Zondag 28/02/2021

PortretCary Grant

Die charmante, grappige, sexy man op het doek was Cary Grant natuurlijk niet echt

Gary Grant en  Ingrid Bergman in ‘Indiscreet’, 1958. Beeld FilmPublicityArchive/United Arch
Gary Grant en Ingrid Bergman in ‘Indiscreet’, 1958.Beeld FilmPublicityArchive/United Arch

Een nieuwe biografie laat de twijfelaar zien achter de zelfverzekerde, grappige, charmante, sexy ster. ‘Zelfs ik wil Cary Grant zijn’, zei de acteur ooit.

Rond 1964 besprak scenarioschrijver Tom Mankiewicz een idee voor een romantische komedie met Cary Grant. De acteur, 60 jaar en nog steeds op de toppen van zijn kunnen, werd in het verhaal gekoppeld aan Claudia Cardinale, die hij in een stilstaande lift zou proberen te kussen.

“Je bedoelt dat zij mij kust”, verbeterde Grant beleefd. “Pardon?”, vroeg Mankiewicz. Grant: “De vrouw kust mij eerst, altijd. Ook als het een wederzijds idee lijkt, neemt zij het initiatief.”

Mankiewicz keek ervan op, maar hij had kunnen weten dat het zo werkte bij Hollywood-legende Cary Grant (1904-1986). In vrijwel al zijn films was Grant de prooi, niet de jager. Hij was het object van andermans liefde, niet in de laatste plaats de liefde van het filmpubliek. Iedereen wilde naar Cary Grant kijken, iedereen droomde ervan te zijn zoals hij. “Zelfs ik wil Cary Grant zijn”, zei de acteur ooit, waarmee hij aangaf dat het voor hem ook maar een rol was: die zelfverzekerde, charmante, grappige, sexy man op het doek was hij natuurlijk niet echt.

Een nieuw verschenen biografie van Grant laat zien hoe groot de kloof was tussen de acteur en zijn alter ego. Alle acteurs creëren een imago, schrijft Scott Eyman in zijn boek Cary Grant: A Brilliant Disguise, maar voor Grant was het iets groters. Grant, geboren als Archie Leach in het Engelse Bristol, vond zichzelf volledig opnieuw uit.

Cary Grant in Parijs.  Beeld Bettmann Archive
Cary Grant in Parijs.Beeld Bettmann Archive

Dat moest ook wel, want zijn jeugd had hem nooit kunnen voorbereiden op een bestaan als filmster. Archie groeit op als enig kind bij een overbezorgde moeder en een alcoholistische vader, die voortdurend ruziemaken. Er is nooit genoeg geld in het arbeidersgezin en Archie moet al vroeg op eigen benen staan. Hij is net 11 geworden als zijn moeder verdwijnt. Archie concludeert dat ze is overleden; tientallen jaren later komt hij erachter dat ze al die tijd in een psychiatrische instelling verbleef. Zijn vader had haar laten opnemen, zonder zijn zoon in te lichten.

Archie is 14 jaar oud als hij zich aansluit bij een variététheatergroep. Als acrobaat en mimespeler toert hij door Engeland en vanaf 1920 door Amerika. Steltlopen is zijn specialiteit, maar hij voert ook komische toneelstukjes op. Hij deelt het podium met wonderlijke acts, zoals vier zeeleeuwen en een waternimf. Als hij even zonder werk zit, verkoopt hij stropdassen op straat.

Verbeterde versie

Wanneer hij de kans krijgt filmacteur te worden, verandert Archie zijn naam in Cary Grant. Het is een definitieve breuk. Archie Leach verdwijnt van het toneel – alleen zijn hondje luistert later naar de naam (en, in een flinke filmknipoog, het personage van John Cleese in A Fish Called Wanda). Grant is een flink verbeterde versie van Leach: elegant, uitmuntend gekleed en welbespraakt, met een ondefinieerbaar accent, dat alleen in de verte nog Engels klinkt.

Cary Grant is niet meteen succesvol, maar krijgt vanaf 1932 de kans zich rustig te ontwikkelen in een reeks weinig opmerkelijke films. Zo’n vijf jaar later heeft hij zijn komische timing, razendsnelle dictie en andere elementen van zijn filmpersoonlijkheid geperfectioneerd. Films als The Awful Truth (1937), Bringing Up Baby (1938), Gunga Din (1939) en The Philadelphia Story (1940) maken hem tot een van Hollywoods meest geliefde acteurs. Het is een status waar dertig jaar lang, tot zijn zelfverkozen pensioen in 1966, niet aan te tornen valt.

Cary Grant en Katharine Hepburn  in Bringing Up Baby, 1938.  Beeld Corbis via Getty Images
Cary Grant en Katharine Hepburn in Bringing Up Baby, 1938.Beeld Corbis via Getty Images

Vooral in romantische komedies is Grant onverslaanbaar; concurrenten als James Stewart of Clark Gable leggen het af tegen zijn combinatie van verpletterend charisma en een luchtige, ironische toets. Met Grant kun je lol hebben. Geen wonder dat hij op het doek wordt achternagezeten door sterren als Katharine Hepburn, Ingrid Bergman en Grace Kelly. “Als je dak lekt of je auto niet start, verlang je misschien naar een man als Clark Gable”, schreef filmjournalist Pauline Kael in 1975. “Maar als je wilt uitgaan, is Cary Grant je droomdate.”

In werkelijkheid viel dat wat tegen. Grant trouwde vijf keer en joeg vier van zijn echtgenotes weg met zijn bezitterige en dominante gedrag. Volgens Scott Eyman, die voor zijn biografie flink in de archieven dook, kwam zijn lastige karakter voort uit onzekerheid. Grant schaamde zich niet voor zijn nederige afkomst, waar hij ook geen geheim van maakte, maar ging wel gebukt onder zijn gebrek aan scholing. Hij was ontegenzeglijk intelligent, maar miste intellectuele bagage.

Neuroses

Ook bracht zijn jeugd tal van neuroses met zich mee. Als acteur leek alles hem gemakkelijk af te gaan, maar hij was een onverbeterlijke tobber, die aan elk detail kon twijfelen. Hij neigde naar depressies, al toonde hij meestal een vrolijke façade. Goede vrienden merkten zijn gespletenheid op: de ene dag kon hij extreem opbeurend en galant zijn, de volgende dag een stuk chagrijn. Het leek alsof hij maar geen middenweg kon vinden.

In zijn nadagen, geholpen door jarenlange therapie in de vorm van wekelijkse doseringen lsd (een experimentele behandelmethode waarover Grant razend enthousiast was), liet hij zich er met het nodige zelfinzicht over uit. “Ik had zo lang het gevoel andermans leven te leiden”, zei hij. “Iedereen geloofde in Cary Grant, maar ik niet. Daarom duwde ik geliefden bij me weg. Ik was bang dat ze zouden ontdekken hoe hol ik was – een lege huls.”

Eyman is beslist niet de eerste biograaf die Grants moeizame privéleven blootlegt, maar hij weet meer details te onthullen dan zijn voorgangers. Voor de liefhebber bevat zijn boek ook uitgebreide verhandelingen over de financiële kant van het filmmaken; Grant was een handige zakenman, en erg op de centen. Aan uitgebreide analyses waagt Eyman zich overigens niet. Hij laat de lezer liever zelf conclusies trekken uit de vaak tegenstrijdige informatie.

Cary Grant en Eva Marie Saint in ‘North By Northwest’, 1959.  Beeld Getty Images
Cary Grant en Eva Marie Saint in ‘North By Northwest’, 1959.Beeld Getty Images

Want was Grant nou krenterig of juist genereus? Zelfingenomen, of zeer met anderen begaan? Homoseksueel of hetero? In Eymans boek heeft iedereen die hem kende een ander verhaal. Er waren natuurlijk de hardnekkige geruchten over Grants relatie met collega-acteur Randolph Scott, met wie hij jarenlang samenwoonde tijdens zijn beginjaren in Hollywood. 

De vrienden waren zo close dat een relatie werd vermoed. Meerdere biografen van Grant onderschreven die gedachte, maar in Cary Grant: A Brilliant Disguise heeft Scott Eyman zijn twijfels. Dat acteurs een huis deelden was normaal; zo woonde erkend womanizer Errol Flynn een tijdlang samen met David Niven, in een huis dat de twee vermaarde drinkers ‘Cirrhosis-by-the-Sea’ noemden. Bovendien liepen bij Grant en Scott talloze vriendinnen in en uit. Het was, denkt Eyman, misschien toch een broederlijke liefde.

Bovendien laat hij de geruchten weerleggen door verklaringen van zijn vele vriendinnen. Tegelijk laat Eyman ruimte voor de mogelijkheid dat Grant biseksueel was. Voor de acteur zelf leek het, opvallend genoeg, geen kwestie van betekenis.

Interessant is alleszins Eymans kijk op Grants keuzes als acteur. Grant durfde nauwelijks andere rollen te spelen dan die ene waar hij zo goed in was, beweert Eyman. Weliswaar wist Alfred Hitchcock in films als Suspicion (1941), Notorious (1946) en North by Northwest (1959) een duistere kant van Grant te laten zien, maar de acteur bleef een onberispelijk geklede gentleman. Slechts een enkele keer liet hij Archie Leach doorschemeren in zijn rollen. In None but the Lonely Heart (1944) speelde hij een armoedige Engelse schooier. Zijn acteerwerk werd geprezen, maar Grant keerde snel weer terug naar zijn verfijnde imago.

Het was nu eenmaal de rol van zijn leven: Cary Grant zijn. In de loop der jaren groeide hij er beter in: “Ik werd wat ik speelde.” Wie er precies achter schuilging, werd steeds onduidelijker. Ook Eyman slaagt er na ruim vijfhonderd pagina’s niet in het mysterie te ontrafelen. Dat is frustrerend, maar ook wel passend voor de man die van verhullen een kunst maakte. Grants vierde vrouw, actrice Dyan Cannon, komt misschien nog wel het dichtst bij het raadsel Archie Leach als ze over zijn jeugdervaringen nadenkt: “Zijn kinderjaren waren afschuwelijk. Hij werd in de steek gelaten, en dat is iets wat niet kan helen.”

Een verwaarloosd kind kan nog alle kanten op, laat de biografie van Grant zien, maar een middelpunt ontbreekt. In het leven van Archie Leach was er geen veilige plek om naar terug te keren. Wat restte, was de meest succesvolle vlucht voorwaarts uit de geschiedenis van Hollywood. Iedereen wilde Cary Grant zijn, maar niemand kon het zoals Cary Grant.

Cary Grant: A Brilliant Disguise van Scott Eyman, 576 pagina’s, is uitgegeven bij Simon & Schuster.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234