Vrijdag 27/05/2022

InterviewElvis Costello

Elvis Costello: ‘De plaat heeft ons minder tijd gekost dan wanneer we allemaal samen in één studio hadden gezeten’

Elvis Costello Beeld Diana Krall
Elvis CostelloBeeld Diana Krall

De platen van Elvis Costello (67) zijn al een tijd niet meer op twee handen te tellen. Nu is er zijn 32ste studio-album: The Boy Names If.

marc coenen

Elvis Costello moet de hardwerkendste mens in de showbusiness zijn. Van zijn plaat Hey Clockface uit oktober 2020 bracht hij kort daarna enkele nummers in het Frans uit op de ep La face de pendule à coucou, met onder anderen Isabelle Adjani en Iggy Pop. Sindsdien kregen we ook The Spanish Model, waarop Spaanstalige wereldsterren hun ding doen met This Year’s Model uit 1978, een luxueuze vinyleditie van Armed Forces uit 1979, en de geweldig grappige podcast How to Play the Guitar & Y. Nu is er, met de rugdekking en de complimenten van zijn Imposters, The Boy Named If: voor mijn part zijn beste sinds lang, met de tomeloze energie van een puber, terwijl El zelf al een tijdje de pensioengerechtigde leeftijd gepasseerd is.

Of 2021 een jaar was om nóóit of net snel te vergeten: dat vroegen wij de gevierde popster, die audiëntie hield via Zoom. Drie kwart van de voorbereide vragen mocht in de prullenmand, want als Elvis begint te praten, is hij niet te stoppen. De eerste was dan ook een binnenkopper.

Hoe gaat het?

Elvis Costello (67): “Goed, dank je. Een mens moet bezig blijven, zeker op mijn leeftijd, en bij mij betekent dat dan vaak: een plaat maken. In maart 2020 was ik op tournee in Engeland toen corona uitbrak, waarna ik terugkeerde naar Vancouver om bij mijn familie te zijn. Ik had één plaat bijna klaar, Hey Clockface, en voor The Spanish Model was ook het meeste werk gedaan, maar de jongens van de band wilden graag blijven werken. En dus begonnen drummer Pete Thomas en ik aan een soort muzikale dialoog op afstand.

“Drummers zitten altijd klaar om muziek te maken, en voor ik het wist, waren we notities aan het uitwisselen over nieuwe songs. Van het één kwam het ander. Ik zat thuis in de tuin, Pete in zijn kelder met zijn drums, Steve (Nieve, keyboardspeler en gitarist, red.) zat op het platteland in Frankrijk: ondanks die afstand ging het allemaal bijzonder vlot. De plaat heeft ons op die manier zelfs minder tijd gekost dan wanneer we allemaal samen in één studio hadden gezeten. We verstonden elkaar perfect en speelden met minder gêne, denk ik. Waarschijnlijk omdat we elkaar niet konden zien (lacht). Vooral Pete was geweldig in vorm: hij speelde ongedwongen en toch heel gedisciplineerd.”

De omstandigheden waarin een plaat gemaakt wordt, bepalen mee de kwaliteit. Ik herinner me dat je ooit, op de vraag van Bruce Springsteen waarom My Aim Is True zo speciaal klonk, ongetwijfeld naar waarheid antwoordde: ‘No money.’

Costello (lacht): “Zoiets speelt zeker mee, maar gelukkig waren sommige liedjes heel simpel en hadden ze weinig arrangementen nodig, waardoor we ze op een heel natuurlijke wijze elk apart konden opnemen. Andere waren dan weer ingewikkelder, zoals ‘Trick Out the Truth’ en ‘The Death of Magic Thinking’. Ik maak al bijna 45 jaar platen met Steve Nieve, maar ik kan me niet herinneren dat we ons ooit dichter bij elkaar hebben gevoeld, al zagen we elkaar enkel bezig via een videolink. Het gaf veel vrijheid om ons werk te doen.”

Sla me met je vilten hoed, maar ik heb het gevoel dat je eigenlijk een conceptplaat hebt geschreven.

Costello: “Als je in korte tijd een reeks songs schrijft, gebeurt het soms dat je verbeelding zich concentreert op een paar thema’s, maar dat was zeker niet de bedoeling. Het zijn songs die een bepaalde periode in het leven portretteren: als je de kindertijd verlaat en volwassen wordt, en alle stadia daartussen. Maar zo is de plaat niet vooraf geconcipieerd, dat heb ik pas achteraf geconstateerd.”

De titel suggereert dat het om kinderliedjes gaat, maar dat gevoel heb ik helemaal niet.

Costello: “Ik heb geprobeerd om dat duizelingwekkende gevoel te vatten als je plots een teenager wordt. Al die magische nieuwe dingen die met je gebeuren en waarvoor je je soms schaamt, terwijl je eigenlijk niet goed weet waarom. Je wordt je plots heel bewust van je veranderende lichaam, je ideeën veranderen ook en plots staat alles op losse schroeven. Je verliest je zelfvertrouwen omdat je je een zelfbeeld aanpraat dat niet klopt.

“De laatste song op de plaat is geschreven vanuit het standpunt van een oudere man die met schaamte en spijt terugkijkt op die tijd. Er bestaan immers mannen die eigenlijk nooit opgroeien of volwassen worden, en dat bedoel ik niet positief.

“Toen de plaat klaar was, kreeg ik het bericht dat er misschien geen vinyl van kon worden geperst, omdat de vraag het aanbod oversteeg en de voorraden op waren. Dat zou ik heel erg gevonden hebben, want deze muziek moet je eigenlijk sámen beluisteren, niet in je eentje via één of andere stream. Toen dacht ik: ik maak niet alleen een plaat, maar ook een boek met dertien korte verhalen, illustraties en video’s. Zo krijg je nog meer keuze: voor elk wat wils.”

Daarnaast maakte je ook de muziekpodcast How to Play the Guitar and Y, te horen op Audible.com. In je bio noem je jezelf een ‘schrijver en parttime muzikant die in de 20ste eeuw een aantal platen heeft gemaakt, waarvan sommigen er zich enkele herinneren’. Zie jij jezelf echt zo?

Costello: “Eigenlijk wel. Ik speel zeker niet elke dag gitaar en zou ook niet in een andere band kunnen spelen: daar ben ik gewoon niet goed genoeg voor. Ik heb leren arrangeren en orkestreren en ik kan de muziek in mijn hoofd vertalen voor de muzikanten, maar ik oefen niet dagelijks op een instrument. Ik werk wél alle dagen met woorden. Als ik de krant lees, zie ik woordgroepen in titels die een verhaal suggereren waarmee ik aan de slag kan. Dat deed ik als kind al: op school antwoordde ik ook nooit normaal op de vragen van leraars. Waarom weet ik nog altijd niet: wilde ik tegendraads zijn of had ik te veel verbeelding? Ik geloofde ook in engelen die over mij waakten, dankzij mijn katholieke opvoeding. Niet te verwonderen dat het later helemaal fout is gelopen (lacht).

“In ‘Penelope Halfpenny’ schrijf ik over een lerares uit die tijd die helemaal geen goeie lerares was: ze was gewoon een jonge vrouw die eigenlijk niet voor de klas wilde staan. Dat was fascinerend, omdat ze dingen vertelde waar wij soms kop noch staart aan kregen. Maar daar leerden we meer van dan uit haar lessen.”

Penelope zou zo uit After Life van Ricky Gervais kunnen komen.

Costello: “Veel leerkrachten acteerden inderdaad, alsof ze optraden in de klas. Ze speelden een rolletje. De eerste keer dat ik er één buiten het klaslokaal in de groentewinkel zag, was ik hogelijk verbaasd dat leraars ook appels aten. Maar Penelope riep een wereld op waarvan ik nog nooit had gehoord, en dat boeide me enorm.”

Je schrijft eigenhandig je website vol met fascinerende verhalen uit je leven. Als ik de berichten van het laatste jaar lees, zijn er veel bij over afscheid. Vrienden die sterven, je moeder ook. 2021 was geen makkelijk jaar.

Costello: “Er was een periode dat ik alleen maar in memoriams schreef. Mijn vrienden Hal Willner en John Prine zijn in 2020 op dezelfde dag overleden, dat was een ongelooflijk moeilijk moment. Hal was een heel goeie vriend, ik denk nog veel aan hem. Ik probeerde hem te eren door ‘Hey Clockface’ te laten klinken zoals hij dat als producer had gewild, niet commercieel. Ik had ’m die plaat zo graag laten horen.

“De opnames van The Spanish Model waren dan weer een vrolijk intermezzo, troost in moeilijke tijden: de songs, die toch al veertig jaar oud zijn, kregen een heel nieuw elan.

“Het ergste aan de dood van mijn moeder is dat ik door corona niet bij haar kon zijn en voor haar kon zorgen toen ze ziek werd en uiteindelijk stierf. De meeste tekeningen voor deze plaat heb ik twee jaar geleden gemaakt toen ik bij haar in het ziekenhuis zat, na haar eerste herseninfarct. Het heeft geen belang wat mensen over die tekeningen denken, of het kunst is of niet. Ze waren een soort bliksemafleider voor mij. Ik wachtte op beterschap voor mijn moeder en die kwam gelukkig nog, de kinderen hebben haar nog kunnen bezoeken. Maar er komt een moment dat het leven je zodanig heeft uitgeput dat er geen redding meer is. Hoe sterk je ook bent, en mijn moeder was een heel sterke vrouw.

“Na mijn laatste tournee ging ik naar Engeland om haar flat op te ruimen: dat was een heel melancholisch moment, maar het gaf me ook de kans om te zien wat zij had verzameld – dingen die zij belangrijk vond, brieven die ze had geschreven en die ik nu zelf kan lezen. Dat is een troost. Ik heb niet de behoefte om mensen met die gevoelens lastig te vallen in een song, het is iets wat we allemaal meemaken. Ik heb veel liefde en steun gehad van haar, er is veel goeds dat we ons kunnen blijven herinneren.”

Je zei dat je het op die momenten van rouw moeilijk had met sommige muziek.

Costello: “Ik had moeite met de teksten van sommige liedjes, ze kwamen heel dicht bij mijn verdriet en dus meed ik ze. Ik heb daardoor wel fantastische nieuwe muziek ontdekt: Arooj Aftab, bijvoorbeeld, die Pakistaanse roots heeft en een prachtige plaat heeft gemaakt, Vulture Prince. Ze zingt in een taal die ik niet begrijp, dat hielp. Muziek helpt altijd.

“Mijn vrouw (jazzzangeres Diana Krall, red.) gaat straks weer op tournee: er is niets mooiers dan muziek spelen met mensen erbij. En ik hoop dat ik weer naar België kan komen, ik kijk er geweldig naar uit.”

The Boy Named If is uit bij EMI.

The Box Named If Beeld rv
The Box Named IfBeeld rv

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234