Zaterdag 28/11/2020

ExpoAndy Warhol

Een beter beeld van de meester van de camouflage

Beeld EPA

‘In de toekomst zal iedereen gedurende vijftien minuten wereldberoemd zijn.’ Het is één van Andy Warhols beroemdste uitspraken. Zelf zit hij intussen al aan zo’n zestig jaar faam – of beruchtheid. In Luik probeert de grote overzichtstentoonstelling Warhol. The American Dream Factory licht te werpen op de man achter het icoon.

La Boverie is een museum als een snoepdoos, gelegen in een parkje tussen de benen van de Maas. Het park is nu voor enkele maanden Central Park en het eilandje waar het op staat is Manhattan, want de Amerikaanse ‘paus van de popart’ is op bezoek.

Ironisch genoeg was deze meest ‘Amerikaanse’ der Amerikaanse kunstenaars van oorsprong een immigrantenzoon. Zijn ouders Ondrej en Julia Warhola hadden Slovakije achtergelaten om in Pittsburgh een nieuw leven op te bouwen. Het is wellicht geen toeval dat net een immigrant zo’n iconisch ‘Amerikaans’ werk is gaan maken. Als nieuwbakken Amerikaan stortte de jonge en vaak bedlegerige Warhol zich fanatiek op de Amerikaanse cultuur en waarden, op de American dream dus. De tentoonstelling opent niet voor niets met een reeks foto’s van Warhol die een Amerikaanse vlag omgeslagen heeft, die hij met een grote verfborstel lijkt te bewerken.

Als reclame-illustrator in New York in de jaren 50 kan hij de American dream letterlijk en figuurlijk vormgeven. Hij gaat aan de slag voor modemagazines, winkels, platenproducenten en uitgeverijen. Hij leert in de reclame alledaagse voorwerpen als kousen, schoenen, handtassen op zo’n manier in beeld te brengen dat ze doen dromen. Warhol staat in die dagen voor elegante, verfijnde tekeningen en tegen het eind van het decennium is hij een gevierd reclametekenaar. Maar dat is niet genoeg. Hij wil meer erkenning voor zijn artistieke talent.

De sixties worden een roerig en revolutionair decennium, met de Cubaanse raketcrisis, de Vietnam-oorlog, de burgerrechtenbeweging, de seksuele revolutie en ondertussen komt de consumptiemaatschappij op toerental. Warhol schetst het portret van die maatschappij: hij schildert consumptieproducten (denk aan zijn beroemde reeks Campbell’s-soepen en Brillo-zeepdozen), Hollywood-iconen (Marilyn Monroe, Elizabeth Taylor) maar ook de donkere kant van de American dream: auto-ongelukken, mugshots van misdadigers, beelden die hij recht uit de kranten en andere media lijkt te hebben gehaald. Het is de spiegel die hij Amerika voorhoudt. Hij laat zich daarbij beïnvloeden door het industriële proces: hij zet zich af tegen het ‘unieke kunstwerk’ en gaat series zeefdrukken maken. Zijn atelier doopt hij dan ook om in The Factory, met hemzelf als een soort ploegbaas en een bonte schare medewerkers als arbeiders aan zijn lopende band.

Rijk en arm, jetset en marginalen, straight en gay: iedereen is welkom op de vijfde verdieping van het gebouw op 231 East 47th Street dat Warhol de eerste jaren voor slechts 100 dollar per jaar kan huren. Hij kleedt de muren aan met zilverkleurige aluminiumfolie, een dun laagje blinkend vernis voor zijn droomfabriekje. Lou Reed ontmoet er de zo mooi bezongen Candy, Holly en Little Joe, Bob Dylan en Salvador Dalí doen er zogeheten ‘screentests’. Het feestje eindigt min of meer met een knal: op 3 juni 1968 wordt Warhol in de torso geschoten door ene Valerie Solanas, die daarmee ook haar fifteen minutes of fame krijgt.

Het wordt een keerpunt in zijn carrière. Hij wordt zakelijker, nog commerciëler ook. Hij herdoopt zijn fabriek in The Office. Hij gaat op bestelling portretten van beroemdheden, bankiers en andere gefortuneerden maken. Ook richt hij er het magazine Interview op, een celebritymagazine waarvoor hij zelf geregeld interviews doet. In die dagen loopt hij de hele tijd rond met een bandrecorder en polaroidcamera op zak. Het is Warhol als camera, de machine die registreert en die – zonder commentaar – de wereld een spiegel voorhoudt. Tegen de jaren 80 is hij zelf een icoon geworden, op het karikaturale af. In 1987 overlijdt hij na een banale operatie aan zijn galblaas op 58-jarige leeftijd.

Warhol is zijn leven lang een vat vol tegenstrijdigheden gebleven. Lou Reeds koosnaampje voor Warhol was Drella, een samentrekking van Dracula en Cinderella, Assepoester. Hij was een slimme marketeer en tegelijk één van de interessantste kunstenaars ooit. Zijn werk is tegelijkertijd onpersoonlijk, maar evengoed is het één groot zelfportret. Zo zijn de Campbell’s-soepblikken tegelijkertijd voorbeelden van kunst als bandwerk en verwijzen ze naar de liefde voor zijn moeder die vaak Campbell’s-soep voor hem maakte. Hij is te zien op duizend beelden en, misschien juist daarom, krijg je geen scherp beeld van hem. Zelf zegt hij: “Als je iets over mij wil te weten komen, kijk dan naar het oppervlak van mijn doeken en films, daar ben ik. Er zit niets achter.”

De tentoonstelling is chronologisch vormgegeven, met veel aandacht voor de maatschappelijke context en met pogingen om van een en ander een beleving te maken, met fiftiesvitrines en een heuse ‘evocatie’ van The Factory. De overbekende beelden van Marilyn Monroe, Mao, de Brillo-dozen, het beschilderde Coca-Cola-flesje, de zeefdrukken van dollarbriefjes: het zijn niet de boeiendste beelden hier, wegens al te vaak gezien. Boeiender om zien zijn de illustraties die hij in het begin van zijn carrière maakte: de kleurrijke vlinders, de ontwerpen voor jurken, de damesschoenen of de latere samenwerkingen met bijvoorbeeld Haring of Basquiat. Ook mooi is de reeks foto’s van hem als dragqueen. Drags waren voor hem ‘levende getuigenissen van de ideale vrouw, van moviestar womanhood’. Het zijn vooral die minder bekende facetten van zijn werk die een beter beeld geven op deze meester van de camouflage.

Warhol. The American Dream Factory – Van 2 oktober tot 28 februari 2021 in Museum La Boverie.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234