Zaterdag 19/10/2019

Profiel

Deze zelfverklaarde loser verkoopt wereldwijd theaters uit

Simon Stone. Beeld Jan Versweyveld

Hij is nog maar 34, maar hij draait al ruim tien jaar mee in de hoogste echelons van het internationale theater. Hij trekt volle zalen over heel de wereld, met verfrissende opvoeringen van bestaande klassiekers. En toch ziet Simon Stone zichzelf een beetje als ‘een loser’.

“Als mensen doorlullen over theaterauteurs of -regisseurs, vind ik dat meestal nogal irrelevant. De beste momenten in het theater gebeuren meestal wanneer er iets misloopt. Als de lichten niet werken, als iemand zijn tekst vergeet en moet improviseren: dan ontstaat de meest oprechte connectie tussen een acteur en het publiek.”

Dat vertelt Simon Stone ons, als we hem opbellen wanneer hij in Parijs aan zijn nieuwste stuk, La trilogie de la vengeance, werkt. We zijn een beetje verbaasd: wie Stones Husbands & Wives (naar Woody Allen) heeft gezien, of Les trois soeurs (naar Anton Tsjechov), ziet strak geregisseerde, fel gestileerde voorstellingen. Maar Stone beseft dat hij niet het laatste woord heeft: dat is aan zijn acteurs. “Theater is een dialoog tussen een groep acteurs en een publiek: wie de tekst heeft geschreven, of wie de voorstelling heeft geregisseerd, is dus niet zo belangrijk. Daarom heb ik zo veel respect voor acteurs: zij voeren de dialoog met de toeschouwers. En ze kunnen eigenlijk eender wat zeggen: tenzij je als regisseur het gordijn laat vallen, kun je ze toch niet tegenhouden.”

Toch is Stone, die zelf als acteur begon maar zich tot regisseur omvormde, van achter de schermen uitgegroeid tot één van de sterren van het hedendaagse, internationale theater. Als hij met een klassieker aan de slag gaat, verkoopt het theater in een mum uit. Zo ook met de drie voorstellingen van Ibsen huis, eind deze week in deSingel: als u nog geen kaartjes hebt, bent u hopeloos te laat. Twaalf jaar nadat hij het gezelschap The Hayloft Company oprichtte en er zijn eerste voorstelling regisseerde, is de 34-jarige Simon Stone een household name, die in grote letters in de programmaboekjes staat.

Wereldreiziger

Stones werk staat overal geprogrammeerd: in Londen, Parijs, Amsterdam, Madrid, Sydney, New York. In zekere zin was hij voorbestemd voor een leven als wereldreiziger. Hij werd geboren in Zwitserland, als de zoon van Australische ouders, waar hij meteen ook zijn voorliefde voor toneel ontwikkelde. Later verhuisde hij naar Engeland, na een deel van zijn jeugd in Australië te hebben doorgebracht. 

Toen hij als twaalfjarige in Melbourne woonde, ging hij zwemmen met zijn vader. Die overleed, in het zwembad, aan een hartaanval. Het is een trauma dat zijn leven bepaalde, al relativeert hij het ook. “Ik ben geen uitzondering. Heel wat mensen worden artiest als ze iets hebben meegemaakt dat hun jeugd heeft verstoord. Hoe langer ik werk, hoe meer ik besef dat we in het theater een groep verwrongen mensen zijn. Een clubje losers, dat bij elkaar komt om zich te beschermen tegen de anderen, tegen de coole jongens: dat gevoel had ik al bij mijn eerste acteerles.” Na de dood van zijn vader bloeide zijn liefde voor het theater open. “Het was een plaats waar ik mijn frustraties de vrije loop kon laten. Theater is een vorm van catharsis: het is een cliché, maar het klopt wel.”

In 2015 maakte Stone dan wel een film, The Daughter, maar zijn liefde ligt nog steeds in de schouwburg. Waar hij steevast kiest voor moderne herwerkingen van Anton Tsjechov, Federico García Lorca en Henrik Ibsen. Auteurs die “gewone mensen” tonen, “op extreme momenten van het leven”, omschrijft hij het zelf. “Ibsens werk was een revolutie voor het theater, want hij toonde normale, banale families uit de middenklasse. Hij toonde eigenlijk de mensen die in het publiek zitten. Dat is radicaal. Ik wil een gelijkaardige radicaliteit nastreven. Ik wil dat een modern theaterpubliek opnieuw die ongemakkelijke shock voelt, als ze met zichzelf geconfronteerd worden.”

En wat Stone betreft, zullen de mensen nog lang hun eigen leven op het podium zien. “Telkens ik naar het theater ga, besef ik weer dat je in het theater een eigen universum kunt creëren, een universum waarin mensen tezamen kunnen nadenken over hun bestaan. Dat sociale aspect is heel belangrijk, zeker in de gefragmenteerde wereld waarin we vandaag leven. Daarom is theater onvervangbaar. Daarom zal theater nooit doodgaan.”

Ibsen huis speelt op 21, 22 en 23 februari in deSingel, Antwerpen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234