Maandag 27/09/2021

AchtergrondWatou

‘Er wordt vaak gezegd: Watou is het einde van België. Maar het is maar hoe je het bekijkt’

'Hold #9' van Peter Buggenhout, in de tuin van 't Graafschap, Watou. Beeld Thomas Sweertvaegher
'Hold #9' van Peter Buggenhout, in de tuin van 't Graafschap, Watou.Beeld Thomas Sweertvaegher

Het kunstenfestival Watou werd door corona vorig jaar herleid tot een sobere poëzieroute. Curatoren Chantal Pattyn, Benedicte Goesaert en Peter Verhelst slaan dit jaar terug, met veertig kunstenaars, veertig dichters, nieuwe locaties en drie weekends met live performances.

In de Bozar in Brussel werden enkele maanden geleden nog twee levende vogels weggenomen uit het kunstwerk Neerhof met levende duif, dat te zien is in de overzichtstentoonstelling over Roger Raveel. In het ietwat slaperige West-Vlaamse dorpje Watou, daarentegen, zijn levende vogels niet weg te denken. In de tuin rond ‘t Graafschap, een vakantiewoning op een steenworp van de Frans-Belgische grens, verraadt het schelle gekraai van een haan – om drie uur in de namiddag, nota bene – dat het plaatselijke pluimvee niet echt gediend is met het kabaal dat uit de schuur opstijgt.

Maar wat voor een hoorbaar verstoorde haan kabaal is, is voor een kunstliefhebber iets helemaal anders. Het zijn drumritmes die het kloppende hart vormen van Ultramarine, een 40 minuten durend videokunstwerk van Vincent Meessen. De drums werden ingespeeld door Stuff-drummer Lander Gyselinck – “een jongen met het gezicht van een engel die drumt als een duivel”, in de woorden van Klara-presentatrice Chantal Pattyn – en vormen een tandem met de poëzie van de Afro-Amerikaanse dichter Gylan Kain.

Ultramarine is één van de blikvangers van Watou 2021, de veertigste editie van het kunstenparcours. Terwijl Kain woorden spuwt en Gyselinck de vellen beroert, monteert Meessen beelden van antieke kunstwerken uit prestigieuze musea, die een associatief verhaal vertellen over slavernij en kolonisatie. De film wordt geprojecteerd op donkerblauwe doeken – vandaar de titel. “Het werk reflecteert over het koloniale verleden, maar gaat ook over culturele uitwisseling: Gyselinck is opgegroeid met Afro-Amerikaanse jazz, maar beleeft die invloed op een andere manier dan Kain, één van de Original Last Poets”, zegt kunstwetenschapper Benedicte Goesaert, die samen met Pattyn en auteur Peter Verhelst een triumviraat aan curatoren vormt. “Het is een totaalervaring.”

Goesaert, Pattyn en Verhelst zouden Watou eigenlijk in 2020 cureren, als in: het vervloekte coronajaar 2020. Op die cijfers volgt voor zowat iedereen uit de culturele sector steevast hetzelfde woord: afgelast. “Intriest” was het woord waarmee Pattyn die afgelasting omschreef op de persvoorstelling. “Maar tegelijkertijd wisten we: het is goed om tijd te winnen. We hebben die tijd kunnen benutten om met veel kunstenaars in de diepte te praten, om nieuwe creaties mogelijk te maken en om internationaler te werken.” Goesaert: “Het was ook een gelegenheid om kunstenaars die we nog niet kenden, te gaan opzoeken. We zijn in contact gekomen met nieuwe mensen, kunstenaars wier werk in België nog niet getoond werd.”

Curatoren Benedicte Goesaert, Chantal Pattyn en Peter Verhelst voor 'Art-Portal' van Joris van de Moortel.
Curatoren Benedicte Goesaert, Chantal Pattyn en Peter Verhelst voor 'Art-Portal' van Joris van de Moortel. "Veel kunstenaars en dichters hebben een speciale band met Watou."Beeld Thomas Sweertvaegher

Wóatou

Dit jaar wordt de Waregemse kunstenaar Johan van Geluwe, die vorig jaar op 92-jarige leeftijd overleed, in de bloemetjes gezet: twee ruimtes van het festivalhuis zijn aan zijn werk gewijd. Maar met kunstenaars uit Shanghai (Zhang Yunyao), New York (N. Dash, Margaret Lee), Londen (Michael Dean, Tracey Emin), Dublin (Ella De Burca), Glasgow (Lucy Skaer) en Zuid-Afrika (de inmiddels in Amsterdam wonende Neo Matloga) strijkt dus ook zowat de hele wereld neer in een door akkers omgeven dorpje in het West-Vlaamse Heuvelland, waar persconferenties worden gekleurd door de uitspraak van de plaatsnaam – zeg niet ‘Watóu’, maar ‘Wóatou’ – en verhalen over de oorsprong van ‘keikoppen’ (de bijnaam van inwoners van Poperinge, de stad waarvan Watou een deelgemeente is), en waar gezanten uit Ieper graag komen uitleggen waarom hún stad beter is dan Poperinge (het heeft iets met de Guldensporenslag te maken).

Regionale rivaliteiten daargelaten, blijft Watou een unieke locatie, vindt Goesaert. “Er wordt vaak gezegd: Watou is het einde van België. Maar het is maar hoe je het bekijkt. Als je Watou opzoekt op Google Earth, zie je dat het bijna als een middelpunt tussen Parijs, Amsterdam en Londen ligt.” Ook voor dichters blijft Watou iets speciaals. “Veel kunstenaars en dichters hebben een speciale band met Watou”, weet Peter Verhelst. “Zelfs de jonkies zijn blij. Omdat ze hier zelf zijn geweest met hun ouders, vinden ze het leuk dat hun gedicht te lezen is in Watou.”

Toen de plannen voor een uitgebreid kunstenparcours vorige zomer werden opgeborgen, bleef een sobere poëzieroute over, waarvoor Verhelst een bloemlezing aan gedichten samenstelde. Ook nu is er werk van maar liefst veertig dichters te zien in en rond Watou, van dode grootheden als Paul Van Ostaijen tot jonge grootheden als Marieke Lucas Rijneveld. De poëzie en de beeldende kunst in Watou worden wel strikt gescheiden gehouden. “We waren het er onmiddellijk over eens dat poëzie geen beeldende kunst is. Het mocht dus geen poster worden: zo kun je geen poëzie lezen. We hebben de gedichten gepresenteerd op pupiters. Zo heb je een echte leeservaring”, zegt Verhelst. “Poëzie is een kwetsbaar ding. Woorden zijn kwetsbaar. Zet er beelden bij en de woorden verdwijnen, of de woorden worden een illustratie. Of omgekeerd: men denkt dat de woorden een handleiding zijn om naar beeldende kunst te kijken.”

Sommige gedichten zijn niet alleen te lezen, maar ook te horen. Net als vorig jaar leende Zwangere Guy zijn stem, om een gedicht van Geert Buelens voor te lezen. Ook Charlotte Adigéry is van de partij. “Er is een zeer ontroerend gedicht van Sasja Janssen – ze is niet zo bekend, maar ze is een absolute topdichter uit Nederland – waarin ze haar verloren borst bekijkt”, legt Verhelst uit. “Heel ingrijpend. Het wordt op weergaloze wijze verteld door Charlotte Adigéry. De botsing tussen haar jonge, dromerige stem en dat gedicht... Mijn hart breekt elke keer.”

Een speciale rol is weggelegd voor Stefan Hertmans, die de kaap van de zeventig jaar heeft overschreden en, in de woorden van Verhelst, “onze belangrijkste nog levende schrijver” is. Van hem werden zeven gedichten in de bloemlezing opgenomen, waarvan er zes te zien zijn in een verlaten kamer in het kasteel van De Lovie, een domein op een steenworp van Poperinge dat Watou een extra snuifje magie verleent. Het leegstaande, ietwat vervallen kasteel werd ooit gebruikt als een sanatorium voor tbc-patiënten en is een nieuwe locatie. Het is het perfecte decor voor een horrorfilm uit de jaren ‘70, maar ook voor hedendaagse kunst.

'Witness' van Carla Arocha & Stéphane Schraenen, op het domein De Lovie in Poperinge. Beeld Thomas Sweertvaegher
'Witness' van Carla Arocha & Stéphane Schraenen, op het domein De Lovie in Poperinge.Beeld Thomas Sweertvaegher

Tomorrowland

Dat er nieuwe locaties werden gezocht, is een geluk bij een ongeluk. “Dat heeft initieel met corona te maken”, duidt Pattyn. “We hadden grote locaties nodig waar je een goede luchtcirculatie kunt voorzien. En we zijn van het principe: er zijn geen problemen, alleen opportuniteiten. Zo zijn we ook terechtgekomen bij De Lovie, met dat prachtige kasteel.”

Boven de vijver aan de ingang van het domein trekken Carla Arocha & Stéphane Schraenen de aandacht met Witness: een constructie van talloze, licht verschillende metalen schijven die het licht spiegelen – een knipoog naar de iris van het menselijke oog, die zich verwijdt of vernauwt naarmate er meer licht in valt. De installatie boven het water voegt nog een extra spiegeleffect toe en zet de schoonheid van de locatie in de verf. Eenvoudig is dat nochtans niet altijd: een werk dat zonder context in de openbare ruimte wordt geplaatst, riskeert al snel te verworden tot landschapsdecoratie of rotondekunst – een euvel waar een sculptuur van Tracey Emin, in de tuin van De Lovie, en een werk van Peter Buggenhout, in de groene velden rond ‘t Graafschap, onder lijden.

Interessanter is het wanneer de werken de locatie zelf gebruiken: de Armeense kunstenaar Mekhitar Garabedian weefde met woorden uit zijn moedertaal een tapijt voor de hal van het kasteel van de Lovie. Nog indrukwekkender is Illusie of is het gewoon anders van Edith Dekyndt, die de griezelige sfeer van een leegstaand landgoed naar haar hand zet in de eetkamer van De Lovie. De deur wordt vervangen door een sluier met het patroon van het ouderwetse behangpapier, maar verder werd de kamer, met een riante buffetkast en indringende doktersportretten aan de muur, intact gelaten. “Het stof moest absoluut blijven liggen”, zegt Pattyn. “Alleen de dode vliegen werden verwijderd.” Een vooraf opgenomen meisjesstem verhoogt de bevreemdende sfeer van het werk – alsof de tijd er is blijven stilstaan.

Bijna even indrukwekkend is Portal-Art van Joris Van de Moortel, die de kapel van de Lovie onder handen nam. Van de Moortel heeft een fascinatie voor de beeldtaal van 15de-eeuwse schilderkunst, maar ook de destructieve kracht van rockmuziek: versleten en bewerkte gitaren, drums en versterkers vormen samen met neon, een glasraam en wassen maskers de belangrijkste ingrediënten van een eigenzinnig werk, dat de toeschouwers onderdompelt in een uniek, bijna zingevend universum – een ambitie waar een kerk of kapel al lang niet meer in slaagt. Het is één van de hoogtepunten van Watou 2021.

Over gitaren en rockmuziek gesproken: Watou krijgt dit jaar ook een live luik. Watou Live vindt plaats tijdens drie weekends (3 tot 4 juli, 9 tot 11 juli en 20 tot 22 augustus) en belooft optredens en performances van onder andere IKRAAAN, Colin H. Van Eeckhout, Wannes Cappelle, Esther Kläs en Gustavo Gomes en Stefan Hertmans, ondersteund door zijn broer en jazzmuzikant Peter Verhelst. “Er is geen Tomorrowland dit jaar”, zegt Chantal Pattyn. “Dus je kunt deze zomer naar Watou komen.”

Watou 2021, van 3 juli tot 5 september in Watou (Poperinge).

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234