Zaterdag 27/11/2021

Interview

‘Die zogenaamde Marokkaanse gemeenschap bestaat helemaal niet’: Adil El Arbi en Bilall Fallah over hun nieuwe reeks ‘Grond’

Mathieu Mortelmans: ‘Mensen gaan er altijd van uit dat Adil en Bilall dé Marok­kaanse ge­meenschap vertegen­ woordigen. Maar vanaf de eerste aflevering ontkracht deze reeks het bestaan daarvan vol­ledig.’ Beeld rv
Mathieu Mortelmans: ‘Mensen gaan er altijd van uit dat Adil en Bilall dé Marok­kaanse ge­meenschap vertegen­ woordigen. Maar vanaf de eerste aflevering ontkracht deze reeks het bestaan daarvan vol­ledig.’Beeld rv

‘We zitten bij Warner Bros. DC!’ Het bijna kinderlijke enthousiasme waarmee Bilall Fallah (35) en Adil El Arbi (33) vertellen hoe ze in het Schotse Glasgow de nieuwe Batgirl aan het voorbereiden zijn, siert het regisseursduo. Na de zegetocht in Amerika met hun blockbuster Bad Boys for Life willen El Arbi en Fallah nog steeds vooruitstormen. Maar ze kwamen wel gewoon terug naar huis om samen met Mathieu Mortelmans (36) Grond te regisseren, de gedurfde tragikomische fictiereeks op Play4 en Netflix over een Molenbeekse familie die besluit heilige Marokkaanse grond naar België te importeren zodat moslims hier kunnen worden begraven: ‘Dit zal stof doen opwaaien.’

Is die verwachte controverse de reden waarom jullie je internationale carrière wilden onderbreken voor Grond?

Adil El Arbi: “Toen Wannes (Cappelle, red.) en Zouzou (Ben Chikha, red.) in 2017 het idee voor ‘Grond’ aan ons voorlegden, waren we net klaar met Patser. We hadden nog geen idee dat we naar Hollywood zouden gaan en Bad Boys for Life zouden regisseren, laat staan dat het een blockbuster zou worden. Toen de opnames voor Grond begonnen, waren we Bad Boys aan het monteren, maar we vonden de serie zo goed dat we er absoluut bij betrokken wilden blijven. Alleen bleek al snel dat dat niet zou lukken zonder een derde teamlid. Daarom hebben we Mathieu (bekend van zijn debuutfilm ‘Bastaard’, red.) erbij gehaald. Dat lag voor de hand: hij is onze maat, we houden van zijn werk en hij is de buurman van mijn vader. Hij is bijna familie.”

Mathieu Mortelmans: “Zij regisseerden aflevering één en twee, ik de rest. Maar ze zijn steeds betrokken gebleven.”

Bilall Fallah: “We vinden de reeks superbelangrijk en voelden meteen een klik bij de voorstelling ervan.”

El Arbi: “Wij zijn van Marokkaanse origine…”

Je meent het!

Fallah: “Right! (lacht) Maar het is wel daarom dat het script ons zo aansprak.”

El Arbi: “Iedereen in onze familie wordt nog altijd begraven in het land van herkomst. Maar wat als de nieuwe generatie daar nu problemen mee heeft? Wat doe je met zo’n conflict? Hoe zouden moslims reageren als iemand heilige grond uit Marokko naar België zou brengen om de familie daarin te kunnen begraven? Dat zijn zulke spannende vragen. Ik dacht ook meteen: grond importeren, zot dat nog niemand op dat idee is gekomen. (lacht) Ik vind de vorm – een tragikomedie – ook een interessante manier om iets te vertellen over Marokkanen in België. Bovendien is het iets nieuws, iets dat we ook nog niet gemaakt hebben.”

In Grond geen actie à la Patser of Bad Boys. De reeks is subtiel en wordt gedreven door onderhuidse situatiehumor die je constant doet grinniken.

El Arbi: “Dat is de verdienste van de schrijvers. Voor ons was de uitdaging: hoe vertalen we die absurde humor naar de personages, terwijl het verhaal dat we vertellen zo beladen is?”

Tien jaar geleden maakten jullie met Bergica al ‘humor van vreemde origine’. In de satirische sketches, toen te zien op Acht, lachten jullie ook al met jullie Marokkaanse afkomst. Ik herinner me nog een sketch met de titel ‘Ni thuis’.

Fallah: (schatert) “Dat was niet bepaald ‘onderhuidse’ humor. Ik vond Bergica heel grappig, maar ik weet niet of veel anderen dat ook vonden.”

El Arbi: “Goede humor is één van de moeilijkste dingen om te maken, maar we hebben sindsdien wel bijgeleerd.”

Fallah: “We lachten in Bergica met iedereen, hè, maar óók met Marokkanen.”

In die tijd zeiden jullie: ‘Marokkanen in series zijn altijd óf criminelen óf knuffel-Marokkanen. Er moet nodig eens een verhaal verteld worden waarin Jan gewoon vervangen wordt door Mohammed.’ Dat is wat Grond doet.

El Arbi: “Precies. Grond speelt zich af in Molenbeek en draait om de leden van een Marokkaans gezin. Zíj zijn de hoofdpersonages. Dat is ongezien. Het is ook de eerste Vlaamse reeks waarin de cast voor 80 procent van Marokkaanse afkomst is. Ik vond het zo belangrijk dat nieuw talent een prominente rol kan spelen in Grond. Wij weten hoe cruciaal dat is om een kans te krijgen: met de wildcard die wij na onze kortfilm Broeders kregen, hebben we Image kunnen maken, en toen waren we vertrokken. Dat iemand als Yassine Ouaich (Ismael of Smile, de zoon van het gezin in ‘Grond’, en ook bekend van ‘GR5’, red.) nu de hoofdrol speelt in een serie die straks op Netflix te zien is, vind ik super.”

Grond begeeft zich op glad ijs: lachen met de Marokkaanse cultuur blijft gewaagd.

El Arbi: “Dat is de edge aan Grond, ja. Wij vinden de reeks nog braaf, maar ik kan me inbeelden dat er wel wat controverse zal ontstaan. We hebben het over de dood, over traditie en over de zogenaamde ‘Marokkaanse gemeenschap’. Die bestaat helemaal niet.”

Mortelmans: “Mensen gaan er altijd van uit dat Adil en Bilall dé Marokkaanse gemeenschap vertegenwoordigen. Veel blanke Vlamingen zullen over Grond denken: ha, een reeks over dé Marokkanen. Maar vanaf de eerste aflevering ontkracht de reeks dat idee volledig. Ze toont juist dat die zogenaamde gemeenschap bestaat uit mensen die over van alles totaal verschillende meningen hebben. Met andere woorden: het wij-zijverhaal bestaat helemaal niet, Grond doorprikt dat zelfs helemaal. Dat maakt de serie zo goed.”

El Arbi: “Ik denk dat vooral aflevering twee stof zal doen opwaaien. Daarin zie je hoe fel sommige Marokkanen reageren op het idee van Smile om moslims in geïmporteerde heilige grond te begraven. Wie de serie zal haten, zal zichzelf meteen in die personages herkennen.”

Een citaat uit Grond: ‘Traditie is er om niet na te denken.’

El Arbi: “Dat is wat Smile van traditie denkt. Hij wil er totaal geen deel van uitmaken en wil niks te maken hebben met de begrafenisbusiness van zijn vader, die overleden moslims voor veel geld naar Marokko overvliegt. Zijn schoonbroer Rachid (Saïd Boumazoughe) wil de traditie juist voortzetten, ook al zit daar een zekere hypocrisie achter: hij wil er vooral munt uit slaan. Smile doorziet dat.”

Dat traditie je ervan weerhoudt na te denken, is vaak ook waar.

El Arbi: “Volgens sommigen, ja. Anderen vinden: dit maakt simpelweg deel uit van mijn religie.”

Smile omschrijft het idee van de grondimport als een goed voorbeeld van ‘le compromis à la belge’. Zelf zijn jullie ook een soort compromis à la belge.

El Arbi: “Ja. Wij zijn van de tweede generatie. En er is al een derde generatie en de vierde is op komst. Dat maakt het allemaal steeds complexer. Er is een mishmash aan het ontstaan van generaties die een steeds minder sterke band hebben met de grond van Marokko, en dat zorgt voor heel veel discussies.”

Jullie zijn allebei naar een katholieke school gegaan en moesten niet mee naar de moskee. Maar toen jouw moeder is gestorven, Adil, is ze twee dagen later al in Marokko begraven.

El Arbi: “Ja. In mijn familie is dat een traditie die niet in vraag wordt gesteld.”

Waar wil jij begraven worden?

El Arbi: “In Marokko. Dat staat vast.”

En jij, Bilall?

Fallah: “Ik weet het nog niet. Ik leef nog, en ben vooral daarmee bezig. Ik denk ook niet zoals Adil: het zal zó zijn en niet anders. Maar ik voel wel heel sterk dat mijn wortels altijd Marokkaans zullen zijn.”

Adil El Arbi: ‘‘Grond’ speelt zich af in Molenbeek en draait om de leden van een Marokkaans gezin. Zíj zijn de hoofd­personages. En de cast is voor 80 procent van Marokkaanse afkomst. Dat is ongezien.’ Beeld rv
Adil El Arbi: ‘‘Grond’ speelt zich af in Molenbeek en draait om de leden van een Marokkaans gezin. Zíj zijn de hoofd­personages. En de cast is voor 80 procent van Marokkaanse afkomst. Dat is ongezien.’Beeld rv

EEN ENORM RISICO

Toen ik naar Grond keek, gebeurde hetzelfde als wanneer ik bij mijn Marokkaanse vrienden thuiskom: ook al denk je dat je veel over de cultuur weet, toch ontdek je telkens weer iets nieuws. Heb jij tijdens de productie van Grond veel ontdekt, Mathieu?

Mortelmans: “Ik woon in Brussel, naast Adils vader, en ken hun wereld goed. Maar hoe de generatie ná Adil en Bilall leeft en hoe heftig de discussies tussen de generaties zijn, wist ik niet echt. Het gebeurde ook wel dat ik iets voorstelde en dat Bilall zei: ‘Nee, zoiets zou Smile nooit zeggen.’”

El Arbi: “Dat Smile nooit Arabisch spreekt tegen zijn vader, terwijl die dat wel tegen hem doet, vindt Mathieu niet zo belangrijk. Hij denkt: zo gaat het daar gewoon. Maar wij weten dat dat voor Smile een teken van disrespect is. Dat hij het vertikt om Arabisch te spreken, is een statement: ‘Ik doe niet meer mee.’ Bilall en ik begrepen meteen: dat is een dis.”

Mortelmans: “Toen ik de scènes in de moskee ging monteren, moest ik bij hen ook checken of de volgorde van de gebeden wel klopte. Ik wilde absoluut dat alles juist was.”

Jij komt als regisseur uit een compleet andere hoek dan Adil en Bilall. Zij zijn de jongens van de actie, in jouw thrillers voel je de spanning omdat er elk moment iets zou kúnnen gebeuren.

Mortelmans: “Zo is het precies. Ik heb een voorliefde voor films die inzoomen op hoe mensen in elkaar zitten en op de vraag: ‘Wat maakt een mens een crimineel?’ En: ‘Wat maakt van een crimineel een mens?’”

El Arbi: “Mathieu is echt een pietje-precies, iemand die heel diep ingaat op waaróm personages zeggen wat ze zeggen en doen wat ze doen. Op die manier heeft hij het verhaal echt naar een hoger niveau getild.”

In Bastaard probeert een dakloze jongen een plek in de wereld te vinden.

Mortelmans: “En zijn identiteit.”

De nieuwe Vlaamse film Rebel, die Bilall en Adil aan het voorbereiden zijn, gaat over een Marokkaans jongetje dat tussen Molenbeek en Brussel zijn identiteit probeert te zoeken.

Fallah: “Zoals elk kind zijn weg moet zoeken in het leven. Toen ik op de katholieke school zat, wist ik lang niet of ik met de blanke mensen moest bevriend zijn of met de Marokkaanse.”

Op de filmschool droomden jullie er beiden van om speelfilms à la Spielberg en Scorsese te maken, tot iemand zei: ‘Jullie moeten de verhalen vertellen uit júllie wereld, anders doet niemand het.’ Het deed jullie beseffen dat jullie afkomst een troef is en die zijn jullie gaan uitspelen, vertelde je al vaak, Adil. Dat zou een tijdelijke zet zijn, maar jullie lijken je maar niet van die troef te kunnen losrukken.

El Arbi: “Klopt. Toen we Black hadden gemaakt en die film een succes was, dachten we: zo, nu kunnen we naar Hollywood! We hebben de weg gebaand en anderen zullen de fakkel nu wel overnemen en ook films gaan maken over hun gemeenschap. Maar dat gebeurde niet. Na Patser dachten we weer: nu is dit soort film gelanceerd en zullen er meerdere volgen. Maar toen we uit Amerika terugkwamen, was er niet de evolutie geweest die we hadden verwacht.”

Waarom blijft die uit, denk je?

El Arbi: “Mensen denken hier te wit, of zo. In Nederland is de filmwereld veel minder wit. Kijk maar eens wie daar allemaal Gouden Kalveren wint: dat zie je hier niet bij de Ensors.”

Fallah: “Kennelijk moeten we blijven terugkeren om die nieuwe generatie aan te moedigen.”

El Arbi: “Ik snap ook niet waarom het hier niet vooruitgaat. Omdat het safer is om iets te maken over wat je kent? Je ziet hier ook altijd maar dezelfde acteurs en actrices die ook steeds dezelfde rollen krijgen.”

Mortelmans: “Het is een vicieuze cirkel: iedereen wil iets goeds maken en gaat dus op zoek naar mensen met ervaring. Het probleem is dat, doordat de filmwereld lange tijd een white men’s club is geweest, de meeste mensen met ervaring blank zijn. Het was supermoeilijk om acteurs voor Grond te vinden. Ze krijgen zo weinig kansen omdat mensen hier zo in hokjes denken en zich niet kunnen voorstellen dat iemand die in een script Peter heet ook Aziatische roots kan hebben.”

'Wij hebben geen kansen in Hollywood gekregen, wij hebben die gegrépen.' Beeld rv
'Wij hebben geen kansen in Hollywood gekregen, wij hebben die gegrépen.'Beeld rv

Voor Black en Patser hebben jullie zelfs mensen op straat gevonden.

El Arbi: “Daarmee namen we in de ogen van velen een enorm risico. Maar als je geen risico’s neemt, evolueer je niet.”

Mortelmans: “Ik vind het ook supercool van Play4 dat ze het risico hebben genomen om te zeggen: ‘Ja, we gaan deze reeks over een Marokkaans gezin maken, zonder bekende koppen in de hoofdrol.’ En dat terwijl je, afgaande op bepaalde internetcommentaren en verkiezingsresultaten, zou kunnen denken dat niemand in Vlaanderen hierop zit te wachten. Geen enkele zender zou dat een commercieel slimme zet vinden, en toch heeft Play4 zijn schouders eronder gezet. Ik vind dat heel chic.”

Dat is het zeker. Netflix deed dat ook. Dat kondigde de serie wel aan als ‘de nieuwe reeks van ‘the directors of Bad Boys for Life’.

El Arbi: “Ja, het is belangrijk om een serie goed te verkopen. Toen Michaël R. Roskam onze docent was, zei hij: ‘Filmmaken is een kunst, maar ook een business.’”

Fallah: “Het is ook onze job ons werk zo goed mogelijk in de markt te zetten.”

El Arbi: “Stel dat het lukt om, met ons als uithangbord, een eigenzinnig, niet-commercieel maar heel belangrijk verhaal bij een breed publiek te krijgen, dan zou dat toch geweldig zijn.”

Mathieu, kreeg jouw ego geen deuk toen je die Netflix-aankondiging zag?

Mortelmans: “Neen. Aangezien er geen bekende koppen meespelen, zijn Adil en Bilall de enige namen die we kunnen uitspelen. Dat moet dus gewoon. Zij weten dat we de reeks sámen hebben gemaakt en ach, als het resultaat er straks is, zal iedereen wel weten waar het vandaan komt, zeker? Adil en Bilall zijn gewoon mijn ambassadeurs, zo zie ik het.” (lacht)

El Arbi: “Wij hebben dat ook meegemaakt toen we de pilootaflevering van Snowfall hadden geregisseerd en de serie daarna de wereld werd ingestuurd als dé nieuwe John Singleton-reeks. Dat was normaal, want wie waren wij toen in Hollywood?”

Nu jullie hot zijn, moeten jullie wel uitkijken dat jullie niet gaan zweven, waarschuwde Michaël Roskam.

El Arbi: “We zullen altijd blijven terugkeren naar België. Het is voor ons zo belangrijk om niet alleen maar Hollywoodproducties te draaien, maar ook hier te werken, waar je veel meer artistieke vrijheid hebt en waar je niet elke beslissing moet verantwoorden aan de grote studio’s achter je.”

Dat is frustrerend.

Fallah: “Absoluut.”

Is het waar dat als één van jullie naar de wc gaat, de ander dan niet verder mag draaien?

El Arbi: “Ja. (lacht) We zijn op papier een regisseursduo en worden als zodanig ingehuurd. We mogen niks zonder elkaar doen. Ze willen ons echt samenhouden. Dat is ook zo omdat er niets bestaat dat één van ons alleen heeft gemaakt. Onze eerste kortfilm maakten we al samen.”

Voelen jullie nooit de drang om te zien of je het ook alleen kunt?

El Arbi: “Integendeel! We overwegen Mathieu in te lijven en als trio verder te gaan.”

Mortelmans: “En daar heb ik natuurlijk geen bezwaar tegen. (lacht) Als regisseur werk je altijd alleen. Pas nu besef ik hoe zalig het moet zijn voor Bilall en Adil dat ze altijd elkaar hebben om dingen af te toetsen en elkaar naar een hoger niveau te tillen.”

STRAND VAN OOSTENDE

Hoe erg vinden jullie het eigenlijk dat jullie de Netflix-hit Lupin hebben afgewezen?

El Arbi: “We hadden toegezegd om tenminste de pilootaflevering te draaien, maar uiteindelijk moesten we kiezen tussen die piloot en Grond, en we vonden Grond belangrijker. Trouwens, als we hadden toegezegd voor Lupin, hadden we Ms. Marvel (de superheldenserie verschijnt in het najaar van 2022 op Disney+, red.) wellicht niet kunnen maken.”

Ms. Marvel is een moslimasuperheld. Spelen jullie nu ook in Amerika jullie troef uit?

El Arbi: “We hebben eens tegen elkaar gezegd: ‘Als we ooit een Marvel-film maken, gaan we een moslimheld introduceren.’ Dat was een joke, we wisten helemaal niet dat ‘Ms. Marvel’ al bestond.”

Onvoorstelbaar dat jullie die kans nu ook gekregen hebben.

El Arbi: “Gekregen?! We hebben die gegrépen! Toen Marvel op zoek was naar regisseurs voor Ms. Marvel, was Bad Boys net hot. We hebben toen meteen gezegd dat we geïnteresseerd waren en we hadden de job. Corona heeft wel in ons voordeel gespeeld: als je in Hollywood the new kid in town bent, moet je normaal gezien twee maanden later alweer plaats maken voor de volgende new kid die een kaskraker heeft gemaakt. Maar omdat er vanwege de pandemie geen nieuwe films uitkwamen, bléven wij maar in the picture staan. Daarom hebben we uit Bad Boys echt wel een slagje kunnen slaan.”

En mogen jullie nu ook Bad Boys 4 en Beverly Hills Cop 4 regisseren. Overwegen jullie nog niet om je in Amerika te settelen?

El Arbi: “Om dan 200 dollar te betalen als je naar de dokter gaat!? En tegen je kinderen te moeten zeggen: ‘Als je iemand met een AR-15 semi-automatic de klas ziet binnenkomen, kruip dan onder je bank!’ Nee, echt niet.”

Bilall, jij houdt toch wel van de stranden van L.A.?

Fallah: “Ik hou wel van de sfeer, ja, maar Oostende heeft ook een strand. Voor mij is het enige dat echt telt dat ik mijn vrienden en mijn familie kan zien, én dat ik financieel oké ben.”

Begint dat nu te lukken? Van Bad Boys zijn jullie niet rijk geworden, maar jullie waren wel van plan jullie succes te verzilveren. Stroomt het geld nu binnen?

El Arbi: “Neen, we zullen nog even moeten wachten. Het is niet zo simpel als je denkt.”

Fallah: “Er zijn extreem veel taksen in de Verenigde Staten en we moeten onze agent en onze manager betalen. We zullen moeten blijven werken.”

Maar wat moet een mens anders?

El Arbi: “Precies. Het is ook wat we willen, gewoon blijven gaan.”

Grond, vanavond om 20.35 uur op Play4. Later op Streamz en Netflix.

© HUMO

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234