Dinsdag 15/10/2019

Top 10

Dit zijn de tien beste platen van de week

Yves Tumor Beeld rv

De weirdo's regeren deze eerste septemberweek. Van Big Red Machine over $uicideboy$ tot Yves Tumor: ze serveren muziek met een kolossale hoek af. De contemplatie komt van Chilly Gonzales en onze eigen Yusuf.

1. Yves Tumor - Safe In The Hands Of Love

“Sister, mother, brother, father / Have you, have you looked outside?", zingt Yves Tumor in de industriële breakbeatpop van 'Noid'. “I'm scared for my life / They don't trust us / I'm not part of the killing spree /A symptom, born loser, statistic."  Achter het alias zou ene Sean Lee Bowie schuil gaan, geboren in Knoxville, Tennessee dat hij op zijn zeventiende ontvluchtte wegens te racistisch, te seksistisch, te homofoob. Kwam tot volle wasdom in de avant-gardescene van Los Angeles. Werd een geestesgenoot van de excentrieke, genderfluïde rapper/performance-artiest Mykki Blanco. 

Beeld rv

Op zijn tweede album Safe In The Hands Of Love kapselt Tumor de agressieve noise van zijn prille klankprobeersels in in hoekige, vlijmscherpe elektronica. Wie opgroeide in de nineties denk vast aan Consolidated, Meat Beat Manifesto en Bomb The Bass. Elektrokids van het hier en nu denken ongetwijfeld aan Arca. Zoals laatstgenoemde wisselt Tumor beukende, hyperdigitale soundscapes af met tedere, poppy songs die niet zelden muteren tot ziedende, aan Aphex Twin referende glitch-pop. 

"I can be the only girl for you", croont hij vervuld van giftige romantiek in 'Licking An Orchid. “Wanna hold you closer / Can I take you home?" Verderop klinkt het: “Some call it pain / Some call it torture / Baby, I enjoy it / Please come home / I swear I love you dearly", temidden van een orkaan vol atonale, snerpende horrorambient. Kwellend, ja, maar verdomd verleidelijk. Wie waagt, die wint.

2. Big Red Machine - 'Big Red Machine'

Maar liefst twintig mensen werkten mee aan het debuut van Big Red Machine, de collab van Aaron Dessner en Justin Vernon. Daarop klinken echo’s van Bruce Springsteen, Peter Gabriel en Thom Yorke, naast de voor de hand liggende referenties aan de laatste platen van The National en Bon Iver.

"Ik zie deze plaat bijna als een schilderij van Jackson Pollock", bekende Dessner onlangs aan onze journalist Gunter Van Assche. "Of als de perfecte steak tartaar. Het is echt een zaalbereiding. In plaats van alle ingrediënten zomaar bij elkaar te kappen, moet ze samenkomen als een symfonie." 

Beeld rv

Of als het organische vervloeien van indierock, americana en glitchy elektronica, om precies te zijn. “Noem dit gerust het ijdelheidsproject van een ouwe hippie. (lacht) I don’t care", aldus Dessner. "Wat voor mij het belangrijkst blijft, is dat we een groep vormen die aan hetzelfde zeel trekt."

Lees hier het interview met Aaron Dessner.

3. $uicideboy$ - I Want To Die In New Orleans

Na de show van $uicideboy$ op Pukkelpop waren de meningen verdeeld. De ene vond het rapduo uit New Orleans vervelend en eendimensionaal, de andere bouncete onverbeterlijk op de donderende horrorcorebeats en vond dat de Boy$ het perfecte voer voor de jongste generatie hiphopfans voorschotelden: ruw, meedogenloos, overdreven macho, met verrukkelijk groteske bassen als extraatje. Het ideale escapisme voor Generatie Z, quoi.

Op het negende studio-album (de
shitload aan mixtapes en ep'tjes niet meegerekend) komen deze harde jongens nog steeds weinig vrolijk uit de hoek. “Suicide been on my mind /Pour my heart on the concrete every f**king time", klinkt het in 'Meet Mr.Nice Guy'. In ‘Carrolton' treuren de mannen om verloren kameraden zoals Lil' Peep: “I can hear my dead homies sing /Now my eyes always hurtin', wiping tears with diamond rings"

Beeld rv

Nee, van polonaises geen sprake hier. De grofkorrelige, demo-achtige klankkwaliteit van de tracks herbergt evenwel de authenticiteit van punkrock. 't Is behoorlijk onversneden Weltschmerz. Geen fake gedoe. Verontruste moeders, bezorgde oma's en de doorsnee welzijnswerker zullen er wellicht niet mee kunnen lachen, maar $uicideboy$ smeren wél een zalf op de etterende zieltjes van de kids die zich verloren voelen in de maatschappij. Grotesk, maar efficiënt.

4. Yusuf - Balm

Een Belgische belofte die snel potten zal breken, deze Yusuf. Het project rond de Leuvenaar Jonas Steurs kent u van bij De Nieuwe Lichting op Studio Brussel, gaat met rasse schreden vooruit op deze Balm ep. Een aantal maanden geleden zagen we hem stijlvol wringen en wroeten in de Botanique, driftig de wanden van zijn fascinerende sound verkennend. Die zoektocht werpt hoorbaar vruchten af: Yusuf ontworstelt zich behoedzaam aan zijn invloeden (The xx, James Blake) en schrijdt sierlijk door de spookachtige kamers van zijn songs.

In 'Filth' schuilt een vleugje Jeff Buckley, maar Yusuf blaast de melancholie snel aan flarden met dikke plakken analoge synths. Het instrumentaaltje 'Y.1' pakt dan weer uit met kordate, vierkante elektrobeats: een stugge, hortende groove waar de zanger blijkbaar tuk op is. En kijk, zo vindt hij langzaam maar zeker een eigen smoel. Slimmeriken houden hem in 't oog.

Beeld Nico Verhaegen

5. The Blaze - Dancehall

Tintelfrisse, radiovriendelijke elektro met onweerstaanbare good vibes. Het Franse duo The Blaze mag dan een soort aaibare variant van de muziek van Four Tet neerzetten, zo driest of onversaagd als voornoemde held wordt het nooit op Dancehall. Neem 'She', een track die tussen French house en hedendaags tropical-spul schippert zonder klef te worden. Of de hoekige single 'Faces', die ook fans van Bicep zal bekoren: clubby maar nooit hermetisch.

In 'Heaven' slagen de jongens er zelfs in om underground en mainstream zonder verpinken door elkaar te klutsen: de metalige ambient knipoogt naar Caribou, de lustig omhoogklotsende beats die volgen, zouden niet misstaan op een zijpodium van Tomorrowland. Intrigerend, op z'n minst.

Lees hier het interview met The Blaze

Beeld rv

6. Russ - ZOO

De alsmaar populairder wordende Amerikaanse rapper Russ verbaasde iedereen vorig jaar toen hij op Pukkelpop een kleine clubtent tot de nok kon vullen om er vervolgens het dak af te blazen. Dit jaar mocht hij in Kiewit triomferen op de Main Stage. In tegenstelling tot wat zijn nogal grimmige doorbraakplaat There's Really A Wolf vorig jaar suggereerde, ambieert Russ zowaar een popsterrenstatus. Zie: de recente poppy single 'The Flute Song' en ook het melige, gezongen 'Serious'. Gasten Mahalia en Snoop Dogg zorgen voor de nodige mainstream-star power.

Beeld rv

7. Chilly Gonzales - Solo Piano III

Omdat het niet altijd Nils Frahm of Ólafur Arnalds moeten zijn. Wie de vorige twee Solo Piano-platen van Chilly Gonzales kent, weet intussen dat de Canadese pianist met brio en met een haast sardonisch plezier de minimalistische pianomuziek à la Satie een kleine tik geeft. Op dit derde deel houdt Gonzales zich niet in en gooit het minimalconcept vaak helemaal overboord, met bruisend, frivool spel tot gevolg waarin nu en dan zelfs vleugjes jazz doorschemeren. 

Nogal wiedes: Gonzales is een muzikale allesvreter die al hand -en spandiensten verleende aan Feist, Mocky en Jamie Lidell. I
n het verleden bracht hij zelf al uitstekende hiphop, -elektro, -chanson -en softrockplaten uit. Pluis gerust heel zijn catalogus eens uit. 't Is zeer de moeite!

Beeld rv

8. Darrell Cole - STILL LOADING

De in Antwerpen residerende rapper Darrell Cole beleeft een ware creatieve hausse. De ep STILL LOADING is de opvolger van het in juni uitgebrachte Loading... en meteen deel twee van een drieluik dat eind dit jaar vervolledigd moet zijn. Cole komt er lekker assertief uit de hoek. "Always been a better rapper, sorry for my lateness / No! Cuz you can't bust greatness / When it comes to these bars you gotta have patience / got the whole world waiting", klinkt het in 'Stringer Bell'. De beats flirten met de jazzy ninetiesfunk van Common en Talib Kweli. In 'Belgian Cyphers' duiken zowaar Brusselaars Zwangere Guy en Le 77 op. Cool, zonder meer.

Beeld rv

9. Tash Sultana - Flow State

De Australische multi-instrumentaliste Tash Sultana gooide vorig jaar hoge ogen op Rock Werchter toen ze er op een ontieglijk vroeg uur een sceptisch publiek probeerde te overtuigend. Zwart mutsje, grungehemd, blote voeten, opkomen op 'Is this Love' van Bob Marley: Sultana voert het hippiegedachtengoed hoog in het vaandel. Deze one-woman-band overtuigde “met een luid echoënde hardrocksolo waar ze een bombardement aan elektronische beats overkieperde", zoals we toen schreven. 

Op haar debuut
Flow State  heeft ze die sound gestroomlijnd: de beats en de gitaren staan in functie van haar passionele r&b-pop. Nu laat ze sound primeren op songs, maar vaak genoeg toont ze zich een geïnspireerde songwriter. Zie: de hier hertimmerde viral-hit 'Murder To the Mind'. Flow State is haar springplank. Benieuwd waar ze terechtkomt.

Beeld rv

10. Swamp Dogg - Love, Loss, and Auto-Tune

Wacht even! Swamp Dogg? De legendarische rhythm & blues-muzikant die in de sixties en seventies de funky swamp music van de Muscle Shoals-studio's in Alabama mee vorm gaf? Yep, maar deze keer doet hij het met – even slikken! – AutoTune! Dat vermaledijde stemeffect gebruikt hij weliswaar op slinkse wijze, in veelal straffe, bluesy liedjes. Eerder Bon Iver dan Travis Scott, zeg maar. En verhip, Bon Iver zingt zowaar mee in 'I'll Pretend', een retrofuturistisch r&b-nummer vol blikkerige Auto-Tune. Dankzij dat soort charmante gekkigheden wordt Love, Loss, and Auto-Tune het meest verfrissende curiosum van deze week.

Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234