Zaterdag 20/04/2019

Interview

Deze auteur schreef een toekomstroman over een aarde die vier graden warmer is dan vandaag

De brexit is zó 2019. In John Lanchesters toekomstroman De muur is alle poolijs gesmolten en is Groot-Brittannië veranderd in een vesting waarop 200.000 militairen de klimaatvluchtelingen buiten moeten houden. ‘De elite luistert alleen als ze zelf last ondervindt.’

John Lanchester. Beeld BELGAIMAGE

Tussen India en Bangladesh zijn ze er een aan het bouwen van 3.268 kilometer, tussen Irak en Saudi-Arabië staat er al een van 900 kilometer en die tussen Pakistan en Afghanistan mag er met zijn 2.000 kilometer ook wel zijn. Grensmuren dus. Sinds de millenniumwisseling schieten ze als giftige paddenstoelen uit de grond en als je ze allemaal achter elkaar zou leggen, omheinen ze voorlopig al meer dan een halve wereldbol: 22.000 km. “Onder het zingen van ‘Hakuna matata’ dansen we nog steeds op de restanten van de Berlijnse Muur en denken we dat de wereld een vrijer en toegankelijker oord is geworden”, grimlacht John Lanchester, “maar niets is minder waar”.

Lanchester is de schrijver van De muur, een dys­topische toekomstroman die zich afspeelt op een aarde die vier graden warmer is dan vandaag. Het poolijs is gesmolten en de vruchtbaarste landbouwgronden zijn veranderd in woestijngebied. Er is een immense migratiestroom op gang gekomen en de landen waar het nog wel leefbaar is proberen de vreemdelingen met man en macht buiten te houden. Rond Groot-Brittannië staat er bijvoorbeeld een 10.000 kilometer lange muur, vijf meter hoog en drie meter dik, met om de 3 kilometer een wachttoren.

Tweehonderdduizend militairen, van wie een groot deel dienstplichtigen, houden dag en nacht de wacht. Een van hen is Joseph Kavanagh, achttien jaar oud en geenszins voorbereid op wat hem te wachten staat. Zeker niet wanneer tijdens zijn nachtdienst het stuk muur dat hij en zijn compagnons bewaken aangevallen wordt door de Anderen en een aantal van hen erin slaagt Groot-Brittannië binnen te komen. Samen met een aantal makkers wordt hij daarop veroordeeld tot de Zee. Voortaan zal hij ook een Andere zijn.

“Historisch gezien is er maar één reden om een muur te bouwen”, zegt Lanchester, “en dat geldt zowel voor de Chinese Muur als voor die van Trump: om de anderen buiten te houden en een antwoord te bieden op de heersende onzekerheid. Dat er het voorbije decennium zoveel muren gebouwd zijn, heeft wellicht veel te maken met de globalisering. Die wordt altijd voorgesteld in termen van open tegenover gesloten, wat een foute voorstelling is, want wie zou in hemelsnaam tegen openheid kunnen zijn?

“Maar er is iets heel anders aan de hand. De wereld wordt steeds meer geleid door abstracte machten, en niet door de mensen die we het parlement in hebben gestemd. Die hebben zich veel vaker dan vroeger te voegen naar internationale wetten, de financiële markten en de macht van grote multinationals die naar eigen believen bedrijven openen en sluiten. Daar hebben we toch niet voor gestemd, werpen mensen dan op, en gelijk hebben ze. Wetten moeten gemaakt worden door mensen die je kunt wegstemmen, en niet door een financiële of industriële elite. Ik geef hen dus gelijk als ze daartegen in opstand komen, maar niet in de bekrompen, xenofobe manier waarop ze dat doen. Kijk naar de VS, Polen, Hongarije, Italië en nog een paar landen. Overal heeft men dezelfde grieven, omdat we allemaal met hetzelfde geglobaliseerde elitesysteem te maken hebben.”

Maar de globalisering zou ons toch voorspoed en welstand brengen?

John Lanchester: “Economen zijn het over praktisch niets eens, maar zet honderd economen samen en ze zullen allemaal beamen dat de globalisering ons rijker heeft gemaakt. Maar dat is een gemiddelde rijkdom natuurlijk. Misschien is 60 procent erop vooruitgegaan en 40 achteruit. Voor die 60 procent is de nieuwe Toyota 300 euro goedkoper geworden, waardoor ze er de verwarmde voorzetels toch maar bijneemt, terwijl die 40 procent die vroeger in de nu naar Vietnam verhuisde Toyota-fabriek werkte er een stuk slechter aan toe is dan vroeger. Het zijn deze mensen die vergeten worden wanneer in Davos de groei van de wereldeconomie besproken wordt en tevreden wordt vastgesteld dat de crisis van 2008 stilaan verteerd is. En het zijn deze mensen die zich vervolgens onzeker en kwetsbaar voelen.”

De groeiende ongelijkheid heeft dus ook een gevaarlijke kant?

“Iedere samenleving heeft een top-1 procent. Dat is geen probleem zolang er sociale mobiliteit is en mensen hun belastingen betalen. Wat we nu zien, is dat er een 0,1 procent is die boven de sociale mobiliteit staat en geen belasting betaalt. Die mensen maken geen deel uit van de samenleving waarin ze leven. Amsterdam, Brussel, Londen of New York? Ze vestigen zich waar ze zo weinig mogelijk belastingen moeten betalen en morgen zijn ze weer weg. Zij plooien zich niet naar de regels en berokkenen de samenleving veel schade. De globalisering is goed geweest voor de armen, want die zijn er echt op vooruitgegaan, en ze was goed voor de rijken, die er veel rijker door geworden zijn. Maar een groot deel van de middenklasse is daar de dupe van.”

John Lanchester weet waarover hij het heeft. Naast romancier is hij ook journalist; hij schrijft voor bladen als The Guardian, The London Review of Books en The New Yorker over economie en financiën. In zijn dickensiaanse roman Kapitaal, die zeven jaar geleden verscheen, focuste hij op de gevolgen van de financiële crisis van 2008 voor de bewoners van een bepaalde Londense straat. 

Ook vandaag zijn de gevolgen van die crisis nog voelbaar, zegt hij. “Onze hedendaagse angst en onzekerheid, waardoor we steeds meer muren optrekken, heeft door die crisis een flinke boost gekregen. We dachten in een stabiele en rijke maatschappij te leven, maar dat bleek niet zo, waardoor we de grond onder onze voeten voelden wegzakken. Ooit was de wereld gemaakt voor mensen als wij, en nu waren we de losers. Het is op zo’n moment dat we veel minder rationeel blijken dan we denken. Ik verlies mijn werk door de crisis en in mijn straat wonen veel buitenlanders. Rationeel gezien heeft het een niets met het ander te maken, maar zo voel ik het wel aan.”

En dus kiezen we voor de onzichtbare muur genaamd brexit?

“Natuurlijk, hele delen van Groot-Brittannië hebben het gevoel dat ze er niet meer toe doen en dat het Londen geen flikker uitmaakt of ze er nu wel of niet zijn. En terecht. Alleen heeft dat niets te maken met het EU-lidmaatschap van Groot-Brittannië natuurlijk. De brexiteers zijn daar heel slim opgesprongen met hun slagzin ‘Taking back control’. Want dat is natuurlijk een sterk idee. Wie zou daar tegen kunnen zijn? Maar dat betekent ook dat die mensen erg teleurgesteld zullen zijn wanneer Groot-Brittannië de EU verlaten heeft, want ze zullen nog steeds over het hoofd gezien worden door Londen.”

Ook de klimaatverandering draagt bij tot het gevoel van angst en onzekerheid. Hoe wenden we de catastrofe af?

“Allereerst door af te stappen van de idee dat het allemaal afhangt van persoonlijke keuzes. Het is niet door rietjes af te zweren en mijn onderbroeken op 20 graden te wassen in plaats van op 40 dat ik de aarde zal redden. We moeten supranationale politieke actie voeren en onze technologie ter beschikking stellen van landen die nog bezig zijn ons bij te benen, zodat ze de vervuilende stap kunnen overslaan. Onze CO2-uitstoot moet drastisch naar beneden. Fossiele brandstoffen worden vooral gebruikt voor transport en energieproductie. Het eerste gaat over 100 miljoen individuele keuzes per dag, het tweede over 3.000 kolencentrales. Niet zo moeilijk om uit te maken wat het makkelijkst aan te pakken is, lijkt me. En ja, dat is duur, maar weet je wat ze in de luchtvaartindustrie zeggen? ‘Denk je dat veiligheid duur is? Wacht dan maar eens tot je een ongeluk hebt.’”

Hoe sta je tegenover de klimaatmarsen?

“Zij zijn de hoop van de hele wereld. Natuurlijk is wat die jongeren vragen wild en onrealistisch, alsof je de wereld kunt redden door hier en daar een schakelaar over te halen, en dat het allemaal een kwestie van politieke wil is, maar je moet ergens beginnen. Wel stel ik me vragen bij de efficiëntie ervan. Politieke wetenschappers hebben uitgezocht dat acties pas resultaat opleveren als ze de juiste mensen treffen. De idee dat we dringend iets moeten doen is misschien gewoon niet sterk genoeg om mensen tot actie aan te zetten. Het verkeer ophouden kan voldoening geven, maar je haalt er niets mee uit. Je moet de elite ongerust maken, want die luistert alleen als ze zelf last ondervindt.

“Hoe kwam de recente Amerikaanse shutdown ten einde? Doordat de vluchten vanaf La Guardia erdoor verstoord werden. Toen bond Trump meteen in. Wil je dus echt iets veranderen, bezet dan een paar luchthavens, zou ik de klimaatspijbelaars aanraden. Dan laat je tenminste de juiste mensen bloeden.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.