Maandag 27/01/2020

Class of 2000

En als we kunst nu eens naar de mensen brachten

Sculptuur van Louise Bourgeois in Tate Modern. Beeld Photoshot

Londen stond op zijn kop toen de deuren van het ontzagwekkende Tate Modern opengingen. Met gratis entree, interesse voor Afrikaanse kunst en spectaculaire expo's profileerde het zich als het museum van de toekomst. "Ze slagen erin om van elk museumbezoek een ervaring te maken."

Het leek wel een koninklijk huwelijk. The Queen kwam langs en BBC 1 maakte zijn zendschema vrij om de gebeurtenis live te volgen. Het was 11 mei 2000 en na vijf lange verbouwingsjaren opende Tate Modern feestelijk de deuren. Parijs had al jaren zijn Centre Pompidou, New York zijn MoMA. Eindelijk had ook Londen een fantastische plek voor moderne en hedendaagse kunst. Verwacht werd dat dat jaar een miljoen bezoekers zouden komen. Het werden er 5,25 miljoen. Ook vandaag is er geen museum voor moderne kunst dat het beter doet.

"Ja, die opening, daar was wat om te doen", herinnert S.M.A.K.-directeur Philippe Van Cauteren zich. "In onze fantasie was Tate Modern een nirwana, het summum van wat een museum kan zijn. Een mastodont van een gebouw, prachtige architectuur die ontzag en bewondering afdwong."

In eigen land, waar hedendaagse kunst geëxposeerd wordt in opgeknapte garages (Kanal), een casinogebouw (S.M.A.K.) of een graansilo (M KHA), stonden ze er alvast met open mond naar te kijken. Tate Modern is natuurlijk ook geen nieuwbouw. Maar de oude elektriciteitscentrale Bankside Power Station is wel een prachtig staaltje stadsvernieuwing, met die iconische hoge schoorsteen en de reusachtige Turbine Hall als absolute blikvangers. Van Cauteren: "Londen is niet meer de Big Ben, maar Tate Modern."

Tate Modern in Londen. Beeld RV

Internationaal perspectief

De Britse kranten beschreven ook hoe Londenaars en toeristen plots de Theems overstaken naar Bankside, een wijk waar voorheen niemand kwam. Nu bleven de mensen er hangen. "Tate Modern is altijd meer geweest dan een groot museum waar enkel het bezoekersaantal telt", vertelt cultuureconome Annick Schramme (Universiteit Antwerpen). "Het is een project met impact op de stad en de wijk."

Het statement dat de wereldstad Londen maakte door moderne en hedendaagse kunst zo'n imposant onderkomen te bieden, valt volgens Van Cauteren niet te onderschatten. Na de oude meesters in het prestigieuze Tate Britain kregen ook hedendaagse kunstenaars het signaal dat ze belangrijk en relevant zijn. Van Cauteren: "Tate Modern straalde een ambitie uit die wij ook zouden mogen koesteren. Onbewust zal de pr-machine wel een effect gehad hebben op het publiek hier, de lichte cultuurgebruiker die dacht: misschien moeten we ook eens naar een museum voor hedendaagse kunst gaan."

Tate Modern, zegt Schramme, heeft bovenal het concept museum geherdefinieerd. Als een van de eersten begrepen de initiatiefnemers dat een museum een plek kan zijn waar mensen graag naartoe komen, waar de term 'ontmoetingsplaats' niet enkel een duur woord in een beleidsdocument is. Schramme noemt hun aanpak op dat vlak uniek. "Ze proberen niet om zoveel mogelijk kunstwerken te tonen, maar maken van elk museumbezoek een ervaring. Bij elke artiest wordt goed nagedacht: hoe kunnen we hem of haar zo presenteren dat het publiek zich betrokken voelt?"

Hoe heeft Tate dat klaargespeeld? Voor de permanente collectie betaal je alvast geen entree. Dat is een drempel minder. Schramme: "Er is ook veel aandacht voor niet-westerse kunst. In vergelijking met het MoMA zie je in Tate Modern regelmatig Afrikaanse kunst of artiesten uit andere delen van de wereld. Dat is een sterk inclusief statement. Britten hebben sowieso meer dat internationale perspectief."

Volgens Van Cauteren staat het door die brede blik wat stappen voor op België, en werkt het ook. "Ze bereiken een veel diverser publiek."

Wat ook elke kunstrecensent zal beamen: bij Tate Modern verstaan ze de kunst van het exposeren. Onvergetelijk zijn de museumbezoekers die op hun rug in de Turbine Hall lagen, kijkend naar de zogenaamde 'Zon' van Olafur Eliasson (The Weather Project, 2013). Maar het hoeft niet altijd zo spectaculair. Zo herinnert Schramme zich een expo uit 2002 over Picasso en Matisse. "Baanbrekend! De werken waren zo opgesteld dat de kunstenaars echt met elkaar in interactie gingen, dat ze elkaar voortstuwden."

En, misschien nog belangrijker: de (hedendaagse) kunstwereld blinkt over het algemeen uit in een gebrek aan uitleg. Als het dan toch moet, zijn de teksten vaak zwaar op de hand voor een leek. Zo niet in Tate Modern, dat zich uitslooft om de toeschouwer helder uit te leggen waar hij of zij precies naar kijkt en waarom dat zo interessant is.

Van Cauteren: "Ze vertalen tentoonstellingen naar een heel breed publiek, zonder afbreuk te doen aan de kenners." "Het verschil met het Centre Pompidou", zegt de Belgische oud-directeur van Tate Modern Chris Dercon in een korte reactie, "is dat het Pompidou uiteindelijk een heel klassiek museum is, terwijl Tate het publiek centraal stelt. Het is de bezoeker zelf die beslissingen neemt, zonder dat er een expert aan te pas komt die zegt wat hij moet zien."

Investeren in de toekomst

Het museum koestert duidelijk het idee dat kunst naar de mensen toe moet. Er zijn regionale initiatieven, zodat ook in kleinere steden af en toe een expo te zien is, er zijn stevig uitgewerkte educatiepakketten en een hele verdieping voor workshops. "Daarin krijgen ze veel steun van de overheid", weet Schramme. Ze heeft het even opgezocht: "Tussen 2002 en 2008 heeft Tate Modern bijvoorbeeld 2 miljoen euro gekregen, enkel en alleen om 13- tot 17-jarigen te bereiken, de moeilijkste doelgroep die er bestaat. Dat is investeren in de toekomst."

Droomt Van Cauteren ervan om ooit voor Tate Modern te werken? Helemaal niet, zegt hij. Want puur artistiek bekeken is het voor hem geen referentieplek. "Het museum is een enorme machine die op bijna-industriële schaal draait. Elke beslissing moet door zo veel handen en via zo veel comités passeren dat er automatisch een soort stilstand ontstaat."

Daarom zal hij in Londen, als professional, sneller binnenspringen bij galeries zoals Serpentine, White Chapel Gallery en Drawing Room. "Dat zijn de plekken die de vinger aan de pols hebben en die ik als museumdirecteur goed in het oog hou. Ik stel het zo: als ik met mijn zoon naar Londen trek, dan gaan we sowieso wel naar Tate Modern."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234