zo. Al is het ook moeilijk om altijd zonnig te zijn als je ziet in welke wereld we leven." Op zijn legerdienstrapport stond al dat hij last had van stemmingswisselingen. Hij houdt altijd rekening met het worstcasescenario.

"Verschillende mensen hebben mij er al op gewezen: ik ben een zageman. Het is nooit goed genoeg. Als er iets goeds gebeurt, denk ik al meteen een stap verder. Wat hierna? Mijn zoon was zes minuten oud en ik dacht: oei, die gaat ouder worden. Dit moment gaat nooit meer terugkomen. Ik ben geen genieter. Ik probeer het natuurlijk wel, maar ga er toch van uit dat elke goede gebeurtenis gevolgd zal worden door een minder goed moment. Dat je je blijheid maar beter tempert, omdat je dan beter voorbereid bent voor als er minder vrolijke zaken komen."

Die kwamen er ook. Van Looy heeft de voorbije jaren twee zware tikken gekregen. De één privé, de ander professioneel. In 2014 raakte bekend dat Van Looy en zijn vrouw na ruim 20 jaar scheidden. Bijna tegelijkertijd kwam het slechte nieuws over zijn lang geanticipeerde Amerikaanse Loft-remake. Wat Van Looys grote doorbraak in Hollywood moest worden, werd een flop. Eentje die Woestijnvis naar verluidt zo'n 10 miljoen euro kostte.

"Als ik Wouter Vandenhaute (baas van moederbedrijf De Vijver) de voorbije jaren tegenkwam, voelde ik me altijd verplicht om 'sorry' te zeggen", vertelt hij nu. "Dat het breed werd uitgesmeerd in de media hielp niet. Wat mensen vergaten, was dat ik drie of vier jaar non-stop met The Loft bezig ben geweest. Voortdurend heen en weer gevlogen tussen hier en de VS. En ondertussen was ik ook nog bezig met De slimste mens. Slopende jaren."

Beeld Wouter Van Vooren

Als hij de tijd kon terugdraaien, zou hij het anders doen. Nooit geen remake meer maken van zijn eigen film bijvoorbeeld. Minder hard werken ook. "De nieuwe generatie pakt dat veel slimmer aan. Die bewaken hun leven meer. Een les die ik ook graag aan mijn zoon zou willen meegeven. Je mist veel belangrijke dingen door zo hard te gaan, verliest uit het oog wat er echt toedoet."

Niet toevallig een belangrijk thema in De Premier. Een prent die hij "zijn meest persoonlijke film" tot nu toe noemt. "Door zo hard te werken, verwaarloost de premier automatisch zijn gezin. Herkenbaar ja, maar verder wil ik daar niet veel over kwijt."

Zijn familie wil niet in de media komen, en dat respecteert hij. "Mijn scheiding was de grootste nederlaag uit mijn leven. Ook al is het dezer dagen niet meer zo ongewoon. Als ik aan iets begin, wil ik het koste wat kost doen werken en laten slagen. Ik kan mijn eigen falen niet verdragen."

Hij noemt het 'zijn Anderlecht-syndroom'. Eenmaal je gewoon bent te winnen, komt elke nederlaag eens zo hard aan. "Dat klinkt arrogant, maar daar worstel ik dus mee."

Losser en vrijer

Zijn omgeving merkte de voorbije jaren een onmiskenbare evolutie. De schuchtere controlefreak heeft plaatsgemaakt voor een andere Erik Van Looy. Losser. Vrijer. Opener.

"Hij zal nog steeds zwaar vloeken als hij een goal mist, maar na de match is hij veel socialer", klinkt het bij zijn voetbalploegje FC Muggenberg in Deurne. Vroeger durfde hij amper iets te zeggen tegen de vrouwen van ploegmaats. Nu neemt hij met de glimlach selfies met vrouwelijke fans die sinds zijn Slimste mens-succes aan de zijlijn staan. Soms komt hij zelfs iets te laat op training omdat hij de avond ervoor met Kevin Janssens, acteur en ploegmaat, te lang op café of in de Antwerpse nachtclub De Villa is blijven plakken.

Hij verzint niet langer excuses om brainstormsessies met Woestijnvis te missen, staat meer ontspannen op de set (actrice Tine Reymer omschrijft hem als een zachte autoriteit) en komt niet langer overal standaard een kwartier te vroeg. "Ik had altijd het gevoel dat dat moest, uit een zelf opgelegd plichtsbewustzijn. In een vorig leven moet ik een calvinist zijn geweest die aan zelfkastijding deed. Waarom drink je vijftig jaar lang geen druppel alcohol? Ik heb zelf eerlijk waar geen idee. Eigenlijk is dat niet echt normaal, hè? Nu durf ik het leven iets meer loslaten. Ik kan niet ontkennen dat die recente nederlagen dat besef mee in de hand werken."

Beeld Wouter Van Vooren

Als nieuwbakken single herbeleeft hij zijn tweede jeugd, met alles wat daar bij hoort. Of zijn eerste. "Ik heb me ooit laten vertellen dat het niet slecht is om als prille twintiger een tijd alleen te zijn en te feesten. Want dat je dat anders ooit gaat willen inhalen. Ik heb nu het vage gevoel dat dat weleens kan kloppen."

Sinds zijn achttiende heeft hij alleen lange relaties gehad. En zat hij niet bij zijn lief, dan wel in de cinema. Die schade heeft hij volgens welingelichte bronnen inmiddels ingehaald. "Al denk ik dat je je jeugd best beleeft tijdens je jeugd, en niet op je 54ste. Het afgelopen jaar was heel leerrijk, maar het is goed geweest. Als ik me nu eens na een avond met drie gin-tonics een halve dag verslaap, voel ik me meteen schuldig. Dat heb je toch minder als je jong bent. Anderzijds ben ik wel zo slim om een taxi te nemen als ik dronken ben."

Imagobewaking

Ook zijn verworven bekendheid heeft hem veranderd. Vroeger vond hij het naar eigen zeggen moeilijk om de drempel van een café te overschrijden. Letterlijk. Omdat iedereen dan naar de deur kijkt om te zien wie binnenkomt. "Je zou denken: in zo'n geval is een bekende kop een extra vloek, want dan kijken de mensen zeker. Dat is zo, maar omdat mijn films en programma's vrij geliefd zijn, weet ik nu: ze zullen mij wel zien, maar ze zullen mij graag zien. Niemand heeft ooit al iets raars of engs naar mij geroepen. Gelukkig maar."

Dat wil hij ook koste wat het kost zo houden. Losser of niet, Van Looy wil graag gezien worden. Wanneer maatje en Slimste mens-jurylid Philippe Geubels verontrust belt dat zijn moppen in een krant worden afgekraakt, stelt Van Looy hem meteen en uitgebreid gerust: 'Niet mee inzitten, Philippe, de kijkers hebben beslist.' Kritiek op zijn eigen persoon naast zich neerleggen, valt hem een stuk moeilijker.

Dus bewaakt hij angstvallig zijn imago. Tijdens interviews valt het op dat hij zichzelf voortdurend corrigeert, om op niemands tenen te trappen. 'Nee, schrap dat laatste. Nee, wacht, die zin ga ik niet afmaken, die kan verkeerd begrepen worden.'

Zoals wanneer het over seksisme gaat, en de aanhoudende commentaar op de vrouwonvriendelijke moppen in De slimste mens en het jongens-onder-elkaar-sfeertje. Genre: 'Gelukkig heb ik Ruth op mijn trekhaak kunnen zetten.' Belachelijk, vindt Van Looy. "Er wordt met alles gelachen in dat programma: met mannen, met vrouwen, met dieren, met mijn tanden, met mijn films. De reden dat moppen van Philippe Geubels over zijn vrouw werken, is dat ze niet over zijn vrouw gaan. Het is net een teken van emancipatie dat we met vrouwen kunnen lachen. Als er nog geen vrouwenstemrecht bestond, was dat not done geweest. Maar nu is acht op de tien vrouwen op die redactie een vrouw, wordt het machtigste land van de wereld, Amerika, hopelijk over enkele maanden door een vrouw geleid, en binnen vier jaar ons land ook.

"Je ziet wat je wilt zien. Is dat seksisme, dan is dat maar zo; we gaan er onze stijl niet voor aanpassen."

En dan, snel: "Al heb ik natuurlijk respect voor iedereen met een andere mening. Ik werk alvast liever samen met vrouwen; ik vind ze boeiender en intelligenter. Dat meen ik."

Vliegen met Di Rupo

Hij beseft dat zijn succes een houdbaarheidsdatum heeft, zegt hij. Dat BV's snel van hun voetstuk kunnen vallen. Hij verwijst naar de krantenkoppen toen bleek dat hij na het WK in Brazilië gratis mee terug was gevlogen met het regeringsvliegtuig van toenmalig premier Di Rupo. Zelfs de immer sympathiek bevonden Erik Van Looy bleek toen niet immuun voor kritiek.

"Ik wil mensen graag pleasen, maar ik ga mijn gedrag er wel niet meer voor aanpassen."

Al zal je hem niet snel een serieuze talkshow zien presenteren, "want dat is niet wat de mensen van mij verwachten". "Ook al heb ik die serieuze kant evengoed. Ik heb vroeger nog voor een kunstmagazine gewerkt. Nu, wat ik zelf wil ligt gelukkig meestal in de lijn met wat het publiek van mij verwacht. Om de acht jaar een film maken en een quiz presenteren. Ik amuseer mij."

Toch is zijn grootste angst dat hij die aangeboren onrust nooit zal kwijtraken. "Want het wordt steeds erger. Ik heb succesvolle films op mijn cv, haal een miljoenenpubliek met een tv-quiz, verdien goed mijn geld. Zeggen dat ik ontevreden ben, zou onnozel zijn. Maar toch: twintig jaar geleden was ik gelukkiger dan nu. Toen ik nog aan de weg aan het timmeren was en nog vol onvervulde dromen zat. Toen ik nog gezond jaloers was op Jan Verheyen en wat die allemaal al had bereikt."

Van zichzelf moet hij altijd beter blijven doen. Naar Hollywood zal hij niet gauw meer trekken, zegt hij, maar stoppen na The Loft? Dat was nooit een optie.

De eerste recensies van De premier waren wisselend. Volgende week zal duidelijk worden of het publiek volgt. "Als De premier een succes wordt, kan het mogelijk mijn laatste film zijn. Drie successen lijkt me een goed palmares. Maar na een flop zou ik nooit kunnen stoppen. In je laatste match wil je scoren, niet op een brancard van het terrein worden gedragen."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234