Woensdag 21/08/2019

TW Classic

Editors op TW Classic: eindigen op mensenmaat

Beeld Koen Keppens

Editors sloot TW Classic afgelopen nacht klein en intiem af. Met frontman Tom Smith die solo en akoestisch 'No Sound But The Wind' kwam spelen, helemaal vooraan op een lange catwalk. Op de wei waar het Belgische publiek zijn lied acht jaar geleden al koesterde. Wat een immens verschil was het, met de pathos en duizend bommen en vuurwerkgranaten die er aan vooraf gingen.

Editors liet op zich wachten. Een kwartier duurde het, voor Tom Smith met een kartonnen 3D-brilletje op kwam stappen. Alsof ook hij kon niet geloven dat zijn band na Kraftwerk dit TW Classic mocht headlinen. De Britse band opende met 'Cold', in een decor dat het midden hield tussen een autokerkhof en een stalen staketsel van Arne Quinze. Meteen knalden er confettislingers de wei in. De bombarie aan vuur(werk) zou niet meer stoppen. Zo werden er bij 'Violence' rode fakkels ontstoken en sloegen er tijdens 'Sugar' huizenhoge vlammen uit het podium.

Beeld Koen Keppens

Vormelijk klopte het plaatje wel, maar er wrong iets met de beleving tussen band en publiek. Goed, het was een lange festivaldag geweest, maar dit TW Classic reageerde erg mak. Het lag er misschien aan dat 'Formaldehyde' achter een onzichtbare muur gespeeld leek. Ook in 'Hallelujah (So Low)' zag je de band rammen en tieren, maar als een sonische stormram kwam het niet over op de wei. De volumeknop voor het hoofdpodium werd nooit opengedraaid.

Smith leek het amper te deren. In 'Life Is a Fear' zocht de frontman de zijkanten van het immense podium op, om het ene moment nonchalant op een geluidsbox te gaan leunen en dan weer een dansje in te zetten. De 40.000 aanwezigen meeslepen in zijn trip deed hij (te) weinig. Smith vermaakte vooral zichzelf. Meer interactie tijdens de songs was dit concert ten goede gekomen.

Beeld Koen Keppens

"Voelt iedereen zich classic?", wou de zanger toch weten. Duidelijk wel, want de grootste respons kwam bij de oudere nummers in de set. 'An End Has a Start' kreeg de handen vlot op elkaar. En 'Munich', met een Joy Division-beat, zat lekker strak. Maar dan zakte de soufflé opnieuw in elkaar. Bij 'No Harm' gebruikte gitarist Justin Lockey een drumstok als slide op zijn instrument. Dit was protserige postpunk vol dramatiek.

Het duurde tot 'The Racing Rats', met Smith achter de piano en een gordijn aan vuurwerk, voor er opnieuw sfeer en samenhorigheid was. 'Smokers Outside the Hospital Doors' bleef innemend. Zeker in het donker, zeker wanneer Smith er zich met gesloten ogen in uitleefde. Smith bespeelde de catwalk vannacht graag en veel. Hij gooide kushandjes en noemde het een eer met alle bands deze affiche te mogen delen. Zijn groep deelde in Werchter slagen uit, maar uppercuts zagen we weinig.

Beeld Koen Keppens

In de bisronde kwamen die gelukkig wel nog. 'Papillon' klonk feestelijk en joeg een stoot aan energie over de wei. De frontman ramde op zijn piano, terwijl er overal vuurwerkspetters rondvlogen. 'Magazine' eindigde in een regen aan witte snippers. De rest van de band nam afscheid, terwijl Smith solo en akoestisch naar voor trok voor 'No Sound But the Wind'. Acht jaar geleden een onvergetelijk moment op Rock Werchter. Nu (nadat het eindelijk op plaat is gezet) opnieuw. Jammer dat we dat niet van het hele concert kunnen zeggen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden