Vrijdag 13/12/2019

Boeken

Een afrekening met regisseur Ivo van Hove is haar roman niet: "Ik ken hem nauwelijks"

Sarah Sluimer. Beeld Sanne De Wilde

Met Keizer schreef Sarah Sluimer een roman over de ondergang van een megalomane toneelmaker en een Amsterdams acteursensemble. Maar nee, nu niet denken dat het een sleutelroman is. “Ik ken Ivo van Hove nauwelijks.” En actrice Elly dan, een kindvrouwtje van bijna 40 met een onvervulde kinderwens en een kolossaal vadercomplex?

Hij heet Leo. Twee lettergrepen. Drie letters, laatste een ‘o’. Net als Ivo. En dat is niet de enige overeenkomst tussen hoofdpersoon Leo Landrauff uit Keizer, de debuutroman van publicist en programmamaker Sarah Sluimer (1985), en regisseur Ivo van Hove, de directeur van Toneelgroep Amsterdam.

Natuurlijk, Keizer is fictie: het personage Leo en zijn dramatische ondergang zijn verzonnen. De literaire consensus schrijft dan voor dat we Leo niet al te gemakkelijk voor een bestaande persoon moeten houden, en dat we de mening van een personage niet moeten verwarren met die van de auteur. Niettemin zullen theaterkenners gniffelen om de overeenkomsten tussen Landrauff en Van Hove, en die tussen het beschreven, wereldberoemde Amsterdamse acteursensemble en Van Hove’s gezelschap Toneelgroep Amsterdam. Sluimer vermengt realiteit en fictie, door haar roman te situeren in de herkenbare werkelijkheid, alvorens de boel op absurdistische, ja haast theatrale wijze te laten ontsporen.

Mag allemaal, in de letteren. Toch roept haar methode ook vragen op, zoals in een recensie in theaterglossy Scènes, waarin de auteur zich afvraagt: “Waarom moest Sarah Sluimer in Keizer afrekenen met Ivo van Hove?” Het feit dat Sluimer in 2011 en 2012 als assistent-dramaturg werkte bij Toneelgroep Amsterdam, schrijft hij, doet vermoeden dat zij nog een rekening open had staan.

Een afrekening met Van Hove is haar roman niet, verzekert Sluimer. “Nee joh, ik ken hem nauwelijks. Met Keizer wilde ik een boek schrijven over een megalomane kunstenaar die de greep op de werkelijkheid verliest, en zeker geen kinderachtig ‘raad het plaatje’ over de Nederlandse toneelwereld.”

Goed, het idee voor het personage Leo Landrauff is misschien wel ooit bij Ivo van Hove begonnen, zegt ze, en in haar tijd bij Toneelgroep Amsterdam deed Sluimer de inspiratie op voor de realistische details en couleur locale in het boek. Maar als die herkenbare werkelijkheid eenmaal is geschetst, neemt ze algauw een haarspeldbocht richting fictie. Zo is Landrauff een ronduit onuitstaanbare man: volstrekt autistisch en narcistisch, met compulsieve smetvrees en met een afkeer van vrouwen die grenst aan misogynie. In zijn streven naar rust, stilte en zuiverheid sluit hij een duivelspact met de smoezelige, onbetrouwbare beeldend kunstenaar Victor dat hem in een faustiaanse vrije val stort.

Sluimer: “Dat gaat natuurlijk helemaal niet over Ivo. Het is echt fictie.”

Beeld Sanne De Wilde

Toch koos je bewust een aantal details die direct herleidbaar zijn naar Van Hove of Toneelgroep Amsterdam.

“Zoals welke?”

De symbiotische samenwerking van Leo met zijn partner Bob lijkt op die van Van Hove met Jan Versweyveld. Ook het soort theater dat ze samen maken, klinisch, sober, strak, met lege ruimten, designmeubilair en filmprojecties, is hetzelfde. Leo krijgt kritiek op de rol van de vrouw in zijn voorstellingen, net als Van Hove een paar jaar geleden. En er zit maar één acteur van kleur in het ensemble, zoals lang het geval was bij Toneelgroep Amsterdam.

“Ja, dat is waar, maar dat gold wel voor meer gezelschappen. (Denkt even na) ‘Kijk, dit boek gaat over een machtige witte man, met een invloedrijke positie in de kunst, die nauwelijks nog in contact staat met de echte maatschappij. Dat soort mannen heb je overal in de kunstwereld; een voorbeeld was ook die wereldvreemde museumdirecteur uit de Zweedse film The Square. Alleen koos ik voor het theater als setting, omdat ik die wereld een beetje ken. En inderdaad kom ik de lezer tegemoet met wat herkenbare details. Maar er zitten in het boek ook veel referenties aan de beeldendekunstwereld; in Victor kun je weer heel goed een kunstenaar als Julian Schnabel of Willem De Kooning herkennen. Dat heeft verder weinig te maken met iemands feitelijke biografie.”

Beeld Sanne De Wilde

Maar waarom zijn er dan zo veel biografische overeenkomsten met Van Hove?

“Ik heb me helemaal niet in Van Hove’s biografie verdiept. Ik heb een personage bedacht en ben door gaan fantaseren.”

Landrauff is als kind een eenzame jongen op een internaat, tot hij het theater ontdekt. Dat gold ook voor Van Hove.

“Zat Van Hove ook op een internaat? Dat wist ik niet eens. Echt niet! Maar moet ik me hier nu gaan verantwoorden omdat bepaalde details overeenkomen met de werkelijkheid? Het is fictie, hoor. Ik begrijp het probleem niet zo.”

Het wekt veeleer verbazing: Keizer wekt de indruk een sleutelroman te zijn, met al die herkenbare details en personages, maar jij ontkent dat.

“Nou ja, als Ivo zich erin zou herkennen, zou ik dat niet erg vinden; mijn boek is niet bedoeld als aanklacht. Ik voel veel liefde en mededogen voor het personage Leo. Natuurlijk zijn er bepaalde gelijkenissen, dat is onvermijdelijk door de setting die ik koos. Maar als je alleen maar daarop focust doe je het boek te kort, vind ik. Het was niet mijn opzet om een sleutelroman te schrijven.”

In een sleutelroman worden bestaande personen en gebeurtenissen gefictionaliseerd, maar wel zo dat ze voor de ingewijde lezer herkenbaar zijn. 

“Goed, dan is het een sleutelroman.”

En een schrijver speelt vervolgens een spel door nu eens te verhullen en dan weer te ontmaskeren.

“Ja, maar dat is het verschil, snap je? Dat spelletje heb ik echt niet willen spelen.”

Een belangrijke rol in het boek speelt de actrice Elly, een kindvrouwtje van bijna 40 met een onvervulde kinderwens en een kolossaal vadercomplex – daar zou je heel goed een boosaardige karikatuur van Halina Reijn in kunnen zien.

“Elly is het archetype van de actrice. IJdel en onzeker tegelijk, en volkomen afhankelijk van de goedkeuring van de regisseur, die een soort surrogaatvader wordt. Zo’n relatie tussen een kunstenaar en zijn muze komt veel voor. Ze kunnen niet zonder elkaar, en de relatie mag eigenlijk niet veranderen. Dat wil zeggen: de vrouw mag niet veranderen. Zo’n man als Leo kan veroudering en fysiek verval lang buiten de deur houden, maar de tragiek van de ouder wordende actrice is een wetmatigheid. Maar de relatie tussen Elly en Leo was eigenlijk geïnspireerd op die van Andy Warhol met Edie Sedgwick. Hij deed haar in de ban zodra zij een relatie kreeg. Toen ze een seksueel wezen werd, vond hij haar niet meer interessant. Overigens wil ik wel even benadrukken dat Elly bij mij het laatste woord krijgt. Ik gun haar een happy end, een einde aan haar eenzaamheid.”

Leo heeft een uitgesproken afkeer van al te vrouwelijke vrouwen. Is de theaterwereld in jouw ogen zo vrouwonvriendelijk?

“In de werksfeer heb ik dat persoonlijk niet zo ervaren. Maar toen ik theaterwetenschap studeerde en vijf keer per week in de schouwburg zat, werd het Nederlands toneel nog gedomineerd door oudere mannen: Johan Simons, Johan Doesburg, Theu Boermans. Dat leidde wel tot een bepaald stereotype van de vrouw op toneel. Altijd moesten die vrouwen weer rondwankelen op onmogelijke hakken, op hun knieën zitten smeken of hysterisch rollen over het toneel. Het is pas sinds er een generatie jonge vrouwelijke regisseurs is opgestaan, dat dat beeld verandert.

"In dat klimaat van de jaren 80 en 90 waanden regisseurs zich  halve goden. Terwijl: dat ben je niet, als regisseur. Je bent een uitvoerende en onderdeel van een collectief proces. Je bent geen Picasso. Die instelling is, met die genoemde generatie regisseurs, nu gelukkig aan het verdwijnen. Maar als we het dan toch over Ivo hebben: de manier waarop hij nu vrouwen afbeeldt is veel rijker en genuanceerder dan voorheen. Sowieso is zijn werk gevoeliger geworden. Ik vind dat hij de laatste jaren zijn beste voorstellingen ooit maakt. Dus ook daarin verschilt hij van Leo.”

Bob, de partner van Leo, noemt zijn werk ‘bange, straffende kunst’.

“Ja, maar dat is op het moment dat ze uit elkaar gaan hè? Hij is boos en ontgoocheld. Nee, wat belangrijk is aan die scène: een heel boek lang verkeert de lezer in Leo’s hoofd, en neemt voetstoots aan dat hij de grootste kunstenaar ooit is. Want hij denkt – daar hoog in zijn ivoren toren - dat de hele wereld hem een god vindt. En dan blijkt het net even anders zitten. Misschien is hij wel helemaal niet zo geweldig als hij dacht. Het is een realitycheck. Maar, voor de duidelijkheid: dat is dus géén kritiek van Sarah Sluimer op het werk van Ivo van Hove.”

Beeld Sanne De Wilde

Toch is je boek geen reclame voor het toneel. Je schetst een wereld vol narcisme, ijdelheid en gebrek aan maatschappelijk bewustzijn.

“Het is toch niet mijn taak om het toneel te verdedigen? Ik hou heel veel van theater, ben min of meer in de coulissen opgegroeid – mijn oom was lichtontwerper bij het Onafhankelijk Toneel in Rotterdam en ik ging als kind vaak met hem mee. Maar ik ben wel blij dat er de laatste jaren iets verandert in die wereld: dat er voor en achter de schermen nu meer ruimte is voor vrouwen en mensen van kleur, bijvoorbeeld. Dat het vijftig jaar moest duren voor een zwarte actrice, Romana Vrede, de toneelprijs Theo d’Or kreeg is natuurlijk schandalig. In die zin heeft de werkelijkheid mijn boek inmiddels ingehaald, gelukkig. Overigens uit ik in mijn boek wel degelijk mijn liefde voor toneel. In de scène dat Leo het theater ontdekt op het internaat, en er helemaal door gegrepen raakt, bijvoorbeeld. Of de momenten dat hij manisch bevlogen aan het werk is – die passages zijn toch heel aanstekelijk? Ik ben enorm gefascineerd door het vak van regisseur: je kunt een ruimte helemaal vormgeven naar jouw idee en smaak, en orde scheppen in een totaal chaotische wereld - daar kan ik, in mijn eigen rommelige leventje als jonge, freelancende moeder enorm jaloers op zijn.”

Heb je nooit overwogen zelf te gaan regisseren?

“Absoluut, maar ik durfde die stap lang niet te zetten. Ik cirkelde eromheen, eerst als dramaturg, toen als programmamaker. Het had tijd nodig, maar het lijkt toch alsof ik met alles wat ik doe iets dichterbij kom.

"Misschien moest ik daarom ook wel een boek over een regisseur schrijven, om me echt in die positie te verplaatsen. Nu neem ik mijn ambitie op dat gebied serieuzer, en durf ik voluit te zeggen: ja, dat ga ik doen. Ik schrijf nu een stuk voor gezelschap Mugmetdegoudentand en na de zomer speel ik mee in De Indië Monologen. En dan ga ik het doen; dan ga ik regisseren. Ik heb nog geen idee hoe of wat, maar het gaat gebeuren.”

Keizer is nu uit bij Lebowski. 224 pagina's. € 19,99.

Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234