Vrijdag 30/10/2020

Kunst

Een Joodse blik op kunst (en waarom Michelangelo’s David niet besneden is)

David uit het Oude Testament kreeg van Michelangelo een voorhuid.Beeld EPA

Lijkt Superman op Mozes? Waarom heeft Judas op Het laatste avondmaal van Da Vinci zo’n grote neus? Als je met een Joodse blik naar kunst kijkt, vallen je andere dingen op. Jaron Beekes schreef er een ­vrolijk boek over.

Er is iets geks aan de hand met het beroemdste beeld ter wereld. Tenminste als je David van Michelangelo bekijkt met een Joodse blik. Zijn bescheiden geslacht is voorzien van “een joekel van een voorhuid. De koning der Israëlieten, onbesneden!”, schrijft de Nederlander Jaron Beekes in zijn boek Kunsjt – dat is het Jiddische woord voor kunst. Michelangelo heeft zich in het geheel niet bekommerd om de afkomst van David. Hij gebruikte de jongeman die de reus Goliath versloeg als symbool voor de stad Florence die het opnam tegen de machtige familie De’ Medici.

Cultural appropriation zou je het vandaag noemen, het toeëigenen van andermans cultuurgoed. Maar denk nu niet dat Beekes, zelf Joods, een ingewikkelde discussie wil ontketenen. Zijn boek, een verzameling van de columns die hij schreef voor het Nieuw Israëlitisch Weekblad, is vooral een lichtvoetige reis door de kunstgeschiedenis met een Joodse bril op.

Net als Michelangelo hebben veel kunstenaars door de eeuwen heen geput uit de Joodse geschriften die christenen het Oude Testament noemen, maar ook de verhalen uit het Nieuwe Testament kun je van een Joodse kant bekijken. Bijvoorbeeld Het laatste avondmaal van Leonardo Da Vinci, of in de ogen van Beekes, “een rabbijn die in Jeruzalem met zijn leerlingen aan een seidermaaltijd zit”. “Bij dat werk valt het mij meteen op dat de slechterik van het stuk, Judas, als enige wordt afgebeeld met een grote haakneus en geldbuidel”, zegt Beekes. Een stereotype dat we tegenwoordig – terecht – niet meer straffeloos op de sociale media kunnen plaatsen.

Beekes wil maar zeggen: wie kunst beschouwt, neemt altijd zichzelf mee. En dat kan voor anderen verrassende inzichten opleveren. Tal van vermakelijke anekdotes laat hij de revue passeren. Niet alleen over de beeldende kunst – ook muziek komt aan bod, als het gaat over The Beatles. Joods waren ze niet, maar Beekes vindt aanknopingspunten, in dit geval het onwaarschijnlijke verhaal rond het liedje ‘Hey Jude’. Toen die single uitkwam in 1968, hadden de Fab Four net een zakelijke zeperd achter de kiezen. Een kledingwinkel in Londen moest sluiten wegens gebrek aan succes. Om toch nog iets aan het lege pand te hebben, kreeg Paul McCartney het idee de titel van de nieuwe single met zwarte verf op de witgekalkte winkelruiten te schilderen. Hey Jude. Lees dat hardop in het Duits en je snapt dat de link met nazi’s snel gelegd was. Waargebeurd! Trouwens, McCartneys latere vrouw Linda was Joods. En manager Brian Epstein ook.

Hitlergroet?

Beekes besteedde in zijn columns ook ­aandacht aan het beeld bij het Olympisch Stadion in Amsterdam dat de Hitlergroet lijkt te brengen. Het beeld uit 1928 zou met zijn geheven rechterarm een onschuldig olympisch gebaar maken, maar dat ging er bij hem niet in. Hij wees erop dat die gestrekte arm echt een uitvinding was van de fascisten en niet van de Romeinen, zoals op een bordje bij het beeld te lezen stond. Tot zijn grote tevredenheid wordt het eindelijk van zijn sokkel gehaald, werd vorige week ­bekend.

De columns zijn stuk voor stuk smakelijk om te lezen, maar Beekes wil er ook iets wezenlijks over de Joodse cultuur mee vertellen. “Joden hebben vooral een verhalende traditie, het beeld hobbelde er altijd wat achteraan”, zegt hij. Het tweede van de tien geboden verbiedt herkenbare beelden te maken, dus dat lag altijd gevoelig. Daarom vindt Beekes dat het abstracte werk van Markus Rothkowitz erg goed in die traditie past. Wie? Mark Rothko verengelste zijn Joodse naam, zoals veel kunstenaars en artiesten.

Veel superhelden hebben een Joodse achtergrond. Zo is Superman bedacht door Jerry Siegel.

In de ontwikkeling van het stripverhaal speelde de specifieke verteltraditie een grote rol. Veel Joodse illustratoren kwamen in de jaren twintig en dertig in de VS door discriminatie niet binnen bij vooraanstaande uitgeverijen en reclamebureaus. Dus gingen ze strips maken, een genre waarop werd neergekeken. Veel superhelden hebben een Joodse achtergrond. Van ­Superman (geschreven door Jerry Siegel en getekend door Joe Shuster, beiden Joods) wordt gezegd dat hij lijkt op de bijbelse Mozes: een uitverkoren kind met bijzondere gaven. De beroemde graphic novel Maus werd geschreven door de Joodse Art Spiegelman. Het werd een schoolvoorbeeld voor de serieuze, literaire strip. Beekes schreef en tekende zelf twee graphic novels, over Baruch de Spinoza en ­Brian Epstein.

Rembrandt

O, is die ook Joods, denk je misschien bij het lezen van Kunsjt. Maar Beekes wilde met dit boek geen opsomming maken van Joodse kunstenaars. “Wij zijn, gezien de geschiedenis, nogal allergisch voor lijstjes”, zegt hij. “En ik denk dat de helft van de personen in het boek niet Joods is.” Natuurlijk kan hij niet om de schilder Marc Chagall heen – volgens Beekes is een Joods interieur niet compleet zonder reproductie van zijn werk. En via een omweg komen we ook terecht bij Vincent van Gogh. Waarschijnlijk keek hij zijn aardappeleters af van een werk van de Joodse ­Jozef Israëls. En hij vond Het Joodse bruidje van Rembrandt het mooiste schilderij dat hij kende. Overigens was dat bruidje waarschijnlijk niet Joods – dat is weer een ander verhaal.

Kunsjt – Een Joodse kijk op kunst in 50 meesterwerken van Jaron Beekes is verschenen bij De Arbeiderspers; 27,50 euro.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234