Woensdag 19/06/2019

Filmfestival Venetië

"En toen zat ik half stoned naast Polanski"

Filmmaker Fien Troch wordt jurylid van Orizzonti, de sectie waarin ze vorig jaar Beste Regie won voor haar film 'Home'. Beeld Joris Casaer

Met haar films won ze de afgelopen twaalf jaar meer dan 25 prijzen in de verste uithoeken van de wereld. Maar nu mag Home-regisseuse Fien Troch als lid van de Orizzonti-jury zelf de awards gaan uitdelen op het filmfestival van Venetië, dat vanavond aan zijn 74e editie begint.

Het grote publiek heeft de films van Fien Troch nog altijd niet echt omarmd, maar het festivalcircuit is al twaalf jaar zot van haar. Een ander zijn geluk, Unspoken, Kid en Home: na wat rekenwerk weet de filmmaker dat elk van haar vier langspeelfilms gemiddeld twintig festivalselecties verzamelde – en Home zelfs dertig. Over de hele wereld, van Palm Springs tot in Taiwan.

Een fantastisch parcours, maar ook een vergiftigd geschenk voor Troch, die vliegangst heeft. “Ik vlieg soms wel, maar als het te lang duurt, word ik claustrofobisch. Ik heb dus al meer dan eens een excuus verzonnen om niet naar een filmfestival te moeten gaan, gewoon omdat het te ver was. Ten tijde van Kid heb ik bijvoorbeeld mijn zwangerschap zwaar misbruikt: dat was het excuus van de eeuw!”, schatert ze. “Met Home mocht ik zelfs naar Zuid-Korea. Maar zo’n lange vlucht kost me te veel energie. Nee, doe mij dan maar festivals die ik met de trein kan bereiken. Gelukkig zijn de drie belangrijkste erg dichtbij: Venetië, Berlijn en Cannes. Laat maar komen! (lacht)

Zijn filmfestivals echt nuttig voor een filmmaker? Of is het toch vooral veel champagne drinken en op de foto gaan?

“Die oppervlakkigheid bestaat natuurlijk, maar filmfestivals drijven toch vooral op liefde voor cinema. En als filmmaker kun je er ook veel uithalen – al had ik dat zelf niet meteen begrepen. Pas sinds Home geselecteerd werd voor Venetië en Toronto, heb ik echt ondervonden wat het je kan opleveren. Ik ben verschrikkelijk slecht in netwerken, vroeger stond ik op filmfestivalfeestjes altijd in een hoekje te dralen. Maar nu komen mensen steeds meer naar mij toe en gaat het meer vanzelf. Nu zie ik in dat een filmfestival een uitstekende plek is om contacten te leggen om je volgende project gerealiseerd te krijgen. En bovendien krijg je de kans om je film te tonen aan mensen die hem anders nooit te zien zouden krijgen. Dan merk je pas hoe verschillend de reacties overal zijn. Zo ontdek je steeds meer wie je bent – of wil zijn – als cineast.”

Je moet wel veel tijd uittrekken voor ­al die filmfestivals. Tijd die je aan jouw schrijf­tafel of op de set zou kunnen doorbrengen.

“Dat klopt. Voor mijn eerste film Een ander zijn geluk ben ik volle bak in het festivalcircuit gedoken. Ik ging in op elke uitnodiging die ik kreeg. Dat is een avontuur, maar ik was wel een heel jaar onderweg, van valies naar valies en van land naar land. Dat vreet tijd. En ik wil niet pretentieus klinken, maar na een tijd denk je ook wel: been there, done that. Het is toch vaak een beetje hetzelfde. Dan wil je soms gewoon naar huis om aan je volgende film te werken.”

Op filmfestivals gebeuren weleens rare ­dingen. Wat is jouw vreemdste herinnering?

“Die keer dat ik half stoned een prijs ging afhalen. (lacht) Dat zat zo: ik was met Unspoken geselecteerd voor het Torino Film Festival en ik was al terug thuis toen ik te horen kreeg dat we een prijs zouden krijgen. Ik moest dus halsoverkop terug naar Turijn vliegen en onderweg was ik heel angstig geworden. Ik nam een pilletje om te kalmeren. Maar dat was nog lang niet uitgewerkt toen ik in de zaal zat voor de prijsuitreiking. (lacht) Toen ik plots zag dat Roman Polanski amper enkele stoelen verderop zat, moest ik echt tegen mezelf zeggen: ‘Fien, je moet nu heel hard beseffen dat je hier bent, vlak bij Polanski’. Want ik was er niet helemaal bij. Soms denk ik nog altijd dat ik het me gewoon heb ingebeeld.”

Vorig jaar viel Fien Troch in Venetië in de prijzen voor 'Home'. Beeld EPA

Voor die 25 prijzen die je intussen hebt gewonnen, heb je vast een uit de kluiten gewassen trofeeënkast?

“Niet meer! Vroeger zette ik ze in een grote cd-kast. Maar die is eens bijna op mijn zoontje gevallen, toen ik er met de buggy bleef aanhangen. En je moet weten dat die trofeeën soms echt heel zwaar en scherp zijn. Bovendien zijn het niet altijd mooie stukken: sommige zijn echt mottige duvels. (lacht) Daarom bewaar ik ze tegenwoordig in dozen. De helft weet ik al niet meer liggen, erg hé? De enige die nog staat te pronken, is mijn leeuwtje.”

Met dat leeuwtje bedoel je de regieprijs die je vorig jaar voor Home kreeg in de Orizzonti-competitie in Venetië. Dit jaar mag je als jurylid zelf de prijzen uitdelen. Wordt dat een compleet andere ervaring?

“Het belangrijkste verschil zal zijn dat er nu geen druk is. Normaal kan ik niet echt genieten van festivals, want ik ben altijd veel te hard bezig met wat mensen van mijn film vinden. Nu moet ik zelf niet presteren. Dat betekent niet dat ik geen werk zal hebben: onze dagen zijn zeer goed gevuld, we krijgen een drietal films per dag te zien. Maar als jurylid behoor je wel tot de high society van het festival, dus je wordt echt verwend. En aangezien het in Italië te doen is, staat er ook uitdrukkelijk in onze planning waar en wanneer we gaan eten. (lacht) Volgens mij gaan we ook heel veel cocktailparty’s afschuimen. Het enige nadeel: het wordt niet gemakkelijk om mijn zoontjes twee weken lang achter te laten, zo net aan het begin van het nieuwe schooljaar.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden