Maandag 16/09/2019

Dranouter

Dranouter, dag drie: Plaatselijke helden en sentimentele Britten

U ging uit de bol bij 't Hof van Commerce. Beeld Wouter Van Vooren

De vermoeidheid leek bij het begin van de derde Dranouter-dag zijn werk al gedaan te hebben, maar 't Hof van Commerce bracht daar met een portie plaatselijke hiphop snel verandering in. Alleen jammer dat we daarna nog de valse noot van Passenger moesten incasseren.

"Een pakje zoute chips, alstublieft."

"Dat hebben we niet. We hebben alleen paprika of naturel."

Dranouter loopt ten einde, en wij zijn duidelijk niet de enigen bij wie de vermoeidheid toeslaat. De zon is in de late namiddag weer ongenadig hard beginnen te schijnen, en dat heeft zo zijn effect op de festivalgangers die met iets te veel overgave naar de preek van Sint-Bernardus hebben geluisterd. De ene waggelt met een stuk in z'n kraag over het terrein, de andere smakt ongenadig tegen de dorre grasmat. Maar zoals een wijzer iemand dan wijzelf ooit zei: "Het draait niet om hoe vaak je valt, maar om hoe vaak je weer recht kruipt."

Zie daar het motto waarmee u wij de derde dag van Dranouter ingingen.

Willem Vermandere. Beeld Wouter Van Vooren

De dag waarop we eindelijk tijd vonden om naar Willem Vermandere te gaan kijken. De troubadour uit het West-Vlaamse Lauwe staat hier drie dagen op rij, in de kerk, en brengt daar een afwisseling van instrumentale luisterwalsjes, gedichtjes, en meezingers als 'Ik wil maar zeggen', 'La belle Rosselle', en als toegift, 'Lat mie mor lopen'. Het kwam de zanger van Liedjes uit de Westhoek op een staande ovatie te staan, en zijn simpele, scherpe kijk op de actualiteit - uitschieter: Mijn gazette  - leidde tot smakelijk vermaak bij het publiek. In songs als 'Bange blankeman' trok hij zelfs vol de politieke kaart, en predikte hij verdraagzaamheid. (Voor de politiek geïnteresseerden: de contrabas werd beroerd door Groen-parlementslid Bart Caron.)

Zoals dat gaat op laatste festivaldagen, begon zondag nogal rustig. Het publiek van Dranouter zocht zitplaats en schaduw op in de Club, waar toevalligerwijs ook Douglas Firs aanwezig was. De band rond Gertjan Van Hellemont was zo vriendelijk om in songs als 'How Can You Know?' en 'Pretty Legs and Things To Do' de voet een beetje van het gaspedaal te halen, waardoor u op uw dooie gemak weer in de festivalsfeer kwam. Die laatste song had naast een mooie titel ook een mooie melodie, een mooi arrangement, en was dus eigenlijk een mooi liedje tout court . Hetzelfde geldt voor 'Hannah': een dwarsdoorsnede van de onschuldige poprock die Douglas Firs brengt, en goed gedijt onder een festivalzon.

Vleierij en geslijm

Het was op de swingende Balkan-beats van Goran Bregovic & His Wedding & Funeral Band, en dan vooral op zijn hits 'Gas Gas' en 'Bella Ciao', dat u de nacht in zou dansen. Maar headliners van dit laatste hoofdstuk van een uiterst succesvolle Dranouter - met 50.000 bezoekers, verspreid over drie dagen en één openingsavond, is de organisatie uiterst tevreden - waren Passenger (*) en Milow (***), twee artiesten die zo hoog mogelijk proberen te scoren op de sympathieschaal. Alleen is dat bij die eerste een beetje vervelend: zijn vleierij glijdt nogal snel af in geslijm, en de verhaaltjes die hij over zijn songs vertelt, zijn al net zo klef en ongeïnspireerd als die songs zelf. Songs waarin hij elke gelegenheid aangreep om er een Belgische verwijzing in te bedenken - in opener 'Fairytales & Firesides' had hij het over "sunlight on the Belgian hillsides", en dat trucje zou hij nog een keer of vijf hanteren in het komende uurtje.

Passenger. Beeld Wouter Van Vooren

Dat we hem toch van één sterretje bedienen, heeft hij dan ook vooral aan u te danken, want u deed, door nu eens mee te zingen en dan weer stil te zijn, uw uiterste best om Passenger te behagen. Mike Rosenberg, voorzien van een baard en een gitaar, probeert hoog te scoren in de competities van Authentieke Singer-Songwriter en Ideale Schoonzoon, maar schiet vooral in die eerste categorie schromelijk tekort. Terwijl wij ons uiterste best deden om een mening te vormen over 'Hell or High Water', konden we enkel bedenken dat we de film beter vonden dan dit soort flauw gitaargetokkel. Bij zijn cover van 'Sound of Silence' bedachten we ons dat we dat nummer eigenlijk enkel kunnen uitstaan als we ondertussen naar The Graduate zitten te kijken. En 'Let Her Go' werd dan wel luidkeels meegebruld, maar wij hebben nog altijd niet begrepen hoe dat ooit een hit is kunnen worden.

Ondertussen vertelde de Brit het erg tragische levensverhaal van zijn grootouders, joodse migranten die tijdens de Tweede Wereldoorlog in een vluchtelingenkamp terechtkwamen. Het illustreerde vooral hoe geforceerd 's mans bindteksten waren: wie zo hard zijn best moet doen om sympathiek en schattig over te komen, boet in aan oprechtheid. Passenger wil heel graag Damien Rice zijn, maar beschikt niet over de songs en al helemaal niet over de geloofwaardigheid om die ambitie waar te maken.

Puur en pretentieloos

Nee, dan vonden wij Milow veel, welja, sympathieker. Voor Jonathan Vandenbroeck en zijn twee kompanen werden de banken uit de Club verwijderd, en de tent stond afgeladen vol. Vol met fans die elk woord kenden: nog lang nadat de drie muzikanten de coulissen waren ingedoken, bleef het refrein van 'You and Me' weerklinken. 

Milow had nauwelijks opener 'Against the Tide' ingezet, of hij gebaarde al dat u uit volle borst moest meezingen. Iets dat u vooral deed tijdens 'Ayo Technology', een 50 Cent-cover die net iets te lang uitgesponnen werd, al moeten we ook bekennen dat we dat nummer destijds zó beu zijn gehoord, dat we er allicht nooit meer voor zullen warm lopen. Scoorde ook uiterst goed op de meezingmeter: 'Little In the Middle' en een fris 'You Don't Know', dat dankzij een flamenco-gitaartje van een nieuwe adem werd voorzien.

Milow. Beeld Wouter Van Vooren

Vandenbroeck had slechts twee muzikanten meegebracht: een achtergrondzangeres, en een gitarist die verdacht veel op Sven Nys leek. Zijn unplugged set klonk vooral in nummers als het nieuwe 'Lay Your Worry Down' puur en pretentieloos, al klonk pakweg 'My Kingdom', een liedje over België dat niet bang is van een cliché meer of minder, dan weer eerder banaal. Voor een beetje eigenzinnigheid moet u elders, maar hoe dan ook: Milow staat graag op een podium, en u staat er graag voor. Het bleek een ideale combo.

Lokale legendes

Toch ging Dranouter op die laatste dag nergens meer uit de bol dan bij 't Hof van Commerce. "My friends are into hiphop, but I am into folk", zong Bart Peeters ooit, en er lopen in het Heuvelland vast wel meer mensen met die ingesteldheid rond. Maar Dommestik, Levrancier en 4T4 hebben aan dat soort motto's geen boodschap: ze hadden een dik dozijn uitstekende beats bij, en een resem raps in het meest Westelijke Vlaams dat we de afgelopen drie dagen hoorden - en dat wil wat zeggen. 

'Izzegem' was een mission statement: toen we Limburger Kristof Michiels, alias DJ 4T4, een streepje Wu-Tang Clan door de mix hoorden draaien, kreeg de Pekkerstad zelfs even internationale allures. 'Stuntmann' werd aangekondigd als een portie funk, en dat was het ook. 'Jaloes' mocht heerlijk voort denderen op een baslijn waar de goesting vanaf droop. En in afsluiter 'Niemand Grodder' mochten de scratch-kunsten van 4T4 even de show stelen.

Maar het succesingrediënt van de Commerce-formule blijven de heerlijk hilarische (en voor mensen als wij doorgaans ook behoorlijk onverstaanbare) raps van Serge Buyse en Flip Kowlier. Ze beledigen nog steeds vol overgave uw moeder, of het nu om haar beroep ('Truckchauffeur') of haar gewicht (zowat alle andere 't Hof van Commerce-songs) gaat, maar in Dranouter worden dat soort beledigingen met plezier onder de mat geveegd. 'Kom Mor Ip' is dan wel een hit uit de tijd dat Johnny Depp nog iets had met Vanessa Paradis, maar het werd in een kolkende Kayam meegerapt als een nationaal volkslied. "Ziej journalist of fan, gif mo toe get uz gemist!", klonk het in 'Dikkenekke', en daar was geen woord van gelogen: het was een blij weerzien met 't Hof van Commerce.

Serge Buyse en Flip Kowlier, van 't Hof van Commerce. Beeld Wouter Van Vooren

Buyse en Kowlier zijn immers grootheden in deze streken, en toen Het Zesde Metaal-frontman Wannes Cappelle een strofe kwam meerappen in 'Zeg ne ki oe loat ist', leek het podium bijna te bezwijken onder het gewicht van zoveel lokale legendes. 

Van Hannelore Bedert, een dag eerder, over Willem Vermandere tot Buyse en Kowlier: de artiesten die Dranouter het liefst ziet, zijn de artiesten die van eigen bodem komen. Geef ze eens ongelijk. Het festival zet zijn deuren steeds verder open, maar houdt ondertussen ook vast aan haar wortels, en die liggen, zo bleek dit jaar eens te meer, nog altijd in West-Vlaanderen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234