Maandag 26/09/2022

AnalyseBoeken

Dood aan de televisie! Frederik De Backer bundelt zijn ‘DM Zapt’-columns

Frederik De Backer. Beeld © Stefaan Temmerman
Frederik De Backer.Beeld © Stefaan Temmerman

Frederik De Backer heeft een hekel aan tv en een hekel aan schrijven, en dat is precies wat hij de voorbije twee jaar iedere week heeft gecombineerd in onze rubriek DM Zapt. Zijn stukjes zijn nu gebundeld en uitgegeven onder de naam Het boek is beter. Tijd voor een beschouwing van wat zich anno 2022 televisie laat noemen.

Frederik De Backer

Ik heb al tien jaar geen televisie meer. In de winter van 2012 liet ik niet alleen mijn moeder achter, ook de kabel bleef in mijn geboortedorp liggen. Een toestel heb ik nog wel, voor het occasionele dvd’tje, maar als het van mij afhing lag het ding vandaag nog op het stort. Want net zoals ik het hobbelpaard ben ontgroeid, heeft ook de televisie me niets meer te bieden. Ik kies mijn wekelijkse onderwerpen dan ook niet zelf; ze worden me toegestuurd door mijn chef Cultuur. Iedere mail voelt alsof ik naar het front word geroepen. Week na week storm ik mijn loopgraaf uit, alweer een nieuwe amputatie tegemoet. Mijn mailbox, mijn IJzer.

Wie ben ik dan om het slagveld te overschouwen? Moet zoiets werkelijk worden overgelaten aan een gewetensbezwaarde? Het antwoord is een volmondig ja. Een ervaren majoor merkt de gruwel niet meer op, hoogstens een miniem verschil in lijkgeur tussen twee fronten. Het is de van angst doorweekte onderbroek van de dienstplichtige die van Passendale poëzie maakt. Welnu, ik ben uitgepist.

Dat was wie ík denk dat ik ben, nu wil ik de vraag stellen wie de tv-bons denkt dat ik ben. Ik, u, de kijker. Meent hij dat wij onze levens tot dusver in een bokaal hebben doorgebracht, steeds maar weer hetzelfde kringetje zwemmend rond een schatkist en een kaksliert? Of ziet hij in ons een stelletje bedlegerigen die, nu de thuishulp alvorens op reis te vertrekken de telefoon, afstandsbediening en cyanidepillen net buiten handbereik heeft gelegd, allang tevreden mag zijn dat iemand, wie dan ook, desnoods Marc-Marie Huijbregts, hen vanuit de kijkkast te woord wil staan? Wie ziet de tv-bons voor zich als hij De Canvascrack en zelfs Wie wordt multimiljonair? van het scherm gooit en er ons BV Darts en Marble Mania voor in de plaats geeft?

Chape

Tot 1989 had televisie in dit land twee functies: het volk informeren en het amuseren. Dat was niet altijd even perfect, nooit eigenlijk, maar zeggen dat met de komst van VTM ook de kindsheid is ingetreden, zou de waarheid geweld aandoen. Voordien werd de kijker immers ook al overvloedig bestookt met 19de-eeuwse kermismalloterieën zoals het op je hoofd balanceren van huisraad en pluimvee. Alleen werd tussen stapelwerk en zingende nonnen in wel even een heel volk een taal bijgebracht, opdat een Antwerpenaar een Limburger zou verstaan en eender wie een West-Vlaming.

Vorig jaar nog zag ik in de kleurige circustent van de Vlaamse P. T. Barnum en James Cooke iemand een grasmaaier op de kin hijsen. En wat leert Play4 ons ter compensatie van zoveel kul? Hoe je op huizenjacht moet en hoe je die dingen, eenmaal je ze hebt geschoten, het best verbouwt. In een tijd waarin 600.000 Vlamingen in armoede leven en een paar miljoen anderen bang aanschuiven tot zij aan de beurt zijn! Alsof er überhaupt nog wat te chappen valt als een brood straks 10 euro kost. Van intellect mogen we in de hoofden van de zenderbaas dan wel verstoken blijven, financieel acht hij ons rijkelijk bedeeld.

Je kan het een commerciële zender niet kwalijk nemen zich uitsluitend te richten tot de kapitaalkrachtige medemens. Hij doet dat namelijk niet. Voor een commerciële zender is niet het programma de handelswaar en de kijker het doelpubliek. Aan handelswaar verdien je iets. Wat een commerciële zender verkoopt is de kijker, en hij doet dat aan een adverteerder, die grof geld neertelt voor zijn spotjes. Het programma is hoogstens de folder, een affiche langs een steenweg. Komt dat zien! Van maandagochtend tot zondagavond! Muziek, felle kleuren! Een uniek spektakel!

En nieuwsgierig als we zijn dagen we op. We hebben alle pijltjes gevolgd, dit wordt de beste dag van ons leven. En daar staat hij dan, met een lantaarnpaal als schijnwerper: een dronkaard in een clownspak, vuile liedjes zingend, uitgelopen schmink op een doorzopen gelaat, met rond hem honderd miljoen kraampjes. Het draaiorgel is stuk, het aapje dood, maar koopt u toch wat brol, dan heeft u er nog iets aan gehad.

Vliegen lok je niet met rijstkoeken, dat doe je met stroop of met honing. Je hoeft niet telkens, zoals onze commerciële zenders schijnen te denken, meteen naar een dampende keutel te grijpen. Entertainment kan ook subtiel zijn in plaats van oorverdovend, interessant in plaats van opzichtig. Maar neen, de showtrap van weleer is vervangen door een draaiende troon, de flauwe moppen door nieuwe flauwe moppen. Jan Theys en Donaat Deriemaeker heten vandaag Jonas Van Geel en Sven De Leijer.

Frederik De Backer. Beeld © Stefaan Temmerman
Frederik De Backer.Beeld © Stefaan Temmerman

De laatste partizaan

En met de intrede, het opdoemen eerder, van die laatste dienen we ons toch ook even tot de openbare omroep te wenden. Want van een straatventer mag je dan geen evangelie verwachten, íémand moet de schaapskudde leiden. Als de VRT zich al deze jaren voor de commercie heeft kunnen hoeden, als de laatste partizaan op een hooizolder, waarom laat het zich dan in met onnozele neefjes als Niels Destadsbader en kwekkende gansjes als Gloria Monserez? Met familiedrama’s als Thuis en wat het deze keer ook moge zijn waarvoor men de Planckaerts kortstondig en tegelijk zo eindeloos lang van hun berg heeft verdreven?

De VRT heeft geen kijkers te verkopen. De openbare omroep kan zich in alle rust concentreren op het informeren van de mensen. Dat doet het in een handvol programma’s niet onaardig, maar waar is bijvoorbeeld het diepte-interview gebleven? Er lijkt tegenwoordig enkel nog ruimte voor dialoog tussen twee beeldfragmenten in. Maar dit is oma’s verjaardag niet. Ik móét niet hopen op een demarrage opdat nonkel Ronny eindelijk twee minuten zijn bek zou houden.

Gisteren nog heb ik op YouTube zitten kijken naar interviews van Ischa Meijer uit 1993, ik was toen zes. Nu leek die Meijer me ook weer niet de meest fatsoenlijke mens op aarde, maar hij maakte van een interview wel een interessant kijkstuk. Jos Brink was de Luc Appermont van Oranje, maar ik heb achtendertig minuten aan zijn lippen gehangen. Omdat tegenover hem iemand zat die bleef hakken en houwen tot hij iets aantrof wat het uitgraven waard was. Meijer raffelde geen lijstje met vragen af, hij ging een gesprek aan. Ik heb in mijn leven ook weleens wat mensen geïnterviewd, welnu, zo’n gesprek kan een heel leven op zijn kop zetten. Als je wil luisteren.

En goed, dan kijken we maar eens níét naar F.C. De Kampioenen en dan gaat Saartje Vandendriessche maar eens zónder camera kamperen. Vlaanderen is de enige lap grond op aarde waarvan de bewoners nog nooit hun bekendheden hebben horen spreken. Of ze nu in de showbizz actief zijn of in de politiek, de mensen hebben hen horen aankondigen, debiteren, zingen, ze hebben hen verdomme al uit robot-, schorpioen- en pandakostuums tevoorschijn zien komen, maar ze hebben hen nog nooit horen spreken. Open en bloot, zonder cuts en vooraf doorgenomen vragen. Neen, voor zoiets moet je ‘het digitale aanbod’ raadplegen. Dan kun je Pat Donnez gaan opgraven op VRT NU, als je hem weet liggen. Jezus Christus, wat had ik Walter Zinzen moeten koesteren toen ik hem nog had.

Leegte

Net zoals de televisie een venster op de wereld is, is de wereld er ook een op de televisie. Alles is zwanger van een onpeilbare leegte. Kim Kardashian is de populairste persoon op aarde. Trump was president van de wereld. Zonder de televisie kende niemand die mensen. En ik kan me niet van de indruk ontdoen dat de onbeschoftheid waarmee we elkaar vandaag bejegenen en het gebrek aan respect voor rechtmatig gezag te wijten is aan de antihelden die we zijn gaan vereren. Dat begon met de Dirty Harry’s van toen, die nog wel aan deze kant van de wet stonden, en is gaandeweg via Tony Soprano en Frank Underwood overgegaan in de Joe Exotics van nu.

Jazeker, Raskolnikov – zoek hem op, ergens in een digitaal aanbod – sloeg honderdvijftig jaar geleden ook al oude besjes de kop in, maar wel om een betere reden dan een zoveelste snertprogramma met Nathalie Meskens of Andy Peelman. Raskolnikov deed het voor u. En daarom is een boek, eender welk boek, beter.

Frederik De Backer – Het boek is beter, Borgerhoff & Lamberigts, 212 p., 22,99 euro.

null Beeld rv
Beeld rv
Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234